VERORDENING CLIËNTENPARTICIPATIE WET WERK EN BIJSTAND EN WET INVESTEREN IN JONGEREN GEMEENTE TYTSJERKSTERDIEL 2010De Raad van de gemeente Tytsjerksteradiel: overwegende dat: de Wet werk en bijstand (WWB) de gemeenteraad opdracht geeft om bij verordening regels te stellen over de wijze waarop de personen, bedoeld in artikel 7, eerste lid van de WWB, of hun vertegenwoordigers worden betrokken bij de uitvoering van de wet; de Wet investeren in jongeren (WIJ) per 1 oktober 2009 in werking is getreden; de WIJ de gemeenteraad opdracht geeft om bij verordening regels te stellen inzake de betrokkenheid van jongeren of hun vertegenwoordigers bij de uitvoering van de wet; de raad op 30 oktober 2008 de verordening Cliëntenparticipatie Werk en Bijstand 2009 heeft vastgesteld; het college de verordening Cliëntenparticipatie Werk en Bijstand 2009 qua inhoud en naam wenst aan te passen; de verordening vanwege deze aanpassingen opnieuw moet worden vastgesteld; gelezen het voorstel van het College d.d. 3 november 2009; tevens kennis genomen hebbend van het advies van de Cliëntenraad Werk en Bijstand; gelet op het bepaalde in artikel 47 van de Wet werk en bijstand; gelet op het bepaalde in artikel 12, eerste lid, sub d jo. artikel 12, tweede lid van de Wet investeren in jongeren; BESLUIT: Vast te stellen de hierna volgende De ‘Verordening Cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand en Wet investeren in jongeren gemeente Tytsjerksteradiel 2010’. Artikel1.Begripsbepalingen 1.Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand, de Wet investeren in jongeren en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). 2.In deze verordening wordt verstaan onder: WWB: de Wet werk en bijstand. Voor de toepassing van deze verordening wordt daaronder mede verstaan de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ); WIJ: de Wet investeren in jongeren; cliënt: de persoon die een uitkering ontvangt van de gemeente Tytsjerksteradiel op grond van de WWB; de persoon die behoort tot de personenkring als omschreven in artikel 7, eerste lid, onder a, van de WWB; de jongere als bedoeld in artikel 2 van de WIJ; vertegenwoordiger cliënt: wettelijk vertegenwoordiger; de persoon die affiniteit heeft met de doelgroep; de persoon die lid is van een (belangen)organisatie, die raakvlakken heeft met de doelgroep; de cliëntenraad: een uit cliënten en vertegenwoordigers van cliënten bestaand orgaan met taken en bevoegdheden zoals in deze verordening omschreven; het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tytsjerksteradiel; de wethouder: de wethouder die de portefeuille Werk en Bijstand beheert, dan wel diens plaatsvervanger; de voorzitter (s): de door de cliëntenraad uit haar midden gekozen voorzitter(s); de secretaris: de secretaris van de cliëntenraad of diens plaatsvervanger. Artikel2.Instellingsbepaling en zittingsduur 1.Het college stelt de cliëntenraad in en benoemt de leden van de cliëntenraad. 2.De cliëntenraad wordt in de gelegenheid gesteld om voor elke vacature een aanbeveling te doen. 3.De leden nemen zitting voor een periode van zes jaar. Deze periode kan onder de volgende voorwaarden éénmaal worden verlengd met maximaal twee jaar: binnen deze twee jaar moet een vervanger worden gezocht, en zodra deze vervanger is benoemd, eindigt het lidmaatschap. 4.Het lidmaatschap van de leden van de cliëntenraad eindigt: op eigen verzoek door schriftelijke opzegging; wanneer het lid niet meer behoort tot de personen genoemd onder artikel 3, lid 1, sub a, b, c, d en e. Het lid mag daarna nog maximaal 1 jaar deel uitmaken van de cliëntenraad. Artikel3.Samenstelling van de cliëntenraad 1.Tot lid van de cliëntenraad kunnen worden benoemd personen: die een uitkering op grond van de WWB van de gemeente Tytsjerksteradiel ontvangen; die behoren tot de doelgroep als bedoeld in artikel 2 van de WIJ; die een uitkering ontvangen op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW); die behoren tot de doelgroep van de niet-uitkeringsgerechtigden als bedoeld in artikel 6 onder a van de WWB; die affiniteit hebben met de doelgroep of die lid zijn van een (belangen) organisatie die raakvlakken heeft met de doelgroep. 2.De cliëntenraad bestaat uit : minimaal 7 en maximaal 9 personen en wordt samengesteld uit een meerderheid van cliënten en een minderheid van mensen die ofwel affiniteit hebben met de doelgroep of vertegenwoordigers van (belangen)organisaties die raakvlakken hebben met de doelgroep. een door het college aangewezen secretaris. De secretaris is bij alle vergaderingen aanwezig, maar heeft daarin geen stemrecht. De cliëntenraad mag ook een lid uit haar midden aanwijzen als secretaris. In dat geval wijst het college een medewerker aan die zorg draagt voor de administratieve ondersteuning van de cliëntenraad. Artikel4.Taak van de cliëntenraad 1.De cliëntenraad is een adviesorgaan voor het college en heeft tot taak het college op verzoek of ongevraagd advies te geven over de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid op het terrein van de Wet werk en bijstand en de Wet investeren in jongeren in ruime zin. 2.De cliëntenraad brengt schriftelijk adviezen uit. 3.De cliëntenraad is niet bevoegd te adviseren als het gaat om de belangen van een of meer individuele cliënten. Dit geldt ook voor de afhandeling van door cliënten ingediende klachten en bezwaarschriften. 4.Het advies wordt door de cliëntenraad schriftelijk uitgebracht binnen twee weken na de datum waarop over het betreffende onderwerp is vergaderd. Het advies wordt opgesteld door de secretaris en wordt ondertekend door de secretaris en de voorzitter. 5.De cliëntenraad wordt schriftelijk en gemotiveerd in kennis gesteld, wanneer het college afwijkt van haar adviezen. 6.Wanneer het college onderwerpen ter advisering aan de cliëntenraad voorlegt, zorgt het college er voor dat de leden van de cliëntenraad de relevante stukken op tijd ontvangen voorafgaand aan de vergadering. Artikel5.Inspanningsverplichting van de leden 1.De leden zetten zich actief in voor het goed functioneren van de cliëntenraad . 2.De leden wonen alle vergaderingen van de cliëntenraad bij, tenzij er sprake is van overmacht. 3.De leden nemen deel aan werkgroep- of commissievergaderingen voor zover de cliëntenraad daartoe besluit. 4.De leden nemen tweemaal per jaar deel aan een cursus of training wanneer de cliëntenraad daartoe besluit. 5.De leden verrichten hun taak zonder last maar houden wel ruggespraak met hun achterban. Artikel6.De vergaderingen van de cliëntenraad, de voorzitter, quorum 1.De cliëntenraad vergadert tien maal per kalenderjaar of zoveel meer als de voorzitter plus twee leden dat noodzakelijk vinden. Voor zover mogelijk zijn de wethouder en de manager van de afdeling bij het eerste gedeelte van de vergadering aanwezig. Dit om vragen te beantwoorden en mededelingen te doen. De wethouder kan zich laten bijstaan door een of meer medewerkers uit de gemeentelijke organisatie. 2.De vergaderingen van de cliëntenraad vinden in beginsel achter gesloten deuren plaats. 3.De voorzitter roept de vergadering bijeen. Hij stelt in overleg met de secretaris tijd en plaats van de vergadering vast. De voorzitter is ook bevoegd een geplande vergadering af te gelasten wegens gebrek aan agendapunten. 4.De voorzitter stelt de agenda vast. De leden en de wethouder kunnen tot 10 dagen voor de datum van de vergadering agendapunten aanleveren bij de secretaris. 5.De voorzitter is verantwoordelijk voor het efficiënt en doelmatig functioneren van de cliëntenraad en de orde in de vergaderingen van de cliëntenraad. 6.Wanneer een lid is verhinderd de vergadering bij te wonen, dan meldt hij dit zo spoedig mogelijk bij de secretaris. 7.Wanneer bij een vergadering de meerderheid van het aantal leden niet ter zitting aanwezig is, dan gaat de vergadering wel door maar worden er geen besluiten genomen. 8.De secretaris maakt een verslag van de vergadering. De secretaris stuurt een kopie van het verslag aan het college. Artikel7.Inschakeling van derdedeskundigen 1.De cliëntenraad kan zich laten adviseren door derdedeskundigen. De cliëntenraad kan het college verzoeken om eventueel hieraan verbonden kosten te vergoeden. 2.De cliëntenraad kan derdedeskundigen in de vergadering laten verschijnen en hen het woord laten voeren. Artikel8.Geheimhouding, privacy, media 1.Wanneer door het college stukken of informatie in welke vorm dan ook ter beschikking worden gesteld waarvan het college aangeeft dat deze vertrouwelijk zijn, dan zijn de leden gehouden tot geheimhouding. 2.De leden stellen geen informatie aan derden beschikbaar, waarvan hen bekend is, of waarvan mag worden verwacht dat deze vertrouwelijk is. 3.De leden waarborgen de vertrouwelijkheid van de identiteit van cliënten die zich tot hen wenden. Dit geldt ook voor de informatie die deze cliënten hen verstrekken wanneer die cliënten daarom vragen of waarvan de leden redelijkerwijs moeten aannemen dat zij die informatie niet aan derden mogen doorgeven. 4.De leden die in hun hoedanigheid als lid contact willen opnemen met de media doen dit niet eerder nadat daarover is overlegd met de cliëntenraad . Artikel9.Faciliteiten 1.De cliëntenraad kan tweemaal per jaar gebruik maken van de raadszaal om overleg te voeren met de cliënten. De secretaris vraagt tenminste vier weken voor de datum van de voorgenomen vergadering het gebruik van de raadszaal aan. Het is ook mogelijk om gebruik te maken van een externe locatie. 2.De cliëntenraad kan, wanneer nodig, drie maal per jaar een nieuwsbrief voor de cliënten maken. De secretaris zorgt er voor dat de nieuwsbrief aan de cliënten wordt gestuurd. 3.De cliëntenraad kan het college vragen om vergoeding van de redelijke kosten van scholing en vorming. 4.De leden van de cliëntenraad ontvangen de volgende vergoedingen: Een vaste onkostenvergoeding per maand. Presentiegeld voor het bijwonen van de vergaderingen overeenkomstig de geldelijke voorziening ex art. 82 e.v. van de Gemeentewet. Dit tot een maximum van 10 vergaderingen per jaar. Een reiskostenvergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen. De afstand tussen de woonplaats en het gemeentehuis moet dan 4 kilometer of meer zijn. 5.Het presentiegeld wordt jaarlijks geïndexeerd overeenkomstig het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. De vaste onkostenvergoeding wordt met hetzelfde percentage geïndexeerd. Artikel10.De inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt 1 januari 2010 in werking. 2.De Verordening Cliëntenparticipatie Werk en Bijstand 2009, vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 30 oktober 2008, wordt ingetrokken. Artikel11.Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als Verordening Cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand en Wet investeren in jongeren Gemeente Tytsjerksteradiel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.