Uitvoeringsregeling Opkomstverplichting vrijwilligersInleiding Behorende bij de artikelen 19:30:1:1 en 19:30:1:2 van het Reglement Arbeidsvoorwaarden Veiligheidsregio Midden/ en West/Brabant Niet genoeg beoefend en getraind zijn voor het brandweervak brengt risico’s met zich mee voor de vrijwilligers, maar ook voor de collega’s. Daarnaast is het rendement beperkt van vrijwilligers die wel komen oefenen, maar een zeer beperkte bijdrage leveren aan de alarmering en uitruk. Bij sommigen is de gezellige sfeer de motivatie om bij het korps te blijven. Het probleem daarbij is dat deze korpsleden de formatie en doorstroming tegenhouden. Wij zijn een professionele organisatie en daarbij hoort een professionele opstelling van onze medewerkers. Ook zien we vanwege de vastgestelde maximale formatie per team regelmatig het probleem ontstaan dat er onvoldoende personeel beschikbaar is voor de uitruk omdat er onvoldoende opkomst is. In de meeste situaties is een gesprek tussen teamleider en ploeglid voldoende om de opkomst te verbeteren. Echter, de realiteit laat ook zien dat er vrijwilligers zijn die selectief omgaan met opkomst bij oefenen en zeker ook bij uitrukken. Deze uitvoeringsregeling geeft een nadere uitwerking van de opkomstverplichting en stelt daarmee eenduidige regels voor alle vrijwillig brandweermensen werkzaam binnen de veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. Artikel1Begripsbepalingen In de uitvoeringsregeling wordt verstaan onder: Vrijwilliger: de ambtenaar, aangesteld als vrijwilliger als bedoeld in Hoofdstuk 19 van het Reglement Arbeidsvoorwaarden Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant (RAVMWB). Opkomstverplichting bij oefenen: het verschijnen op de kazerne, het actief deelnemen aan en volledig doorlopen van de oefening. Opkomstverplichting bij alarmering: het verschijnen op de kazerne binnen de daartoe gestelde opkomsttijden. Artikel2Opkomstverplichting bij oefeningen Lid aDe vrijwilliger dient aan minimaal 60% van de oefeningen in elk kwartaal deel te nemen. Lid bIndien er na een kwartaal onder de norm van 60% wordt deelgenomen zal de teamleider en/of stafofficier een gesprek aangaan met de vrijwilliger. Het doel is om te achterhalen wat de reden is en om de vrijwilliger te motiveren wel aan de verplichting te voldoen. De inhoud van dit gesprek wordt schriftelijk aan de medewerker bevestigd. Lid cIndien binnen een periode van 12 maanden gedurende twee kwartalen zonder plausibele redenen niet wordt voldaan aan de norm van 60% zal de clustercommandant de vrijwilliger op grond van artikel 19:40, onder d, schorsen voor de uitoefening van zijn brandweerfunctie. Dit wordt middels een besluit aan de vrijwilliger kenbaar gemaakt. Lid dDe vrijwilliger wordt op grond van artikel 19:42 RAVMWB eervol ontslag verleend indien hij zonder plausibele redenen gedurende drie kwartalen aaneengesloten of vier losse kwartalen al dan niet aaneengesloten binnen een periode van twee kalenderjaren, niet voldoet aan de opkomstverplichting als bedoeld in dit artikel. Artikel3Opkomstverplichting bij alarmering Lid aDe vrijwilliger geeft gehoor aan minimaal 30% van alle alarmeringen, te meten per kwartaal. Lid bIndien er na een kwartaal niet voldaan wordt aan de opkomstnorm van 30% zal de teamleider en/of stafofficier een gesprek aangaan met de vrijwilliger. Het doel is om te achterhalen wat de reden is en om de vrijwilliger te motiveren wel aan de verplichting te voldoen. De inhoud van dit gesprek wordt schriftelijk aan de medewerker bevestigd. Lid cIndien binnen een periode van 12 maanden, gedurende twee kwartalen zonder plausibele redenen niet wordt voldaan aan de opkomstnorm van 30% zal de clustercommandant met de teamleider en de vrijwilliger een gesprek aangaan. In dit gesprek wordt de vrijwilliger medegedeeld dat indien zijn opkomst onder de norm van 30% blijft, eervol ontslag verleend kan worden. Lid dDe vrijwilliger wordt op grond van artikel 19:42 RAVMWB eervol ontslag verleend indien hij zonder plausibele redenen gedurende drie kwartalen aaneengesloten of vier losse kwartalen al dan niet aaneengesloten, binnen een periode van twee kalenderjaren, niet voldoet aan de opkomstverplichting als bedoeld in dit artikel. Artikel4Hardheidsclausule In die gevallen waarin (de toepassing van) deze regeling voor de medewerker onbedoeld tot een onbillijke of onredelijke situatie leidt, kan het Dagelijks Bestuur van deze regeling afwijken. Artikel5Citeertitel en Inwerkingtreding Deze regeling kan worden aangehaald als " Uitvoeringsregeling opkomstverplichting vrijwilligers Veiligheidsregio Midden- en West- Brabant " en treedt in werking met ingang van 1 januari 2015. Artikelsgewijze toelichting InhoudsopgaveArtikel 2 Opkomstverplichting bij oefeningen Artikel 3 Opkomstverplichting bij alarmering Artikel 2De reguliere oefeningen worden gehouden volgens het vastgesteld oefenrooster. Tussen 19.00 uur en 20.00 uur start de oefenavond en eindigt tussen 21.00 uur en 22.00 uur of duurt zolang dat noodzakelijk is. Daarnaast kunnen oefeningen worden gehouden op andere tijdstippen als dit om organisatorische redenen noodzakelijk is. Afwezigheid moet gemeld worden bij de oefencoördinator of teamleider van elke post. Iedereen moet, verdeeld over het gehele jaar actief deelnemen aan minimaal 60% van de reguliere oefeningen binnen de hoofdpost (buiten de specialistische extra oefeningen zoals chauffeur, pompbediende, bevelvoerder, WVD en oppervlakteredding) Als niet voldaan kan worden aan de norm van 60% opkomst per kwartaal op de eigen post, is het bijwonen van oefeningen conform de Leidraad oefenen in een ander korps binnen de regio mogelijk, dit met toestemming van de clustercommandant/hoofd IB. Ook in die situatie zal de vrijwilliger toch een aanzienlijk aantal oefeningen binnen de eigen post moeten bijwonen. De reden hiervoor is om op deze manier goed te kunnen functioneren binnen het eigen team en behendig te blijven met het eigen kazernematerieel. Taakstellende basisoefeningen (basis hiervoor zijn de functiebladen manschap-bevelvoerder, chauffeurpompbediende) zijn voor manschap: ademlucht
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.