Verordening lijkbezorgingsrechten 2016De raad van de gemeente Zutphen, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 10 november 2015 met nummer 71216; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; b e s l u i t : vast te stellen: de Verordening lijkbezorgingsrechten 2016 Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: begraafplaats(en): de gemeentelijke gedenkpark(en) Gedenkpark De Ooster, voorheen Oosterbegraafplaats Zutphen, gelegen aan de Voorsteralle; Gedenkpark Warnsveld, voorheen Begraafplaats Warnsveld, gelegen aan de Vordenseweg; Gedenkpark De Oude begraafplaats, voorheen Oude begraafplaats Zutphen, gelegen aan de Warnsveldseweg; aanvrager: de persoon of rechtspersoon die- al dan niet door tussenkomst van een uitvaartondernemer- opdracht geeft voor een begrafenis, bijzetting, herdenkingsplechtigheid of asverstrooiing en hiervoor de betalingsplichtige is. Tevens de persoon of rechtspersoon die de uitgifte van een graf, urnenplaats of gedenkplaats verzoekt en hiervoor betalingsplichtige is; particulier graf: een graf, waarvoor aan een natuurlijk persoon of een rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van lijken; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het daarin doen verstrooien van as van overledenen; algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; particuliere grafkelder: een betonnen of gemetselde constructie in een graf waarin een of meerdere lijken worden begraven of asbussen worden bijgezet; grafkelders kunnen onderdeel zijn van een bovengrondse muur of wand; kindergraf: een particulier graf waarin geen andere lijken worden begraven dan die van kinderen beneden de leeftijd van 12 jaar; asbus: een bus ter berging van as van een overledene; urn: een voorwerp ter berging van een of meer asbussen; particulier urnengraf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van asbussen in een urnengraf of een urnenkelder; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen, in een bovengrondse voorziening; het daarin doen verstrooien van as van overledenen. urnennis: een nis in een urnenmuur of columbarium bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen bijzetten van asbussen, met of zonder urnen. particuliere gedenkplaats: een plaats waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor het plaatsen van een gedenkteken of monument om overledenen te gedenken (zonder begrafenis of asbestemming). algemene gedenkplaats: een plaats waar nabestaanden een gedenkplaatje kunnen plaatsen op een door de gemeente opgericht monument. gedenkteken: voorwerp op het graf of op een speciale gedenkplek of ter afsluiting van een urnennis voor het aanbrengen van opschriften of figuren, daaronder begrepen kettingen en hekwerken. verstrooiingsplaats: een permanent daartoe bestemd terrein waarop as wordt verstrooid; grafbedekking: gedenkteken en/of grafbeplanting op een graf, gedenkplaats of verstrooiingsplaats; beheerder: de ambtenaar die in opdracht van het college belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats of degene die hem vervangt; rechthebbende: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een particulier graf, een particulier urnengraf, een particuliere urnenkelder of een particulier gedenkteken; gebruiker: natuurlijk persoon of rechtspersoon (belanghebbende algemeen graf of urnennis) aan wie een recht tot gebruik van een ruimte in een algemeen graf of een urnennis is verleend; eigenaar: de natuurlijke persoon of een rechtspersoon (rechthebbende of belanghebbende grafbedekking) die de grafbedekking op een graf of een urnennis in eigendom heeft; grafrecht: het uitsluitend recht op het begraven en begraven houden in een particulier graf, particulier kindergraf of recht tot het doen bijzetten en bijgezet houden in een particulier urnengraf (met of zonder urnenkelder) of het recht tot het oprichten van een particuliere gedenkplek; het college: het college van burgemeester en wethouders van Zutphen; wet: de Wet op de lijkbezorging en de daaruit voortvloeiend regelgeving; familiegraf: Oude benaming voor particuliere graven waarbij meerdere graven gelijktijdig worden uitgegeven; familiehofje: Meerdere particuliere graven die naast elkaar worden uitgegeven en die het recht hebben op een eigen afscherming; grafakte: de beschikking in de zin van de Algemene wet bestuursrecht waarin overeenkomstig de bepalingen van deze verordening door het college een grafrecht wordt verleend; gedenkpark(en): de nieuwe benaming voor de gemeentelijke begraafplaats(en). Artikel2Aard van de rechten/belastbare feiten Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de gedenkparken en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de gedenkparken. Artikel3Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel4Belastingplicht en belastingtijdvak Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderjaar. Ingeval van afkoop van deze rechten voor meerdere jaren door betaling ineens is het belastingtijdvak gelijk aan de periode waarvoor de regeling wordt vastgelegd. Artikel5Heffingsmaatstaf/tarieven 1De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van de daarbij behorende bijzondere bepalingen. 2 Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tabel genoemde eenheid voor een volle eenheid gerekend. Artikel6Wijze van heffing De rechten worden geheven bij wege van aanslag, waaronder mede wordt verstaan een nota of enig andere schriftuur waarop het gevorderde bedrag is gemeld. Artikel7Ontstaan belastingschuld/ aanvang en einde belastingplicht 1De rechten, als bedoeld in de tarieventabel, zijn verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht, dan wel bij aanvang van de dienstverlening of bij aanvang van het gebruik van bezittingen, werken of inrichtingen. 2Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt zijn de rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de rechten bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 5,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.