Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden De raad van de gemeenteDeventer; Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 28 april 2015; gelet op de artikelen 95, 96, eerste en tweede lid en 97 en 147 van de Gemeentewet, de artikelen 22, eerste lid, 23, eerste lid, 27a, vijfde lid, van het Rechtspositiebesluit wethouders, en de artikelen 4, 7a, vierde lid, 13, tweede lid, 14, eerste lid, en 15, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden; besluit vast te stellen de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Deventer HoofdstukIAlgemene bepalingen Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: commissie: commissie ingesteld op grond van de artikelen 82, 83 of 84 van de Gemeentewet; commissielid: lid van een commissie, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden; opvolger: een niet-raadslid, op voordracht van een raadsfractie overeenkomstig artikel 35 van het reglement van orde door de raad benoemd, dat namens betreffende fractie als tafeldeelnemer optreedt; Raadstafel: bijeenkomst van de raad met als doel beeldvorming dan wel debat. HoofdstukIIVoorzieningen voor raads- en commissieleden Artikel2Vergoeding voor het bijwonen van commissievergaderingen en raadstafels 1.Aan commissieleden wordt een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van een commissie en haar subcommissies toegekend die gelijk is aan het voor de van toepassing zijnde inwonersklasse vastgestelde bedrag in tabel IV van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden; 2.Aan opvolgers wordt een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van een Raadstafel en van de Auditcommissie toegekend die gelijk is aan het voor de van toepassing zijnde inwonersklasse vastgestelde bedrag in tabel IV van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden; 3.In afwijking van het eerste lid ontvangt geen vergoeding degene die zitting heeft in een commissie uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd; 4.In afwijking van het eerste lid kunnen leden van een commissie gezien hun deskundigheid of de zwaarte van hun taak een afwijkende vergoeding ontvangen, vast te stellen door burgemeester en wethouders. Artikel3Reis- en verblijfkosten 1.Aan raadsleden worden de ten behoeve van de gemeente gemaakte reis- en verblijfkosten in verband met reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur vergoed; 2.Aan commissieleden worden de reis- en verblijfkosten voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie vergoed; 3.De vergoeding als bedoeld in het eerste en tweede lid is: voor wat betreft de verblijfkosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, onderdeel c, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde; voor wat betreft de reiskosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, onderdeel a en b, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde.; 4.De reiskosten worden voor ten hoogste één vergadering per dag vergoed; 5.In afwijking van het tweede lid ontvangt geen vergoeding degene die zitting heeft in een commissie uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd; 6.De reis- en verblijfkosten worden alleen vergoed als deze gedeclareerd worden overeenkomstig de bepalingen in deze verordening. Artikel4Buitenlandse excursie of reis 1.De gemeenteraad kan een delegatie uit de gemeenteraad toestemming verlenen voor een excursie of reis naar het buitenland als deze door of vanwege de gemeente wordt georganiseerd. De gemeenteraad kan aan de toestemming voorwaarden verbinden; 2.De in redelijkheid gemaakte reis- en verblijfkosten komen voor rekening van de gemeente. Artikel5Scholing 1.Raads- of commissieleden die aan scholing als bedoeld in artikel 13, eerste lid van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden willen deelnemen, die niet door of namens de gemeente wordt aangeboden of verzorgd, dienen daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier; 2.De aanvraag bedoeld in het eerste lid gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie; 3.De gemeenteraad kan nadere regels stellen met betrekking tot de maximale vergoeding; 4.Aanvragen die niet overeenkomstig de bepalingen in deze verordening worden ingediend komen niet voor vergoeding in aanmerking. Artikel6Computer en internetverbinding 1.Raadsleden ontvangen een tegemoetkoming voor de aanschaf en het gebruik van de eigen computer, bijbehorende apparatuur en software, waarvan de hoogte € 390,- bruto per jaar bedraagt. .De tegemoetkoming in de abonnementskosten voor een internetverbinding voor de computer bedoelt in dit artikel bedraagt netto € 15,- per maand; 2.Vanaf aantreden ontvangt het raadslid bovenstaande vergoedingen. HoofdstukIIIVoorzieningen voor wethouders Artikel7Zakelijke reiskosten 1.Wethouders hebben recht op een vergoeding voor reis- en verblijfkosten voor reizen gemaakt voor de uitoefening van het ambt overeenkomstig het bepaalde in artikel 4 van de Regeling rechtspositie wethouders 2.De reiskosten als bedoeld in het eerste lid worden alleen vergoed als deze gedeclareerd worden overeenkomstig de bepalingen in deze verordening. Artikel8Buitenlandse dienstreis 1.Als de wethouders in het gemeentelijk belang een reis buiten Nederland maken worden de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke reis- en verblijfkosten vergoed; 2.Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland, niet zijnde een reis naar een Europese instelling, is vooraf toestemming van het college vereist. De gemeenteraad kan aan deze toestemming voorwaarden verbinden. Artikel9Computer en internetverbinding
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.