Verordening voor periodiek onderzoek door het college naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door het college gevoerde bestuurDe raad van de gemeente Hoogeveen, Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 maart 2003; gelet op artikel 213a van de Gemeentewet, besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening voor periodiek onderzoek door het college naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door het college gevoerde bestuur. Artikel1.Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: Doelmatigheid: de mate waarin de gewenste prestaties worden gerealiseerd met een zo beperkt mogelijke inzet van middelen. Doeltreffendheid: De mate waarin de beoogde maatschappelijke effecten van het beleid ook daadwerkelijk worden behaald. Artikel2.Onderzoeksopdracht 1.Het college onderzoekt periodiek de doelmatigheid van de uitvoering van het beleid en het beheer van middelen en toetst de doeltreffendheid van het in de programma’s en paragrafen geformuleerde beleid. 2.Het college stelt jaarlijks op basis van een risico-inschatting een onderzoeksplan op, waarin de op doelmatigheid en doeltreffendheid te onderzoeken onderwerpen worden benoemd. Artikel3.Onderzoeksplan 1.Het college zendt ieder jaar uiterlijk voor 1 december een onderzoeksplan naar de raad van de in het erop volgende jaar te verrichten interne onderzoeken naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid. 2.In het onderzoeksplan wordt per intern onderzoek globaal aangegeven: het object van onderzoek de reikwijdte van het onderzoek de onderzoeksmethode doorlooptijd van het onderzoek de wijze van uitvoering vorm en tijdstip van rapportage van de uitkomsten van het onderzoek. 3.In het jaarplan wordt aangegeven welke middelen in de begroting zijn opgenomen voor de uitvoering van de onderzoeken. Artikel4.Voortgang onderzoeken Het college rapporteert in de bedrijfsvoeringparagraaf van de begroting en jaarstukken over de voortgang van de onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid en de besteding van de beschikbare middelen. Artikel5.Rapportage en gevolgtrekking 1.De uitkomsten van een onderzoek worden vastgelegd in een rapportage. Elke rapportage bevat tenminste een analyse van de onderzoeksresultaten en aanbevelingen voor verbeteringen. 2.Op basis van de resultaten van ieder onderzoek stelt het college indien nodig een plan van verbetering op. De rapportage en het plan van verbetering worden ter kennisgeving aan de raad aangeboden. Het college neemt op basis van het plan van verbetering organisatorische maatregelen. Artikel6.Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 mei 2003. Artikel7.Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als: “Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid”. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Hoogeveen, gehouden op 27 maart 2003. De griffier, de voorzitter, J.P. Wind, W.P.M. Urlings Artikelsgewijze toelichting Artikel 2.In artikel 2 wordt het college opgedragen onderzoek te doen naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur. Hierbij wordt een scheiding aangebracht tussen onderzoeken naar de doelmatigheid en onderzoeken naar de doeltreffendheid. De onderzoeken naar de doelmatigheid betreffen onderzoeken naar de uitvoering van het beleid en het beheer van middelen. De uitvoering wordt gedaan door ten eerste de gemeentelijke organisatie, zodat deze onderzoeken zich ten eerste richten op de organisatie-eenheden van de gemeente. Een tweede ingang voor de doelmatigheidsonderzoeken is de procesgang. Hiervoor kan men kijken naar de gemeentelijke taken. Het voordeel hiervan is dat ook de doelmatigheid van de uitvoering van gemeentelijk beleid en het beheer van middelen door derden wordt onderzocht. Hier kan iedere gemeente zelf de gewenste periode aangeven. De onderzoeken naar de doeltreffendheid vinden plaats op basis van het in de programma’s of paragrafen van de begroting geformuleerde beleid. Dit beleid kan gehele begrotingsprogramma’s omvatten of delen daarvan. Ook kan het paragrafen van de begroting en jaarstukken of delen daarvan omvatten. Artikel 3.De beslissing wat te onderzoeken is aan het college. Vanzelfsprekend zal de raad willen weten wat de plannen zijn, en ook gelegenheid willen hebben om deze te bespreken en als hij dat nodig acht invloed uit te oefenen. Hierin voorziet het onderzoeksplan. Het onderzoeksplan moet een volledig beeld geven van de voorgenomen onderzoeken, zij het uiteraard nog globaal. De onderzoeken in het onderzoeksplan worden per onderzoek uitgewerkt. Het onderzoeksplan wordt aangeboden aan de raad, en de raad kan het ter bespreking agenderen, maar het wordt door het college vastgesteld. In de verordening is aangegeven wat in een onderzoeksplan in ieder geval moet worden opgenomen. De onderwerpen genoemd in het tweede lid kunnen als volgt worden toegelicht:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.