Werktijdenregeling Provincie Zeeland 2015BESLUIT van gedeputeerde staten van 24 maart 2015, kenmerk 15003828, houdende vaststelling van de Werktijdenregeling Provincie Zeeland 2015 en intrekking van de Werktijdenregeling Provincie Zeeland 2014. Gedeputeerde staten van Zeeland, overwegende dat het wenselijk is de Werktijdenregeling provincie Zeeland 2014 in juridisch-technische zin aan te passen; overwegende dat het wenselijk is een nieuwe regeling vast te stellen en de vigerende regeling in te trekken; gelet op artikel 158, eerste lid, onder c, van de Provinciewet; gehoord de ondernemingsraad; besluiten vast te stellen de Werktijdenregeling Provincie Zeeland 2015 Artikel 1 Begripsbepalingen Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: werknemer: de ambtenaar als bedoeld in artikel 1.1, onder b, van de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling Provincies (CAP), alsmede degene met wie gedeputeerde staten een arbeidsovereenkomst hebben afgesloten als bedoeld in artikel 2.3.1 van genoemde arbeidsvoorwaardenregeling; college: het college van gedeputeerde staten; bedrijfstijd: de tijdsperiode waarbinnen per dag de werkzaamheden op het provinciehuis kunnen worden verricht; thuiswerken: de uren waarop de werknemer met toestemming van zijn direct leidinggevende werkzaamheden thuis verricht; formele arbeidsduur: de volgens de aanstelling vastgestelde omvang van het aantal uren gedurende welke de werknemer in een bepaalde periode arbeid moet verrichten; feitelijke arbeidsduur: het aantal uren gedurende welke de werknemer in een bepaalde periode arbeid verricht; werkrooster: het aantal te werken uren per week dat verdeeld is over de werkdagen; leidinggevende: degene die krachtens mandaat bevoegd is tot het nemen van besluiten jegens de werknemer met betrekking tot de werktijden; compensatie-uren: uren die per week meer gewerkt worden dan de formele arbeidsduur; medische eerstelijnszorg: alle zorg die direct toegankelijk is voor de patiënt. Denk aan huisartsen, maatschappelijk werk en spoedeisende hulp in ziekenhuizen; medische tweedelijnszorg: de zorg waarvoor verwijzing nodig is; verlof: het aantal uren basisvakantieverlof vermeerderd met het aanvullend vakantieverlof. Artikel 2 Dienstverlening De bedrijfstijd is gelegen tussen 07.30 uur en 18.00 uur. Voor nader te bepalen functies kan een afwijkende bedrijfstijd worden vastgesteld. Artikel 3 Werktijd per week 1.Voor zover geen toepassing wordt gegeven aan het bepaalde in artikel 4.2, derde lid, van de CAP, werkt de werknemer die in een voltijdsdienstverband werkzaam is formeel 36 uur per week. Bij een deeltijddienstverband geldt een evenredig deel daarvan afhankelijk van het deeltijdpercentage. 2.In afwijking van het bepaalde in het eerste lid kan met toepassing van artikel 4.2, derde lid, van de CAP, de werknemer die in een voltijdsdienstverband is aangesteld, naar aanleiding van een verzoek daartoe, jaarlijks met zijn leidinggevende overeenkomen dat zijn arbeidsduur gedurende een periode van minimaal drie en maximaal twaalf aaneengesloten maanden wordt bepaald op 40 uur per week. Voor de werknemer die in een deeltijddienstverband is aangesteld geldt een evenredig deel daarvan afhankelijk van het deeltijdpercentage. 3.Bij de beoordeling van een verzoek als bedoeld in het vorige lid weegt de leidinggevende het belang van een goede bedrijfsvoering af tegen de individuele wens van de werknemer. Artikel 4 Opbouwen en opnemen van compensatie-uren 1.De werknemer die overeenkomstig het bepaalde in artikel 3, tweede lid, feitelijk meer uren per week werkt dan op grond van zijn aanstelling vereist is, bouwt daarmee compensatie-uren op met dien verstande dat een maximum van 204 uren per jaar geldt. 2.De compensatie-uren van de werknemer worden opgebouwd met het verschil tussen het aantal feitelijk gewerkte uren en het aantal te werken uren volgens zijn aanstelling. 3.Over de wijze van opbouw van compensatie-uren maakt de werknemer vooraf afspraken met zijn leidinggevende. 4.Na een aaneengesloten periode van vier weken van verzuim vindt geen opbouw van compensatie-uren meer plaats. 5.De compensatie-uren moeten voor het einde van elk kalenderjaar worden opgenomen. Per 1 januari van het volgende kalenderjaar wordt een eventueel positief urensaldo tot nul teruggebracht. In bijzondere gevallen kan de leidinggevende toestaan dat van het bepaalde in de voorgaande volzin wordt afgeweken. Artikel 5 Werkrooster 1.De dagen/dagdelen waarop de werknemer zijn werkzaamheden volgens zijn aanstelling verricht worden in overleg met zijn leidinggevende vastgelegd in een werkrooster. 2.Met inachtneming van hetgeen hierover is bepaald in artikel 4.2, tweede en derde lid, van de CAP, kunnen gedeputeerde staten in afwijking van deze regeling voor bepaalde onderdelen van de organisatie of voor bepaalde functies dan wel voor een werknemer, een bijzondere werktijdenregeling respectievelijk een individuele werktijdenregeling vaststelle. Artikel 6 Opbouw en opname van verlof 1.De werknemer heeft aanspraak op verlof overeenkomstig het bepaalde in artikel 5.1, van de CAP. Deelname aan opbouwen en opnemen van compensatie-uren brengt geen wijziging teweeg in de omvang van het verlof. 2.Indien de werknemer verlof wenst op te nemen als bedoeld in artikel 5.3 van de CAP, dient hij vooraf een aanvraag in bij zijn leidinggevende. Bij deze aanvraag wordt uitgegaan van het aantal uren dat de werknemer volgens zijn werkrooster op de desbetreffende dag(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.