Beleidsregel voor de toepassing van de Wet BIBOBBeleidsregel voor de toepassing van de Wet BIBOB De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van Westervoort, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft; overwegende, dat de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur hen beleidsruimte verschaft bij de besluitvorming omtrent het toepassen van hun uit deze wet voortvloeiende bevoegdheden; gelet op de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, de artikelen 3, 27 en 31 van de van de Drank- en Horecawet, artikel 2.3.1.2 van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Westervoort 2006 (vergunning voor de exploitatie van een horecabedrijf) en artikel 3.2.
- van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Westervoort 2006 (vergunning voor de exploitatie van een seksinrichting en/of escortbedrijf); besluiten vast te stellen de volgende Beleidsregel voor de toepassing van de Wet BIBOB Artikel1Begripsomschrijvingen In deze beleidsregels wordt verstaan onder: aanvraag: de aanvraag om een beschikking; advies: het advies bedoeld in artikel 9 van de wet; beschikkingen en opdrachten: alle besluiten waarop de wet kan worden toegepast; bestuursorgaan: de burgemeester onderscheidenlijk het college van burgemeester en wethouders alsmede degenen aan wie zij een mandaat hebben verleend tot het nemen van beschikkingen of het beslissen over het aangaan van overeenkomsten; betrokkene: de aanvrager van een beschikking, de houder van een vergunning; het onderzoek: de wijze van behandelen van een aanvraag waarbij met toepassing van de wet door het bestuursorgaan wordt beoordeeld of er redenen aanwezig zijn om de aanvraag te weigeren, respectievelijk de beschikking in te trekken, daaraan voorschriften te verbinden dan wel een advies bij het bureau aan te vragen; het bureau: het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, bedoeld in artikel 8 van de wet; wet: de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur; Artikel2Toepassingsbereik van de Wet BIBOB in de gemeente Westervoort 1Het bestuursorgaan kan, met inachtneming van hetgeen in deze beleidsregels daarover is bepaald, de wet in beginsel toepassen bij het zich voordoen van een of meer van de op de bijlage vermelde indicatoren met betrekking tot beschikkingen zoals vermeld in: artikel 3 van de Drank- en Horecawet, indien sprake is van vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf of wijziging van de rechtsvorm van de onderneming; artikel 2.3.1.2 van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Westervoort 2006, indien sprake is van vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf of wijziging van de rechtsvorm van de onderneming; artikel 3.2.1 van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Westervoort 2006, indien sprake is van vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf of wijziging van de rechtsvorm van de onderneming; 2Het bestuursorgaan kan, met inachtneming van hetgeen in deze beleidsregels daarover is bepaald, de wet eveneens toepassen met betrekking tot de intrekking van de in het eerste lid genoemde vergunningen. Artikel3Overige situaties waarin de wet in beginsel wordt toegepast Behalve op de in artikel 2 genoemde besluiten zal het bestuursorgaan de wet in beginsel toepassen: ten aanzien van bijzondere gevallen waarbij aanleiding bestaat voor het vermoeden dat de beschikking mede zou kunnen worden gebruikt om uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen te benutten, of strafbare feiten te plegen; ten aanzien van een of meer in artikel 1 genoemde besluiten die betrekking hebben op delen van de gemeente ten aanzien waarvan een geïntensiveerd beleid wordt gevoerd ter vergroting van de veiligheid, het woon-, leef- en ondernemingsklimaat; in de gevallen waarin de officier van justitie, op basis van artikel 26 van de wet, wijst op de wenselijkheid een advies van het bureau aan te vragen. Artikel4Onderzoek 1Het onderzoek naar het zich voordoen van de weigeringsgronden als bedoeld in artikel 3 van de wet bestaat uit: het beoordelen van de aanvraag tot het verlenen van een beschikking en de daarbij overgelegde gegevens, mede aan de hand van bij het bestuursorgaan bekende feiten en omstandigheden; het verzamelen, bewerken en analyseren van informatie die al dan niet door middel van het in het volgende artikel bedoelde vragenformulier en de daarbij te voegen bijlagen is verstrekt door de aanvrager en gegevens die zijn verkregen uit informatiebronnen die het bestuursorgaan volgens de wet kan raadplegen; 2Indien het in het eerste lid onder b. bedoelde onderzoek onvoldoende uitsluitsel geeft over de mate van gevaar dat de in artikel 3 van de wet bedoelde feiten zich zullen voordoen, wordt een advies als bedoeld in artikel 9 van de wet ingewonnen bij het bureau. Artikel5Informatieverstrekking 1In door of namens het bestuursorgaan bepaalde gevallen moet betrokkene, naast de gebruikelijke aanvraagformulieren, BIBOB-vragenformulieren invullen en bij het bestuursorgaan indienen. Daarbij dienen de documenten te worden gevoegd die in de vragenformulieren zijn vermeld en/of die bij de uitreiking van de formulieren door of namens het bestuursorgaan zijn genoemd. Ten aanzien van de gevallen waarin in beginsel om invulling en indiening van het vragenformulier zal worden verzocht, wordt verwezen naar de bij deze beleidsregel behorende en daarvan deel uitmakende indicatorenlijst. 2De in het eerste lid bedoelde vragenformulieren bevatten in elk geval de in artikel 30, tweede lid van de wet genoemde vragen en daarnaast aanvullende vragen die het bestuursorgaan zo goed mogelijk in staat stellen het onderzoek als bedoeld in artikel 4 te verrichten. De vragenlijsten worden door het bestuursorgaan bij een, op de gebruikelijke wijze, bekend te maken besluit vastgesteld. Vastgesteld op 12 juni 2007,Burgemeester en wethouders van Westervoort,De secretaris, loco, De burgemeester,P.G. Küppers mr. J.J.G.M. GeukersVastgesteld op 12 juni 2007,De burgemeester van Westervoort,mr. J.J.G.M. GeukersBekendmaking op 4 juli 2007 (Westervoort Post).Deze beleidsregel treedt in werking op 4 juli 2007.Indicatorenlijst bij beleidsregel toepassing Wet BIBOB1 Behoort bij de beleidsregel voor de toepassing van de Wet BIBOB (Stb. 2002, 347), vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van Westervoort op 12 juni 2007 en door de burgemeester van Westervoort op 12 juni
- Indicatoren die aanleiding kunnen vormen tot het toepassen van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. Deze lijst is niet limitatief, ook andere gronden kunnen aanleiding vormen tot het instellen van een onderzoek. De bedrijfsstructuurInrichting/organisatie onduidelijke, ondoorzichtige organisatiestructuur niet duidelijk wie uiteindelijk verantwoordelijk is onderneming biedt infrastructuren aan het illegale circuit, als een dekmantel voor allerlei activiteiten zoals illegaal gokken, illegale prostitutie, mensenhandel/smokkel, drugshandel, heling, verduistering, wapenhandel melding van schietpartijen, vechtpartijen, harddrugs, illegale prostitutie, illegale vrouwen, drugsdealers a-typische (oneigenlijke) activiteiten vinden plaats in en rond de inrichting heropening van het pand functiewijziging van pand of inrichting ongebruikelijke plaats om exploitatie te starten onduidelijk ondernemingsplan Persoon aanvrager/exploitant leidinggevende/beheerder is waarschijnlijk niet de officiële leidinggevende (katvanger of stroman) aanvrager is geen officiële leidinggevende/beheerder wijziging in exploitant aanvrager/exploitant is vaak niet aanwezig Overig gedwongen overname van inrichting (bijv. door afpersing of wurgcontract) geen recent uittreksel Kamer van Koophandel De financieringInrichting onduidelijke financiering (nieuwe) inrichting pand huurder is bonafide maar huurt van een persoon met twijfelachtige integriteit zeer hoge waarborgsom vereist extreem hoge/lage huur, ongebruikelijke hoogte huurpenningen aanvrager heeft veel panden in bezit onduidelijke financiering van de panden Persoon aanvrager/exploitant uitkering Sociale Dienst verdachte financiering ongebruikelijke financieringsstructuur, afwijkend van de gangbare wijze van financieren ongebruikelijke financier slechte exploitatie vorige zaak geen bedrijfsplan Overig a-typische (gezien de aard van de transacties ongebruikelijke) betalingswijzen onduidelijke financiering van de exploitatie Omstandigheden in de persoon van de aanvragerPersoon aanvrager/exploitant binnen de gemeente gebruikt de aanvrager het lobbycircuit problemen met identificatie, alleen origineel is rechtsgeldig exploitant/beheerder zelden aanwezig in de inrichting minder voor de hand liggende personen vragen vergunning aan minder voor de hand liggende aanvraag voor deze aanvrager aanvrager heeft geen vakkennis antecedenten in relatie tot openbare orde (heling, drugs, wapens, geweld) aanvrager wordt vergezeld door een lijfwacht, privé-chauffeur of gecontroleerd door een branchevreemde adviseur/jurist aanvrager is bekend uit criminele circuit, eventueel politie-informatie aan de aanvrager is al vaker een vergunning geweigerd Overig formulieren onvolledig ingevuld verdacht woonadres, Leger des Heilsadres, gevangenis, postbus, veel mensen op één adres aanvrager is een buitenlandse rechtspersoon Algemeen geldende en beleidsindicatorenInrichting ligt in: kwetsbare wijk, opeenstapeling van probleem-inrichtingen aanvraag in een vastgesteld aandachtsgebied, geografisch gebied aanvraag in een vastgesteld aandachtsgebied, bepaalde branche Er is sprake van: bedreiging behandelend ambtenaar valsheid in geschrifte bij aanvraag fraude (valse diploma’s, id-papieren, huurcontracten) mishandeling, bedreiging van ambtenaar steekpenningen, omkoping van ambtenaar behandelend ambtenaar voelt zich bedreigd (subjectief) Mogelijk samengestelde indicatoren voor een BIBOB-aanvraag (bijstands)uitkering en geen bankgarantie voor de investering (bijstands)uitkering en geen bedrijfsplan onduidelijke financiering en extreem hoge of lage huur slechte beheersing Nederlandse taal en identificatieprobleem geen bedrijfsplan en a-typische aanvraag