Onderwerp: Reclamebelasting gemeente Overbetuwe 2015 Ons kenmerk: 14RB000173 Nr. 3 De raad van de gemeente Overbetuwe; gelezen het raadsvoorstel van burgemeester en wethouders van 30 september 2014; gelezen het advies van de voorbereidende vergadering van 11 november 2014; gelezen de memo van de portefeuillehouder Financiën inzake ‘wijziging verordening reclamebelasting’ van 11 november 2014; gelet op artikel(en) 227 van de Gemeentewet; b e s l u i t : vast te stellen de Verordening reclamebelasting gemeente Overbetuwe 2015 Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: jaar: een kalenderjaar; Wet WOZ: Wet waardering onroerende zaken; vestiging: een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16 van de Wet WOZ, of een deel daarvan dat door een natuurlijk persoon die een bedrijf of zelfstandig beroep uitoefent, één organisatie of één bedrijf wordt gebruikt. Artikel2Gebiedsomschrijving Deze verordening is van toepassing binnen het kerngebied (centrum) en het aanloopgebied van het kerngebied in Elst, zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende kaart (bijlage 1). Artikel3Belastbaar feit Onder de naam ‘reclamebelasting’ wordt, met inachtneming van het gestelde bij of krachtens deze verordening, binnen het gebied bedoeld in artikel 2, een directe belasting geheven ter zake van openbare aankondigingen die zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. Artikel4Belastingplicht De reclamebelasting wordt geheven van de gebruiker van de vestiging waarop, waaraan, waarin of waarbij één of meer openbare aankondigingen zijn aangebracht dan wel zijn geplaatst. Artikel5Belastingobject De reclamebelasting wordt geheven per vestiging waarop, waaraan, waarin of waarbij één of meer openbare aankondigingen zijn aangebracht dan wel zijn geplaatst. Artikel6Vrijstellingen De reclamebelasting wordt niet geheven voor openbare aankondigingen: die korter dan 13 weken aanwezig zijn, tenzij deze openbare aankondigingen zijn aangebracht in een voorziening waarin, waaraan of waarop wisselende openbare aankondigingen worden aangebracht, die individueel korter dan 13 weken aanwezig zijn, maar waarbij de verschillende openbare aankondigingen gezamenlijk 13 weken of meer aanwezig zijn. Onder voorziening wordt verstaan: een specifiek hulpmiddel bestemd voor het aanbrengen van één of meer openbare aankondigingen; die als algemene bewegwijzering waarmee een algemeen belang wordt gediend, kunnen worden aangemerkt; die door de gemeente of in opdracht van de gemeente zijn geplaatst of aangebracht, indien en voor zover de openbare aankondiging geschiedt ter uitvoering van de publieke taak; die door (semi-)overheden of culturele, maatschappelijke of daarmee gelijk te stellen lichamen met ideële doelstellingen zijn aangebracht en betrekking hebben op activiteiten die uitsluitend een cultureel, maatschappelijk, charitatief of ideëel belang dienen en waarbij de activiteiten uitsluitend worden verricht door vrijwilligers; aangebracht door of namens winkeliersverenigingen, waarbij de openbare aankondiging uitsluitend bestaat uit een vlag, banier of zuil met de naam van de winkeliersvereniging; aangebracht op bouwterreinen, voor zover deze opschriften rechtstreeks betrekking hebben op de op dat terrein in uitvoering zijnde bouwwerkzaamheden; die door politieke partijen zijn aangebracht en die een ideëel belang dienen; bestemd voor de verkoop of verhuur van onroerende zaken, indien deze aanwezig zijn in de onmiddellijke nabijheid van de te verkopen of te verhuren zaak; aangebracht op scholen, ziekenhuizen, kerken en moskeeën, en die uitsluitend betrekking hebben op de functie van het gebouw. Artikel7Maatstaf van heffing De reclamebelasting wordt geheven naar een bedrag per vestiging, dat voor het kerngebied en aanloopgebied verschilt, en wordt berekend naar de oppervlakte van de vestiging. Indien de vestiging gelijk is aan de onroerende zaak als bedoeld in artikel 16 van de Wet WOZ, wordt als oppervlakte van de vestiging genomen de oppervlakte zoals deze in de gemeentelijke administratie in het kader van de Wet WOZ is opgenomen, welke voor courante en niet-courante onroerende zaken is gesteld op de bruto vloeroppervlakte. Indien de vestiging deel uitmaakt van een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16 van de Wet WOZ, wordt als oppervlakte van de vestiging genomen het deel van de overeenkomstig het tweede lid berekende oppervlakte van de onroerende zaak dat aan de vestiging kan worden toegerekend. Bij de bepaling van de heffingsmaatstaf wordt buiten aanmerking gelaten de oppervlakte van de vestiging die in hoofdzaak tot woning dient dan wel in hoofdzaak dienstbaar is aan woondoeleinden. Artikel8Belastingtarief Het tarief bedraagt per jaar, per vestiging: In het kerngebied: voor een vestiging met een oppervlakte tot 55m2: € 275,00; voor een vestiging met een oppervlakte van 55 m2 of meer wordt het bedrag onder 1a vermeerderd met € 1,75 per m2 boven de 55m2, met dien verstande dat per vestiging niet meer dan € 700,00 wordt geheven.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.