← Nederland

Verordening op de heffing en de invordering van de hondenbelasting 2015 (IJsselstein)

Verordening op de heffing en de invordering van de hondenbelasting 2015De raad van de gemeente IJsselstein; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 18 november 2014, nummer

  1. Gelet op artikel 226 van de Gemeentewet; BESLUIT: besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van de hondenbelasting 2015 (verordening Hondenbelasting 2015) Artikel1Belastbaar feit Onder de naam 'Hondenbelasting' wordt een directe belasting geheven ter zake van het houden van een hond binnen de gemeente. Artikel2Belastingplicht Belastingplichtig is de houder van een hond. Als houder wordt aangemerkt degene die onder welke titel dan ook een hond onder zich heeft, tenzij blijkt dat een ander de houder is. Het houden van een hond door een lid van het huishouden wordt aangemerkt als het houden van een hond door een door de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar aan te wijzen lid van dat huishouden. Artikel3Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven ter zake van honden: die uitsluitend dienen om blinde personen te leiden; die door de 'Stichting Hulphond Nederland' als gehandicaptenhond aan een gehandicapte ter beschikking zijn gesteld; die verblijven in een hondenasiel als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van het Honden- en kattenbesluit 1999, welk asiel is opgenomen in het centraal register bedoeld in artikel 5, tweede lid, van genoemd besluit; die uitsluitend ten verkoop of aflevering in voorraad worden gehouden in een bedrijfsinrichting als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van het Honden- en kattenbesluit 1999, welke inrichting is opgenomen in het centraal register bedoeld in artikel 5, tweede lid, van genoemd besluit; die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij te samen met de moederhond worden gehouden. Artikel4Maatstaf van heffing De belasting wordt geheven naar het aantal honden dat wordt gehouden. Artikel5Belastingtarief De belasting bedraagt per belastingjaar: voor een eerste hond: per maand € 4,42; per jaar € 53,
  2. b. voor iedere hond boven het aantal van één: per maand € 8,78; per jaar € 105,
  3. In afwijking in zoverre van het voorgaande lid bedraagt de belasting voor honden, gehouden in kennels die zijn geregistreerd bij de Raad van beheer op kynologisch gebied in Nederland, € 158,28 per kennel. Het tweede lid blijft buiten toepassing indien belastingplichtige schriftelijk verzoekt de verschuldigde belasting vast te stellen naar het werkelijke aantal honden indien blijkt dat dit bedrag lager is dan het op voet van het tweede lid bepaalde bedrag. Artikel6Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. Indien de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, dan wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar toeneemt, is de belasting, respectievelijk de hogere belasting ter zake van het toegenomen aantal honden, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, respectievelijk de toename van het aantal honden, nog volle kalendermaanden overblijven. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, dan wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar vermindert, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht respectievelijk de vermindering van het aantal honden, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij blijkt dat het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 5,-. Belastingbedragen van minder dan € 5,- worden niet geheven. Het bepaalde in het vierde lid vindt geen toepassing indien het totaal van de op één biljet verenigde aanslagen meer bedraagt dan € 5,-. Artikel9Termijnen van betaling In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de volgende termijn twee maanden later. In afwijking van het eerste lid geldt dat betaling via automatische incasso in acht termijnen mogelijk is, mits wordt voldaan aan de daaraan verbonden en in het Incassoreglement van Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR) opgenomen voorwaarden. De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel10Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de hondenbelasting. Artikel11Kwijtschelding van belasting Bij de invordering van de hondenbelasting, wordt uitsluitend voor het houden van de eerste hond kwijtschelding verleend. Artikel12Inwerkingtreding en citeertitel De 'verordening Hondenbelasting 2014’ van 19 december 2013, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  4. Deze verordening wordt aangehaald als 'verordening Hondenbelasting 2015'. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente IJsselstein, gehouden op 18 december
  5. De griffier,J.A.M. KleeneDe voorzitter,M.N. Kallen-Morren

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.