← Nederland

Financieel besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2010 (Almelo)

Gemeenteblad van Almelo Geldende tekst regelingnummer: 2385 Nr. 20 Collegebesluit van 17 november 2009, houdende vaststelling van het financieel besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning

  1. Financieel besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Almelo 2010 Gemeente Almelo november 2009 Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1.1Begripsbepalingen De begripsbepalingen genoemd in artikel 1.1 van de verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning zijn ook op dit financieel besluit van toepassing. Artikel1.2Uitgangspunt goedkoopst adequate voorziening Tenzij in de verordening of in het financieel besluit anders is bepaald, wordt: a een financiële tegemoetkoming in de kosten of een persoonsgebonden budget gebaseerd op de kosten van de goedkoopst adequate voorziening. Het college kan voordat een voorziening wordt toegekend, de verplichting opleggen dat er maximaal drie offertes moeten worden opgevraagd waarvan één bij een door het college aan te wijzen bedrijf of leverancier. b het bedrag van de financiële tegemoetkoming na overlegging van een factuur betaald en een persoonsgebonden budget vooraf betaald. Artikel1.3Uitbetaling persoonsgebonden budget Indien een persoonsgebonden budget is toegekend, wordt deze in principe overgemaakt op het bankrekeningnummer van de aanvrager. Hoofdstuk 2 De hoogte en de betaling van de bedragen Artikel2.1Individuele voorziening hulp bij het huishouden De hoogte van het bedrag voor de individuele voorziening hulp bij het huishouden, genoemd in artikel 3.2 lid 3 van de verordening is, indien de hulp wordt geleverd door een thuiszorgaanbieder die voldoet aan de kwaliteitseisen zoals gesteld in de beleidsregels, vastgesteld op: a € 18,88 per uur voor overname van de normale huishoudelijke taken; b € 22,06 per uur voor aanvullende huishoudelijke activiteiten en kortdurende aanvullende activiteiten. In overige situaties wordt de hoogte van het bedrag van de hulp bij het huishouden vastgesteld op 80% van de bedragen genoemd in het eerste lid onder a en b. 3 Het bedrag wordt per periode van vier weken vooruit betaald, waarbij de periode gelijk is aan de betalingsperiode van de eigen bijdrage die door het Centraal administratiekantoor wordt geïnd. Artikel2.2Individuele woonvoorziening 1De hoogte van het bedrag van de financiële tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten, genoemd in artikel 4.2 lid 2 van de verordening, is vastgesteld op € 2.500,
  2. 2Het bedrag, genoemd in het vorige lid, wordt betaald nadat de verhuizing heeft plaatsgevonden. 3De omvang van het bedrag van de financiële tegemoetkoming in de kosten van tijdelijke huisvesting, genoemd in artikel 4.2 lid 2 van de verordening, is gelijk aan de werkelijk gemaakte kosten tot een maximum van het huurbedrag waarvoor een huurtoeslag kan worden toegekend. 4Het bedrag, genoemd in het vorige lid, wordt maandelijks vooruit betaald indien en voor zover de tijdelijke huisvesting noodzakelijk is. 5Het maximale bedrag voor het bezoekbaar maken van een woning, genoemd in artikel 4.2 lid 2 van de verordening, is vastgesteld op € 1.500,
  3. 6Het bedrag, genoemd in het vorige lid, wordt betaald na overlegging van de factuur. Artikel2.3Individuele vervoersvoorziening Artikel2.3Individuele vervoersvoorziening 1 De hoogte van het bedrag van de financiële tegemoetkoming in de vervoerskosten, genoemd in artikel 5.2 lid 2 van de verordening, is vastgesteld op € 580,00 per jaar. Dit bedrag is gebaseerd op lokale verplaatsingen met een omvang van 2000 kilometer tegen een vergoeding van € 0,29 per kilometer. 3Het bedrag, genoemd in het vorige lid, wordt gedeeld door vier en per kwartaal vooruit betaald. 4De hoogte van het bedrag van de financiële tegemoetkoming in de 4 vervoerskosten, genoemd in artikel 5.5 lid 2, wordt vastgesteld op € 0,29 per kilometer, waarbij wordt uitgegaan van de daadwerkelijk gereden kilometers. 5De financiële tegemoetkoming in de vervoerskosten, genoemd in het vorige lid, wordt per kwartaal achteraf betaald waarbij de cliënt de gereden kilometers aannemelijk dient te maken. Artikel2.4Overige voorzieningen De hoogte van het bedrag van de financiële tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten, genoemd in artikel 7.3 lid 1 van de verordening, is vastgesteld op € 3.500,
  4. Het bedrag, genoemd in het vorige lid, wordt betaald nadat de verhuizing heeft plaatsgevonden. De omvang van het bedrag van de financiële tegemoetkoming in de kosten van huurderving, genoemd in artikel 7.3 lid 2 van de verordening, is gelijk aan de werkelijk gemaakte kosten tot een maximum van het huurbedrag waarvoor een huurtoeslag kan worden toegekend, waarbij de kosten: in de eerste maand niet worden vergoed voor 100% worden vergoed in de tweede en derde maand voor 75% worden vergoed in de vierde en vijfde maand voor 50% worden vergoed in de zesde maand voor 100% worden vergoed na de zesde maand indien vaststaat dat binnen drie maanden de woning verhuurd kan worden aan een persoon die tot de doelgroep van de wet behoort. Het bedrag, genoemd in het vorige lid, wordt maandelijks vooruit betaald indien en voor zover de woning op verzoek van het college beschikbaar gehouden wordt voor bewoning door een persoon die tot de doelgroep van de wet behoort. Artikel2.5Bonusregeling inname voorziening 1De hoogte van het bedrag van de bonus, genoemd in artikel 8.9 lid 2 van de verordening, is vastgesteld op € 100,
  5. 2Het bedrag wordt betaald nadat de voorziening is ingenomen. Artikel2.6Bonus bruikbare besparende alternatieve voorzieningen 1De hoogte van het bedrag van de bonus, genoemd in artikel 10.2 lid 2 van de verordening, wordt vastgesteld op: 1 a € 100,00 indien de voorziening in een individuele situatie tot een structurele besparing leidt; 1 b € 250,00 indien de voorziening in meer situaties tot een structurele besparing leidt. 1 2 Het bedrag wordt betaald nadat de alternatieve voorziening bruikbaar en besparend is gebleken. Hoofdstuk 3 Bedrag terugbetaling en afzien van terugvordering Artikel3.1Terugbetaling bij verkoop woning De meerwaarde van de woning die door het ontvangen van een woonvoorziening, zoals bedoeld in artikel 4.5 van de verordening is ontstaan, dient gedeeltelijk aan de gemeente te worden terugbetaald. Voor het bepalen van het bedrag van meerwaarde wordt uitgegaan van: a het toegekende bedrag voor de woonvoorziening minus de eigen bijdrage die voor de woonvoorziening is betaald; b een afschrijving van 10% voor elk vol jaar dat de voorziening was gerealiseerd. Artikel3.2Afzien van terugvordering De hoogte van het bedrag waarbij wordt afgezien van terugvordering, zoals bedoeld in artikel 9.4 lid 1 sub a van de verordening, is vastgesteld op € 150,
  6. Hoofdstuk4Slotbepalingen Artikel4.1Indexering Het college kan jaarlijks met ingang van 1 januari de bedragen wijzigen en het financieel besluit aanpassen. Artikel4.2Evaluatie Het financieel besluit wordt jaarlijks geëvalueerd. Als de evaluatie daartoe aanleiding geeft, wordt het financieel besluit aangepast. Artikel4.3Inwerkingtreding Dit financieel besluit treedt in werking met ingang van 1 januari
  7. Artikel4.4Citeertitel Dit financieel besluit wordt aangehaald als: Financieel besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Almelo 2010 Artikel4.5 Intrekking oude financieel besluit Het financieel besluit individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Almelo 2006 wordt ingetrokken. Toelichting op het financieel besluitIn deze toelichting ontbreekt een artikelsgewijze toelichting. De artikelsgewijze toelichting is feitelijk te vinden in de beleidsregels. Door de artikelsgewijze toelichting achterwege te laten, worden dubbelingen in de teksten van het financieel besluit, de verordening en de beleidsregels voorkomen. De leesbaarheid van de teksten is daardoor toegenomen. In het financieel besluit zijn alleen bepalingen opgenomen met betrekking tot het vaststellen van financiële tegemoetkomingen en persoonsgebonden budgetten, de hoogte van de bedragen en de wijze van betaling nadat de beschikking is afgegeven. Andere dan financiële bepalingen zijn opgenomen in de verordening en de beleidsregels.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.