← Nederland

Coffeeshopbeleid Zutphen 2015 (Zutphen)

Coffeeshopbeleid Zutphen 20151.Inleiding Het Zutphense coffeeshopbeleid is vastgesteld in 1997. In dit beleid zijn in 1999, 2005 resp. 2010 beperkte aanpassingen aangebracht. Het coffeeshopbeleid is d

van personen die delicten uit de Opiumwet begaan. In de aanwijzing wordt bijzondere aandacht besteed aan de bestuurlijke en strafrechtelijke aspecten van het gedoogbeleid ten aanzien van coffeeshops. Uitgangspunt van het beleid is het onderscheid dat in de Opiumwet is gemaakt tussen harddrugs en softdrugs. De wetgever heeft dat onderscheid gemaakt met het oog op de gebruiksrisico’s van de onderscheiden drugs om een duidelijke scheiding tussen beide markten aan te brengen. Daartoe worden voor cannabis, dat tot de lijst II-middelen (softdrugs) behoort, speciale verkooppunten in de vorm van coffeeshops gedoogd. De achterliggende gedachte is te voorkomen dat de cannabisgebruiker in aanraking komt met drugs met een groter gezondheidsrisico (harddrugs). In de gedoogrichtlijn zijn de criteria benoemd waaraan coffeeshops moeten voldoen, de zogenoemde AHOJGI-criteria AHOJGI criteria De AHOJGI criteria houden het volgende in: geen affichering: dit betekent geen enkele vorm van reclame anders dan een summiere aanduiding op de betreffende lokaliteit. geen harddrugs: dit betekent dat geen harddrugs voorhanden mogen zijn en/of verkocht worden. geen overlast: onder overlast kan verstaan worden parkeeroverlast rond de coffeeshops, geluidshinder, vervuiling en/of voor of nabij de coffeeshop rondhangende klanten. geen verkoop aan jeugdigen en geen toegang voor jeugdigen tot een coffeeshop: gelet op de toename van het cannabisgebruik onder jongeren is gekozen voor een strikte handhaving van de leeftijdsgrens van 18 jaar. geen verkoop van grote hoeveelheden per transactie: dat wil zeggen hoeveelheden groter dan geschikt voor eigen gebruik. Dit is maximaal 5 gram. Onder “transactie” wordt begrepen alle koop en verkoop in één coffeeshop op eenzelfde dag met betrekking tot eenzelfde koper. geen toegang voor en verkoop aan anderen dan ingezetenen in Nederland. 4.Lokaal coffeeshopbeleid 4.1.Lokale doelstellingen De doelstellingen van het Zutphense coffeeshopbeleid worden als volgt omschreven: bescherming van de gezondheid van met name jongeren; het voorkomen dat er illegale, niet gedoogde verkooppunten ontstaan; strikte scheiding van de handel in hard- en softdrugs; voorkomen en tegengaan van overlast in en rondom gedoogde coffeeshops. 4.2.Definitie coffeeshop Onder een coffeeshop wordt verstaan: een horeca-inrichting, zijnde een gesloten ruimte, waar met vergunning van de burgemeester alcoholvrije dranken worden verkocht en waar verkoop en gebruik van softdrugs plaatsvindt op grond van een daartoe door de burgemeester verleende gedoogbeschikking. 4.3.Huidige situatie Op dit moment zijn op de volgende locaties coffeeshops gevestigd: Schupstoel 3/Vaaltstraat 23 (Theehuis Plein 48) Laarstraat 87 (Theehuis The Zoo) Nieuwstad 49 (Liberty) Het maximum aantal coffeeshops dat gedoogd wordt op basis van het huidige coffeeshopbeleid is

  1. Er is geen aanleiding voor wijziging van dit beleid. Het aantal coffeeshops in Zutphen is relatief hoog ten opzichte van het landelijk gemiddelde in coffeeshopgemeenten (31.000 inwoners per coffeeshop, Intraval: Coffeeshops in Nederland 2012, oktober 2013). Daarbij moet worden opgemerkt dat in de omliggende gemeenten (Brummen, Voorst, Lochem, Bronckhorst) geen coffeeshop gevestigd is en de coffeeshops in Zutphen in die zin mede een regionale functie vervullen. De huidige omvang van het aantal coffeeshops leidt niet tot ernstige vormen van overlast. Uit gesprekken met omwonenden en de coffeeshopexploitanten komt naar voren dat de laatste jaren weinig hinder wordt ervaren ten gevolge van de exploitatie van de coffeeshops. 4.4.Vestigingseisen coffeeshop 4.4.
  2. VestigingslocatiesCoffeeshops worden alleen toegestaan in de binnenstad van Zutphen. De binnenstad van Zutphen wordt begrensd door de volgende straten: IJsselkade, Vispoortplein, Houtwal, Tadamastraat, Graaf Ottosingel, Coehoornsingel, Burgemeester Dijckmeesterweg, Stationsplein. Een coffeeshop is een horecagelegenheid en kan alleen worden gevestigd in een pand met een horecabestemming. 4.4.
  3. Nabijheid van scholenVolgens het bestaande coffeeshopbeleid is vestiging van een coffeeshop in de directe nabijheid van een school, een jongerencentrum of een andere locatie waar jongeren beneden de 18 jaar bijeenkomen niet toegestaan. In het kader van de ontmoediging van het gebruik van een riskant genotmiddel als softdrugs is dit onwenselijk. In het beleid is geen afstand in meters opgenomen, omdat veel afhangt van de exacte situering van coffeeshop en school ten opzichte van elkaar. Het voornemen van het kabinet was om per 1 januari 2014 een afstandscriterium van 350 meter ten opzichte van scholen in de Aanwijzing Opiumwet op te nemen. Er is echter voor gekozen om ruimte te geven voor lokaal maatwerk. Dit biedt de mogelijkheid om door middel van aanvullende maatregelen te bewerkstelligen dat het bezoeken van coffeeshops door scholieren ontmoedigd wordt. In de Zutphense situatie is één coffeeshop in de nabijheid van scholen gevestigd. In het coffeeshopbeleid van 1997 is omschreven dat deze coffeeshop binnen een jaar aan de vestigingseisen moet voldoen, wat inhield dat deze verplaatst zou moeten worden. De verplaatsingsprocedure is uiteindelijk niet doorgezet en de coffeeshop is op de bestaande locatie gebleven, met wijziging van de aan de exploitatie verbonden voorschriften. Deze hebben betrekking op de beperking van de openingstijden van de coffeeshop. Er is geen aanleiding om door middel van invoering van een afstandscriterium alsnog een procedure tot verplaatsing van de coffeeshop op te starten. Dit neemt niet weg dat bij gewijzigde omstandigheden bij de beoordeling van een eventuele nieuwe locatie voor de vestiging van een coffeeshop het criterium van de nabijheid van scholen een belangrijke factor in de afweging vormt. Dat betekent dat bij het staken van de huidige exploitatie van de coffeeshop de locatie heroverwogen wordt. 4.4.
  4. Woon- en leefklimaatIn ieder concreet geval wordt getoetst of de vestiging en de exploitatie van een coffeeshop zich verdraagt met het woon- en leefklimaat in de omgeving van de coffeeshop. Er zal rekening worden gehouden met het karakter van de wijk of de straat waar de aanvraag betrekking op heeft. Er mag geen sprake zijn van een zodanige concentratie van verkooppunten in een bepaald gebied dat daardoor het gevaar voor aantasting van de openbare orde en/of het woon- en leefklimaat toeneemt. 4.4.
  5. OppervlakteHet is nadrukkelijk niet de bedoeling dat coffeeshops uitgroeien tot grootschalige verkooppunten van softdrugs. Vestiging van coffeeshops in panden met een groot vloeroppervlak is daarom ongewenst. Daarom wordt geen gedoogbeschikking verleend voor de verkoop van softdrugs in inrichtingen met een vloeroppervlak van meer dan 100 m
  6. 4.5.Gedoogvoorwaarden Aan het exploiteren van een coffeeshop worden voorschriften verbonden. Deze worden opgenomen in de gedoogbeschikking. Daarbij dient in ieder geval voldaan te worden aan de hieronder genoemde voorwaarden. In de gedoogbeschikking kunnen aanvullende voorwaarden worden opgenomen. Van de gedoogbeschikking kan alleen gebruik worden gemaakt als tevens een horeca-exploitatievergunning is verleend. In de inrichting dient altijd een leidinggevende aanwezig te zijn die op de horeca-exploitatievergunning vermeld staat. 4.5.
  7. OpeningstijdenCoffeeshops dienen overeenkomstig de sluitingstijd in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) om 1.00 uur gesloten te zijn. Coffeeshops komen niet in aanmerking voor verlengde openingstijden. Voor coffeeshops kunnen beperktere openingstijden worden gehanteerd, bijvoorbeeld als drempelverhogende maatregel in relatie tot de locatie van de coffeeshop (zie 4.4.2.). 4.5.
  8. Open karakter en vrij toegankelijkEr moet sprake zijn van open inrichtingen die vrij toegankelijk zijn. Verkoop en gebruik achter gesloten deuren en geblindeerde ramen roept eerder argwaan en gevoelens van onveiligheid op bijvoorbeeld bij omwonenden. Een dergelijke praktijk belemmert bovendien het toezicht en de controle op de naleving van afspraken, op criminele randactiviteiten en op overlast. 4.5.3 OverlastDe exploitatie van de coffeeshop mag geen hinder of overlast voor de omgeving veroorzaken. In dat kader worden adequate maatregelen en inspanningen van de exploitant verwacht, die niet beperkt hoeven te blijven tot (bezoekers van de) coffeeshop zelf. De zorgplicht strekt zich ook uit tot de directe omgeving van de coffeeshop, zodra sprake is van vormen van overlast die direct dan wel indirect te maken hebben met (bezoekers van) de coffeeshop. Tijdens openingstijden moet toezicht worden gehouden in de directe omgeving om overlast te voorkomen. De gemeente organiseert jaarlijks een gesprek met exploitant en omwonenden en politie om de ervaringen rond de coffeeshop te bespreken. De exploitant is op grond van de gedoogbeschikking verplicht medewerking te verlenen aan deze bijeenkomsten. Met deze overleggen wordt beoogd de exploitant aanspreekbaar te laten zijn voor overlastklachten vanuit de omgeving en deze zijn verantwoordelijkheid te laten nemen. Indien bij de exploitant van klanten bekend is dat zij buiten de coffeeshop softdrugs doorverkopen aan personen die de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt, moet aan deze klanten de toegang tot de coffeeshop gedurende minimaal drie maanden ontzegd worden. Deze regel moet in de coffeeshop op een voor klanten duidelijk zichtbare plaats worden aangegeven, zodat er naast een repressieve ook een preventieve werking vanuit gaat. 4.5.
  9. SoftdrugsIn de inrichting mogen geen andere drugs dan cannabisproducten aanwezig zijn of worden verkocht of afgeleverd. Het kabinet is voornemens cannabis met een THC-gehalte van meer dan 15% op lijst I van de Opiumwet te plaatsen en daarmee te kwalificeren als harddrugs. Wanneer deze wijziging van kracht wordt, betekent dit dat cannabis met een THC-gehalte van meer dan 15% niet langer in coffeeshops aanwezig mag zijn. 4.5.
  10. HandelsvoorraadOvereenkomstig de Aanwijzing Opiumwet is de maximaal toegestane handelsvoorraad aan cannabisproducten 500 gram. 4.5.
  11. IngezetenencriteriumHet doel van het ingezetenencriterium is om buitenlandse drugstoeristen te weren uit Nederlandse coffeeshops. Volgens de definitie en uitleg volgens de Aanwijzing Opiumwet is een ingezetene een persoon die zijn adres heeft in een gemeente in Nederland. Coffeeshops zijn dan alleen toegankelijk voor ingezetenen van Nederland. De coffeeshophouder dient vast te stellen dat de personen die hij toegang verleent tot de coffeeshop, ingezetenen zijn van Nederland. Zoals in hoofdstuk 6, Handhaving, nader wordt toegelicht heeft handhaving van dit criterium in Zutphen geen prioriteit. 4.5.
  12. Alcoholvrije bedrijvenOvereenkomstig de definitie van een coffeeshop wordt de verkoop van softdrugs alleen toegestaan in alcoholvrije bedrijven. 4.5.
  13. TerrassenBij coffeeshops worden geen terrassen toegestaan. Hiermee wordt ongecontroleerde handel tegengegaan en voorkomen dat de coffeeshop een te laagdrempelig karakter krijgt. Terrassen zouden het risico verhogen dat, met name jong, publiek ongewild in aanraking komt met softdrugs. 4.5.
  14. KansspelenKansspelautomaten zijn, overeenkomstig de Wet op de Kansspelen, niet toegestaan in een coffeeshop. 4.5.
  15. Exploitant en personeelDe exploitant moet een actuele lijst met personeelsleden ter inzage hebben voor toezichthouders en de politie. Op die lijst moeten ten minste van alle personeelsleden vermeld staan: naam, adres en geboortedatum. De in de coffeeshop werkzame personen moeten minimaal 18 jaar zijn en mogen geen justitiële antecedenten hebben die verband houden met harddrugs, heling, geweldsdelicten of handel in vuurwapens. 4.5.
  16. BoekhoudingNaast het voeren van de volgens de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen verplicht gestelde administratie, moet dagelijks een verkoopboek, inkoopboek en kas- of giroboek betreffende de aankoop en verkoop van softdrugs worden bijgehouden. De cannabisproducten mogen niet gratis worden verstrekt. De verkoop van cannabisproducten moet direct afgerekend worden. Verkoop op rekening, ruilen tegen goederen, onderpand of anderszins is niet toegestaan. 4.5.
  17. VoorlichtingsmateriaalOp een voor bezoekers duidelijke plaats in de inrichting moet voorlichtings- en informatiemateriaal aanwezig zijn, waaronder folders over de gevolgen van het gebruik van drugs. 4.5.
  18. Controle en toezichtDe politie en toezichthoudende ambtenaren moeten te allen tijde ongehinderd toegang hebben tot de coffeeshop. Dit geldt ook voor medewerkers van Tactus. 4.5.
  19. InrichtingseisenDe inrichting moet zijn voorzien van ramen met een zodanige oppervlakte dat voldoende daglichttoetreding is gewaarborgd. Het raamoppervlak moet tenminste gelijk zijn aan de oppervlakte die in het Bouwbesluit ten aanzien van woonkamers en woonhuizen wordt gesteld. De ramen moeten zijn bezet met blank doorzichtig glas, waarvan ten hoogste 20% bedekt mag zijn met materiaal dat daglichttoetreding verhindert. In de coffeeshop moet een deugdelijke toiletvoorziening aanwezig zijn, zoals bedoeld in het Besluit eisen inrichtingen Drank- en Horecawet. 5.Procedure gedoogbeschikking coffeeshop 5.1.Persoonsgebonden en wijzigingen Een gedoogbeschikking is persoonsgebonden, locatiegebonden en niet overdraagbaar. Een gedoogbeschikking wordt alleen vergund aan een natuurlijk persoon of een N.V., B.V. of v.o.f. die eenvoudig herleidbaar is tot een natuurlijk persoon. De exploitant en leidinggevenden moeten minimaal 21 jaar zijn. Aan iedere exploitant wordt ten hoogste één gedoogbeschikking afgegeven. Bij wijziging van één of meer van de volgende onderdelen moet een nieuwe aanvraag voor een horeca-exploitatievergunning en gedoogbeschikking worden ingediend: Wijziging exploitant; Wijziging leidinggevende; Wijziging rechtsvorm; Wijziging inrichting pand. 5.2.Looptijd gedoogbeschikking De gedoogbeschikking is voor een periode van twee jaar geldig. Daarmee wordt de looptijd verlengd ten opzichte van het huidige beleid. Aangezien van de coffeeshops weinig overlast wordt ervaren, kan voor een langere looptijd worden gekozen. In individuele gevallen kan, indien daartoe aanleiding is, een gedoogbeschikking met een kortere looptijd worden verleend. Een exploitant die na de looptijd van de gedoogbeschikking de exploitatie wil voortzetten, dient minimaal vier maanden voor de einddatum een nieuwe beschikking aan te vragen. 5.3.Indieningsvereisten Een aanvraag voor een gedoogbeschikking dient aan de volgende vereisten te voldoen: De onderneming dient ingeschreven te staan in het handelsregister van de Kamer van Koophandel; Een kopie van het legitimatiebewijs van de aanvrager en alle leidinggevenden; Een verklaring omtrent gedrag van de aanvrager en alle leidinggevenden; Een bewijs dat kan worden beschikt over de ruimte en dat de ruimte ook als coffeeshop mag worden gebruikt; Arbeidsovereenkomsten van alle leidinggevenden, niet zijnde ondernemers; Een lijst van het overige personeel (incl. adresgegevens en geboortedatum en –plaats); Een bedrijfsplan waarin wordt aangegeven welke maatregelen er getroffen worden om de AHOJGI criteria na te leven en waarin is opgenomen op welke wijze er aandacht wordt gegeven aan voorlichting over drugs; Een bewijs waaruit kennis en inzicht blijkt van drugsverslaving (bijvoorbeeld na een cursus bij Tactus of een andere instelling gericht op verslavingszorg); Er dient te worden aangetoond dat er tijdens openingstijden van de coffeeshop te allen tijde een leidinggevende aanwezig is, die vermeld staat op de gedoogbeschikking. Voor een bestaande coffeeshop en voor een nieuwe aanvraag gelden afzonderlijke procedures. 5.4.Procedure bestaande coffeeshop Gedoogbeschikkingen zijn geldig voor de periode van twee jaar. De vergunning voor het exploiteren van het horecabedrijf geldt op grond van het de Notitie Exploitatievergunning Algemene Plaatselijke Verordening Zutphen Herziening 2010 voor onbepaalde tijd. Indien de exploitatie ongewijzigd wordt voortgezet, wordt de verlenging van de gedoogbeschikking beoordeeld op grond van de bevindingen van de exploitatie van de coffeeshop. Daarbij wordt gebruik gemaakt van adviezen van de politie, bestaande rapportages en worden de uitkomsten van het jaarlijks te houden overleg met omwonenden, coffeeshophouder, politie en gemeente betrokken. 5.5.Toewijzing nieuwe gedoogbeschikking Indien binnen het maximum van drie te verlenen gedoogbeschikkingen een plek vrij komt, is het van belang dat een zorgvuldige procedure gevolgd wordt voor het afgeven van een nieuwe beschikking. Bij het toewijzen van een gedoogbeschikking voor een coffeeshop zijn grote belangen gemoeid. De markt wordt namelijk gereguleerd door het beperkt aantal beschikbare mogelijkheden om een gedoogbeschikking te verkrijgen. Dat brengt met zich mee dat zich een grote concurrentie voor deze plaatsen voordoet. De gemeente Zutphen krijgt regelmatig vragen van belangstellenden voor het beginnen van een coffeeshop. Belangstellenden kunnen zich niet inschrijven voor de toewijzing van een vrijkomende gedoogbeschikking. De gemeente legt geen wachtlijst aan. Daarom wordt bij beëindiging van de exploitatie van een bestaande coffeeshop de volgende procedure gehanteerd. Bij beëindiging van de exploitatie van een bestaande coffeeshop vindt een openbare bekendmaking plaats van de mogelijkheid om een verzoek in te dienen voor een gedoogbeschikking. Aanvragen worden in behandeling genomen, indien deze zijn ingediend binnen de in de bekendmaking genoemde periode. Uitgangspunt is dat een periode van zes weken wordt aangehouden voor het indienen van een verzoek. De aanvragen worden op de volgende wijze beoordeeld. Volledigheid van de aanvraag: indien de aanvraag onvolledig is wordt betrokkene hierover schriftelijk geïnformeerd en in de gelegenheid gesteld om binnen twee weken de aanvraag compleet te maken. Indien na twee weken geen volledige aanvraag is ingediend, wordt deze buiten behandeling gesteld. Toetsing aan gedoogcriteria: indien niet wordt voldaan aan de criteria die in deze notitie zijn gesteld, wordt de aanvraag afgewezen. Beoordeling op basis van onderstaande criteria: Risicofactoren voor jongeren: De mate waarin jongeren beneden de 18 jaar in de omgeving van de voorgenomen vestigingslocatie verblijven. Belangrijk hierin is de reële afstand tot scholen. Ook andere factoren spelen hierin een rol, zoals routes waar scholieren veelvuldig gebruik van maken, de nabijheid van accommodaties die in gebruik zijn door sportinstellingen of andere verblijfplaatsen en ruimtes die in belangrijke mate gericht zijn op jongeren. Woon- en leefomgeving: De effecten van de vestiging van de coffeeshop op het straatbeeld en de woon- en leefomgeving. Beperking overlast omgeving: De mate waarin de ondernemer maatregelen neemt om overlast voor de omgeving te voorkomen. Aandacht voor drugsverslaving: De mate waarin de ondernemer bezig is met het voorkomen van drugsverslaving. Bij gelijke geschiktheid van aanvragen vindt een loting plaats bij een notaris. De uitkomst van de Bibob-toets moet positief zijn. 5.6.Bibob Iedereen die aan een aanvraagformulier indient voor de afgifte van een gedoogbeschikking en exploitatievergunning voor een horecabedrijf wordt door de gemeente aan een Bibob-toets onderworpen. Als er aanleiding toe is wordt aan het Landelijk Bureau Bibob om een advies gevraagd. Tevens kan een Bibob procedure worden opgestart indien de omstandigheden daar aanleiding toe geven, of op basis van een tip van de Officier van justitie. 5.7.Leges Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een gedoogbeschikking zijn leges verschuldigd.
  20. Handhaving 6.
  21. Toezicht Voor een goede naleving van het beleid is regelmatige controle en een strikte handhaving noodzakelijk. De partners van de lokale driehoek (burgemeester, officier van justitie en teamchef politie) hebben afspraken gemaakt over een goede afstemming en een geïntegreerde inzet van het strafrechtelijk en bestuursrechtelijk instrumentarium. De gemeente is primair verantwoordelijk voor het toezicht op en de controle van de coffeeshops. Met als doel om te controleren of coffeeshops de aan hen gestelde eisen in de gedoogbeschikking naleven. Deze controles worden uitgevoerd door de politie, eventueel in gezamenlijkheid met partners zoals de Belastingdienst en gemeente. De controles vinden onregelmatig en onaangekondigd plaats. Gemeente en politie maken jaarlijks afspraken over het aantal en de aard van de controles, waarbij het uitgangspunt is dat in iedere coffeeshop ten minste één keer per jaar een integrale controle op naleving van de gedoogvoorschriften plaats vindt. 6.
  22. Handhaving 6.2.
  23. Prioriteiten handhavingsbeleidDe handhaving van het coffeeshopbeleid kent de volgende prioriteiten: Optreden tegen illegale verkooppunten van soft- en harddrugs. Het gaat dan zowel om lokalen als woningen. Tegen dergelijke verkooppunten wordt opgetreden overeenkomstig het in paragraaf 6.2.
  24. vastgelegde beleid woningen en lokalen. Regelmatige controle van de gedoogvoorschriften van de gedoogde verkooppunten van softdrugs. Hierbij zal de controle gericht worden op naleving van de AHOJGI criteria. Tegen geconstateerde overtredingen wordt handhavend opgetreden overeenkomstig de handhavingsmatrix coffeeshops. Geen prioriteit Ingezetenencriterium: Per 1 januari 2013 is in de Aanwijzing Opiumwet van het Openbaar Ministerie het ingezetenencriterium vastgelegd. In Zutphen is er echter geen sprake van een probleem met betrekking tot coffeeshoptoerisme. De Zutphense coffeeshops zijn gericht op de lokale markt. Het aantal bezoekers dat geen ingezetene is van Nederland is in Zutphen zeer beperkt en er zijn dan ook geen signalen dat dit zorgt voor overlast. Er wordt daarom voor gekozen de schaarse capaciteit niet in te zetten om te handhaven op een probleem dat er niet is. Bovendien zou handhaving van dit criterium ertoe kunnen leiden dat een deel van de huidige klanten de coffeeshop gaan mijden en hun drugs elders gaan betrekken, waardoor de handel zich verplaatst naar de straat. Dit betekent dat er op dit moment geen prioriteit wordt gegeven aan de handhaving van het ingezetencriterium. Mocht blijken dat op termijn het verschijnsel coffeeshoptoerisme zich in Zutphen wel gaat voordoen en hier overlast door ontstaan, dan kan de driehoek alsnog besluiten tot actieve handhaving en wordt de wijze van handhaving van het ingezetenencriterium toegevoegd aan het handhavingsarrangement. Het landelijk beleid staat een gefaseerde invoering van de handhaving van het criterium toe. Het is heel verantwoord om de fasering niet in tijd uit te drukken, maar in het zich voordoen van de omstandigheden die tot het criterium hebben geleid, zeker gezien de mogelijke negatieve effecten hiervan. 6.2.
  25. HandhavingsmatrixDe regie over de controle en handhaving van het coffeeshopbeleid is in handen van de gemeente. In de lokale driehoek worden regelmatig de ontwikkelingen besproken en de resultaten van de controles. De bestuurlijke aanpak van overtredingen is vastgelegd in een handhavingsmatrix. Dit betreft een richtlijn. In ernstige of spoedeisende gevallen kan hiervan worden afgeweken, bijvoorbeeld in geval van cumulatie van overtredingen of zeer ernstige aard van de overtredingen of omstandigheden. In de handhavingsmatrix wordt weergegeven op welke wijze tegen overtredingen van de gedoogcriteria wordt opgetreden. Niet naleving van sommige gedoogcriteria zal leiden tot directe sluiting, in andere gevallen wordt eerst een schriftelijke waarschuwing afgegeven. Een waarschuwing gegeven voor overtreding van één of meer van de gedoogcriteria geldt ook als waarschuwing voor elk van de andere gedoogcriteria. Na iedere stap wordt een termijn van drie jaar in acht genomen. Indien binnen die termijn een volgende overtreding wordt geconstateerd, wordt de volgende stap in de tabel gezet. Indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven kan de burgemeester altijd gemotiveerd van het geven van een waarschuwing afzien en direct tot sluiting overgaan. Tabel Handhavingsmatrix Coffeeshops (AHOJGI) Overtreding Gemeente Politie / OM Affichering 1e overtreding: waarschuwing 2e overtreding binnen 3 jaar: dwangsom 3e overtreding binnen weer 3 jaar: sluiting 3 maanden 1e overtreding: geen actie 2e overtreding binnen 3 jaar: rapport + PV + inbeslagname +

Art. 3bOW ivm art.

10, lid 1 OW Art. 3b OW ivm art. 10, lid 2 OW 3e overtreding binnen weer 3 jaar: rapport + PV + inbeslagname +

(idem als vorenstaand) Harddrugs 1e overtreding: sluiting 12 maanden 2e overtreding: Sluiting voor onbepaalde tijd (intrekken gedoogbeschikking) 1e overtreding: rapport + PV + inbeslagname +

Art. 2OW ivm art.

10, lid 1 OW Art. 2 OW ivm art. 10, lid 3 OW Art. 2 OW ivm art. 10, lid 4 OW 2e overtreding rapport + PV + inbeslagname +

(idem als vorenstaand) Overlast 1e overtreding: waarschuwing + vooraankondiging dwangsom 2e overtreding binnen 3 jaar: dwangsom 3e overtreding binnen weer 3 jaar: sluiting minimaal 2 weken, maximaal 12 maanden. 1e overtreding: geen actie 2e overtreding binnen 3 jaar: rapport + PV + inbeslagname +

Art. 3OW ivm art.

11, lid 1 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 2 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 3 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 5 OW 3e overtreding binnen weer 3 jaar: rapport + PV + inbeslagname +

(idem als vorenstaand) Jeugdigen 1e overtreding: sluiting 3 maanden 2e overtreding binnen 3 jaar: sluiting 12 maanden 3e overtreding binnen weer 3 jaar: sluiting voor onbepaalde tijd (intrekken gedoogbeschikking) 1e overtreding: rapport + PV + inbeslagname +

Art. 3OW ivm art.

11, lid 1 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 2 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 3 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 5 OW 2e overtreding binnen 3 jaar: rapport + PV + inbeslagname +

(idem als vorenstaand) 3e overtreding binnen weer 3 jaar: rapport + PV + inbeslagname +

(idem als vorenstaand) Overschrijding maximale hoeveelheid per transactie 1e overtreding: sluiting 2 weken 2e overtreding binnen 3 jaar: sluiting 3 maanden 3e overtreding binnen weer 3 jaar: sluiting 12 maanden 1e overtreding: rapport + PV + inbeslagname +

Art. 3OW ivm art.

11, lid 1 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 2 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 3 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 5 OW 2e overtreding binnen 3 jaar: rapport + PV + inbeslagname +

(idem als vorenstaand) 3e overtreding binnen weer 3 jaar: rapport + PV + inbeslagname +

(idem als vorenstaand) te Grote handelsvoorraad 1e overtreding: sluiting 2 weken 2e overtreding binnen 3 jaar: sluiting 3 maanden 3e overtreding binnen weer 3 jaar: sluiting 12 maanden 1e overtreding: rapport + PV + inbeslagname +

Art. 3OW ivm art.

11, lid 1 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 2 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 3 OW Art. 3 OW ivm art. 11, lid 5 OW 2e overtreding binnen 3 jaar: rapport + PV + inbeslagname +

(idem als vorenstaand) 3e overtreding binnen weer 3 jaar: rapport + PV + inbeslagname +

(idem als vorenstaand) Ingezetenen In beginsel geen handhaving. Bij geconstateerde overlast in relatie tot het ingezetenschap zullen nieuwe afspraken over handhaving van overtreding van het ingezetenen criterium worden gemaakt. (Het OM volgt gemeente dus in beginsel geen strafrechtelijke handhaving. Echter indien het OM verneemt dat een coffeeshop aan niet ingezetenen verkoopt zal het OM, kijkend naar de overige gedoogcriteria in de Opiumwet, altijd de afweging maken of het eigenstandig op zal treden maar pas nadat het standpunt van het OM in de driehoek kenbaar is gemaakt. Coffeeshops (Overige voorschriften) Overtreding Gemeente Politie / OM Alcoholverbod 1e overtreding Schriftelijke waarschuwing 2e overtreding Sluiting 4 weken 3e overtreding Sluiting 3 maanden 1e overtreding PV + inbeslagname alcoholische drank 2e overtreding PV + inbeslagname alcoholische drank PV + inbeslagname alcoholische drank Sluitingstijd 1e overtreding Schriftelijke waarschuwing 2e overtreding Opleggen vervroegde sluitingstijd 3e overtreding Sluiting 2 weken 1e overtreding Waarschuwing 2e overtreding Rapport + PV 3e overtreding Rapport + PV Aanwezigheid Terras 1e overtreding Schriftelijke waarschuwing 2e overtreding Sluiting 2 weken 3e overtreding Sluiting 3 maanden 1e overtreding Waarschuwing 2e overtreding Rapport + PV 3e overtreding Rapport + PV Geen actuele personeelslijst ter inzage 1e overtreding Schriftelijke waarschuwing 2e overtreding Sluiting 2 weken 3e overtreding Sluiting 4 weken 1e overtreding Waarschuwing 2e overtreding Rapport + PV 3e overtreding Rapport + PV Woningen en lokalen (geen coffeeshops zijnde) (Vervallen) 7. Voorlichting/Preventie Met het oog op het beperken van gezondheidsrisico’s van het gebruik van softdrugs is, naast regelgeving en handhaving, preventie en voorlichting van belang. Op het gebied van verslavingszorg in Zutphen verzorgt Tactus het preventieaanbod. Naast algemene voorlichting richten de activiteiten zich met name op het voorgezet onderwijs. Op basis van een monitorgesprek wordt in overleg met de school bepaald welke preventieactiviteiten worden ingezet op het gebied van alcohol, tabak en drugs. Daarbij gaat bijzondere aandacht uit naar jongeren op school die kwetsbaar zijn en/of al gebruiken. Het preventieaanbod is erop gericht de drempel naar Tactus te verlagen en te voorkomen dat experimenteel en risicovol gebruikende jongeren in de zorg terecht komen. Naast de algemene preventieactiviteiten hebben coffeeshopexploitanten een verantwoordelijkheid richting de gebruiker van het product dat zij aanbieden. Zij dienen de gebruiker van duidelijke productvoorlichting te voorzien. Deze voorlichting kan de gebruiker in ieder geval informeren over de gezondheidsrisico’s van ieder product en moet een handreiking bieden over de wijze waarop dat product op een verantwoorde wijze kan worden gebruikt. Ook is het nodig dat de gebruiker geïnformeerd wordt over de mogelijk aanwezige bijzondere omstandigheden waaronder het gebruik van het product wordt ontraden. 8.Inwerkingtreding en overgangsrecht 8.1.Bekendmaking en inwerkingtreding Deze notitie is een beleidsregel in de zin van artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht en treedt in werking op de dag na bekendmaking. 8.2.Overgangsrecht Overgangsrecht is van toepassing op het vereiste dat slechts één gedoogbeschikking per exploitant wordt verstrekt. Dit is een nieuwe regel in het gedoogbeleid. Momenteel worden twee van de drie coffeeshops in Zutphen geëxploiteerd door dezelfde exploitant. Dit criterium zal worden toegepast zodra sprake is van overname of beëindiging van de exploitatie van één van de coffeeshops. Met betrekking tot het afstandscriterium tot scholen worden de drempelverhogende maatregelen gecontinueerd en zonodig aangescherpt zolang de coffeeshop op de Nieuwstad aldaar gevestigd blijft. Indien vestiging van een coffeeshop op een nieuwe locatie aan de orde is, wordt dit criterium zwaar meegewogen bij de beoordeling van een verzoek tot vestiging van een coffeeshop. 8.3.Citeertitel Deze beleidsregel kan worden aangehaald als Coffeeshopbeleid Zutphen 2014 en vervangt de beleidsnotitie “Het Zutphens coffeeshopbeleid nader bekeken” , vastgesteld in 1997 en de Notitie Handhaving Coffeeshopbeleid, vastgesteld in 1999.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.