Het betreft een uitwerking van de wettelijke verplichting om nevenfuncties openbaar te maken. De informatie wordt neergelegd in een openbaar register. Het raadslid is verantwoordelijk voor de tijdige aanlevering van de informatie en voor de actualiteit daarvan. Onder een nevenfunctie wordt verstaan een activiteit of activiteiten die naast het raadslidmaatschap worden uitgeoefend. Naast de betaalde werkzaamheden gaat het hier om maatschappelijke functies en dergelijke. Paragraaf 3 InformatieWettelijk kaderInformatieplicht Burgemeester en wethouders en elk van zijn leden zijn verplicht alle inlichtingen te geven die de gemeenteraad nodig heeft voor de uitoefening van zijn taak. Het betreft zowel een actieve als een passieve informatieplicht. Ook als individuele raadsleden informatie vragen zal die informatie aan de gemeenteraad moeten worden verstrekt. De informatie kan alleen worden geweigerd als die in strijd is met het openbaar belang (artikelen 169 Gemeentewet). Het Reglement van Orde voor de gemeenteraad kan bepalingen bevatten die betrekking hebben op informatieverstrekking en de omgang met informatie. Geheimhouding Een ieder die is betrokken bij de uitvoering van de taak van een bestuursorgaan en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding van die gegevens, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot mededeling verplicht of uit zijn taak de noodzaak tot mededeling voortvloeit (artikel 2:5 Algemene wet bestuursrecht). Burgemeester en wethouders kunnen op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, geheimhouding opleggen. Ook de burgemeester heeft die bevoegdheid. De geheimhoudingsplicht moet worden bekrachtigd door de gemeenteraad. Ook de gemeenteraad onderscheidenlijk (de voorzitter van) een commissie kangeheimhouding opleggen (artikelen 25, 55 en 86 Gemeentewet) Het schenden van de geheimhoudingsplicht is een misdrijf (artikel 272 Wetboek van Strafrecht). Artikel 3.1Het raadslid zorgt ervoor dat geheime informatie waarover hij beschikt veilig wordt bewaard. Artikel 3.2Het raadslid maakt niet ten eigen bate of ten bate van derden gebruik van in de uitoefening van het ambt verkregen niet openbare informatie.
.1Het is belangrijk de juiste maatregelen te treffen om te voorkomen dat onbevoegden vertrouwelijke en/of geheime gegevens kunnen bezitten, raadplegen of beschadigen. Daarbij moet in digitale setting worden gedacht aan de beveiliging van de computer, smartphones e.d. met wachtwoorden en het niet onbeheerd achterlaten van USB-sticks met geheime informatie. Er worden diverse termen door elkaar heen gebruikt: niet openbaar / vertrouwelijkheid / geheim. Wij geven de voorkeur aan het hanteren van één begrip; geheim. Dat sluit aan bij de wettelijke term. Paragraaf 4 Omgang met geschenken en uitnodigingen Wettelijk kader Afleggen eed of belofte De eed of belofte die het raadslid op grond van artikel 14 van de Gemeentewet moet afgeleggen heeft onder meer betrekking op het geven, aannemen of beloven van giften, gunsten of geschenken. Zie voor de wetstekst inzake de eed of belofte het wettelijk kader onder 2 voor de bepalingen ter voorkoming van belangenverstrengeling. Artikel 4.1 Een raadslid accepteert geen geschenken, faciliteiten en diensten als zijn onafhankelijke positie hierdoor kan worden beïnvloed. Onverminderd het eerste lid kan het raadslid incidentele geschenken die een geschatte waarde van ten hoogste € 50 vertegenwoordigen behouden. Geschenken die het raadslid uit hoofde van zijn ambt ontvangt en die een geschatte waarde van meer dan € 50 vertegenwoordigen worden, als zij niet worden teruggestuurd, eigendom van de gemeente. De griffier legt een register aan van de geschenken met een geschatte waarde van meer dan € 50. In het register is aangegeven welke bestemming de gemeente hieraan heeft gegeven. Het register is openbaar en via internet beschikbaar. Geschenken worden niet op het huisadres ontvangen. Artikel 4.2 Deelname aan excursies en evenementen voor rekening van anderen dan de gemeente maakt het raadslid binnen één week na deelname openbaar. Daarbij wordt ook openbaar gemaakt wie deze kosten voor zijn rekening heeft genomen. De informatie is via internet beschikbaar. Artikel 4.3Een raadslid meldt de griffier de ondernomen buitenlandse reizen voor rekening van anderen dan de de gemeente binnen één week na terugkeer in Nederland. Hij meldt in ieder geval het doel, de bestemming en de duur van de reis en wat de kosten waren. De informatie is via internet beschikbaar.
.1In de gedragscode is uitgangspunt dat geschenken, faciliteiten en diensten niet worden geaccepteerd als hiermee de onafhankelijke positie van het raadslid kan worden beïnvloed. Dat is in ieder geval aan de orde in onderhandelingssituaties. Is daarvan geen sprake dan kunnen om praktische redenen incidentele kleine geschenken (met een geschatte waarde van € 50 of minder) door het raadslid worden aanvaard, echter nooit op het huisadres. Duurdere geschenken worden niet aanvaard. Zij worden teruggestuurd of eigendom van de gemeente die zorgt voor een goede bestemming van het geschenk. In een openbaar register worden opgenomen welke geschenken van meer dan € 50 de gemeente heeft aanvaard en welke bestemming daaraan is gegeven. Artikelen 4.2 en 4.3Het gaat hier om excursies, evenementen en buitenlandse reizen die betrokkene als raadslid aanvaardt. Excursies, evenementen en buitenlandse reizen in de hoedanigheid van lid van een politieke partij valle hier dus niet onder. Paragraaf 5 Gebruik van voorzieningen van de gemeente Wettelijk kader Procedure van declaratie: Er zijn voor raadsleden voorschriften opgenomen in de Verordening Ambtelijke bijstand en fractieondersteuning. Buitenlandse excursie of reis voor raadsleden: De gemeenteraad kan toestemming verlenen voor een excursie of reis naar het buitenland. De excursie /reis moet zijn georganiseerd door of vanwege de gemeente. De in redelijkheid gemaakte reis- en verblijfkosten komen voor rekening van de gemeente. De gemeenteraad kan aan de toestemming voorwaarden verbinden. Artikel 5.1In principe dienen alle uitgaven ten behoeve van het raads- en fractiewerk te wordt betaald uit vergoedingen voor de raad (de raadsvergoeding, onkostenvergoeding en de vergoeding voortvloeiend uit de Verordening Ambtelijke bijstand en fractie- ondersteuning) en kan er geen beroep worden gedaan op andere budgetten binnen het programma raad en griffie. Het raadslid verantwoordt zich over zijn gebruik van de voorzieningen volgens de in het kader van het eerste lid vastgelegde regels en procedures. Artikel 5.2Een raadslid declareert geen kosten die reeds op andere wijze worden vergoed. Artikel 5.3Gebruik van voorzieningen en eigendommen van de gemeente ten eigen bate of ten bate van derden is niet toegestaan, tenzij hier andere afspraken over gemaakt zijn.
.1 Aan raadsleden worden rechtspositionele voorzieningen, vergoedingen en andere verstrekkingen geboden die een goed functioneren van de volksvertegenwoordigers mogelijk maken. Artikel 5.3 Stelregel is dat privégebruik van gemeentelijke voorzieningen niet is toegestaan. Dit geldt bijvoorbeeld voor het gebruik van gemeentelijke voorzieningen voor partijpolitieke doeleinden (hierbij valt te denken aan het gebruik van de printer). Paragraaf 6 Uitvoering gedragscodeArtikel 6.1 De gemeenteraad bevordert de eenduidige interpretatie van de gedragscode. In geval van leemtes en onduidelijkheden in de gedragscode voorzien zij daarin. Artikel 6.2 AfsprakenTwee keer per raadsperiode wordt het thema integriteit raadsbreed besproken. De burgemeester en de griffier zijn contactpersonen of aanspreekpunten integriteit; Bij vermoeden van integriteitsschending worden de processtappen bepaald door de burgemeester en griffier in hun rol van contactpersoon / aanspreekpunt integriteit.
.1 De gemeenteraad is het hoogste bestuursorgaan en als zodanig verantwoordelijk voor de inhoud van de gedragscode, voor een eenduidige interpretatie daarvan en voor wijziging/aanvulling daarvan bij onduidelijkheden of leemtes. Artikel 6.2 De Gemeentewet verplicht de gemeenteraad om voor zichzelf en voor de bestuurders een gedragscode vast te stellen. Aanvullend op de wettelijke regels die gelden voor raadsleden, bevat de gedragscode een aantal materiële normen waaraan de raadsleden zich committeren. De burgemeester krijgt de wettelijke taak om de bestuurlijke integriteit van zijn gemeente te bevorderen. Hiermee is de verantwoordelijkheid voor de portefeuille ‘integriteit’ duidelijk belegd. De wettelijke bepalingen bieden de ruimte om naar gelang de situatie handelend op te treden, waarbij niet alleen gedacht moet worden aan het optreden bij incidenten. Belangrijk onderdeel is ook de preventie: ervoor te zorgen dat integriteit en integriteitsbewustzijn in de bestuurlijke gremia een plek krijgen en daarbij afspraken te maken over een regelmatige bespreking van het thema integriteit, zowel in de volksvertegenwoordiging als met het bestuur. De burgemeester staat er niet alleen voor. De griffier kan hier in relatie tot de gemeenteraad eveneens een belangrijke rol in spelen.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.