EILANDSVERORDENING van 28 februari 2012 no. 2 tot het vaststellen van regels voor de taken, bevoegdheden alsmede de samenstelling en werkwijze van door de eilandsraad ingestelde commissies (Verordening eilandsraadcommissies Bonaire)HET BESTUURSCOLLEGE VAN HET OPENBAAR LICHAAM BONAIRE: Overwegende: dat de eilandsraad commissies kan instellen ter voorbereiding van onderwerpen die in de meningvormende en besluitvormende vergaderingen van de eilandsraad kunnen worden behandeld; dat de eilandsraadcommissies met het bestuurscollege of de gezaghebber kunnen overleggen; dat dient te worden voorzien in de regeling van de taken en bevoegdheden alsmede de samenstelling en werkwijze van de door de eilandsraad ingestelde commissies. Gelet op: Artikel 117, eerste lid, van de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. HEEFT BESLOTEN: vast te stellen de volgende eilandsverordening: Hoofdstuk1Begripsbepalingen Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: buitengewoon lid: een burger, niet-eilandsraadslid, die op voordracht van een fractie door de eilandsraad als lid van een eilandsraadcommissie is benoemd; commissielid of commissieleden: de in de commissie zitting hebbende leden en buitengewone leden tezamen; commissiesecretaris: secretaris van een eilandsraadcommissie of diens vervanger; commissievoorzitter: een lid van de eilandsraad als bedoeld in artikel 117, vierde lid, WolBES, of diens vervanger; eilandgriffier: de eilandgriffier of diens vervanger als bedoeld in Hoofdstuk III, Afdeling IX, paragraaf 3, WolBES; eilandsecretaris: de eilandsecretaris of diens vervanger als bedoeld in Hoofdstuk III, Afdeling IX, paragraaf 2, van de WolBES; eilandsraadcommissie of commissie: een door de eilandsraad ingestelde commissie als bedoeld in artikel 117, eerste lid, WolBES; fractie: deel van de eilandsraad waarvan de leden tot dezelfde politieke partij behoren; gebouw van de eilandsraad: het gebouw waar de eilandsraad van het openbaar lichaam vergadert; gedeputeerde: eilandgedeputeerde van het openbaar lichaam Bonaire als bedoeld in artikel 37, Wolbes; gezaghebber: de gezaghebber als bedoeld in Hoofdstuk III, Afdeling IV, WolBES; ingezetene: hij die zijn werkelijke woonplaats in Bonaire heeft overeenkomstig artikel 11, tweede lid, Wolbes; lid of leden: het eilandsraadslid of de eilandsraadsleden op voordracht van een fractie door de eilandsraad benoemd als commissielid of het eilandsraadslid dat hem vervangt; openbaar lichaam of Bonaire: het openbaar lichaam Bonaire genoemd in artikel 2, WolBES; presidium: het presidium van de eilandsraad als bedoeld in artikel 7, Reglement van orde voor de eilandsraad van Bonaire; vergadering: vergadering van een eilandsraadcommissie; WolBES; Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Hoofdstuk2Instelling, taken en samenstelling Artikel2Instelling eilandsraadcommissies 1.De eilandsraad kan vaste en ad hoc eilandsraadcommissies instellen en opheffen. De volgende vaste eilandsraadcommissies worden ingesteld: Ruimte en Ontwikkeling, Samenleving en Zorg, Handhaving en Toezicht, Bedrijfsvoering en Ondersteuning. 2.Het voorzitterschap van een eilandsraadcommissie wordt bekleed door: het eilandsraadslid dat lid is van de commissie, zijn plaatsvervanger wordt door de eilandsraad uit de eilandsraadsleden aangewezen; in geval twee of meer eilandsraadsleden lid zijn van één commissie wordt de keuze voor een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter door de betreffende commissie uit deze leden gedaan. 3.Indien een onderwerp meerdere commissies aangaat, wordt het onderwerp in de afzonderlijke commissies besproken, tenzij de commissievoorzitters in overleg beslissen dat: een gezamenlijke vergadering van de commissies wordt belegd, of de commissie die het onderwerp het meest aangaat, het onderwerp behandelt. 4.Indien een gezamenlijke vergadering van commissies wordt belegd, fungeert de commissievoorzitter van de commissie die het onderwerp het meest aangaat als voorzitter van de gezamenlijke vergadering. Artikel3Taken De vaste eilandsraadcommissie adviseert en overlegt over het voor zijn commissie met toepassing van artikel 2, eerste lid, onderdeel a, b, c of d, aangewezen beleidsterrein. Een eilandsraadcommissie heeft als hoofdtaak het op verzoek van de eilandsraad aan hem uitbrengen van advies over een onderwerp binnen het aan hem met toepassing van artikel2, eerste lid, onderdeel a, b, c, of d, door de eilandsraad toegewezen beleidsterrein. Op voorstel van een of meer leden van het presidium richt de voorzitter van het presidium een schriftelijk verzoek om advies, als bedoeld in het tweede lid, aan de voorzitter van de commissie die is ingesteld voor het beleidsterrein waarbinnen het onderwerp valt. Naast de in het tweede lid genoemde hoofdtaak kan een commissie ongevraagd advies aan de eilandsraad uitbrengen over een onderwerp binnen zijn met toepassing van artikel 2, eerste lid bepaalde beleidsterrein. Een eilandsraadcommissie heeft voorts als taak het voeren van overleg met het bestuurscollege of de gezaghebber: in ieder geval over door het bestuurscollege of de gezaghebber verstrekte inlichtingen, en over het gevoerde bestuur ten aanzien van zijn met toepassing van artikel 2, eerste lid, bepaalde beleidsterrein. Artikel4Samenstelling 1.Een commissie bestaat uit leden en buitengewone leden. De artikelen 11, 12, 13, 14 en 16 WolBES zijn op de leden van overeenkomstige toepassing. 2.Een buitengewoon lid dient Nederlander te zijn en ingezetene van Bonaire, de leeftijd van achttien jaar te hebben bereikt en niet uitgesloten te zijn van het kiesrecht. Artikel 11 WolBES is van overeenkomstige toepassing. 3.Een lid of buitengewoon lid dient zowel om te worden benoemd in een commissie als tijdens zijn zittingsperiode te voldoen aan de Gedragscode eilandsraadsleden. 4.In een commissie hebben ten minste één en maximaal twee eilandsraadsleden per fractie zitting, naar evenredigheid van het aantal zetels in de eilandsraad. 5.Een lid wordt door de eilandsraad op voordracht van een fractie in een commissie benoemd. 6.Een buitengewoon lid wordt door de eilandsraad op voordracht van een fractie in een commissie benoemd. 7.De eilandsraad benoemt op voordracht van een fractie voor iedere commissie ten minste één lid per fractie als vervanger van het lid dat voor de fractie zitting heeft in de commissie. Het plaatsvervangend lid voldoet aan de in het eerste en derde lid genoemde vereisten. Artikel 2, tweede lid, onderdeel b, is van toepassing. 8.Een commissie kan subcommissies instellen en opheffen. 9.De commissie bepaalt de werkwijze van een subcommissie en het door hem te behandelen onderwerp. 10.De vergadering van een subcommissie wordt geleid door een door de commissie aangewezen commissielid. De commissievoorzitter kan in elke vergadering van een subcommissie van zijn commissie aanwezig zijn. 11.Op de werkwijze van een subcommissie is het bepaalde in deze verordening zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Artikel5Commissievoorzitter 1.De commissievoorzitter en zijn vervanger worden door de eilandsraad benoemd. 2.De commissievoorzitter is lid van de eilandsraadcommissie. 3.De commissievoorzitter is belast met: het leiden van de vergadering; het handhaven van de orde; het doen naleven van deze verordening; hetgeen deze verordening hem verder opdraagt. Artikel6Zittingsduur en vacatures 1.De zittingsperiode van de commissieleden, de commissievoorzitter en zijn vervanger, eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de eilandsraad. 2.Commissieleden houden op lid te zijn van een eilandsraadcommissie indien zij niet meer voldoen aan de in artikel 4, tweede en derde lid, neergelegde vereisten. 3.De eilandsraad ontslaat een commissielid op voorstel van de fractie die de voordracht voor de benoeming van het commissielid heeft gedaan. 4.De eilandsraad kan de commissievoorzitter of diens vervanger uit zijn functie ontheffen, hij blijft mits het derde lid niet van toepassing is, lid van de commissie. 5.Een commissielid, de commissievoorzitter of diens vervanger kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de eilandsraad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd. 6.Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat in een commissie, beslist de eilandsraad met inachtneming van artikel 4, zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan. Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de commissievoorzitter van de eilandsraad niet langer vertegenwoordigd is in de eilandsraad, vervalt het lidmaatschap van het commissielid dat op voordracht van die fractie is benoemd, van rechtswege. Artikel7Commissiegriffier en eilandgriffier 1.De griffier stelt aan een eilandsraadcommissie ter ondersteuning van zijn werkzaamheden een griffiemedewerker als commissiesecretaris ter beschikking. Tevens wijst de griffier uit het griffiepersoneel een vervanger aan van de commissiesecretaris. 2.De commissiesecretaris is in iedere vergadering aanwezig. 3.Bij verhindering of afwezigheid van de commissiesecretaris treedt zijn vervanger in zijn plaats. 4.De eilandgriffier kan een verzoek richten aan het bestuurscollege voor het aan een commissie als commissiesecretaris ter beschikking stellen van een ambtenaar van het openbaar lichaam. 5.De eilandgriffier kan in elke vergadering van een commissie aanwezig zijn. Hoofdstuk3Uitnodigen gezaghebber, gedeputeerden, eilandsecretaris Artikel8 De commissievoorzitter kan de gezaghebber, de gedeputeerden en de eilandsecretaris uitnodigen om aanwezig te zijn bij de vergadering en deel te nemen aan de beraadslagingen. Hoofdstuk4Vergaderingen Paragraaf1Tijdstip van vergaderen en voorbereiding Artikel9Vergaderfrequentie 1.In de regel vinden de vergaderingen van een eilandsraadcommissie plaats op een door de commissie bepaalde vaste dag en uur. 2.De vergaderingen van een eilandsraadcommissie vinden in beginsel plaats in het gebouw van de eilandsraad. 3.Een eilandsraadcommissie vergadert voorts indien de commissievoorzitter het nodig oordeelt of indien ten minste twee in de commissie zitting hebbende fracties schriftelijk, met opgaaf van redenen, daarom verzoeken. 4.De commissievoorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag of aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij voert hierover overleg met de eilandgriffier. 5.In de bijzondere gevallen bedoeld in het vierde lid zendt de commissievoorzitter ten minste 24 uur voor de vergadering een schriftelijke oproep aan de commissieleden onder vermelding van de gewijzigde vergaderdag, vergadertijdstip, of vergaderplaats. 6.Artikel 10, tweede en derde lid is van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat de betreffende stukken ten minste 24 uur voor de vergadering tegelijkertijd met de schriftelijke oproep aan de commissieleden worden verzonden Artikel10Schriftelijke oproep 1.De commissievoorzitter zendt ten minste zeven dagen voor een vergadering de leden een schriftelijke oproep, onder vermelding van de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering. 2.De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken met uitzondering van de in artikel 119 eerste en tweede lid, WolBES bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de schriftelijke oproep aan de leden verzonden. 3.Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in artikel 12, wordt deze agenda en de daarop vermelde voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering, aan de leden gezonden. 4.Artikel 9, vierde en vijfde lid, is van toepassing. Artikel11De agenda 1.In spoedeisende gevallen kan de commissievoorzitter na het verzenden van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een vergadering een aanvullende agenda opstellen en aan de commissieleden zenden. 2.Bij aanvang van de vergadering stelt de commissie de agenda vast. Op voorstel van een lid of van de commissievoorzitter kan de commissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. 3.Wanneer de commissie een onderwerp of voorstel onvoldoende voorbereid acht voor de beraadslaging, kan hij besluiten aan het bestuurscollege of de gezaghebber nadere inlichtingen of advies te vragen. De commissie bepaalt vervolgens in welke vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd wordt. 4.Op voorstel van een lid of de commissievoorzitter kan de commissie de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen. Artikel12Ter inzage leggen van stukken 1.Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op de agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep voor een ieder bij de griffie in het gebouw van de eilandsraad ter inzage gelegd. Indien na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de eilandsraad, de commissieleden en zo mogelijk in een openbare kennisgeving. 2.Onverminderd het bepaalde in het eerste lid kunnen stukken ook op elektronische wijze aan een ieder ter beschikking worden gesteld. 3.Indien voor stukken op grond van artikel 119, eerste en tweede lid, van de WolBES geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid onder berusting van de eilandgriffier en verleent de eilandgriffier een commissielid inzage. Artikel13Openbare kennisgeving 1.De commissievergadering wordt tegelijkertijd met de schriftelijke oproep bedoeld in artikel 10, eerste lid, door aankondiging in één of meer dag-, nieuws-, of huis-aan-huisbladen of op de voor afkondigingen in het openbaar lichaam gebruikelijke wijze én door plaatsing op de website van het openbaar lichaam openbaar gemaakt. 2.De openbare kennisgeving vermeldt: de datum, aanvangstijd en plaats, alsmede de voorlopige agenda van de vergadering; de wijze waarop en de plaats waar een ieder de agenda en de daarbij behorende stukken kan inzien; de mogelijkheid tot het uitoefenen van het spreekrecht als bedoeld in artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.