Beleidsnotitie Rood voor Rood met gesloten beurs 2014De raad van de gemeente Tubbergen, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 december 2014, nr. 18A; gelet op het advies van de commissie Ruimte en Economie van 1 december 2014; gelet op het bepaalde in de Gemeentewet en de Algemene wet bestuursrecht; B E S L U I T: De beleidsnotitie Rood voor Rood met gesloten beurs 2014 Gemeente Tubbergen (I14.046900) vast te stellen. Aldus besloten in de openbare vergadering van 15 december 2014 de griffier, de voorzitter, H.J.M.J. van Limbeek-ter Haa, mr. M.K.M. Stegers Beleidsnotitie Rood voor Rood met gesloten beurs 2014 Gemeente TubbergenVastgesteld door de raad d.d. 15 december 2014 Inhoud 1 Inleiding 2 Hoofddoel 3 Afbakening 3.1 Definitiebepalingen 3.2 Toepassingsbereik Rood voor Rood 3.3 Wat valt buiten het Rood voor Rood beleid? 3.4 Waar houdt het Rood voor Rood beleid geen rekening mee? 4 Slopen 4.1 Uitgangspunten ten aanzien van sloop 4.2 Uitzonderingen ten aanzien van sloop 4.3 Financiële uitgangspunten ten aanzien van sloop 5 Woningbouwkavel 5.1 Locatie bouwkavel 5.2 Uitzonderingen ten aanzien van de locatie van de bouwkavel 5.3 Maatvoering 5.4 Uitzonderingen ten aanzien van de maatvoering 6 Verbetering ruimtelijke kwaliteit 6.1 Uitgangspunten ruimtelijke kwaliteit 6.2 Hoogte investering in ruimtelijke kwaliteit 6.3 Inhoud investering ruimtelijke kwaliteit 6.4 Fonds Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO-fonds) 7 Rood voor Rood in geval van verplaatsing 8 Procedurele aspecten 8.1 Planologische aspecten 8.2 Afhandeling verzoeken 9 Afwijken beleidsregels 10 Onvoorzienbare gevallen 11 Overgangsbepalingen 12 Inwerkingtreding 13 Slotbepaling 1 Inleiding In opdracht van de provincie Overijssel, het Waterschap Regge en Dinkel en de gemeenten Dinkelland, Tubbergen, Losser en Oldenzaal is er door Wing onderzoek gedaan naar de toekomst van Twentse erven. Naar verwachting zullen in de komende tien jaar in Noordoost-Twente in totaal zo’n 600.000 m² opstallen vrijkomen. De erven en stallen waar geen nieuwe bestemming voor gevonden kan worden, lopen het risico langzaam maar zeker te vervallen. Het is daarom van belang om mogelijkheden te blijven bieden voor transformatie en herstructurering van erven. In dat kader wordt enerzijds verwezen naar het reeds bestaande beleid voor vrijkomende agrarische bedrijfsbebouwing (VAB-beleid), waarin mogelijkheden worden geboden om onder voorwaarden nieuwe economische functies toe te kennen aan vrijkomende gebouwen. Daarnaast bestaat de mogelijkheid voor herstructurering door middel van Rood voor Rood, waarbij in ruil voor de sloop van schuren en andere investeringen in ruimtelijke kwaliteit een woning gebouwd mag worden. Deze notitie betreft een actualisatie dan wel evaluatie van het reeds bestaande Rood voor Rood beleid. Mede op basis van het genoemde rapport van Wing kan worden gesteld dat het belang voor een dergelijk beleid de komende jaren nog meer duidelijk gaat worden. Er komen immers steeds meer agrarische locaties vrij. Daarbij moet worden opgemerkt dat het Rood voor Rood beleid alleen geldt voor het terugbouwen van woningen. Terugbouwen van gebouwen voor een economische functie valt niet onder dit beleid. Hiervoor wordt verwezen naar het gemeentelijke beleid ten aanzien van vrijkomende agrarische bedrijfsgebouwen. Alle woningen die voortkomen uit deze regeling hebben invloed op de woningmarkt. Deze woningen worden dan ook meegenomen in de monitoring als het gaat om de gerealiseerde aantallen woningen in relatie tot de doelstellingen in de gemeentelijke woonvisie. Deze notitie bevat de spelregels waar aan voldaan moet worden als het gaat om het indienen, beoordelen en afhandelen van een aanvraag. Dit betekent dat zowel de aanvrager als de gemeente aan het gestelde in de onderhavige notitie dient te voldoen. Het betreft beleid als bedoeld in artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht. 2 Hoofddoel Het is van belang om bij de beoordeling van Rood voor Rood-plannen het hoofddoel van het Rood voor Rood-beleid voor ogen te houden: Het hoofddoel van het Rood voor Rood beleid is het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit van het landelijke gebied. De realisatie van dit doel vindt plaats door: de sloop van landschapsontsierende (agrarische) bedrijfsgebouwen en overige verbeteringen van de ruimtelijke kwaliteit. In ruil hiervoor mag een deelnemer aan Rood voor Rood onder voorwaarden een woning realiseren. De hoofdregel bij Rood voor Rood luidt dat een deelnemer in ruil voor de sloop van 1000 m² landschapsontsierende bebouwing op de slooplocatie een woning kan ontwikkelen: Sloop + investering in ruimtelijke kwaliteit = woning Uit de waarde van deze bouwkavel bekostigt de deelnemer de sloopkosten en de investering in ruimtelijke kwaliteit, terwijl de deelnemer een deel van de waarde van de slopen schuren mag behouden. 3 Afbakening In dit hoofdstuk wordt uiteengezet wat de kaders van het Rood voor Rood-beleid zijn. Te beginnen bij enkele definities. 3.1 Definitiebepalingen In dit beleid wordt verstaan onder: Beeldkwaliteitsplan: Plan dat aangeeft welke beeldkwaliteit van de bebouwing wordt nagestreefd. Hierbij spelen ruimtelijke kenmerken van landschap en bebouwing en landschappelijke structuren en elementen een belangrijke rol. Rood voor Rood-plan: Het totaalplan waarin wordt weergegeven hoe uitvoering wordt gegeven aan het Rood voor Rood-beleid op de betrokken locatie(s), waarbij in ieder geval inzichtelijk is gemaakt waar en hoeveel gesloopt wordt, waar de compensatiekavel wordt gerealiseerd, wat de hoogte is van de investering in ruimtelijke kwaliteit en wat het ruimtelijk kwaliteitsplan is. Ruimtelijk kwaliteitsplan: Onderdeel van het Rood voor Rood plan waarin wordt weergegeven op welke manier de investering in ruimtelijke kwaliteit plaatsvindt. Dit heeft zowel betrekking op het erf als het landschap. Aspecten die een rol spelen zijn: zichtlijnen, ritme van de bestaande bebouwing, afstand tot de weg, cultuurhistorie, erfinrichting, groene inpassing, aanleg of herstel van landschapselementen, realisatie bos en natuur, etc.. VAB-beleid: Gemeentelijk beleid met betrekking tot Vrijkomende Agrarische Bedrijfsbebouwing. Veldschuren: bebouwing welke op basis van het vigerende bestemmingsplan niet binnen bouwpercelen is opgenomen, maar op basis van het vigerende bestemmingsplan positief is bestemd dan wel onder het gebruiksovergangsrecht is gebracht. Vigerend bestemmingsplan: het bestemmingsplan dat op dat moment rechtskracht heeft. 3.2 Toepassingsbereik Rood voor Rood Het Rood voor Rood beleid geldt voor: Het gehele buitengebied van de gemeente. Al gestopte of stoppende (agrarische) bedrijven. De regeling geldt voor gebouwen die minimaal 5 jaar voor deelname aan de Rood voor Rood regeling zijn opgericht. Voorkomen moet worden dat gebouwen slechts opgericht worden met als oogmerk deze later in te zetten bij de Rood voor Rood regeling. Gebouwen die worden aangemerkt als landschapsontsierend, waarbij voor de beoordeling de volgende criteria van belang zijn: De vorm van het gebouw; Het materiaalgebruik; Het kleurgebruik; De situering op het erf; De staat van onderhoud (is niet bepalend, speelt bij de toetsing een ondergeschikte rol); Geschiedkundige waarde; Of het past bij de overige bebouwing op het erf; Of het gebouw deel uit maakt van een samenhangend ensemble; Of het behoud van het gebouw een toegevoegde waarde heeft voor het behoud van ensembles; Uitstraling. Aan de hand van bovenstaande criteria, in onderlinge samenhang bekeken, wordt beoordeeld of sprake is van een landschapsontsierend gebouw. Gebouwen met een monumentale status worden per definitie niet aangemerkt als landschapsontsierend. Grootschalig kassencomplex. Een gemengd bedrijf in het extensiveringsgebied of verwevingsgebied, waarbij het onderdeel intensieve veehouderij wordt beëindigd. Ten behoeve van de extensieve tak kan geen uitbreiding van bebouwing plaatsvinden (m.u.v. dierwelzijnseisen). Situaties waarbij de verplaatsing van een (gemengd) bedrijf met al dan niet intensieve veehouderij aan de orde is, met uitzondering van het landbouwontwikkelingsgebied (LOG). De verplaatsing moet een ruimtelijk probleem oplossen en er is geen sprake van een (financiële) verplaatsingsregeling. Situaties waarbij met Rood voor Rood een maatwerkoplossing voor een ruimtelijk probleem geboden kan worden, doen zich bijvoorbeeld voor: In extensiveringsgebied wanneer een (gemengd) bedrijf naar een LOG of een sterlocatie wil verplaatsen en het een volwaardig bedrijf betreft; in verwevingsgebied binnen een 250 meter Wav-zone (Wet ammoniak en veehouderij) waarbij een (gemengd) veehouderijbedrijf naar een LOG of naar een sterlocatie wil verplaatsen; bij een planmatige aanpak van een stankknelpunt bij lintbebouwing of dorpsuitbreiding binnen of buiten reconstructiegebied. 3.3 Wat valt buiten het Rood voor Rood beleid? Het Rood voor Rood beleid geldt niet voor: Bouwwerken/gebouwen die zonder omgevingsvergunning voor bouwen zijn gerealiseerd, met uitzondering van veldschuren. Gebouwen kleiner dan 25 m². Situaties/locaties waarbij voor dezelfde gebouwen al eerder een beroep is gedaan op een vergelijkbaar instrument. Eerder gesloopte bebouwing. Bedrijfsgebouwen die zijn gevestigd op een bedrijventerrein. 3.4 Waar houdt het Rood voor Rood beleid geen rekening mee? Het Rood voor Rood beleid houdt geen rekening met: De (eerdere) economische verdienmogelijkheid van de stoppende activiteit. Dit blijft buiten beschouwing, omdat de ondernemer zelf kiest of eerder gekozen heeft om te stoppen. Bedrijfsbeëindiging is immers een ondernemersbeslissing en Rood voor Rood is in algemene zin geen saneringsregeling. Verrekening met de fiscus naar aanleiding van bedrijfsbeëindiging. De eventuele waardevermeerdering van de bestaande (bedrijfs)woning als gevolg van de sloop. Deze komt ten bate van de deelnemer aan Rood voor Rood. 4 Slopen 4.1 Uitgangspunten ten aanzien van sloop De volgende uitgangspunten zijn van toepassing ten aanzien van de sloop: Ter compensatie van de sloop van minimaal 1000 m² landschapsontsierende bebouwing kan, onder voorwaarden, één bouwkavel voor een woning worden toegekend. Voor kassen geldt dat minimaal 5400 m² gesloopt moet worden om in aanmerking te komen voor één bouwkavel. Een combinatie van sloop van kassen en gebouwen is mogelijk. Het gehele complex met landschapsontsierende voormalige agrarische bedrijfsbebouwing, inclusief erfverhardingen, mestplaten en sleufsilo’s moet worden gesloopt (met uitzondering van de voormalige bedrijfswoning en de bij recht toegestane oppervlakte bijgebouwen bij de woning). Bouwwerken, geen gebouw zijnde, zoals erfverhardingen, mestplaten, sleufsilo’s en kassen voor hobby en nevenactiviteiten tellen niet mee bij de berekening van de sloopoppervlakte. Torensilo’s en mestsilo’s wel. Het is niet toegestaan om een gedeelte van een erf aan te melden en het overige deel via andere aanvragers aan te melden. Per locatie kan maar één keer aan de Rood voor Rood-regeling worden deelgenomen. Slooplocaties mogen worden geclusterd. Hiermee wordt bedoeld dat op meerdere locaties gesloopt gaat worden om aan de sloopnorm te voldoen. Schuren die gesloopt zijn vóór datum van de ondertekening van de overeenkomst met de gemeente ten aanzien van deelname aan Rood voor Rood kunnen niet onder de regeling worden gebracht. 4.2 Uitzonderingen ten aanzien van sloop In bepaalde situaties kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.1. Dit kan het geval zijn in de volgende situaties: Indien sprake is van niet-landschapsontsierende bebouwing. Indien er een geschikte functie wordt toegekend aan een gebouw, is het mogelijk om bebouwing aan de sloopverplichting te onttrekken Wel moet sprake zijn van een aanzienlijke verbetering van de ruimtelijke kwaliteit door substantiële sloop op alle slooplocaties. Als er sprake is van een gemengd bedrijf in extensiverings- of verwevingsgebied, waarbij het onderdeel intensieve veehouderij wordt beëindigd. In die gevallen mag de bebouwing ten behoeve van de extensieve tak behouden blijven. Schuren die bijvoorbeeld vanwege instortingsgevaar of asbest met direct gevaar voor de volksgezondheid gesloopt moeten worden voordat de Rood voor Rood overeenkomst is ondertekend, kunnen na instemming van de gemeente alsnog worden ingebracht in het kader van Rood voor Rood. In dat geval zal binnen 3 jaar na de sloop alsnog een sluitend plan bij de gemeente moeten worden ingediend. Het is aan de initiatiefnemer om tijdig een aanvaardbaar plan in te dienen bij de gemeente dat voldoet aan zowel het Rood voor Rood beleid als aan overige wet- en regelgeving. 4.3 Financiële uitgangspunten ten aanzien van sloop Wat betreft de sloop geldt ook een aantal financiële uitgangspunten. Deze luiden als volgt: Voor de bepaling van de sloopkosten geldt een standaard bedrag van € 25,- per m². De deelnemer is zelf verantwoordelijk (voor eigen rekening en risico) voor de daadwerkelijke sloop van de bebouwing. 30% van de gecorrigeerde vervangingswaarde van de te slopen gebouwen mag de deelnemer behouden. Dit hoeft dus niet te worden geïnvesteerd in ruimtelijke kwaliteit. Bij de overweging van het percentage van 30% is rekening gehouden met het feit dat de regeling niet concurrerend en marktverstorend moet werken naar andere agrariërs / partijen die bedrijfslocaties willen aankopen en met het feit dat Rood voor Rood geen saneringsregeling is. Bij de bepaling van de gecorrigeerde vervangingswaarde wordt de berekeningsmethode van Dienst Landelijk Gebied gehanteerd. Hierbij wordt rekening gehouden met de technische veroudering op grond van verwachte levensduur van de gebouwen en de residuwaarde aan het eind van de levensduur (Wet waardering onroerende zaken, artikel 17 lid 3). Als er een veelvoud van de sloopnorm wordt gesloopt kan, uitsluitend wanneer dit voor het afdekken van de sloopkosten en 30% gecorrigeerde vervangingswaarde noodzakelijk is, een extra bouwkavel voor een woning worden verkregen. 5 Woningbouwkavel In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de verschillende spelregels ten aanzien van de woningbouwkavel. Dit heeft met name betrekking op de locatie van de bouwkavel en op de maatvoering van de kavel en de woning. 5.1 Locatie bouwkavel In deze paragraaf wordt uiteengezet welke uitgangspunten gelden ten aanzien van de locatie van de bouwkavel. De bouwkavel wordt op de slooplocatie gesitueerd. Hieronder wordt verstaan dat de bouwkavel binnen het bestaande bouwperceel van de slooplocatie wordt gesitueerd. De compensatiekavel en de woning dienen een mooi ensemble te vormen met de (eventueel) reeds aanwezige, overblijvende gebouwen. De bouwkavel voor een woning mag geen onevenredige aantasting van agrarische en andere belangen in de omgeving veroorzaken. Voorkomen moet worden dat de toekenning van een bouwkavel voor een woning ten koste gaat van het functioneren en de ontwikkelingsmogelijkheden van agrarische bedrijven in de omgeving. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om de afstanden die moeten worden aangehouden ten opzichte van deze bedrijven in verband met stankemissie. Op slooplocaties waar geen bouwblok / bouwperceel is opgenomen kan niet worden teruggebouwd. 5.2 Uitzonderingen ten aanzien van de locatie van de bouwkavel Er zijn situaties waarbij een uitzondering kan worden gemaakt op hetgeen is opgenomen in 5.1. Dit kan het geval zijn in de volgende situaties: In afwijking van terugbouwen op (één van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.