EILANDSVERORDENING van 20 oktober 2010, no. 1, houdende bepalingen betreffende een te houden referendum over de staatkundige toekomst van het openbaar lichaam Bonaire en tot intrekking van de Eilandsverordening Referendum Bonaire 2010 (AB 2010, no. 10) (Eilandsverordening Referendum oktober 2010)DE EILANDSRAAD VAN HET OPENBAAR LICHAAM BONAIRE; Overwegende: dat in het referendum, gehouden op 10 september 2004, de bevolking van Bonaire zich uitgesproken heeft voor een staatkundige status van Bonaire binnen het Koninkrijk der Nederlanden met een direkte band met Nederland; dat in de Slotverklaring van 11 oktober 2006 van de In Den Haag gehouden “Miniconferentie over de toekomstige staatkundige positie van Bonaire, St. Eustatius en Saba" is overeengekomen dat Bonaire een staatsrechtelijke positie binnen het Nederlandse staatsbestel zal verkrijgen in de vorm van een openbaar lichaam in de zin van artikel 134 van de Nederlandse Grondwet; dat op grond daarvan Bonaire per 10 oktober 2010 deel is gaan uitmaken van het Nederlandse staatsbestel als openbaar lichaam; dat op grond van de internationaalrechtelijke bepalingen inzake het recht op zelfbeschikking, zoals onder meer verwoord is in resolutie 1541(XV) van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties, de opneming in de rechtsorde van het voormalige moederland een daartoe strekkende uitspraak van de bevolking vergt; dat de Eilandsraad mitsdien is gehouden daarvoor in een zelfbeschikkingsreferendum de instemming te vragen van de bevolking; Gelet op: Artikel 149 en artikel 152 Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Stb. 2010, no. 345) HEEFT BESLOTEN: vast te stellen de volgende eilandsverordening: Artikel1 Er vindt op 17 december 2010 onder toezicht van de Verenigde Naties een referendum plaats over de staatkundige toekomst van het openbaar lichaam Bonaire. Artikel2 Kiesgerechtigd bij het referendum zijn Nederlanders, die vijftig dagen voor de datum van het referendum ingezetenen van Bonaire zijn en op de dag van het referendum de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt. Artikel3 1.In het referendum worden aan de kiesgerechtigden twee opties in de Papiamentse onderscheidenlijk de Nederlandse taal voorgelegd, die als volgt luiden: “Mi ta di akuerdo ku Boneiru a bira un entidat publiko konforme artikulo 134 di Konstitushon Hulandes”: Si No “Ik ben het ermee eens dat Bonaire een openbaar lichaam in de zin van artikel 134 van de Nederlandse Grondwet is geworden": Ja Nee 2.Bij de stemming mag de kiesgerechtigde zich slechts in één taal en voor één optie uitspreken. Artikel4 1.Indien een meerderheid van tenminste eenenvijftig procent (51%) van de kiesgerechtigden geldig een stem heeft uitgebracht, wordt bij eilandsraadbesluit de uikomst van het referendum vastgesteld in overeenstemming met de door de kiesgerechtigden in meerderheid gekozen optie. 2.Blanco stemmen worden gerekend als geldig uitgebrachte stemmen. 3.Is de uitkomst bedoeld in het eerste lid een afwijzende, dan kan de Eilandsraad beslissen binnen zes
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.