Verordening op de heffing en de invordering van marktgeld gemeente GennepDe gemeenteraad van de gemeente Gennep: gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 10 november 2015; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; BESLUIT: vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van marktgeld gemeente Gennep (Verordening marktgeld gemeente Gennep). Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: marktverordening: de in de gemeente Gennep geldende marktverordening; marktdag: de dag en tijd gedurende welke de in de marktverordening bedoelde markten worden gehouden; maand: een kalendermaand; kwartaal: een kalenderkwartaal; half jaar: een periode van zes maanden aanvangende op 1 januari of op 1 juli van enig jaar; jaar: een kalenderjaar. Artikel2Belastbaar feit Onder de naam 'marktgeld' wordt een recht geheven voor het ter beschikking stellen van een standplaats op een markt als bedoeld in de marktverordening, daaronder begrepen de diensten welke in verband hiermee door de gemeente worden verleend. Artikel3Belastingplicht Het marktgeld wordt geheven van degene aan wie een standplaats ter beschikking is gesteld. Artikel4Maatstaf van heffing en tarief 1.Het marktgeld wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2.Voor de berekening van het marktgeld wordt een gedeelte van een marktdag aangemerkt als een gehele marktdag. Artikel5Belastingtijdvak Het belastingtijdvak is de periode waarvoor een vergunning voor een standplaats is afgegeven, met dien verstande dat bij een vergunning voor meer dan twaalf maanden het belastingtijdvak gelijk is aan het kalenderjaar. Artikel6Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1.Het marktgeld is verschuldigd bij het begin van het belastingtijdvak. 2.Indien van een standplaats waarvoor een vergunning voor meer dan een maand is verleend door omstandigheden buiten de wil van belanghebbende geen gebruik is gemaakt dan wel gedurende een kortere periode gebruik is gemaakt dan waarvoor de vergunning is verleend, wordt op aanvraag van belanghebbende teruggaaf van het marktgeld verleend. De teruggaaf wordt berekend door het voor het betreffende belastingtijdvak gevorderde bedrag te verminderen met het bedrag dat volgens de tarieventabel verschuldigd is voor de periode waarin gebruik is gemaakt van de standplaats. 3.Indien van een standplaats waarvoor een vergunning voor meer dan een maand is verleend gedurende een of meer marktdagen geen gebruik kan worden gemaakt omdat het marktterrein voor andere activiteiten in gebruik is, bestaat aanspraak op teruggaaf, tenzij door het college van burgemeester en wethouders een andere plaats voor het houden van de markt is aangewezen. De teruggaaf wordt berekend door het voor het betreffende belastingtijdvak gevorderde bedrag te verminderen met het bedrag dat volgens de tarieventabel verschuldigd is voor de periode waarin gebruik is gemaakt van de standplaats, 4.De in het tweede en derde lid bedoelde teruggaaf wordt niet verleend indien deze minder bedraagt dan € 4,50. Artikel7Wijze van heffing Het marktgeld wordt geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel8Termijn van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet het marktgeld worden betaald op het moment van uitreiking van de in artikel 7 bedoelde kennisgeving. 2. Ingeval de kennisgeving wordt toegezonden, moet het marktgeld, in afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990, worden betaald binnen vier weken na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving. 3. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel9Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van het marktgeld. Artikel10Overgangsrecht 1.De 'Verordening marktgeld 2012' van 22 november 2011 (2011/4680), laatst gewijzigd bij besluit van 15 december 2015
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.