Verordening commissie bezwaarschriften personele aangelegenheden UW Samenwerking 2013Het Algemeen Bestuur van UW Samenwerking, overwegende dat het gewenst is om in het kader van UW Samenwerking een commissie voor de behandeling van bezwaarschriften inzake personele aangelegenheden te hebben; gelet op artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 24 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, artikel 96 van de Gemeentewet; gezien het voorstel van het Dagelijks Bestuur van UW Samenwerking dd. 15 mei 2013; B E S L U I T : vast te stellen: de “Verordening commissie bezwaarschriften personele aangelegenheden UW Samenwerking 2013”: Artikel1.Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: Algemeen Bestuur: Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling UW Samenwerking; Commissie: vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften; Dagelijks Bestuur: Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling UW Samenwerking; Verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen; Wet: de Algemene wet bestuursrecht. Artikel2.Inleidende bepaling commissie 1.Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van het Algemeen en Dagelijks Bestuur op het gebied van personele aangelegenheden. 2.De commissie is slechts bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten die betrekking hebben op personele aangelegenheden. Artikel3.Samenstelling van de commissie 1.De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden, welke ieder afzonderlijk een verregaande expertise hebben op het gebied van personele aangelegenheden. De expertise van de voorzitter en afzonderlijke leden draagt bij aan een zo breed en evenwichtig mogelijke vertegenwoordiging van werknemers- en werkgeversbelangen. 2.De voorzitter en de leden worden door het Dagelijks Bestuur benoemd, geschorst en ontslagen. 3.Het Dagelijks Bestuur kan een aantal plaatsvervangende leden benoemen. 4.De commissie regelt de vervanging van de voorzitter. 5.De voorzitter en de leden kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van het Algemeen of Dagelijks Bestuur. 6.De voorzitter en de leden maken openbaar welke andere functies dan het lidmaatschap van de commissie zij vervullen. 7.Openbaarmaking geschiedt door terinzagelegging van een opgave van de in het voorgaande lid bedoelde functies in het KlantContactCentrum van zowel het Stadskantoor IJsselstein als het Stadskantoor Montfoort. 8.Omtrent het tijdens een zitting en de beraadslaging behandelde en omtrent de inhoud van de daarop betrekking hebbende stukken zijn de voorzitter en de leden verplicht tot geheimhouding. Artikel4.Secretaris 1.De secretaris van de commissie is een door het Dagelijks Bestuur aangewezen ambtenaar. 2.Het Dagelijks Bestuur kan een plaatsvervanger van de secretaris aanwijzen. 3.De secretaris is in de uitoefening van zijn functie uitsluitend verantwoording schuldig aan de commissie. Artikel5.Zittingsduur 1.De voorzitter en de leden worden benoemd voor een termijn van vier jaar. Het is mogelijk twee keer herbenoemd te worden. 2.De voorzitter en de leden kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het Dagelijks Bestuur. 3.De aftredende of ontslag nemende voorzitter of leden blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. Artikel6.Hoogte vergoedingen 1.De voorzitter en de leden ontvangen voor het bijwonen van de vergadering een vergoeding per vergadering c.q. dagdeel, gebaseerd op het vergoedingsbedrag voor commissieleden, categorie tussen de 20.001 – 50.000 inwoners, zoals opgenomen in tabel IV behorend bij het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. 2.De vergoeding als bedoeld in het eerste lid wordt voor de voorzitter vermenigvuldigd met de factor 2,5 en voor de leden met de factor 2. 3.De in het eerste en tweede lid bedoelde vergoedingen worden jaarlijks aangepast aan de hand van een door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties te bepalen indexcijfer. 4.De voorzitter en de leden ontvangen tevens een vergoeding voor de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten op basis van de kortste route. Vergoeding vindt plaats op basis van de vergoeding voor dienstreizen zoals vastgelegd in de regeling kostenvergoedingen 2008. 5.De voorzitter en de leden zorgen ervoor hun declaraties binnen één maand na het tijdstip waarop de kosten betrekking hebben worden ingediend bij het Dagelijks Bestuur. Artikel7.Ingediend bezwaarschrift 1.Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend. 2.Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld. 3.Bij het bericht van ontvangst als bedoeld in artikel 6:14 van de wet wordt vermeld dat de commissie over het ingediende bezwaarschrift zal adviseren. Artikel8.Bemiddeling De commissie kan onderzoeken of laten onderzoeken of de zaak in de minne kan worden geschikt alvorens de zaak in behandeling wordt genomen. De secretaris verricht daartoe de nodige handelingen. Artikel9.Uitoefening bevoegdheden De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de wet worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie: artikel 2:1, lid 2 (het verzoeken om een schriftelijke machtiging); artikel 6:6 (het stellen van een termijn voor herstel van verzuim); artikel 6:17 (de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie); artikel 7:3 (het afzien van het horen van belanghebbende); artikel 7:6, vierde lid (het om gewichtige redenen geheim houden wat tijdens het afzonderlijk horen verhandeld is). Artikel10.Vooronderzoek 1.De voorzitter is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. 2.De voorzitter kan uit eigen beweging, of op verlangen van de leden, bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf schriftelijke goedkeuring van het Dagelijks Bestuur nodig. Artikel11.Hoorzitting 1.De voorzitter bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbende(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.