bij of krachtens dit reglement bepaalde wordt verstaan onder: Bankreglement: dit reglement Begeleiding: de natuurlijke persoon met wie de kredietbank een overeenkomst tot budgetbegeleiding heeft gesloten; Beleidsregel: een regel waarbij nadere invulling wordt gegeven aan de eisen van de wet en het besluit, niet zijn de een beleidsregels als bedoeld in artikel 1,3 lid 4 van de Algemene wet bestuursrecht: Bemiddelen: a. alle werkzaamheden in de uitoefening van een beroep of bedrijf gericht op het als tussenpersoon tot stand brengen van een overeenkomst inzake een ander financieel product dan een financieel instrument of krediet tussen een cliënt en een aanbieder; b. alle werkzaamheden in de uitoefening van een beroep of bedrijf gericht op het als tussenpersoon tot stand brengen van een overeenkomst inzake krediet tussen een cliënt en een aanbieder of het assisteren bij het beheer en de uitvoering van een dergelijke overeenkomst. Besluit: Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft; Bevoegd Gezag: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Emmen; Budgetbegeleiding: het stimuleren, motiveren en ondersteunen van een natuurlijke persoon teneinde te komen tot een verantwoord financieel beheer en het aanreiken van vaardigheden; Budgetbeheer: het geheel van activiteiten in het kader van het beheren van het inkomen van de rekeninghouder en het overeenkomstig het vastgestelde budgetplan verrichten van betalingen.; Budgethulp: het beheer van de financiële middelen en het begeleiden van een natuurlijke persoon bij het op verantwoorde wijze besteden van zijn financiële middelen; BW: Burgerlijk Wetboek Cliënt: de niet in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf handelende natuurlijke persoon waaraan de kredietbank een financiële dienst verleent of aan wie hij voornemens is een financiële dienst te verlenen; College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Emmen, hierna te noemen: "college"; Consumptief krediet: krediet, niet zijnde hypothecair krediet, starterskrediet of onderhoudskrediet; Financiële dienstverlening: het verlenen van diensten als bedoeld in de Wet, zijnde: a. het aanbieden van krediet, behoudens starterskrediet; b. het aanbieden van budgetbeheerrekeningen; c. het bemiddelen bij het tot stand komen van verzekering; Financieel product: a. krediet; b. budgetbeheerrekening, voor zover dit niet plaatsvindt in het kader van integrale schuldhulpverlening; c. verzekeringen. Hoofd: Afdelingsmanager van de afdeling Maatschappelijke Zaken en Zorg, handelend krachtens delegatie, mandaat of volmacht door het college Krediet: het aan de kredietnemer ter beschikking stellen van een geldsom, waarbij de kredietnemer gehouden is ter zake een of meer betalingen te verrichten; Kredietbank: team Schulddienstverlening van de afdeling Maatschappelijke Zaken en Zorg van de gemeente Emmen, gevestigd te Emmen. Kredietnemer: de niet in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf handelende natuurlijke persoon waarmee de kredietbank een overeenkomst tot kredietverlening sluit; Kredietovereenkomst: de overeenkomst waarbij de kredietgever aan de kredietnemer een geldsom ter beschikking stelt en waarbij de consument gehouden is ter zake één of meer betalingen te verrichten; Preventieve schulddienstverlening: het geheel van activiteiten in het kader van het verlenen van preventieve hulp bij financiële problemen; Rekeninghouder: de natuurlijke persoon die met de kredietbank een overeenkomst tot budgetbeheer heeft gesloten; Representatieve organisatie: de NVVK, vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren, statutair gevestigd te Amsterdam en kantoorhoudende te 3511 GB Utrecht aan de Catharijnesingel 30d; Richtlijn: Richtlijn nr.2008/48/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 23 april 2008 inzake kredietovereenkomsten voor consumenten en tot intrekking van Richtlijn 87/102/EEG; Saneringskrediet: een krediet dat door de kredietbank op basis van de Gedragscode Schuldregeling van de representatieve organisatie wordt verstrekt, teneinde de schulden van de kredietnemer integraal of tegen finale kwijting te voldoen; Schuldenaar: de niet in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf handelende natuurlijke persoon die een aanvraag voor een schuldregeling indient; Schulddienstverlening: het in het kader van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening ondersteunen bij het vinden van een adequate oplossing gericht op de aflossing van schulden indien redelijkerwijs is te voorzien dat een natuurlijke persoon niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden of indien hij in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen, alsmede de nazorg. Schulddienstverlening is een verzamelnaam en omvat een schuldregeling, budgethulp en preventie; Schuldregeling: bij een schuldregeling bemiddelt de kredietbank tussen de schuldenaar en zijn schuldeisers om een minnelijke regeling van de totale schuldenlast te bewerkstelligen; Schuldregelingsovereenkomst: een overeenkomst waarin de rechten, verplichtingen en voorwaarden van de schuldenaar en de kredietbank ter zake van de schuldregeling zijn opgenomen; Sociaal krediet: een krediet dat door de kredietbank, anders dan in de vorm van een saneringskrediet, in overeenstemming met de Wet financiering decentrale overheden aan de kredietnemer ter beschikking wordt gesteld; Toezicht: het toezicht als bedoeld in artikel 4:37 lid 2 van de Wet; Toezichthouder: Het college; Uitvoeringsregeling: Uitvoeringsregeling Wft Wet: Wet op het financieel toezicht (Wft). HOOFDSTUKIIDOEL, TAAKSTELLING, BEHEER EN TOEZICHT Artikel2Doel De kredietbank heeft tot doel: het bevorderen van het op sociaal/maatschappelijk verantwoorde wijze verstrekken van krediet; het uitvoeren van de publieke taak zoals deze voor de kredietbank onder meer is vastgelegd in de Wetfinanciering decentrale overheden en de daarop gebaseerde besluiten; het bevorderen van maatregelen op lokaal niveau ter voorkoming van overkreditering en andere financiële misstanden; het bevorderen van een uniforme werkwijze op het terrein van schuldhulpverlening. Artikel3Taakstelling De kredietbank tracht haar doel onder meer te verwezenlijken door: het op sociaal/maatschappelijk verantwoorde wijze verstrekken van kredieten; het aanhouden van budgetbeheerrekeningen; het verzorgen van budgetbegeleiding; het verrichten van schuldregelende werkzaamheden ten behoeve van natuurlijke personen in een (problematische) schuldsituatie; het opstellen van gemeentelijke verklaringen als bedoeld in artikel 285 lid 1 sub f Faillissementswet; het bieden van faciliteiten voor de uitvoering van de bewindvoering als bedoeld in Titel III artikel 284 van de Faillissementswet; het bieden van faciliteiten voor de uitvoering van de bewindvoering als bedoeld in titel 19 van Boek I van het Burgerlijk Wetboek (420 EV, beschermingsbewind); het verrichten van overige diensten welke een bijdrage kunnen leveren aan het realiseren van het doel van de kredietbank als bedoeld in artikel 2 van dit reglement. het aanbieden van preventieve en nazorgactiviteiten. Artikel4Beheer De kredietbank wordt beheerd door het college. De feitelijke leiding van de kredietbank berust bij het hoofd. Het college kan de uitvoering van de in artikel 3 genoemde taken aan het hoofd delegeren, mandateren of hem daartoe volmacht verlenen. Indien het college gebruik maakt van zijn in het voorgaande lid bedoelde bevoegdheid, wordt dit vastgelegd in een besluit. Artikel5Toezicht en verantwoording Het college ziet overeenkomstig artikel 4: 37 lid 2 van de Wet toe op de naleving van dit Bankreglement door de kredietbank. Het hoofd legt jaarlijks schriftelijk verantwoording af aan het college inzake de bepalingen uit de wet met betrekking tot betrouwbaarheid, deskundigheid, toezicht en integere bedrijfsvoering en informatieverstrekking. HOOFDSTUKIIIFINANCIËLE DIENSTVERLENING Artikel6Toepassingsbereik De artikelen 7 tot en met 15 zijn alleen van toepassing op financiële diensten en financiële producten waarop de Wet van toepassing is. Artikel7Betrouwbaarheid De kredietbank draagt er zorg voor dat de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen buiten twijfel staat. De kredietbank draagt er zorg voor dat de betrouwbaarheid van de werknemers en andere personen die zich onder verantwoordelijkheid van de kredietbank rechtstreeks met financiële dienstverlening bezighouden, buiten twijfel staat. De kredietbank bepaalt de betrouwbaarheid van de in het eerste en tweede lid van dit artikel bedoelde personen op basis van door het college nader te bepalen normen. De artikelen 12 tot en met 16 van het besluit zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel8Deskundigheid De kredietbank draagt er zorg voor dat de personen van de kredietbank die het dagelijkse beleid bepalen deskundig zijn in verband met de bedrijfsvoering van de kredietbank. De kredietbank draagt zorg voor de deskundigheid van zijn werknemers en van andere natuurlijke personen die zich onder zijn verantwoordelijkheid rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening aan cliënten. De kredietbank beschikt in ieder geval over een zodanig aantal feitelijk leidinggevenden met voldoende vakbekwaamheid, dat de kwaliteit van de dienstverlening aan de cliënten kan worden gewaarborgd. De deskundigheid van de personen als bedoeld in het eerste lid van dit artikel wordt vastgesteld op basis van door het college nader te bepalen normen. Op de deskundigheid van de personen als bedoeld in het tweede lid van dit artikel is artikel 5 van het besluit van toepassing. Artikel9Integere bedrijfsvoering en toezicht De kredietbank voert een adequaat beleid dat een integere uitoefening van zijn bedrijf waarborgt. De kredietbank voorkomt dat de kredietbank of haar medewerkers strafbare feiten of andere wetsovertredingen begaan die het vertrouwen in de kredietbank of in de financiële markten kunnen schaden. De kredietbank is niet met personen verbonden in een formele of feitelijke zeggenschapsstructuur die in zodanige mate ondoorzichtig is dat deze een belemmering vormt of kan vormen voor het adequaat uitoefenen van toezicht op de kredietbank. De kredietbank richt de bedrijfsvoering zodanig in dat deze een beheerste en integere uitoefening van haar bedrijf waarborgt. De kredietbank stelt de beheerste en integere bedrijfsvoering vast op basis van door het college nader te bepalen normen. Artikel10Zorgvuldige dienstverlening De kredietbank draagt er zorg voor dat de door of namens haar verstrekte of beschikbaar gestelde informatie ter zake van een financieel product of financiële dienst, waaronder reclame-uitingen, geen afbreuk doen aan de bij of krachtens de Wet aan de cliënt te verstrekken informatie of beschikbaar te stellen informatie. De door de kredietbank verstrekte informatie is feitelijk juist, voor de cliënt begrijpelijk en niet misleidend. De kredietbank verstrekt de cliënt voorafgaand aan het adviseren of de totstandkoming van de overeenkomst inzake een financieel product informatie voor zover dit redelijkerwijs relevant is voor een adequate beoordeling van dat product. De kredietbank verstrekt de cliënt gedurende de looptijd van een overeenkomst inzake een financieel product of een financiële dienst tijdig informatie over wezenlijke wijzigingen in de informatie bedoeld in het derde lid van dit artikel, voor zover deze informatie redelijkerwijs relevant is voor de cliënt dan wel informatie over bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen onderwerpen. De artikelen 32, 33, 49, 53, 54, 57, 68 en 111 tot en met 115a van het besluit alsmede door het college nader te bepalen beleidsregels zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel11Adviseren en execution only Indien de kredietbank een cliënt adviseert: wint de kredietbank in het belang van de cliënt informatie in over zijn financiële positie, kennis, ervaring, doelstellingen en risicobereidheid, voor zover dit redelijkerwijs relevant is voor het advies; draagt de kredietbank er zorg voor dat zijn advies, voor zover redelijkerwijs mogelijk, rekening houdt met de onder a bedoelde informatie; licht de kredietbank de overwegingen toe die ten grondslag liggen aan het advies, voor zover dit nodig is voor een goed begrip van het advies. Indien de kredietbank bij het verlenen van een financiële dienst aan een cliënt niet adviseert (execution only), maakt de kredietbank dat bij de aanvang van de dienstverlening aan de cliënt kenbaar. De kredietbank legt het klantprofiel zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel vast op basis van een door het college nader te bepalen model. Artikel12Zorgvuldige behandeling van de cliënt De kredietbank houdt zich aan de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen nadere regels ten aanzien van de bij de behandeling van de cliënt in acht te nemen zorgvuldigheid. Artikel 81 van het besluit alsmede door het college nader te bepalen beleidsregels zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel13Uitbesteding werkzaamheden Bij uitbesteding van werkzaamheden aan een derde draagt de kredietbank er zorg voor dat deze derde de ingevolge de Wet met betrekking tot die werkzaamheden op de kredietbank van toepassing zijnde regels naleeft. Artikel 37 van het besluit alsmede door het college nader te bepalen beleidsregels zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel14Verkoop op afstand De artikelen 4:20, 4:28, 4:29 en 4:30 van de Wet zijn van toepassing op het sluiten van overeenkomsten op afstand. De artikelen 77 tot en met 80 van het besluit alsmede door het college nader te bepalen beleidsregels zijn van overeenkomstige toepassing. HOOFDSTUKIVKREDIETVERLENING Paragraaf1Inleidende bepalingen Artikel15Kredietverlening De kredietbank kan kredieten verstrekken aan inwoners van de eigen gemeente, aan inwoners van een gemeente waarmee een overeenkomst is gesloten (aan inwoners van gemeenten die deel uitmaken van de gemeenschappelijke regeling) of aan inwoners van gemeenten waar geen voorziening op het terrein van sociale kredietverlening aanwezig is. Het college kan (ter zake) de bevoegdheid tot het verlenen van kredieten aan het hoofd delegeren, mandateren of ter uitvoering daarvan volmacht verlenen en wel tot een nader door het college te stellen bedrag. De kredietverlening vindt plaats met in achtneming van de Gedragscode Sociale Kredietverlening van de representatieve organisatie. Artikel16Kredietregistratie De kredietbank neemt deel aan een stelsel van kredietregistratie door aansluiting bij Bureau Krediet Registratie te Tiel en/of diens rechtsopvolger. Artikel17Formulier standaardinformatie inzake consumptief krediet De Kredietbank dient voorafgaand aan de totstandkoming van een kredietovereenkomst aan de cliënt informatie te verstrekken met het oog op een adequate beoordeling van het krediet. De informatie als bedoeld in lid 1 wordt schriftelijk of op een andere duurzame drager aan de cliënt verstrekt. In het geval dat de cliënt heeft verzocht de kredietovereenkomst tot stand te laten komen met gebruikmaking van een techniek voor communicatie op afstand waardoor de in lid 1 bedoelde informatie niet schriftelijk of op een duurzame drager kan worden verstrekt voorafgaand aan de totstandkoming van de kredietovereenkomst, verstrekt de kredietbank de informatie aan de cliënt onmiddellijk na de totstandkoming van de kredietovereenkomst. Artikel 112 van het besluit alsmede door het college nader te bepalen beleidsregels zijn van overeenkomstige toepassing. Paragraaf2Kredietaanvraag en afwijzing Artikel18Aanvraag Een krediet kan bij de kredietbank, dan wel via daartoe aangewezen derden, worden aangevraagd. De aanvraag tot kredietverlening vindt plaats op een daartoe door de kredietbank op verzoek van de cliënt ter beschikking te stellen aanvraagformulier. De kredietbank gebruikt het model aanvraagformulier van de representatieve organisatie. Artikel19Beoordeling De kredietbank legt de criteria vast die de kredietbank ten grondslag legt aan de beoordeling van de kredietaanvraag. De artikelen 113 lid 1 en 114 van het besluit zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel20Afwijzing aanvraag Indien de kredietbank besluit de kredietaanvraag af te wijzen, doet de kredietbank hiervan schriftelijk mededeling aan de aanvrager van een krediet onder opgaaf van redenen. In de schriftelijke mededeling wordt tevens vermeld op welke wijze een verzoek tot herziening van de afwijzing van de kredietaanvraag kan worden ingediend. Paragraaf3Kredietovereenkomst Artikel21Algemeen De kredietovereenkomst wordt op papier of op een andere duurzame drager aangegaan. De kredietbank verstrekt de cliënt een exemplaar van de kredietovereenkomst en behoudt zelf ook een exemplaar. Voorafgaand aan de totstandkoming van een kredietovereenkomst wint de kredietbank, in het belang van de kredietnemer, informatie in over financiële positie en beoordeelt de kredietbank, ter voorkoming van overkreditering van de kredietnemer, of het aangaan van de overeenkomst verantwoord is. De kredietbank gaat geen kredietovereenkomst aan met een kredietnemer indien dit, met het oog op het voorkomen van overkreditering van de kredietnemer, onverantwoord is. De artikelen 113 lid 1, 114 en 115 lid 1 van het besluit zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel22Inhoud van de overeenkomst Van elke kredietovereenkomst dient op papier of een andere duurzame drager te zijn vastgelegd en dient in ieder geval op duidelijke en beknopte wijze te vermelden: het soort krediet; de identiteit en geografische adressen van de overeenkomst sluitende partijen en in voorkomend geval de identiteit en het geografische adres van de betrokken bemiddelaar; de duur van de kredietovereenkomst; het totale kredietbedrag en de voorwaarden voor kredietopneming; de debetrentevoet, de voorwaarden die de toepassing van deze rentevoet regelen en voor zover beschikbaar, indices of referentierentevoeten die betrekking hebben op de aanvankelijke debetrentevoet, alsmede de termijnen, voorwaarden en procedures voor wijzigingen ervan; indien naar gelang van de verschillende omstandigheden verschillende debetrentevoeten worden toegepast, de in onderdeel e genoemde informatie met betrekking tot alle toepasselijke rentevoeten; het jaarlijks kostenpercentage en het totale door de cliënt te betalen bedrag, berekend bij het sluiten van de kredietovereenkomst, almede bij de berekening van dit percentage gebruikte hypothesen; het bedrag, het aantal en de frequentie van de door de cliënt te verrichten betalingen, en, in voorkomend geval, de volgorde waarin de betalingen aan de verschillende openstaande saldi tegen verschillende debetrentevoeten worden toegerekend met het oog op aflossing; in geval van aflossing van het krediet van een kredietovereenkomst met vaste looptijd, het recht van de cliënt om gratis en op verzoek op enig ogenblik tijdens de looptijd van de kredietovereenkomst een overzicht van de rekening in de vorm van een aflossingstabel te ontvangen; indien kosten en interesten worden betaald zonder aflossing van het krediet, een overzicht van de termijnen en voorwaarden voor de betaling van de rente en periodiek en niet-periodieke bijkomende kosten; de eventuele kosten voor het aanhouden van één of meer rekeningen voor de boeking van zowel betalingen als kredietopnemingen, tenzij het penen van een rekening facultatief is, tezamen met de kosten voor het gebruik van een betaalmiddel voor zowel betalingen als kredietopnemingen, andere uit de kredietovereenkomst voortvloeiende kosten, alsmede de voorwaarden waaronder de kosten worden gewijzigd; de op het tijdstip van het sluiten van de kredietovereenkomst geldende rentevoet ingeval van betalingsachterstand daarvan alsmede de wijzingsmodaliteiten en, in voorkomend geval, kosten van niet- nakoming; een waarschuwing betreffende gevolgen van wanbetaling; het al dan niet bestaan van het recht van ontbinding van de kredietovereenkomst en de termijn voor de uitoefening daarvan, alsmede andere uitoefeningsvoorwaarden, zoals informatie over de verplichting voor de cliënt om het krediet aan de kredietbank terug te betalen binnen 30 kalenderdagen vermeerderd met het over het krediet verschuldigde kredietvergoeding tot het moment dat het krediet wordt terugbetaald; informatie omtrent het recht uit 4:28 van de Wet en 46e en 50e van Boek 7 van het BW; het recht op vervroegde aflossing, die hiervoor te volgen procedure alsmede, in voorkomend geval, informatie over het recht van de kredietbank op een vergoeding en de wijze waarop deze vergoeding wordt vastgelegd; de procedure voor de uitoefening van het recht van beëindiging van de kredietovereenkomst; voor de cliënt openstaande buitengerechtelijke klachten- en beroepsprocedures en, indien dit het geval is, hoe de cliënt die procedure kan inleiden; in voorkomend geval, de overige contractvoorwaarden en; in voorkomend geval, naam en adres van het College. Indien niet voldaan wordt aan het bepaalde in het eerste lid van dit artikel, is de overeenkomst vernietigbaar. Alleen de kredietnemer kan een beroep op de vernietigbaarheid doen. Artikel23Ter beschikkingstelling van het krediet Na het sluiten van de kredietovereenkomst wordt: bij een persoonlijke lening, niet zijnde een saneringskrediet, de kredietsom die bij de kredietovereenkomst is bepaald, door de kredietbank in zijn geheel aan de kredietnemer beschikbaar gesteld; bij een persoonlijke lening, zijnde een saneringskrediet, de kredietsom die bij de kredietovereenkomst is bepaald, door de kredietbank in zijn geheel aan de bij de kredietbank bekende schuldeisers uitgekeerd en wel na daartoe verkregen akkoord van alle bekende schuldeisers; bij een doorlopend krediet, de kredietnemer in de gelegenheid gesteld geldsommen bij de kredietbank op te nemen, voor zover het saldo van deze bedragen de kredietlimiet niet overschrijdt; Indien de ter beschikkingstelling als bedoeld in lid 1 sub a of b van dit artikel op onjuiste wijze plaatsvindt en dit geheel of in overwegende mate te wijten is aan onregelmatigheden aan de kant van de kredietnemer, is dit geheel voor rekening en risico van de kredietnemer. Indien de opname als bedoeld in lid 1 sub c van dit artikel op onjuiste wijze plaatsvindt en dit geheel of in overwegende mate te wijten is aan onregelmatigheden aan de kant van de kredietnemer, is dit geheel voor rekening en risico van de kredietnemer. Ten aanzien van de ter beschikkingstelling van het krediet kan de kredietbank aanvullende voorwaarden stellen. Artikel24Algemene voorwaarden
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.