← Nederland

Uitvoeringsvoorschriften algemene plaatselijke verordening gouda 2009 (Gouda)

Inhoudsopgave artikel onderwerp en omschrijving uitvoeringsbesluit 2:4 lid 3 Straatartiest en dergelijke aanwijzen wegen c.q. weggedeelten waar het in groepjes van niet meer dan 6 personen zonder kenn

In werking getreden op:

Artikel2:5 1.Burgemeester en wethouders van Gouda

Gelet op de Algemene Plaatselijke Verordening Gouda 2009, verder te noemen APV 2009; besluiten: Gelet op het bepaalde in artikel 2:5 APV Gouda 2009 ten aanzien van “Gebruik van een openbare plaats niet overeenkomstig de bestemming” de volgende nadere regels vast te stellen: I. vast te stellen de volgende bepalingen: Definities: Onder steiger wordt verstaan een tijdelijke constructie opgebouwd uit steigerpijpen om het mogelijk te maken om te bouwen of onderhoud te plegen op hoge plaatsen waar men niet makkelijk bij kan. Deze tijdelijke constructie kan ook dienen voor het tijdelijk stutten van bouwwerken. Uitzetsteunen, (driehoeks)stabilisatoren of andere extensies ten behoeve van een steiger maken daarvan integraal onderdeel uit. Een trottoir of stoep is een deel van de openbare weg, al dan niet verhoogd aangelegd ten opzichte van de rijbaan, in ’t bijzonder ingericht voor het verkeer van voetgangers; het trottoir is verhard en de scheiding ervan met de andere gedeelten van de openbare weg is duidelijk herkenbaar voor alle weggebruikers. Onder een hekwerk of ander afscheidingsmateriaal wordt een afscheiding begrepen van een plaats of terrein waarop een bouw-, onderhouds- of sloopactiviteit plaatsvindt, of een tijdelijke werkzaamheid in de grond-, weg- of waterbouw. II. Ten aanzien van 2:5 lid 3 APV 2009 (vergunningvrij): Gelet op de gevaren van schade aan de weg, voor de bruikbaarheid van de weg en het doelmatig en veilig gebruik ervan de volgende categorieën en nadere regels vast te stellen: . bouwborden Nadere regels: het bouwbord kan redelijkerwijs niet anders dan op een openbare plaats worden geplaatst (er is geen redelijk alternatief); het bouwbord wordt geplaatst op – of in de directe nabijheid van – het terrein waarop de bouw-, onderhouds- of sloopactiviteit of de tijdelijke werkzaamheid in de grond-, weg- of waterbouw wordt uitgevoerd; bij de plaatsing mag geen sprake zijn van een afwijzingsgrond als bedoeld in artikel 2:5, lid 4 van de Apv; de plaatsing mag niet in strijd zijn met enige andere bepaling in de Apv; het bouwbord mag geplaatst worden tijdens de periode dat de desbetreffende activiteit of werkzaamheid plaatsvindt; het bouwbord dient constructief veilig te zijn, zodat voldoende weerstand kan worden geboden tegen belastingen vergelijkbaar met de belastingen zoals deze zijn geformuleerd in het Bouwbesluit; het bouwbord levert geen onevenredige overlast op voor gebruikers van in de nabijheid gelegen onroerende zaken; plaatsing van het bouwbord moet in overeenstemming plaatsvinden met artikel 5 van de Wegenverkeerswet. Dit houdt in dat het verboden is om door plaatsing van het bouwbord gevaar of hinder te veroorzaken voor het verkeer op de weg. Praktisch houdt dit met name in dat het niet is toegestaan om het bouwbord op een lokatie te plaatsen waar het vrije uitzicht van het wegverkeer wordt belemmerd; het bouwbord mag niet verlicht worden en mag geen bewegende en/of verlichte informatie bevatten; er mag maximaal één bouwbord, met een maximale oppervlakte van 12 m2, per activiteit of werkzaamheid geplaatst worden. . te koop/te huur-borden Nadere regels: het te koop/te huur-bord kan redelijkerwijs niet anders dan op een openbare plaats worden geplaatst (er is geen redelijk alternatief); het te koop/te huur-bord wordt geplaatst op – of in de directe nabijheid van – het perceel/object waarop het bord betrekking heeft; bij de plaatsing mag geen sprake zijn van een afwijzingsgrond als bedoeld in artikel 2:5, lid 4 van de Apv; de plaatsing mag niet in strijd zijn met enige andere bepaling in de Apv; het te koop/te huur-bord mag geplaatst worden tijdens de periode dat het desbetreffende object daadwerkelijk te koop/te huur staat; het te koop/te huur-bord dient constructief veilig te zijn, zodat voldoende weerstand kan worden geboden tegen belastingen vergelijkbaar met de belastingen zoals deze geformuleerd zijn in het Bouwbesluit; het te koop/te huur-bord levert geen onevenredige overlast op voor gebruikers van in de nabijheid gelegen onroerende zaken; plaatsing van het te koop/te huur-bord moet in overeenstemming plaatsvinden met artikel 5 van de Wegenverkeerswet. Dit houdt in dat het verboden is om door plaatsing van het te koop/te huur-bord gevaar of hinder te veroorzaken voor het verkeer op de weg. Praktisch houdt dit met name in dat het niet is toegestaan om het te koop/te huur-bord op een lokatie te plaatsen waar het vrije uitzicht van het wegverkeer wordt belemmerd; het te koop/te huur-bord mag geen bewegende en/of verlichte informatie bevatten; er mag maximaal één te koop/te huur-bord per perceel geplaatst worden, met een maximale oppervlakte van 12 m

  1. bouwketen Nadere regels: de bouwkeet kan redelijkerwijs niet anders dan op een openbare plaats worden geplaatst (er is geen redelijk alternatief); de bouwkeet dient noodzakelijk/functioneel te zijn voor een bouw-, onderhouds- of sloopactiviteit, of voor een tijdelijke werkzaamheid in de grond-, weg- of waterbouw; bij de plaatsing mag geen sprake zijn van een afwijzingsgrond als bedoeld in artikel 2:5, lid 4 van de Apv; de plaatsing mag niet in strijd zijn met enige andere bepaling in de Apv; de plaatsing mag, in gebieden waar parkeergelegenheid aantoonbaar schaars is, niet ten koste gaan van openbare parkeergelegenheid; de opdrachtgever of uitvoerder dient minimaal twee weken voor de plaatsing van de bouwkeet het college schriftelijk in kennis te stellen van de voorgenomen plaatsing; de bouwkeet moet voorzien zijn van de naam en het telefoonnummer van de eigenaar/verhuurder en/of van de uitvoerder van de activiteit of werkzaamheid; de bouwkeet, voor zover geen mobiele schaftkeet zijnde, moet worden geplaatst op rubberen rijplaten of ander beschermend materiaal (ter voorkoming van beschadiging van de ondergrond); plaatsing van de bouwkeet mag de bereikbaarheid van de nabije omgeving, of de doorgaande weg, door politie-, brandweer- en ambulancediensten niet belemmeren; de bouwkeet mag niet geplaatst worden op (afvoer- en riool)putten, deksels van ondergrondse brandkranen en riolen en afsluiters. Rond brandkranen moet een straal van minimaal twee meter vrij zijn; in- en (nood)uitgangen van woningen, bedrijfspanden en dergelijke moeten bruikbaar en toegankelijk zijn; plaatsing van de bouwkeet moet in overeenstemming plaatsvinden met artikel 5 Wegenverkeerswet. Dit houdt in dat het verboden is om door plaatsing van de bouwkeet gevaar of hinder te veroorzaken voor het verkeer op de weg. Praktisch houdt dit met name in dat het niet is toegestaan om de bouwkeet op een lokatie te plaatsen waar het vrije uitzicht van het wegverkeer wordt belemmerd; de bouwkeet moet op minimaal twee meter afstand van de gevel van nabijgelegen gebouwen worden geplaatst in verband met mogelijk brandgevaar. verplaatsbare toileteenheden Nadere regels: de verplaatsbare toileteenheid kan redelijkerwijs niet anders dan op een openbare plaats worden geplaatst (er is geen redelijk alternatief); de verplaatsbare toileteenheid dient noodzakelijk/functioneel te zijn voor een bouw-, onderhouds- of sloopactiviteit, of voor een tijdelijke werkzaamheid in de grond-, weg- of waterbouw; bij de plaatsing mag geen sprake zijn van een afwijzingsgrond als bedoeld in artikel 2:5, lid 4 van de Apv; de plaatsing mag niet in strijd zijn met enige andere bepaling in de Apv; de plaatsing mag, in gebieden waar parkeergelegenheid aantoonbaar schaars is, niet ten koste gaan van openbare parkeergelegenheid; de verplaatsbare toileteenheid moet voorzien zijn van de naam en het telefoonnummer van de eigenaar/verhuurder en/of van de uitvoerder van de activiteit of werkzaamheid; plaatsing van de verplaatsbare toileteenheid mag de bereikbaarheid van de nabije omgeving, of de doorgaande weg, door politie-, brandweer- en ambulancediensten niet belemmeren; de verplaatsbare toileteenheid mag niet geplaatst worden op (afvoer- en riool)putten, deksels van ondergrondse brandkranen en riolen en afsluiters. Rond brandkranen moet een straal van minimaal twee meter vrij zijn; in- en (nood)uitgangen van woningen, bedrijfspanden en dergelijke moeten bruikbaar en toegankelijk zijn; plaatsing van de verplaatsbare toileteenheid moet in overeenstemming plaatsvinden met artikel 5 Wegenverkeerswet. Dit houdt in dat het verboden is om door plaatsing van de bouwkeet gevaar of hinder te veroorzaken voor het verkeer op de weg. Praktisch houdt dit met name in dat het niet is toegestaan om de verplaatsbare toileteenheid op een lokatie te plaatsen waar het vrije uitzicht van het wegverkeer wordt belemmerd; de verplaatsbare toileteenheid moet op minimaal twee meter afstand van de gevel van nabijgelegen gebouwen worden geplaatst in verband met mogelijk brandgevaar. heistellingen, hijskranen en andere hulpconstructies Nadere regels: de heistelling en dergelijke kan redelijkerwijs niet anders dan op een openbare plaats geplaatst worden (er is geen redelijk alternatief); de heistelling en dergelijke is noodzakelijk/functioneel voor een bouw-, onderhouds- of sloopactiviteit, of voor een tijdelijke werkzaamheid in de grond-, weg- of waterbouw; bij de plaatsing mag geen sprake zijn van een afwijzingsgrond als bedoeld in artikel 2:5, lid 4 van de Apv; de plaatsing mag niet in strijd zijn met enige andere bepaling in de Apv; de plaatsing mag, in gebieden waar parkeergelegenheid aantoonbaar schaars is, niet ten koste gaan van openbare parkeergelegenheid; de opdrachtgever of uitvoerder dient minimaal twee weken voor de plaatsing van de heistelling en dergelijke het college schriftelijk in kennis te stellen van de voorgenomen plaatsing; de heistelling en dergelijke moet voorzien zijn van de naam en het telefoonnummer van de eigenaar/verhuurder en/of van de uitvoerder van de activiteit of werkzaamheid; de heistelling en dergelijke moet worden geplaatst op rubberen rijplaten of ander beschermend materiaal (ter voorkoming van beschadiging van de ondergrond); de plaatsing van de heistelling en dergelijke mag de bereikbaarheid van de nabije omgeving, of de doorgaande weg, door politie-, brandweer- en ambulancediensten niet belemmeren; de heistelling en dergelijke mag niet geplaatst worden op (afvoer- en riool)putten, deksels van ondergrondse brandkranen en riolen en afsluiters. Rond brandkranen moet een straal van minimaal twee meter vrij zijn; in- en (nood)uitgangen van woningen, bedrijfspanden en dergelijke moeten bruikbaar en toegankelijk zijn; de plaatsing van de heistelling en dergelijke moet in overeenstemming plaatsvinden met artikel 5 van de Wegenverkeerswet. Dit houdt in dat het verboden is om door plaatsing van de heistelling en dergelijke gevaar of hinder te veroorzaken voor het verkeer op de weg. Praktisch houdt dit met name in dat het niet is toegestaan om de heistelling en dergelijke op een lokatie te plaatsen waar het vrije uitzicht van het wegverkeer wordt belemmerd. hekwerken en vergelijkbaar afscheidingsmateriaal Nadere regels: het hekwerk kan redelijkerwijs niet anders dan op een openbare plaats worden geplaatst (er is geen redelijk alternatief); het hekwerk dient noodzakelijk/functioneel te zijn voor een bouw-, onderhouds- of sloopactiviteit, of voor een tijdelijke werkzaamheid in de grond-, weg- of waterbouw; bij de plaatsing mag geen sprake zijn van een afwijzingsgrond als bedoeld in artikel 2:5, lid 4 van de Apv; de plaatsing mag niet in strijd zijn met enige andere bepaling in de Apv; de plaatsing mag, in gebieden waar parkeergelegenheid aantoonbaar schaars is, niet ten koste gaan van openbare parkeergelegenheid; de opdrachtgever of uitvoerder dient minimaal twee weken voor de plaatsing van het hekwerk het college in kennis te stellen van de voorgenomen plaatsing; het hekwerk dient constructief veilig te zijn, zodat voldoende weerstand kan worden geboden tegen belastingen vergelijkbaar met de belastingen zoals deze geformuleerd zijn in het Bouwbesluit; het hekwerk moet voorzien zijn van de naam en het telefoonnummer van de eigenaar/verhuurder en/of van de uitvoerder van activiteit of werkzaamheid; plaatsing van het hekwerk mag de bereikbaarheid van de nabije omgeving, of de doorgaande weg, door politie-, brandweer- en ambulancediensten niet belemmeren; plaatsing van het hekwerk moet in overeenstemming plaatsvinden met artikel 5 Wegenverkeerswet. Dit houdt in dat het verboden is om door plaatsing van het hekwerk gevaar of hinder te veroorzaken voor het verkeer op de weg. Praktisch houdt dit met name in dat het niet is toegestaan om het hekwerk zodanig te plaatsen dat het vrije uitzicht van het wegverkeer wordt belemmerd; bij plaatsing van het hekwerk op het trottoir moet minimaal 1 meter vrij zijn ten behoeve van het voetgangersverkeer. · vlaggen, wimpels en vlaggenstokken Nadere regel: Deze voorwerpen mogen geen gevaar of hinder opleveren voor personen of goederen en niet voor commerciële doeleinden worden gebruikt. · zonneschermen Nadere regel: Deze voorwerpen dienen te zijn aangebracht boven het voor voetgangers bestemde gedeelte van de weg en geen gevaar of hinder opleveren voor personen en voor de bereikbaarheid door hulpdiensten . Dit houdt in ieder geval in dat een zonnescherm: - ten minste 2.20 meter boven de weg moet hangen; én - een maximale uitval van 3 meter mag hebben; én - maximaal 20% van de breedte van de weg mag beslaan. · voorwerpen of stoffen die op de rijweg gezet worden in verband met laden of lossen ervan. Nadere regel: Het op deze wijze gebruiken van de weg moet noodzakelijk (er is geen redelijk alternatief) en kortstondig zijn. Dit houdt in ieder geval in dat de voorwerpen of stoffen onmiddellijk worden verwijderd. · zand, aarde en grint Nadere regels: plaatsing niet langer dan 5 opeenvolgende dagen; geen plaatsing op de rijweg, fietspaden of in het openbaar groen; bij plaatsing op het trottoir moet minimaal 1 meter vrij zijn ten behoeve van het voetgangersverkeer; geen plaatsing op (afvoer- en riool)putten, deksels van ondergrondse brandkranen en riolen en afsluiters. Rond brandkranen moet een straal van 2,00 meter vrij zijn; in- en (nood)uitgangen van woningen, bedrijfspanden en dergelijke moeten bruikbaar en toegankelijk zijn. · afval-, opslag- en vuilcontainers; Nadere regels: plaatsing niet langer dan 5 opeenvolgende dagen. Na het gebruik van het vergunningvrij plaatsen mag gedurende twee weken daarna van deze mogelijkheid géén gebruik worden gemaakt; het vergunningsvrij plaatsen is alleen toegestaan op een parkeerplaats; de opdrachtgever dient twee weken voor de plaatsing het college in kennis te stellen met een door de het college vastgesteld meldingsformulier; een container moet voorzien zijn van de naam en telefoonnummer van de eigenaar en/of verhuurder; een container moet worden geplaatst op rubberen rijplaten of ander beschermend materiaal (ter voorkoming van beschadiging van de ondergrond); een container mag niet groter zijn dan 2,5 x 4 meter (maximale afmetingen); plaatsing van de container op de lokatie mag de bereikbaarheid van de nabije omgeving, of de doorgaande weg, door politie-, brandweer- en ambulancediensten niet belemmeren; plaatsing van de container moet in overeenstemming plaatsvinden met artikel 5 Wegenverkeerswet. Dit houdt in dat het verboden is om door plaatsing (of gebruik) van de container gevaar of hinder te veroorzaken voor het verkeer op de weg. Praktisch houdt dit met name in dat het niet is toegestaan om de container op een lokatie te plaatsen waar het vrije uitzicht van het wegverkeer wordt belemmerd; de container moet op minimaal 2 meter afstand van de gevel van nabijgelegen gebouwen worden geplaatst in verband met mogelijk brandgevaar. · steigers Nadere regels: plaatsing niet langer dan 14 opeenvolgende dagen: geen plaatsing op de rijweg, fietspaden of in het openbaar groen; bij plaatsing op het trottoir moet minimaal 1 meter vrij zijn ten behoeve van het voetgangersverkeer; geen plaatsing op (afvoer- en riool)putten, deksels van ondergrondse brandkranen en riolen en afsluiters. Rond brandkranen moet een straal van 2,00 meter vrij zijn; in- en (nood)uitgangen van woningen, bedrijfspanden en dergelijke moeten bruikbaar en toegankelijk zijn; steigers moeten aan de gevel worden vastgemaakt, er mogen geen uitzetsteunen worden gebruikt (minimaal 1 meter van het trottoir moet vrij blijven); een steiger moet worden geplaatst op rubberen rijplaten of ander beschermend materiaal (ter voorkoming van beschadiging van de ondergrond); plaatsing van de steiger mag de bereikbaarheid van de nabije omgeving, of de doorgaande weg, door politie-, brandweer- en ambulancediensten niet belemmeren; plaatsing van de steiger moet in overeenstemming plaatsvinden met artikel 5 Wegenverkeerswet. Dit houdt in dat het verboden is om door plaatsing (of gebruik) van de steiger gevaar of hinder te veroorzaken voor het verkeer op de weg. Praktisch houdt dit met name in dat het niet is toegestaan om de steiger op een lokatie te plaatsen waar het vrije uitzicht van het wegverkeer wordt belemmerd. Onder 2:5 lid 1 APV Gouda 2009 (vergunning) vallen:
  2. spandoeken;
  3. uitstallingen;
  4. driehoeks- en sandwichborden;
  5. hekwerken en vergelijkbaar afscheidingsmateriaal;
  6. bouw- en vergelijkbare materialen;
  7. keten (met name bouw- en schaftketen);
  8. verplaatsbare toileteenheden;
  9. hijstellingen, hoogwerkers en kranen;
  10. installaties, machines en werktuigen;
  11. bouwplaatsinrichtingen;
  12. containers;
  13. alle onder artikel 2:5 lid 3 onder a. aangewezen categorieën voor zover niet kan worden voldaan aan de daartoe gestelde nadere regels. Aldus besloten in de vergadering van 19 april 2011 Burgemeester en wethouders voornoemd, , burgemeester , secretaris Openbaar gemaakt op: 25 mei 2011 In werking getreden op: 2 juni 2011 Artikel2:23 lid 4 Burgemeester en wethouders van GoudaGelet op artikel 2:23 lid 4 van de APV Gouda 2009; Overwegende, dat ingevolge het bepaalde in artikel 2:23 lid 4 van de APV Gouda 2009 het plakverbod, als bedoeld in lid 1 van genoemd artikel, niet geldt voor het aanbrengen van meningsuitingen en bekendmakingen op daartoe door het college aangewezen aanplakborden. besluiten: Aan te wijzen als aanplakborden voor het aanbrengen van meningsuitingen en bekendmakingen, de borden ter plaatse van: a. hoek Kleiwegbrug/Korte Vest; b. Bosboom Toussaintkade (bij de Trefkuil); c. Vuurdoornlaan (voor parkeerplaats); d. Ruigenburg (tegenover parkeerterrein); e. Groen van Prinsterersingel (bij het Omlooppad); f. Burgemeester Martenssingel/hoek Karnemelksloot; g. Marathonlaan/Olympiaplein; h. Gouderaksedijk tegenover Goudseweg. Aldus besloten in de vergadering van 24 augustus 2004, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester A.W.M. de Bever, secretaris Openbaar bekend gemaakt op: 1 september 2004 In werking getreden op: 2 september 2004 1e wijziging (inhoudelijke wijziging en wijziging artikelnummer) Aldus besloten in de vergadering van 29 juni 2010, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op:

In werking getreden op:

Artikel2:25 lid 1 Burgemeester en wethouders van Gouda

Overwegende, dat er regelmatig overlast en hinder wordt veroorzaakt op door hun karakter aantrekkelijke plaatsen in de gemeente door personen die alcoholhoudende dranken ter plaatse nuttigen; Gelet op artikel 2:25 lid 1 APV Gouda 2009. besluiten: Aan te wijzen als wegen van de gemeente waar het verboden is alcoholhoudende drank te nuttigen of aangebroken flessen, blikjes en dergelijke met alcoholhoudende drank bij zich te hebben: a. het centrum binnen de singels; b. plaatsen waar kermissen worden gehouden, gedurende de perioden dat de kermisattracties op deze plaatsen aanwezig zijn; c. het gebied Park Atlantis, dit is het gebied omsloten door de volgende wegen en weggedeelten: Abel Tasmanlaan, de Livingstonelaan (vanaf Abel Tasmanlaan tot de Büchnerweg), de Büchnerweg (tot het Bleulandpad), het Bleulandpad, De Dreef (vanaf het Bleulandpad tot de Willem Bontekoesingel) en de Willem Bontekoesingel, met inbegrip van deze wegen; d. het gebied Van Bergen IJzendoornpark, dit is het gebied omsloten door de Spoorlaan, Spoorstraat (vanaf Spoorlaan tot het Kleiwegplein), het Kleiwegplein, de Kattensingel, de Nieuwe Gouwe O.Z. (tot H.J. Nederhorststraat), H.J. Nederhorststraat, de Winterdijk, Van Bergen IJzendoornpark en het Stationsplein, met inbegrip van deze wegen. e. de gebieden die op de bij dit besluit behorende kaart (Bijlage 1) zijn aangegeven. Dit zijn de speelplekken in Gouda, inclusief een straal van 50 meter rondom elke speelplek, gelegen aan of in de in Bijlage 2 vermelde straten of gebieden. Aldus besloten in de vergadering van 24 augustus 2004, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester A.W.M. de Bever, secretaris Openbaar bekend gemaakt op: 1 september 2004 In werking getreden op: 2 september 2004 1e wijziging (aanwijzingVan Bergen IJzendoornpark en park Atlantis) Aldus besloten in de vergadering van 8 november 2005, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op: 14 december 2005 In werking getreden op: 14 december 2005 2e wijziging (aanwijzing speelplekken) Aldus besloten in de vergadering van 24 november 2009, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op: 2 december 2009 In werking getreden op: 2 december 2009 3e wijziging (wijziging artikelnummer) Aldus besloten in de vergadering van 29 juni 2010, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op:

In werking getreden op:

Artikel2:28 lid 1 onder b. Burgemeester en wethouders van Gouda

Gelet op de Algemene Plaatselijke Verordening Gouda 2009, verder te noemen APV 2009; besluiten: Gelet op artikel 2:28 lid 1 onder b. APV aanwijzen van de volgende plaatsen buiten de bebouwde kom waar de eigenaar of houder de hond aangelijnd moet hebben: Het volgende deel van het natuur- en recreatiegebied 'Goudse Hout': Kale Jonkerpad, deel Goudse Houtsingel tot aan eerste T-splitsing met fietspad. De exacte plaats is aangegeven op de bijbehorende kaart Aldus besloten in de vergadering van 29 juni 2010, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op:

In werking getreden op:

Artikel2:28 lid 1 onder c. Burgemeester en wethouders van Gouda

Gelet op de Algemene Plaatselijke Verordening Gouda 2009, verder te noemen APV 2009; besluiten: Gelet op artikel 2:28 lid 1 onder c. APV aanwijzen van de volgende plaatsen waar de eigenaar of houder niet mag laten lopen of verblijven: I. a. Plaatsen buiten de bebouwde kom De volgende delen van het natuur- en recreatiegebied 'Goudse Hout'. De exacte plaatsen onder 1 tot en met 4 zijn aangegeven op de bijbehorende kaart:

  1. de wieler-/skeelerbaan inclusief de bijbehorende terreindelen;
  2. de Heemtuin Goudse Hout;
  3. het Spaanse ruiterpad (fietspad westzijde langs Heemtuin);
  4. de speel- en ligweide: het verbod geldt hier van 1 april tot en met 1 oktober van elk jaar;
  5. de terreindelen in natuur- en recreatiegebied 'Goudse Hout', waar op dat moment vee wordt geweid. b. Plaatsen binnen de bebouwde kom
  6. de Willem Vroesentuin;
  7. de overdekte wegen van het winkelcentrum “Bloemendaal”;
  8. Achter de Kerk;
  9. kennelijk als speelplaats ingerichte terreinen;
  10. de overdekte wegen van het winkelcentrum “Nieuwe Markt” (Nieuwe Markt passage);
  11. het Heempad aan de Bloemendaalseweg. II. Het besluit van 24 augustus 2004 met als onderwerp “uitvoeringsvoorschrift artikel 2.4.17, lid 1, sub b. APV” ten aanzien van loslopende honden in te trekken; Aldus besloten in de vergadering van 29 juni
  12. Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op:

In werking getreden op:

Artikel2

:28 lid 2 Burgemeester en wethouders van Gouda Gelet op de Algemene Plaatselijke Verordening Gouda 2009, verder te noemen APV 2009; besluiten: I. Gelet op artikel 2:28 lid 2 APV Gouda 2009 aanwijzen van de volgende gebieden waar het verbod genoemd in 2:28 eerste lid onder a. APV Gouda 2009, niet geldt indien de hond onder behoorlijk toezicht staat. Het betreft in veel gevallen delen van het genoemde plantsoen, of delen van de groenstrook langs de genoemde straten. De exacte plaatsen zijn aangegeven als 'uitlaatzone' op de bij deze bijlage behorende kaart. 1 De groene wal 31 Industriestraat 2 Taxusweg - Larixweg 32 Emmastraat 3 De groene zoom 33 Vorstmanstraat 4 Groenhovenpark 34 Dijk langs stroomkanaal 5 Kamperfoelieaan 35 Buurtje 6 Burgemeester van Reenensingel 36 Potterspoort (tijdelijk tot nieuwbouw) 7 Kikkerpad 37 Houtmansplantsoen 8 Park Atlantis 38 Houtmansplantsoen 9 Bleulandpad 39 Fluwelensingel 10 Noorderhout 40 Noothoven van Goorstraat 11 Hoevenlust 41 Karnemelksloot 12 't Groene Eiland 42 Onder Wethouder Poletbrug 13 Oosthoef 43 Sportlaan 14 Westhoef 44 Sportlaan 15 Steinenburg 45 IJsselpark (tijdelijk tot aanleg begraafplaats) 16 Blommesteinsingel 46 Joubertstraat 17 Ridder van Catsweg 47 Joubertstraat 18 Omlooppad 48 van Heuven Goedhartsingel 19 Omloopkade 49 Dunantsingel 20 Thorbeckeveld 50 Ten noorden van sportcomplex G.S.V. 21 Willem de Zwijgersingel 51 Verzetslaan 22 Hazepad 52 Baden Powellplantsoen 23 Oostlangekade 53 Westmolenpad 24 Aschpotpad 54 Volmolenhof 25 Goudse Houtsingel 55 Muziekstraat tot Willemskade (langs het spoor) 26 Vossenburchkade 56 Het Steinse groen 27 Nieuwe Gouwe Oostzijde 57 Goverwellepad 28 Nieuwe Gouwe Oostzijde 58 Goverwellesingel 29 Winterdijk 30 Industriestraat Op grond van artikel 2:29 lid 2 APV geldt het verbod als vermeld in artikel 2:29 lid 1 APV, ten aanzien van de onmiddellijke opruimplicht van verontreiniging door honden, niet in deze aangewezen gebieden met uitzondering van de daarin aanwezige wegen. Zie de toelichting bij artikel 2:29 APV. II. Het besluit van 24 augustus 2004 met als onderwerp “uitvoeringsvoorschrift artikel 2.4.18, lid 1, sub b APV” ten aanzien van verontreiniging door honden in te trekken; Aldus besloten in de vergadering van 29 juni 2010. Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op:

In werking getreden op:

1e wijziging (verplaatsen hondenuitlaatplaats Groenhovenpark in westelijke richting) vergadering van 10 mei 2011, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op: 1 juni 2011 In werking getreden op: 2 juni 2011 Artikel4:13 lid 1 en 2 Burgemeester en wethouders van GoudaGelet op het bepaalde in artikel 4:13 lid 1 en 2 Algemene Plaatselijke Verordening Gouda 2009 (APV) ten aanzien van “Aanwijzingkampeerplaatsen”. besluiten: de volgende nadere regels vast te stellen: I. Op grond van artikel 4:13, eerste lid, APV voor de categorie “tenten” de volgende plaatsen aan te wijzen waarop het verbod van artikel 4:12, eerste lid, APV niet geldt: a. een strook van 5 meter rondom de vijver in het Atlantispark; b. een strook van 5 meter rondom de vijver in het Weidebloemkwartier; c. een strook van 5 meter rondom beide vijvers in het Baden Powellplantsoen. II. Op grond van artikel 4:13, eerste lid, APV voor de categorie “kampeerauto’s (campers)” de volgende plaatsen aan te wijzen waarop het verbod van artikel 4:12, eerste lid, APV niet geldt: a. 25zes parkeerplaatsen ter plaatse van het parkeerterrein Klein Amerika tijdens de maanden juni, juli en augustus. Deze 25 parkeerplaatsen zijn gemarkeerd door parkeerborden met een campersymbool.. III. Op grond van artikel 4:13, tweede lid, APV de volgende nadere regels te stellen in het belang van de gronden genoemd in artikel 4:12, vierde lid, APV: Het plaatsen of geplaatst houden van een tent mag alleen door diegene die op dat moment ook daadwerkelijk vist met maximaal meer twee hengels én een schriftelijke toestemming als vermeld in artikel 21 van de Visserijwet 1963 kan tonen. Per persoon mag maximaal 1 tent worden geplaatst of geplaatst worden gehouden. De tent mag geen grotere afmetingen hebben dan 3 bij 3 meter en moet een neutrale groene, bruine of camouflagekleur hebben. Het plaatsen en geplaatst houden van de tent is alleen toegestaan gedurende de nacht, dus in de periode tussen zonsondergang en zonsopgang. Het is verboden om langer dan gedurende tweeënzeventig achtereenvolgende uren (3 dagen) een kampeerauto (camper) op een aangewezen parkeerplaats te plaatsen of te hebben. Aldus besloten in de vergadering van 18 mei 2010, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op: 2 juni 2010In werking getreden op: 2 juni 2010 Artikel5:5 lid 1 Burgemeester en wethouders van GoudaOverwegende dat het parkeren van grote voertuigen binnen de bebouwde kom schadelijk is voor het uiterlijk van de gemeente. Gelet op artikel 5:5 lid 1 APV Gouda 2009; besluiten: I. de bebouwde kom van de gemeente aan te wijzen als gebied waarop de hiervoor vermelde beplaing van toepassing is, met uitzondering van: de Nijverheidsstraat; de Nieuwe Gouwe W.Z., met uitzondering van het gedeelte, gelegen tussen het Jaagpad en de inrit van de daar gebouwde woonappartementen; de Ambachtsstraat. de Industriestraat, tussen de Koning Wilhelminaweg en de Nijverheidsstraat; de beide weggedeelten van de Stavorenweg; de Zwolleweg; het gedeelte van het industrie- en kantorengebied “De Goudse Poort”, dat wordt begrensd door de Kampenringweg en de Hanzeweg. Aldus besloten in de vergadering van 24 augustus 2004, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester A.W.M. de Bever, secretaris Openbaar bekend gemaakt op: 1 september 2004 In werking getreden op: 2 september 2004 1e wijziging (wijziging artikelnummer) Aldus besloten in de vergadering van 29 juni 2010, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op:

In werking getreden op:

Artikel5:10 lid 4 Burgemeester en wethouders van Gouda

Gelet op artikel 5:10 lid 4 APV Gouda 2009. besluiten: I. Aan te wijzen als wegen c.q. weggedeelten waar het zonder vergunning is toegestaan door middel van een uitstalling zelfgemaakte voorwerpen, zoals schilderstukjes, sieraden, kleding te verkopen: de Kleiweg, Kleiwegstraat, Hoogstraat, Korte en Lange Groenendaal, Korte Tiendeweg, Lange Tiendeweg tussen de Korte Tiendeweg en de Jeruzalemstraat/Zeugstraat, Nieuwstraat, St. Anthoniestraat en de Markt, met uitzondering van de donderdag en zaterdag tijdens de warenmarkt voor wat betreft het gedeelte van de Markt waar de warenmarkt wordt gehouden, zulks onder de volgende voorschriften: de verkoop mag niet beroepsmatig en moet incidenteel plaatsvinden; van de winkelier en/of bewoner, voor wiens pand de verkoop zal plaatsvinden, moet hiertoe toestemming zijn verkregen; vanuit een oogpunt van verkeersveiligheid, brandveiligheid, openbare orde en veiligheid, uiterlijk aanzien van de gemeente, mogen tegen de verkoop geen bezwaren bestaan; de verkoop mag slechts plaatsvinden tijdens de ingevolge de Winkelsluitingswet toegestane openingstijden voor de winkels in Gouda; tot etalages van winkels en toegangen van winkels en van woningen en/of andere gebouwen dient een afstand van tenminste drie meter in acht te worden genomen; het (voetgangers)verkeer mag geen of nagenoeg geen hinder ondervinden. Aldus besloten in de vergadering van 24 augustus 2004, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester A.W.M. de Bever, secretaris Openbaar bekend gemaakt op: 1 september 2004 In werking getreden op: 2 september 2004 1e wijziging (wijziging artikelnummer) Aldus besloten in de vergadering van 29 juni 2010, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op:

In werking getreden op:

Artikel5

:10 lid 5 Gelet op artikel 5:10 lid 5 APV Gouda 2009.besluiten: Vast te stellen de volgende bepalingen voor het medebeoordelen van vergunningaanvragen voor het innemen van standplaatsen. Artikel 1 Onder vaste standplaats wordt verstaan het regelmatig en op gezette tijden standplaats innemen. Artikel 2 Voor het stadsgedeelte, gelegen binnen de singels, worden geen vaste standplaatsen toegewezen, zulks gelet op het uiterlijk aanzien en de verkeersveiligheid. Voor het stadsgedeelte, gelegen buiten de singels, worden geen vaste standplaatsen toegewezen binnen een afstand van 200 meter van een markt, indien de toewijzing artikelen betreft, die eveneens op de betrokken markt worden verhandeld. Op parkeerplaatsen in de directe omgeving van een winkelconcentratie worden geen standplaatsen toegewezen. Er worden ten hoogste twee standplaatsen per locatie (gebied max. 100 x 100 m beslaat, zoals een plein, straat, winkelcentrum, etc.) toegewezen, mits vanuit deze standplaatsen niet dezelfde goederen verkocht worden. De openingstijden van standplaatsen zijn gekoppeld aan die van de reguliere winkels. Voor standplaatshouders die geringe eet- en drinkwaren verkopen, bestaat, afhankelijk van de locatie, de mogelijkheid tot 22.00 uur open te blijven, met een maximum van 55 openingsuren per week. Er worden geen standplaatsen toegewezen op locaties met de bestemming “openbaar groen”. Artikel 3 De verleende vergunningen hebben een geldigheidsduur van maximaal 2 jaar met de mogelijkheid tot verlenging voor telkens een periode van maximaal twee jaar. Artikel 4

  1. In de standplaatsvergunning wordt tenminste vermeld: a. het karakter van de standplaats; b. de maximaal te benutten oppervlakte; c. de artikelen die op de betrokken standplaats mogen worden verkocht; d. de periode waarin van de standplaats gebruik mag worden gemaakt, te weten, een dag, een gedeelte van een dag, of voor één of meer dagen per week of gedeelten daarvan.
  2. De in lid 1 genoemde vergunning dient te worden voorzien van een recente pasfoto van de vergunninghouder. Artikel 5 De standplaats dient buiten de periode waarvoor zij is toegewezen te zijn ontruimd. Artikel 6 De omvang van de standplaats mag maximaal 20 m² bedragen. Artikel 7 Vaste standplaatsen worden slechts verleend aan natuurlijke personen. Artikel 8 Naast vergunningen voor vaste standplaatsen kunnen ook vergunningen worden verleend voor standplaatsen van tijdelijke aard voor: a. de verkoop van kerstbomen gedurende de periode 6 tot en met 24 december, zulks voor ten hoogste 15 standplaatsen; b. de verkoop van kerstartikelen tijdens een te houden kerstmarkt op de Markt voor ten hoogste 50 standplaatsen. c. de verkoop van geringe eet- en drinkwaren, ijs, bloemen en eventuele andere goederen tijdens (algemene) festiviteiten, zoals de Goudse Keramiekdagen, de avondvierdaagse, een muziekuitvoering, een braderie en dergelijke; d. de verkoop van geringe eet- en drinkwaren, ijs, bloemen en andere goederen tijdens festiviteiten in winkelbedrijven, zoals acties in het kader van feestdagen, koopjesdagen en winkelfeesten. Hiervoor kan, per individueel winkelbedrijf, maximaal 6 dagen per jaar vergunning worden verleend. e. commerciële promotieactiviteiten voor stadsgedeelten gelegen buiten de singels. Artikel 9 Met betrekking tot standplaatsen van tijdelijke aard geldt dat binnen een straal van vijftig meter rond het terrein waarop een (algemene) festiviteit plaatsvindt geen tijdelijke standplaatsen worden toegewezen, zulks gelet op de openbare orde, het uiterlijk aanzien en de verkeersveiligheid. Aldus besloten in de vergadering van 24 augustus 2004, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester A.W.M. de Bever, secretaris Openbaar bekend gemaakt op: 1 september 2004 In werking getreden op: 2 september 2004 1e wijziging (inhoudelijke wijzigingen enwijziging artikelnummer) Aldus besloten in de vergadering van 29 juni 2010, Burgemeester en wethouders voornoemd, W.M. Cornelis, burgemeester Drs. L.A.M. Bakker, secretaris Openbaar bekend gemaakt op:

In werking getreden op:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.