Registratienummer: 2013-000879/r/I De raad van de gemeente Weststellingwerf; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders; gelet op artikel 229, eerste lid, sub a Gemeentewet; b e s l u i t vast te stellen de “Verordening op de heffing en invordering van marktgelden en staangelden 2014”. Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan danwel mede verstaan onder: Marktgeld: een recht geheven voor het innemen van een standplaats, op en voor de duur van de warenmarkt, met wagens, kramen, tafels, manden en dergelijke voorwerpen tot het verkopen en/of uitstallen van zaken, in verband met het uitoefenen van de markthandel. Staangeld: een recht geheven voor het innemen van een standplaats op de weg of aan het openbaar water of op een andere - al dan niet met enige beperking - voor het publiek toegankelijke en in de open lucht gelegen plaats, in verband met de uitoefening van de ambulante handel. Standplaats: de ruimte, die door een mobiele verkoopinrichting (zoals een voertuig, een kraam, een tafel of enig ander middel) wordt ingenomen om daarmee in de uitoefening van ambulante handel goederen te koop aan te bieden, te verkopen of te verstrekken, diensten aan te bieden of te verlenen. Frontbreedte: de lengte van het aantal ingenomen meters standplaats, gemeten langs de zijde waar het publiek zich pleegt te bevinden. Niet-commerciële instelling: stichting, vereniging of instelling met een sociaal, cultureel of educatief karakter waarvan de activiteiten, blijkend uit de statuten of feitelijke handelingen in het maatschappelijk verkeer, niet zijn gericht op het maken van winst. Artikel2Aard van de heffing en belastbaar feit Een recht wordt geheven voor: het innemen van een standplaats voor het uitstallen, aanbieden of verkopen van goederen onder de benaming: marktgeld, op locaties die zijn aangewezen voor het houden van de (wekelijkse) warenmarkt, de voorjaarsmarkt en de najaarsmarkt; staangeld, voor het innemen van een (vaste) standplaats op voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, anders dan bedoeld onder sub a en met uitzondering van kermisinrichtingen geplaatst op het terrein dat is aangewezen voor het houden van de jaarlijkse kermissen. Artikel3Belastingplicht Belastingplichtig is: de standplaatshouder genoemd in artikel 1, aanhef, sub g van de Marktverordening 2009; de vergunninghouder krachtens artikel 5:18 van de Algemene plaatselijke verordening. Artikel4Tarieven 1.Marktgeld: Voor het innemen van een standplaats op de wekelijkse warenmarkt, de voorjaarsmarkt en de najaarsmarkt wordt per dag (of een gedeelte daarvan) en per ingenomen strekkende meter frontbreedte (of gedeelte daarvan) een recht geheven van € 1,10 met een minimum van € 5,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.