Verordening tegenprestatie Participatiewet gemeente Littenseradiel 2015De Raad van de gemeente Littenseradiel; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 november 2014; gelet op artikel 8a, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Participatiewet, artikel 35 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers en artikel 35 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; besluit: vast te stellen de Verordening tegenprestatie Participatiewetgemeente Littenseradiel 2015 Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsbepalingen 1.Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht. 2.In deze verordening wordt verstaan onder: college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Littenseradiel; wet: Participatiewet; IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers; IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; mantelzorg: langdurige zorg die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende door personen uit diens directe omgeving, waarbij zorgverlening rechtstreeks voortvloeit uit de sociale relatie en de gebruikelijke zorg van huisgenoten voor elkaar overstijgt. Hoofdstuk2Tegenprestatie Artikel2Omschrijving tegenprestatie 1.Het college kan een belanghebbende op grond van artikel 9, eerste lid, onderdeel c, van de wet, artikel 37, eerste lid, onderdeel f, van de IOAW en artikel 37, eerste lid, onderdeel f, van de IOAZ een tegenprestatie naar vermogen opdragen. 2.De tegenprestatie naar vermogen bestaat uit onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden met een additioneel karakter, die: niet zijn gericht op toeleiding tot de arbeidsmarkt; niet zijn bedoeld om participatie te bewerkstelligen; worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid; niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt. Artikel3Vrijwilligerswerk Het college bevordert de deelname aan vrijwilligerswerk en draagt er zorg voor dat de belanghebbende in meer of mindere mate vrijwilligerswerk verricht. Artikel4Mantelzorg Indien een belanghebbende mantelzorg verricht, zal het college de deelname aan vrijwilligerswerkzaamheden daarop afstemmen. Artikel5Afzien van tegenprestatie Het college ziet af van het opleggen van een tegenprestatie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van deze verordening voor zover de belanghebbende enige vorm van vrijwilligerswerk verricht dan wel ontheven is van het verrichten van vrijwilligerswerkzaamheden dan wel dat er sprake is van het verrichten van mantelzorg. Hoofdstuk3Slotbepaling Artikel6Inwerkingtreding en citeertitel 1.Deze verordening treedt in werking op 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.