← Nederland

Verordening Wmo compenserende maatregelen Schoonhoven 2014 (Schoonhoven)

Hoofdstuk1.Begripsomschrijvingen Artikel

  1. Begripsomschrijvingen 5 Lid
  2. Wet 5 Lid
  3. College 5 Lid
  4. Compenserende maatregelen 5 Lid
  5. Aanmelding 5 Lid
  6. Het gesprek 5 Lid
  7. Aanvraag 5 Lid
  8. Belanghebbende 5 Lid
  9. Psychosociaal probleem 5 Lid
  10. Algemene voorziening 5 Lid
  11. Algemeen gebruikelijke voorziening 6 Lid
  12. Collectieve voorziening 6 Lid
  13. Voorliggende voorziening 6 Lid
  14. Wettelijk voorliggende voorziening 6 Lid
  15. Individuele voorziening 6 Lid
  16. Gebruikelijke zorg 6 Lid
  17. Voorziening in natura 6 Lid
  18. Persoonsgebonden budget 6 Lid
  19. Financiële tegemoetkoming 6 Lid
  20. Mantelzorger 6 Lid
  21. Hoofdverblijf 6 Lid
  22. Eigen bijdrage 6 Lid
  23. Eigen aandeel 7 Hoofdstuk2.Voorwaarden om te komen tot compenserende maatregelen/te bereiken resultaten Artikel
  24. Aanspraak op individuele compenserende maatregelen en/of voorzieningen 7 Artikel
  25. Geen individuele compenserende maatregelen en/of voorzieningen 7 Artikel
  26. Verantwoordelijkheid van het college 8 Artikel 5 Verantwoordelijkheid van belanghebbende 8 Hoofdstuk
  27. De procedure Artikel
  28. De aanvraag 9 Artikel
  29. Beslistermijn 9 Artikel
  30. Advisering 9 Artikel
  31. Wijziging situatie 9 Artikel
  32. Terugvordering 9 Hoofdstuk4.Resultaatgerichte compensatie Artikel
  33. De te bereiken resultaten 10 Hoofdstuk5.Beoordeling van de te bereiken resultaten Paragraaf1.Algemene regels Artikel 12 Het maken van een afweging 11 Paragraaf2.De te bereiken resultaten Artikel
  34. Een schoon en leefbaar huis 11 Artikel
  35. Wonen in een geschikt huis 11 Artikel
  36. Beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften 12 Artikel
  37. Beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding 12 Artikel
  38. Het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren 13 Artikel
  39. Zich verplaatsen in en om de woning 13 Artikel
  40. Zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel 14 Artikel
  41. De mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te 14 Hoofdstuk6.Verstrekking in natura, als persoonsgebonden budget en als financiële tegemoetkoming. Eigen bijdrage en eigen aandeel Paragraaf1.Verstrekking van voorzieningen Artikel
  42. Mogelijke verstrekkingwijzen 15 Paragraaf2.Verstrekking in natura Artikel
  43. Inhoud beschikking 15 Paragraaf3.Verstrekking als persoongebondenbudget Artikel
  44. Overwegende bezwaren 15 Artikel
  45. Inhoud beschikking 15 Paragraaf4.Verstrekking als financiële tegemoetkoming Artikel
  46. Inhoud beschikking 16 Paragraaf5.Eigen bijdrage en eigen aandeel Artikel
  47. Eigen bijdragen en eigen aandeel 16 Hoofdstuk7.Slotbepaliengen Artikel
  48. Hardheidsclausule 17 Artikel
  49. Indexering 17 Artikel
  50. Overgangsbepalingen 17 Artikel 29a. Bevoegdheid vaststellen basistarieven huishoudelijk hulp 17 Artikel
  51. Inwerkingtreding 17 Artikel
  52. Citeertitel 17 Hoofdstuk
  53. Begripsomschrijvingen Artikel
  54. Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: Lid
  55. Wet Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). Lid
  56. College College van burgemeester en wethouders. Lid
  57. Compenserende maatregelen De plicht van het College om aan personen met een beperking, een chronisch psychisch of een psychosociaal probleem maatregelen te treffen of voorzieningen te verstrekken ter compensatie van hun beperkingen op het gebied van zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie teneinde hen in staat te stellen een huishouden te voeren, zich te verplaatsen in en om de woning, zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel en medemensen te ontmoeten en op basis daarvan sociale verbanden aan te gaan. Lid
  58. Aanmelding Aanmelding: de mededeling van een belanghebbende aan het college dat hij beperkingen ondervindt op grond waarvan hij verzoekt een afspraak te maken voor een gesprek. Lid
  59. Het gesprek Het eerste contact na een aanmelding waarin met degene die maatschappelijke ondersteuning zoekt zijn gehele situatie wordt geïnventariseerd ten aanzien van de beperkingen en de gevolgen daarvan, de te bereiken resultaten, de te kiezen oplossingen via eigen mogelijkheden of via mogelijkheden van het netwerk dan wel via algemene, algemeen gebruikelijke, collectieve, (wettelijk) voorliggende en/of individuele voorzieningen. Lid
  60. Aanvraag Aanvraag: het verzoek van een belanghebbende om in aanmerking te komen voor één of meerdere compenserende maatregelen. Lid
  61. Belanghebbende Belanghebbende: een persoon met een beperking, een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem die behoefte heeft aan compensatie ten behoeve van het bevorderen van zijn deelname aan het maatschappelijk verkeer en het zelfstandig functioneren, die voor zichzelf of, met behulp van een machtiging, door een ander een aanmelding of een aanvraag doet of laat doen. Lid
  62. Psychosociaal probleem Psychosociaal probleem: een situatie van verlies van zelfstandigheid en, met name, een gebrek aan mogelijkheden tot deelname aan het maatschappelijk verkeer, veroorzaakt door belemmeringen die iemand ondervindt in zijn relatie met anderen, met zijn sociale omgeving. Lid
  63. Algemene voorziening Algemene voorziening: een voorliggende voorziening die weliswaar niet bestemd is voor, noch te gebruiken is door alle personen met een beperking, een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem, maar die anderzijds door iedereen waarvoor de voorziening wel bedoeld is op eenvoudige wijze te verkrijgen of te gebruiken is, zonder een ingewikkelde aanvraagprocedure. Lid
  64. Algemeen gebruikelijke voorziening Algemeen gebruikelijke voorziening: een voorziening die niet speciaal bedoeld is voor mensen met een beperking, dus ook door anderen gebruikt wordt, leeftijdsgerelateerd is, algemeen verkrijgbaar is en niet – aanzienlijk – duurder is dan vergelijkbare producten. Lid
  65. Collectieve voorziening Collectieve voorziening: een voorziening die individueel wordt verstrekt maar die door meerdere personen tegelijk wordt gebruikt, in casu het collectief vraagafhankelijk vervoer. Lid
  66. Voorliggende voorziening Voorliggende voorziening: een voorziening die normaal in de maatschappij aanwezig en beschikbaar is en bedoeld voor iedereen die daar behoefte aan heeft. Lid
  67. Wettelijk voorliggende voorziening Wettelijk voorliggende voorziening: een voorziening op grond van een wettelijke bepaling anders dan ingevolge de wet, waarmee het resultaat geheel of gedeeltelijk bereikt kan worden. Lid
  68. Individuele voorziening Individuele voorziening: een voorziening die door het college ten behoeve van één persoon met een beperking, een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem wordt verstrekt. Deze stelt hem in staat om een huishouden te voeren; zich te verplaatsen in en om de woning; zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel; medemensen te ontmoeten en op basis daarvan sociale verbanden aan te gaan. Lid
  69. Gebruikelijke zorg Gebruikelijke zorg: de zorg die op het gebied van het voeren van het huishouden voor alle leden van een leefeenheid als algemeen aanvaardbaar wordt beschouwd. Zoals omschreven in het protocol gebruikelijke zorg. Lid
  70. Voorziening in natura Voorziening in natura: een voorziening, in te zetten om het resultaat te bereiken, in de vorm van goederen in (bruik)leen of in eigendom, of als persoonlijke dienstverlening. Lid
  71. Persoonsgebonden budget Persoonsgebonden budget: een geldbedrag om te gebruiken voor het te bereiken resultaat, als alternatief voor een voorziening in natura. Lid
  72. Financiële tegemoetkoming Financiële tegemoetkoming: een geldbedrag, al dan niet forfaitair of gemaximeerd, bedoeld om een voorziening mee aan te schaffen voor het te bereiken resultaat. Lid
  73. Mantelzorger Mantelzorger: een persoon die langdurige zorg biedt die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden. De zorg wordt geleverd aan een hulpbehoevende uit diens directe omgeving. De zorgverlening vloeit rechtstreeks voort uit de sociale relatie en deze overstijgt de gebruikelijke zorg van huisgenoten voor elkaar. Lid
  74. Hoofdverblijf (Woonstede) Hoofdverblijf: de plaats waar een persoon zijn feitelijk verblijf heeft. Lid
  75. Eigen bijdrage Een inkomensafhankelijk bedrag dat de gemeente oplegt. Eigen bijdrage geldt bij een voorziening in natura of PGB die kostendekkend wordt geacht. Het CAK berekent, stelt vast en int vervolgens de eigen bijdrage. Wettelijk mag er geen eigen bijdrage worden geheven op rolstoelen. Lid
  76. Eigen aandeel Een inkomensafhankelijk bedrag dat de gemeente oplegt. Eigen aandeel is van toepassing bij financiële tegemoetkoming die niet kostendekkend is, zoals een forfaitair bedrag of een gemaximeerde vergoeding. Het CAK berekent, stelt vast en int vervolgens het eigen aandeel Hoofdstuk
  77. Voorwaarden om te komen tot compenserende maatregelen/te bereiken resultaten Artikel
  78. Aanspraak op individuele compenserende maatregelen en/of voorzieningen Een belanghebbende komt in aanmerking voor compensatie indien: de belanghebbende zijn hoofdverblijf heeft in de gemeente; er geen voorliggende voorzieningen aanwezig zijn die een adequate oplossing bieden, waaronder mede wordt verstaan huisgenoten die gebruikelijke zorg kunnen verlenen; De noodzaak voor het te bereiken resultaat langdurig is. De te verstrekken voorziening als de goedkoopst-compenserende voorziening aan te merken is. Artikel
  79. Geen individuele compenserende maatregelen en/of voorzieningen Lid 1 Geen individuele compenserende maatregelen en/of voorzieningen vindt plaats indien: er beschikbare (wettelijk) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen voorhanden zijn die voorzien in een adequate compensatie; als belanghebbende kosten heeft gemaakt of verplichtingen is aangegaan voordat de noodzaak van compenserende maatregelen en/of voorzieningen is vastgesteld en toegekend; er aan de zijde van belanghebbende geen sprake is van aantoonbare meerkosten in vergelijking met de situatie voorafgaand aan het optreden van de beperkingen waarvoor compensatie wordt aangevraagd; de kosten, waarop de compensatie betrekking heeft, naar oordeel van het college vermeden hadden kunnen worden; het een vraag betreft die reeds eerder is gecompenseerd en waarvan het college van mening is de getroffen maatregelen nog steeds adequaat zijn; dan wel krachtens de aan deze voorafgaande verordening is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de compenserende maatregel en/of voorziening, nog niet is verstreken. Tenzij de eerder vergoede of verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de aanvrager zijn toe te rekenen; er een kortdurend participatieprobleem, minder dan zes maanden, bij het besluit is vastgesteld; de belanghebbende niet woonachtig is in de gemeente Schoonhoven of zijn/haar hoofdverblijf buiten de gemeente valt; het een aanvraag betreft die naar oordeel van het college voortkomt uit levensloopgerelateerde fase van de aanvrager; wordt vastgesteld dat belanghebbenden niet heeft voldaan aan de verantwoordelijkheden genoemd in artikel 6; op basis van gedragingen en verleden geoordeeld wordt dat de aanvraag een voor de persoon als de aanvrager algemeen gebruikelijk is. Artikel
  80. Verantwoordelijkheid van het college Het college draagt er zorg voor een gedegen onderzoek, naar aanleiding van een aanvraag, dat leidt tot een individuele afstemming van de compensatie. Het college kan bij het onderzoek zoals genoemd in dit artikel gebruik maken van classificatiesystematieken zoals neergelegd in de ICF en/of ICD. Het college houdt rekening met de capaciteit van de aanvrager om uit een oogpunt van de kosten zelf in maatregelen te voorzien, zoals is bepaald in artikel 4 lid 2 van de wet. Hieronder wordt mede verstaan de mogelijkheden van de belanghebbende om de eigen omstandigheden te verbeteren en departicipatie te bevorderen. Het college gaat altijd uit van de eigen kracht, zelfzorg en het zelfoplossend vermogen van belanghebbende en zijn sociale netwerk. Het college draagt er zorg voor dat er overleg gepleegd wordt met belanghebbende en zijn sociale netwerk, waarbij alle beschikbare voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen worden beoordeeld op bruikbaarheid en toepasbaarheid. Het college biedt de randvoorwaarden/ mogelijkheid om voorafgaand aan een aanvraag een gesprek te voeren waarin de ondersteuningsbehoefte van belanghebbende uitgebreid in kaart wordt gebracht. Het college stelt in nadere regels een lijst van voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen vast. Artikel 5 Verantwoordelijkheid van belanghebbende Van belanghebbende wordt verwacht dat deze voorafgaand aan een aanvraag voor individuele compensatie gezocht heeft naar mogelijkheden om zelf te voorzien in een adequate oplossing voor zijn ondersteuningsvraag. Gebruik makend van eigen mogelijkheden, de mogelijkheden van zijn sociale netwerk en beschikbare (wettelijk) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen. Van een belanghebbende wordt verwacht dat deze tijdig anticipeert op ondersteuningsvragen die voortkomen uit levensloopgerelateerde fasen en hier ook binnen zijn eigen mogelijkheden de mogelijkheden van zijn sociale netwerk en beschikbare (wettelijk) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen maatregelen treft. Van belanghebbende wordt verwacht dat deze verantwoordelijk is voor het verbeteren en of optimaliseren van de lichamelijke en geestelijke gezondheid en individuele psycho-sociale omstandigheden. Waar nodig met ondersteuning van zijn sociale netwerk en/ of (professionele) hulpverleners, mantelzorgers of vrijwilligers. Van belanghebbende wordt verwacht dat deze mee werkt aan een onderzoek om een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de woon- en leefsituatie in relatie tot de benodigde en gevraagde compensatie. Van belanghebbende wordt verwacht de gegevens te verschaffen die noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de noodzaak van compensatie. Hoofdstuk
  81. De procedure Artikel
  82. De aanvraag Lid
  83. De aanvraag van een individuele voorziening moet schriftelijk of elektronisch ondertekend plaatsvinden, conform de Algemene wet bestuursrecht. Artikel
  84. Beslistermijn Een besluit wordt binnen een redelijke termijn genomen. Conform de richtlijnen van de Algemene wet bestuursrecht. Deze termijn is vastgesteld op maximaal 8 weken. Indien er afwijkende omstandigheden zijn, zoals het opvragen van een medisch advies of offertes, kan de termijn verlengd worden. Rekening houdend met de richtlijnen conform de Wet Dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen. Artikel
  85. Advisering Voor het bepalen van de mate van compensatie, kan het college de belanghebbende uitnodigen om uitgebreider op de ondersteuningsvraag en sociaal (medische) situatie in te gaan met een of meer daartoe aangewezen interne deskundigen/ adviesorganen Artikel
  86. Wijziging situatie Belanghebbenden aan wie krachtens deze verordening compensatie is geboden, is verplicht zo spoedig mogelijk en schriftelijk aan het college mededeling te doen van feiten en omstandigheden, waarvan redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze van invloed kunnen zijn op het recht op aanwezige compenserende maatregelen en/of voorzieningen. Artikel
  87. Terugvordering Het college kan een besluit, genomen op grond van deze verordening, geheel of gedeeltelijk intrekken indien: Lid
  88. Het recht waarvan de compenserende voorziening is ingetrokken. De reeds uitbetaalde financiële tegemoetkoming of persoonsgebonden budget wordt teruggevorderd van de budgethouder. Onverschuldigde bedragen worden teruggevorderd tot 5 jaren, nadat de beschikking tot intrekking bekend is gemaakt. Lid
  89. Het recht op een in eigendom verstrekte compenserende voorzieningis ingetrokken. De voorziening wordt teruggevorderd indien de voorziening is verleend op basis van onjuist verstrekte gegevens, waarbij is gebleken dat ware de juiste gegevens bekend geweest een andere beslissing zou zijn genomen. Lid
  90. Het recht op een in bruikleen verstrekte compenserende voorziening is ingetrokken. De voorziening wordt teruggehaald indien de voorziening is verleend op basis van onjuist verstrekte gegevens, waarbij is gebleken dat ware de juiste gegevens bekend geweest een andere beslissing zou zijn genomen. Lid 4 Het recht op een compenserende voorziening in natura is ingetrokken. De voorziening wordt teruggehaald/beëindigd indien de voorziening is verleend op basis van onjuist verstrekte gegevens, waarbij is gebleken dat ware de juiste gegevens bekend geweest een andere beslissing zou zijn genomen. Lid 5 Een recht op een compenserende voorziening in natura of persoonsgebondenbudget wordt ingetrokken en teruggevorderd bij verhuizen of overlijden. Met ingang van maand volgend op het overlijden of verhuizen. Lid 6 Een besluit tot verlening van een financiële tegemoetkoming of een persoonsgebonden budget wordt ingetrokken indien blijkt dat de tegemoetkoming of het budget binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van het resultaat conform het besluit. Onverschuldigde bedragen worden teruggevorderd tot 5 jaren, nadat de beschikking tot intrekking bekend is gemaakt. Lid 7 Een recht op een compenserende voorziening in natura is ingetrokken indien er sprake is van onveilig en/of oneigenlijk gebruik/geen gebruik maken van de voorziening. Hoofdstuk
  91. Resultaatgerichte compensatie Artikel
  92. De te bereiken resultaten Compenserende maatregelen en/ of voorzieningen zijn gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie van een belanghebbende. Daartoe treft het college van burgemeester en wethouders compenserende maatregelen en/of voorzieningen op het gebied van maatschappelijke ondersteuning die belanghebbende in staat stellen: een huishouden te voeren; zich te verplaatsen in en om de woning; zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel; medemensen te ontmoeten en op basis daarvan sociale verbanden aan te gaan. De op basis van compenserende maatregelen en/of voorzieningen te bereiken resultaten zijn: een schoon en leefbaar huis; wonen in een geschikt huis; beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften; beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding; het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren; zich verplaatsen in en om de woning; zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel; de mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of religieuze activiteiten. Hoofdstuk
  93. Beoordeling van de te bereiken resultaten Paragraaf1.Algemene regels Artikel
  94. Het maken van een afweging Lid
  95. Bij het beoordelen van de mogelijke compenserende maatregelen, neemt het college het verslag van het gesprek, indien aanwezig. als uitgangspunt. Het college gaat uit van de behoeften en persoonskenmerken van de belanghebbende. Daarbij zal onderzoek gedaan worden naar de noodzaak en mogelijkheid ten aanzien van het te bereiken resultaat binnen de grenzen van deze verordening. Lid
  96. Alle eigen mogelijkheden, vrijwillige diensten en (wettelijke) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen die beschikbaar en bruikbaar zijn, worden, als ze al niet tot een oplossing hebben geleid in het gesprek, of als er geen gesprek heeft plaatsgevonden, eerst beoordeeld. Paragraaf2.De te bereiken resultaten Artikel
  97. Een schoon en leefbaar huis Lid
  98. Het eerste te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit het kunnen wonen in een huis dat schoon is. Dit geldt ten aanzien van de woonkamer, slaapvertrekken, keuken en sanitaire ruimten. Lid
  99. Met het oog op een schoon en leefbaar huis kan een individuele compenserende voorziening getroffen worden voor het lichte en/of het zware huishoudelijke werk. Lid
  100. Indien de belanghebbende een of meer huisgenoten heeft die beschikbaar en in staat zijn werkzaamheden over te nemen wordt dit eerst in het kader van gebruikelijke zorg beoordeeld. Lid
  101. Voor zover de in het vorige lid of 12 lid 2 genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele compenserende voorzieningen verstrekt. Artikel
  102. Wonen in een geschikt huis Lid
  103. Het tweede te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit het normaal gebruik kunnen maken van de woning waar men over beschikt. Dit geldt ten aanzien van de woonkamer, slaapvertrekken, keuken, sanitaire ruimten, berging, tuin of balkon. Lid
  104. Met het oog op het normale gebruik van de woning kan een individuele compenseerde voorziening worden getroffen ten aanzien van de bereikbaarheid, toegankelijkheid en bruikbaarheid van de woning. Lid
  105. Voor zover de belanghebbende kan verhuizen naar een geschikte woning of een gemakkelijker geschikt te maken woning welke verhuizing kan leiden tot het te bereiken resultaat zal deze mogelijkheid eerst beoordeeld worden. Lid
  106. Voor zover de in het vorige lid of 12 lid 2 genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele compenserende voorzieningen verstrekt. Lid
  107. In afwijking van het gestelde in het eerste lid kan een woonvoorziening getroffen worden voor het bezoekbaar maken van één woonruimte indien de belanghebbende zijn hoofdverblijf heeft in een AWBZ-instelling dan wel vergelijkbare situatie. De aanvraag voor het bezoekbaar en/of logeerbaar maken wordt ingediend in de gemeente waar de aan te passen woning staat. Onder bezoekbaar maken wordt uitsluitend verstaan dat de belanghebbende de woonruimte kan bereiken, de woonkamer en een toilet kan gebruiken. Onder logeerbaar wordt uitsluitend verstaan dat de belanghebbende de woonruimte kan bereiken en de woonkamer, een toilet, de natte cel en een slaapruimte kan gebruiken. Artikel
  108. Beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften Lid
  109. Het derde te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit het voorzien zijn van de dagelijks benodigde hoeveelheid voedsel voor maaltijden en andere momenten waarop iets genuttigd wordt, evenals toiletartikelen en schoonmaakartikelen. Ook de noodzakelijke bereiding van maaltijden kan hieronder vallen. Lid
  110. Met het oog op het beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het doen van boodschappen, voor wat betreft levensmiddelen, schoonmaakmiddelen, en toiletartikelen, alsmede het bereiden en aanreiken van maaltijden. Lid
  111. Indien de belanghebbende een of meer huisgenoten heeft die beschikbaar en in staat zijn werkzaamheden over te nemen of voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van aanwezige en bruikbare (wettelijke) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen die in de individuele situatie van de belanghebbende kan leiden tot het te bereiken resultaat, wordt deze mogelijkheid eerst beoordeeld. Lid
  112. Voor zover de in het vorige lid 3 of 12 lid 2 genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele compenserende voorzieningen verstrekt. Artikel
  113. Beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding Lid
  114. Het vierde te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit het aanwezig zijn kleding in gewassen en zonodig gestreken, opgevouwen of opgehangen staat. Lid
  115. Met het oog op het beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het wassen, drogen en strijken en opruimen van de dagelijkse was. Lid
  116. Indien de belanghebbende een of meer huisgenoten heeft die beschikbaar en in staat zijn werkzaamheden over te nemen, of voor zover de belanghebbende gebruik kan maken aanwezige en bruikbare (wettelijke) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen die in de individuele situatie van de belanghebbende kunnen leiden tot het te bereiken resultaat, worden deze mogelijkheden eerst beoordeeld. Lid
  117. Voor zover de in het vorige lid of 12 lid 2 genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele compenserende voorzieningen verstrekt. Artikel
  118. Het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren Lid
  119. Het vijfde te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit de dagelijkse, gebruikelijke zorg voor in het huishouden aanwezige kinderen. Lid
  120. Met het oog op het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren, kan een individuele compenserende voorziening worden getroffen ten aanzien van het – zo mogelijk tijdelijk ter overbrugging van een periode noodzakelijk voor het nemen van meer definitieve maatregelen – vervangen van de ouder die in principe voor de kinderen zorgt. Lid
  121. Voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van aanwezige en bruikbare (wettelijke) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen die in de individuele situatie van de belanghebbende kunnen leiden tot het te bereiken resultaat, worden deze mogelijkheden eerst beoordeeld. Lid
  122. Voor zover de in het vorige lid of 12 lid 2 genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele compenserende voorzieningen verstrekt. Artikel
  123. Zich verplaatsen in en om de woning Lid
  124. Het te bereiken resultaat ten aanzien van het zich verplaatsen in en om de woning bestaat uit het in staat zijn de woonkamer, het slaapvertrek en/of de slaapvertrekken, het toilet en de douche, de berging, de tuin of het balkon kunnen bereiken en er zich zodanig kunnen redden dat normaal functioneren mogelijk is. Lid
  125. Met het oog op het verplaatsen in en om de woning kan een individuele voorziening worden getroffen bestaande uit een rolstoel. Lid
  126. Voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van aanwezige en bruikbare (wettelijke) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen die in de individuele situatie van de belanghebbende kunnen leiden tot het te bereiken resultaat, worden deze mogelijkheden eerst beoordeeld. Lid
  127. Voor zover de in het vorige lid of 12 lid 2 genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele compenserende voorzieningen verstrekt. Artikel
  128. Zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel Lid
  129. Het te bereiken resultaat ten aanzien van het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel bestaat uit het kunnen doen van dagelijkse boodschappen, het kunnen bezoeken van familie, kennissen en het doen van gewenste activiteiten, alles binnen de directe woon- en leefomgeving. Lid
  130. Met het oog op het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel, kan een individuelecompenserende voorziening worden getroffen ten aanzien van het verplaatsen over de korte afstand rond de woning en het verplaatsen over de langere afstand binnen de directe woon en leefomgeving. Lid
  131. Voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van aanwezige en bruikbare (wettelijke) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen die in de individuele situatie van de belanghebbende kunnen leiden tot het te bereiken resultaat, worden deze mogelijkheden eerst beoordeeld. Lid
  132. Voor zover de in het vorige lid of 12 lid 2 genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele compenserende voorzieningen verstrekt. Artikel
  133. De mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of religieuze activiteiten Lid
  134. Het te bereiken resultaat ten aanzien van de mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of religieuze activiteiten bestaat uit het zo mogelijk kunnen afleggen van gewenste bezoeken en het deelnemen aan gewenste activiteiten. Lid
  135. Met het oog op de mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of religieuze activiteiten kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het vervoer naar de gewenste bestemmingen. Lid
  136. Voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van aanwezige en bruikbare (wettelijke) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen die in de individuele situatie van de belanghebbende kunnen leiden tot het te bereiken resultaat, worden deze mogelijkheden eerst beoordeeld. Lid
  137. Voor zover de in het vorige lid genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele compenserende voorzieningen verstrekt. Hoofdstuk
  138. Verstrekking in natura, als persoonsgebonden budget en als financiële tegemoetkoming. Eigen bijdragen en eigen aandeel Paragraaf1.Verstrekking van voorzieningen Artikel
  139. Mogelijke verstrekkingswijzen De te treffen individuele compenserende voorzieningen kunnen als voorziening in natura, als persoonsgebonden budget en als financiële tegemoetkoming worden verstrekt. Paragraaf2.Verstrekking in natura Artikel
  140. Inhoud beschikking Lid
  141. Bij het treffen van een voorziening in natura wordt in de beschikking vastgelegd: Hoe belanghebbende wordt gecompenseerd/ welke resultaten worden bereikt; Welke eigen mogelijkheden en aanwezige en bruikbare (wettelijke) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen voorhanden zijn; welke de te treffen voorziening is; wat de duur is van de verstrekking is; hoe de voorziening in natura verstrekt wordt en of er sprake is van een overeenkomst waarin deze verstrekking is geregeld. Lid
  142. Als er sprake is van een te betalen eigen bijdrage/eigen aandeel wordt dit in de beschikking opgenomen. Paragraaf
  143. Verstrekking als persoonsgebonden budget Artikel
  144. Overwegende bezwaren Het college legt in de beleidsregels compenserende maatregelen Schoonhoven vast in welke situaties sprake is van overwegende bezwaren zodat er geen persoonsgebonden budget verstrekt wordt. Artikel
  145. Inhoud beschikking Lid
  146. Bij het treffen van een voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget wordt in de beschikking vastgelegd: Hoe belanghebbende wordt gecompenseerd/ welke resultaten worden bereikt; Welke eigen mogelijkheden en aanwezige en bruikbare (wettelijke) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen voorhanden zijn; Voor welk te bereiken resultaat (aangevuld, indien nodig met een programma van eisen) het persoonsgebonden budget bij de besteding, voldaan moet worden; Wat de omvang (tegenwaarde van de goedkoopst compenserende voorziening in natura) van het persoonsgebonden budget is en hoe deze omvang tot stand is gekomen. Wat de duur is van de verstrekking waarvoor het persoonsgebonden budget bedoeld is en welke regels gelden ten aanzien van verantwoording van het persoonsgebonden budget. Wie de budgethouder is. Lid
  147. Als er sprake is van een te betalen eigen bijdrage/eigen aandeel wordt dit in de beschikking opgenomen. Paragraaf4.Verstrekking als financiële tegemoetkoming Artikel
  148. Inhoud beschikking Lid
  149. Bij het treffen van een voorziening in de vorm van een financiële tegemoetkoming wordt in de beschikking vastgelegd: Hoe belanghebbende wordt gecompenseerd/ welke resultaten worden bereikt; Welke eigen mogelijkheden en aanwezige en bruikbare (wettelijke) voorliggende, algemeen gebruikelijke en collectieve voorzieningen voorhanden zijn; voor welk te bereiken resultaat de financiële tegemoetkoming bestemd is; wat de duur van de verstrekking is; of er sprake is van een overeenkomst waarin deze verstrekking is geregeld en wat de hoogte van de financiële tegemoetkoming is. Lid
  150. Als er sprake is van een te betalen eigen aandeel wordt dit in de beschikking opgenomen. Paragraaf5.Eigen bijdrage en eigen aandeel Artikel
  151. Eigen bijdragen en eigen aandeel Lid
  152. Bij het verstrekken van een voorziening is een eigen bijdrage of een eigen aandeel verschuldigd ten aanzien van de volgende resultaten: een schoon en leefbaar huis; wonen in een geschikt huis; beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften; beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding; het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren; zich verplaatsen in, om en nabij de woning voor zover het geen rolstoel betreft; zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel; de mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of religieuze activiteiten. Hoofdstuk
  153. Slotbepalingen Artikel
  154. Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende afwijken van de bepalingen van deze verordening indien toepassing van de verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Artikel 27a Bevoegdheid vaststellen basistarieven huishoudelijk hulp De gemeenteraad van de gemeente Schoonhoven mandateert aan het college de bevoegdheid tot het vaststellen van de basistarieven hulp bij het huishouden bij het (eventueel) aanbesteden van de hulp bij het huishouden. Artikel
  155. Indexering Het college kan jaarlijks per 1 januari de in het kader van deze verordening en het op deze verordening berustende gemeentelijk beleid compenserende maatregelen Schoonhoven geldende bedragen verhogen of verlagen aan de hand van de prijsindex voor de gezinsconsumptie. Artikel
  156. Overgangsbepalingen De Verordening Voorzieningen maatschappelijke ondersteuning oktober 2010 wordt bij de inwerkingtreding van de Verordening Wmo compenserende maatregelen ingetrokken; Besluiten die zijn genomen op de grond van de Verordening Voorzieningen maatschappelijke ondersteuning oktober 2010 blijven onverminderd van kracht tot de in het artikel 30 genoemde datum. Artikel
  157. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 april
  158. Artikel
  159. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening Wmo compenserende maatregelen Schoonhoven, maart 2014”. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Schoonhoven op 27 maart 2014 De griffier, de voorzitter, P.A.M. Goedvolk A.F. Bonthuis

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.