Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2016INTEGRALE VERORDENING Behoort bij raadsvoorstel
- (titel: h. Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting
- De raad van de gemeente Utrechtse Heuvelrug; Gelet op artikel 228 van de Gemeentewet; BESLUIT Over te gaan tot vaststelling van de volgende verordening: Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2016 (Verordening precariobelasting 2016) Hoofdstuk1Inhoudelijke bepalingen Artikel1Voorwerp van belasting, belastbaar feit Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van voorwerpen, onder de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond bedoeld of genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel. Artikel2Belastingplicht 1.De precariobelasting wordt geheven van degene die één of meer voorwerpen onder de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft, dan wel ten behoeve van wie de voorwerpen worden aangetroffen. 2.In afwijking in zoverre van het eerste lid wordt, indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, degene aan wie de vergunning is verleend of diens rechtsopvolger aangemerkt als degene bedoeld in het eerste lid, tenzij blijkt dat hij niet het voorwerp of de voorwerpen onder de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft. Artikel3Maatstaf van heffing en belastingtarief De precariobelasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van het overige zoals in deze verordening is bepaald. Artikel5Begripsomschrijvingen en ontstaan belastingplicht Voor de toepassing vande tarieventabel wordt verstaan onder: Dag: een periode van 24 uren, aanvangende te 00.00 uur, of een gedeelte daarvan; Week: een periode van zeven achtereenvolgende dagen; Maand: een kalendermaand; Jaar: een kalenderjaar; Vergunning: een door het gemeentebestuur verleende en in een gemeentelijke registratie opgenomen toestemming op grond waarvan een persoon een of meer voorwerpen onder de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond mag hebben; Kabels en leidingen: kabels, leidingen en buizen of daarmee gelijk te stellen voorwerpen bedoeld voor het transport van energie of andere materialen. Artikel6Belastingtijdvak 1.Indien de belasting wordt geheven naar jaartarieven is het belastingtijdvak gelijk aan het kalenderjaar waarin de voorwerpen aanwezig zijn. In de overige gevallen is het belastingtijdvak de maand, de week of de dag waarin de voorwerpen aanwezig zijn, met dien verstande dat ook heffing voor elk belastbaar feit afzonderlijk kan plaatsvinden. 2.In de gevallen waarin de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, is het belastingtijdvak de periode waarvoor de vergunning is verleend, met dien verstande dat bij een kalenderjaar overschrijdende geldigheidsduur van de vergunning het belastingtijdvak gelijk is aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing 1.De precariobelasting wordt bij wege van aanslag geheven, dan wel door een gedagtekende nota of andere schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. 2.Belastingbedragen minder dan € 10,00 worden niet opgelegd, met dien verstande dat voor de toepassing van het eerste zinsdeel het totaal van de op één aanslagbiljet, gedagtekende nota of andere schriftuur verenigde aanslagen aangemerkt wordt als één belastingaanslag, nota of andere schriftuur. 3.Teruggaven in verband met ontheffingen van € 10,00 of minder, worden niet verleend. Voor de toepassing van de vorige volzin, wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde aanslagen aangemerkt als één aanslag. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1.De belasting is verschuldigd bij aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, op het tijdstip waarop het hebben van een voorwerp een aanvang neemt. 2.Indien het belastingtijdvak gelijk is aan het kalenderjaar en het hebben van voorwerpen aanvangt in de loop van het tijdvak, beloopt de belasting zoveel twaalfden van het over een jaar te betalen bedrag als er na het aanvangstijdstip nog volle maanden van het tijdvak resteren. 3.Indien het belastingtijdvak gelijk is aan het kalenderjaar en de voorwerpen zijn verwijderd voor het verstrijken van het belastingtijdvak, wordt op aanvraag van de belastingplichtige naar evenredigheid ontheffing verleend voor zoveel twaalfden van het over een jaar te betalen bedrag na de verwijdering resterende volle maanden van het belastingtijdvak. Artikel9Termijnen van betaling
- De aanslag moet worden betaald binnen één maand na de dagtekening van de aanslag, nota of andere schriftuur.
- De algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het voorgaande lid gestelde termijnen. Artikel10Kwijtschelding Bij de invordering van de precariobelasting wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel11Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de precariobelasting. Hoofdstuk2Slotbepalingen Artikel12Overgangsrecht De verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2015 vastgesteld door de gemeenteraad van de Utrechtse Heuvelrug op 15 december 2014, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 10, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel13Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking. 2.De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Artikel14Citeertitel 1.Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening precariobelasting 2016”. Aldus vastgesteld in de vergadering van 17 december 2015.de raad van de gemeente Utrechtse Heuvelrugde griffier de voorzitterW.Hooghiemstra G.F. NaafsTARIEVENTABEL VERORDENING PRECARIOBELASTING 2016 Behoort bij raadsvoorstel van 17 december 2015, A. Leidingen, kabels en buizen Voor het gebruik of genot van of voor het hebben van kabels, leidingen en buizen onder de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, bedraagt het tarief € 0,78 per strekkende meter per jaar, met inachtneming van het overige zoals in deze verordening is bepaald. Vastgesteld in de openbare vergadering van 17 december
- De raad voornoemd, de griffier, de voorzitter, W.Hooghiemstra G.F. Naafs
🔗 Naar officiële bron
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.