NADERE REGELS BIJ DEVERORDENING OPENBAAR VAARWATERBURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE GRONINGEN; Gezien het voorstel van 3 maart 2010, (RO 10.2195753); HEBBEN BESLOTEN: het aanwijsbesluit ligplaatsen gewijzigd vast te stellen. AANWIJSBESLUIT LIGPLAATSEN Aanwijsbesluit als bedoeld in de artikelen 5, 6, 8, 9, 15, 16, 18 en 19 van de Verordening openbaar vaarwater 2006 van de gemeente Groningen, hierna te noemen de Verordening. Artikel1 Aanwijzing kanaalvakken woonschepen 1.De kanaalvakken als bedoeld in artikel 8, lid 1, van de Verordening zijn: het Reitdiep tussen de Plantsoenbrug en de Herman Colleniusbrug aan beide zijden, met 33 ligplaatsen; de noordzijde van het Reitdiep tussen de Herman Colleniusbrug en de Spoorbrug, met 13 ligplaatsen; de zuidzijde van het Reitdiep tussen de Herman Colleniusbrug en spoorbrug, langs de voormalige laad- en loswal, met 3 ligplaatsen; het Lopende Diep, Spilsluizen, Turfsingel en Schuitendiep tot de Steentilbrug aan beide zijden, uitgezonderd de westzijde tussen het Kattendiep en de Steentilbrug, met 71 ligplaatsen; alsmede 1 ligplaats aan de Reitdiepskade direct ten oosten van de Plantsoenbrug; het Oosterhamrikkanaal aan de zuidzijde tussen de Kapteynbrug en de Zaagmuldersbrug, met 10 ligplaatsen; het Oosterhamrikkanaal aan de zuidzijde tussen Zaagmuldersbrug en het Van Starkenborgkanaal, met 17 ligplaatsen; het Oude Winschoterdiep tussen de Weg der Verenigde Naties en de Griffebrug, aan beide zijden, met 48 ligplaatsen; het Oude Winschoterdiep tussen Griffebrug en Bontebrug, met 2 ligplaatsen; de zuidzijde van het Verbindingskanaal / hoek Winschoterdiep (Trompkade, tussen Trompbrug en Bontebrug), met 3 ligplaatsen; de noordzijde van het Verbindingskanaal, direct ten oosten van de Trompbrug, met 1 ligplaats; in de Ooster(jacht)haven, 1 ligplaats ten behoeve van de jachthavenbeheerder; het Verbindingskanaal aan de zuidzijde tussen de Trompbrug en de Emmabrug en de Zuiderhaven tussen de Emmabrug en de Eelderbrug aan de zuidzijde, met 25 ligplaatsen; de Zuiderhaven aan de zijde van de Praediniussingel met 2 ligplaatsen; het Eendrachtskanaal aan beide zijden, met 16 ligplaatsen; het Hoendiep tussen de Abel Tasmanbrug en de Spoorbrug aan de noordzijde, met 27 plaatsen;, het Hoendiep tussen Abel Tasmanbrug en Spoorbrug aan de zuidzijde, met 3 plaatsen; het Hoendiep ten westen van de Westelijke Ringweg, met 23 plaatsen; het Noord-Willemskanaal oostzijde, tussen de Van Iddekingebrug en de Van Ketwich Verschuurbrug, met 10 ligplaatsen; het Noord-Willemskanaal westzijde, direct ten zuiden van de Van Ketwich Verschuurbrug, met 6 ligplaatsen; het Boterdiep, ten noord-oosten van de Boterdiepsbrug, met 26 ligplaatsen; het Boterdiep, ten zuid-westen van de Boterdiepsbrug, met 19 ligplaatsen; de Woonschepenhaven, met 76 ligplaatsen. 2.Voor de in het vorige lid onder a, e, f, g, h, i, l (de laatste voor wat betreft het noordwest/zuidoost lopende deel van de Energieweg) m en n genoemde kanaalvakken worden op basis van artikel 6 lid 3 van de Verordening slechts vergunningen verleend voor niet-kwetsbare (woon)schepen als bedoeld in artikel 1 onder n van de Verordening. 2.Voor de in het vorige lid onder q. genoemde ligplaatsen in de woonschepenhaven geldt dat het, onder de voorwaarden zoals die zijn opgenomen in de notitie van 28 november 1996, is toegestaan om drijvende terrassen af te meren. Artikel2 Aanwijzing ligplaatsen bedrijfsschepen 1.Voor de navolgende plaatsen in het openbare vaarwater kan krachtens artikel 9, lid 1 van de Verordening, een ontheffing voor een bedrijfsschip worden verleend: één ligplaats in de Noorderhaven ten behoeve van een timmer /reparatieschip één ligplaats in het Verbindingskanaal, tussen de H.N. Werkmanbrug en Herebrug, ten behoeve van een rondvaartbedrijf; één ligplaats in het Schuitendiep, ter hoogte van het Kattendiep (overgangsrecht Pannenkoekschip); één ligplaats in het Oosterhamrikkanaal voor de duur van het project (Cibogaboot); de Zweedsehaven en de Finsehaven als liggebied voor (meerdere) bedrijfsschepen. tien ligplaatsen voor schepen in de Oosterhaven aan de oosterkade ten oosten van de Oosterhavenbrug voor borrelboten van maximaal 12m bij 3m voor de periode van 15 april tot 1 oktober. Artikel3 Aanwijzing ligplaatsen recreatievaartuigen 1.De navolgende gedeelten van het openbaar vaarwater wijzen burgemeester en wethouders krachtens artikel 15, lid 1, van de Verordening aan voor ligplaatsen voor recreatievaartuigen: Zuiderhaven: Sluiskade; Bij de Sluis: Eelderbrug tot Westerhavensluis; Het Hoge der A Gemeentelijke jachthaven in de Oosterhaven; Gemeentelijke steigers in de Niesternhaven (GMC): hoek Eemskanaal/Van Star-kenborghkanaal; Jachthaven Reitdiepshaven Oude Winschoterdiep (Bontebrug - zie bijlage 1): maximaal 5 ligplaatsen Oude Winschoterdiep (Griffeweg zuidzijde aan beide zijdenvan de brug - zie bijlage 1) maximaal 10 ligplaatsen Oude Winschoterdiep (De Linie - zie bijlage 1) maximaal 35 ligplaatsen Oosterhavenbrug (zuidkant onder brug - zie bijlage 1) maximaal 15 ligplaatsen Reitdiep (aan het begin, ter hoogte van Van Goghstraat - maximaal 15 ligplaatsen - zie bijlage
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.