De raad van de gemeente Bladel; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 19 mei 2009; besluit: tot vaststelling van het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP) 2010-2014 en het daarbij behorende het uitvoeringsplan 2009‑
(2010)is het mogelijk om gedurende 2 jaar de huidige heffingsgrondslag te laten voortbestaan. De gemeentelijke belastingverordening wordt aangepast. De kosten, voor het invulling geven van de nieuwe taken, kunnen alleen nog op grond van de rioolheffing (artikel 228a) geïnd worden bij de burgers. De basis waarmee de hoogte van de heffing wordt bepaald hoeft daarmee niet te worden gewijzigd. Verder geldt de heffing voor alle percelen op gemeentelijk grondgebied, ongeacht dat er sprake is van een rioolaansluiting. Gemeenten kunnen de kosten voor de waterketen en het watersysteem apart bij de burger in rekening brengen. Dit houdt in dat de gemeenten de kosten voor de afvalwaterafvoer enerzijds en de kosten voor hemelwater- en grondwaterafvoer anderzijds, apart inzichtelijk moeten maken. Dit is echter niet verplicht. Waar dit nog niet mogelijk is biedt de gemeentewet tevens nog de mogelijkheid om ook in de toekomst met één heffing te blijven werken. 6.3 Personele middelen In deze paragraaf wordt ingegaan op de door de gemeente te verrichten inspanningen om de in dit vGRP genoemde maatregelen te realiseren. In de modules van de Leidraad Riolering van de stichting Rioned is uiteengezet hoeveel tijd gemiddeld benodigd is voor het goed beheren van de gemeentelijk riolering. Vooral ten aanzien van het bepalen van de personeelsbehoefte en de omgang met riolerings-taken wordt hierop nader ingegaan. Centrale vraag daarbij is: zelf doen of uitbesteden? In de module D2000 wordt onderscheid gemaakt in een aantal deeltaken, te weten: Vakinhoudelijk Beheren van het gemeentelijk rioleringsplan Opstellen van operationele programma’s Onderzoek in de vorm van berekeningen Onderzoek in de vorm van inspecties Onderzoek in de vorm van inventarisaties Onderhoud en reparatie Renovatie en vervanging Verbetering Aanleg riolering bij nieuwbouw Aanleg riolering bij bestaande bebouwing Facilitaire taken. Algemeen Management Financiële en administratieve zaken Communicatieve en juridische aspecten Administratieve voorbereiding en afwerking. 6.3.1 Huidige situatie In de benchmark is inschatting gemaakt van de beschikbare personele middelen in de gemeente Bladel. Er is momenteel 0,1 fte (HBO) beschikbaar plus 0,5 fte in de buitendienst. Ter ondersteuning wordt een adviesbureau ingeschakeld. 6.3.2 Gewenste situatie Het uitgangspunt voor de gemeente is dat specifieke taken worden uitbesteed aan gespecialiseerde bedrijven. Niet alle werkzaamheden kunnen worden uitbesteed. Een bepaald pakket aan werkzaamheden worden door medewerkers van de gemeente verricht. Dit geldt vooral voor interne en algemene zaken en de begeleiding van de uitbesteding aan gespecialiseerde bedrijven. In deze planperiode zijn de werkzaamheden vooral gericht zijn op beheer en onderhoud van de riolering en planvorming gericht op het rijksbeleid (NBW, KRW e.d.). De gemeente heeft aangegeven dat de beschikbare 0,1 fte + 0,5 fte gehandhaafd blijft. De extra werkzaamheden worden uitbesteed aan externe bedrijven. 6.4 Financiële middelen De nieuwe rioolheffing is een zogenaamde bestemmingsbelasting. Dat is een belasting waarvan de opbrengsten bestemd zijn voor een bepaald doel. In dit geval de uitoefening van de zorgplichten door de gemeente. Alle kosten die de gemeente maakt voor de uitvoering van de zorgplichten kan zij met de nieuwe heffing verhalen. De gemeente mag alleen geen hogere opbrengst van de heffing krijgen dan de uitvoering van de taken kost. Uitgangspunt van de nieuwe rioolheffing is dus het kostendekkend kunnen beheren van de gemeentelijke watertaken (volgens begroting). Welke kosten ten laste en welke baten ten gunste van de gemeentelijke watertaken kunnen worden gebracht, dienen hiertoe inzichtelijk te zijn volgens het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Aan de hand daarvan kan de benodigde rioolheffing per aansluiteenheid in de gemeente worden bepaald. 6.4.1 Toelichting kosten en opbrengsten In bijlage 5 zijn de financiële gegevens voor de nieuwe rioolheffing opgenomen. De navolgende onderwerpen zijn te onderscheiden: a. Kapitaallasten lopende investeringen Dit betreft de kapitaallasten van investeringen die in het verleden (tot en met het jaar 2009) zijn gedaan voor het uitvoeren van rioleringswerken. b. Kapitaallasten nieuwe investeringen Dit betreft de kapitaallasten van de voor de periode 2009 tot en met 2018 geplande investeringen voor het uitvoeren van rioleringswerkzaamheden. Hieronder vallen de volgende rubrieken: • vernieuwingen vrijvervalriolering; • hydraulische maatregelen; • renovatie drukrioolgemalen; • ombouw gescheiden stelsel/afkoppeling regenwater; • vervanging telemetrie en overstortmeters; • inrichten grondwatermeetnet; • maatregelen voor uitvoering stedelijke wateropgave en KRW. Voor een specificatie van deze investeringsramingen wordt verwezen naar bijlage
- c. Exploitatielasten en bedrijfsvoering Hieronder zijn o.a. begrepen: kosten reinigen, inspecteren en onderhoud van de riolen; stortkosten rioolslib, landmeetkundige werkzaamheden; energiekosten gemalen, perceptiekosten inning rioolrechten; structureel uitbestede werkzaamheden rioolbeheer; aandeel diverse kostenplaatsen (overhead). d. Voorziening onderhoud riolering Ter dekking van de onder a. tot en met c. genoemde lasten van rioolbeheer wordt jaarlijks ingezet: de stand van de voorziening onderhoud riolering per 1 januari. e. Rioolheffing De jaarlijks te realiseren opbrengst uit rioolheffing is de resultante van de geraamde kapitaalen exploitatielasten en de stand van de egalisatiereserve en de voorziening onderhoud riolering waarbij als uitgangspunt wordt gehanteerd dat in een periode van 10 jaar de totale baten gelijk moeten zijn aan de lasten (100% kostendekking). Door toepassing van deze methodiek worden de toekomstige lastenverhogingen gespreid over een periode van 10 jaar. Na elke begrotingscyclus wordt de volgende jaarschijf uit het Gemeentelijk Rioleringsplan toegevoegd en kan het nieuwe gemiddelde verhogingspercentage voor de komende 10 jaren worden (her)berekend. De genoemde bedragen in bijlage 5 zijn inclusief alle bijkomende kosten en inclusief 19% btw, gebaseerd op prijspeil 2009 en vermeld in Euro’s. De financiële gegevens zijn per planjaar getotaliseerd en vormen de basis voor het jaarlijks vast te stellen kostendekkingsplan. 6.5 Kostendekking Op basis van de hiervoor beschreven methodiek is een kostendekkingsplan opgesteld. In bijlage 5 zijn de berekeningen van het desbetreffende scenario bijgevoegd. De volgende aanvullende, financiële uitgangspunten zijn bij de opstelling van het kostendekkingsplan gehanteerd: • als heffingsmaatstaf voor de rioolheffing geldt het daadwerkelijke aantal kubieke meters water dat in het heffingsjaar is afgenomen bij de waterleidingmaatschappij, gekoppeld aan een tarief per afgenomen kubieke meter water; • een rioolheffing van € 1,62 per kubieke meter waterverbruik voor het jaar 2009; • de rioolheffing stijgt in de jaren 2010 tot en met 2018 zodanig dat de noodzakelijke investeringen en daarbij behorende exploitatielasten mogelijk worden gemaakt; • de renteopbrengsten uit de gevormde voorziening onderhoud riolering worden toegevoegd aan de algemene reserve. De investeringsramingen en onderhoudslasten worden jaarlijks geactualiseerd (inclusief inflatie/prijsstijgingen). Als gevolg daarvan zal ook het gemiddelde verhogingspercentage voor de eerstvolgende periode van 10 jaar worden bijgesteld. 7 Conclusies en besluit Om de gestelde doelen en functionele eisen te kunnen bereiken en zorg te dragen voor een goed beheer van alle aanwezige voorzieningen voor stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater is er in de komende planperiode een aantal acties noodzakelijk. Naast het uitvoeren van gedegen onderzoek om in bepaalde situaties c.q. materie meer inzicht te verkrijgen is er op korte termijn een aantal investeringen gepland. Op lange termijn zijn investeringen gepland om de huidige rioleringsvoorzieningen te onderhouden en, indien noodzakelijk, te vervangen. Deze zijn in het GRP meegenomen. In de komende planperiode ligt de nadruk op maatregelen die voortvloeien uit onder andere de Kaderrichtlijn Water, Stedelijke wateropgave en Optimalisatiestudie voor het afvalwatersysteem. Daarnaast is het onderzoek gericht op het uitbreiden van de kennis over het grondwaterregime in het stedelijke gebied en het beheer hiervan. Verder moet het gegevensbeheer geoptimaliseerd worden, om aan de WION te kunnen voldoen. Om de geplande acties te kunnen verwezenlijken maar ook om de huidige (riolerings)voorzieningen te kunnen onderhouden, zodat de kans op calamiteiten en overlast tot een minimum kan worden beperkt, zijn middelen noodzakelijk. Middelen in de vorm van personeel en financiën. Om tijdig te kunnen signaleren en bijsturen worden de investeringsramingen en onderhoudslasten jaarlijks geactualiseerd. Voor de financiële dekking van de kosten van rioolbeheer voor het jaar 2009 zijn de uiteindelijk benodigde opbrengsten uit de rioolheffing berekend op € 1.785.
- Scenario’s Voor de financiële dekking van de kosten van rioolbeheer is op basis van het kostendekkingsplan 2008-2017 voor het jaar 2009 een rioolrecht van € 1,62 per kubieke meter waterverbruik becijferd. Op basis van de in het uitvoeringsplan 2009-2018 opgenomen investeringsramingen dient de rioolheffing voor de periode 2009-2018 met gemiddeld 5,86% te stijgen om aan het uitgangpunt van 100% kostendekking te blijven voldoen. Op basis van het kostendekkingsplan 2008-2017 bedroeg dit gemiddelde stijgingspercentage nog 5,76%. Dit betekent dat het gemiddelde stijgingspercentage op basis van het nieuwe verbrede GRP slechts minimaal toeneemt ten opzichte van het vorige GRP. Omdat de nieuwe zorgtaken conform de Wet gemeentelijke watertaken door de gemeente Bladel deels in het verleden al zijn opgepakt, is het effect voor de kostendekking vrij gering. De investeringsramingen en onderhoudslasten worden jaarlijks geactualiseerd (inclusief inflatie/ prijsstijgingen). Daardoor wordt ook het gemiddelde verhogingspercentage voor de eerstvolgende periode van 10 jaar bijgesteld. Wel zijn de totale lasten van de investeringen ten opzichte van vorige kostendekkingsplan uit 2006 gestegen met circa 16 %. Enerzijds te verklaren door de stijgende kosten vanuit de exploitatie en anderzijds door de actualisatie van de gegevens uit het vorige GRP naar het huidige niveau (bijvoorbeeld wijzigingen in het gegevensbestand, inflatiecorrectie etc.). Het verbrede GRP is opgesteld voor de planperiode 2010-
- Na de vaststelling van het vGRP voldoet de gemeente Bladel aan de gemeentelijke planverplichting zoals vermeld in de Wet Milieubeheer. Daarnaast wordt met het opstellen van dit ‘verbrede’ GRP verdere invulling gegeven aan de zorgplicht voor grondwater. Aldus vastgesteld in zijn openbare vergadering van 16 juli
- De raad voornoemd, de griffier, de voorzitter,