Besluit Bedragen Wmo en Jeugdhulp 2016Besluit Bedragen Wmo en Jeugdhulp Heerhugowaard 2016 Hoofdstuk1:Eigen bijdrage Hoofdstuk2:Bedragen voor Persoonsgebonden budget (PGB) Wmo en Jeugdhulp Hoofdstuk1:Eigen bijdrage 1.Eigen bijdragen in het kader van de Wmo 1.
- Inkomen en vermogen De inkomens- en vermogensbedragen en de percentages die gelden voor de berekening van de eigen bijdrage zijn gelijk aan die genoemd in artikel 3.1, eerste lid van het Uitvoeringsbesluit Wmo
- (Stb.2014 nr. 420). Het Uitvoeringsbesluit wordt jaarlijks aangepast door de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. 1.2Omvang van de eigen bijdragen voor maatschappelijke ondersteuningzoals opgenomen in het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, Stb.2014 nr. 420, artikel 3.
- a.De eigen bijdrage van ongehuwde personen die de pensioengerechtigde leeftijd nog niet hebben bereikt, bedraagt € 19,40 per vier weken. Bij een verzamelinkomen (bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001) in het peiljaar meer dan € 22.486,- wordt het bedrag van € 19,40 verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen zijn verzamelinkomen in het peiljaar en € 22.486,-. b.De eigen bijdrage van ongehuwde personen die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt, bedraagt € 19,40 per vier weken. Bij een verzamelinkomen (bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001) in het peiljaar meer dan € 16.887,- wordt het bedrag van € 19,40 verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen zijn verzamelinkomen in het peiljaar en € 16.887,-. c.De eigen bijdrage van gehuwde personen, waarvan één van beiden of beiden de pensioengerechtigde leeftijd nog niet hebben bereikt, bedraagt € 27,80 per vier weken. Bij een gezamenlijk verzamelinkomen (bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001) in het peiljaar meer dan € 28.177,- wordt het bedrag van € 27,80 verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen hun gezamenlijk verzamelinkomen in het peiljaar en € 28.177,- d.De eigen bijdrage van gehuwde personen, waarvan beiden de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt, bedraagt € 27,80 per vier weken. Bij een gezamenlijk verzamelinkomen (bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001) in het peiljaar meer dan € 23.374,- wordt het bedrag van € 27,80 verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen hun gezamenlijk verzamelinkomen in het peiljaar en € 23.374,-. 1.3 Wanneer is er sprake van eigen bijdrage binnen de Wmo 1.Conform artikel 12 van de Verordening Wmo is bij het verstrekken van een voorziening t.a.v. alle resultaten een eigen bijdrage verschuldigd. 2.De eigen bijdrage is niet verschuldigd: voor een rolstoel; voor een cliënt die de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, met uitzondering van een woningaanpassing; bij een PGB voor voorzieningen verstrekt voor 01-01-
- 3.Een eigen bijdrage voor bruikleenvoorzieningen is verschuldigd zolang de voorziening in bruikleen is en onderhouden wordt. 4.Een eigen bijdrage voor koopvoorzieningen is verschuldigd zolang de voorziening in gebruik is, totdat de volledige kostprijs van de voorziening is bereikt. 5.Bij een persoonsgebonden budget voor voorzieningen verstrekt vóór 1 januari 2012 is geen eigen bijdrage verschuldigd. 6.Voor eigen bijdragen opgelegd vóór 1 januari 2014 geldt het oude regiem; Een eigen bijdrage voor bruikleenvoorzieningen is verschuldigd zolang de voorziening in bruikleen is en onderhouden wordt. Een eigen bijdrage voor koopvoorzieningen is maximaal 3 jaar (= 39 perioden) verschuldigd.
- Bedragen voor Persoonsgebonden budget (PGB) en Jeugdhulp 2.1 PGB voor voorzieningen (Wmo) Het persoonsgebonden budget voor een woonvoorzieningen wordt vastgesteld als tegenwaarde van het bedrag zoals vermeld in de door het college van burgemeester en wethouders geaccepteerde offerte. Het persoonsgebonden budget voor een vervoersvoorziening wordt vastgesteld op basis van de tegenwaarde van de huurprijs van de voorziening inclusief onderhoud en reparatie zoals dat door het college van burgemeester en wethouders aan de gecontracteerde aanbieder wordt betaald. Het persoonsgebonden budget voor een rolstoel wordt vastgesteld op basis van de tegenwaarde van de huurprijs van de voorziening inclusief onderhoud en reparatie zoals die door het college van burgemeester en wethouders aan de gecontracteerde aanbieder wordt betaald. 2.2 PGB voor ondersteuning De vaststelling van een persoonsgebonden budget voor ondersteuning vindt als volgt plaats: het bedrag dat beschikbaar wordt gesteld, wordt berekend op basis van de indicatie. De indicatie wordt gesteld in uren aan de hand van het Protocol hulp bij het huishouden Wmo Heerhugowaard en het protocol gebruikelijke zorg van het CIZ. Wmo Product Professioneel tarief Netwerk tarief Hulp bij huishouden 15,50 euro per uur 15,50 euro per uur Persoonlijke Verzorging 27 euro per uur Max 20 euro per uur Begeleiding Individueel 36 euro per uur Max 20 euro per uur Begeleiding Groep 44 euro per dagdeel (excl. vervoer) incl vervoer 50 euro per dagdeel Niet mogelijk Kortdurend Verblijf 101 euro per etmaal 30 euro per etmaal JeugdBegeleiding, Persoonlijke Verzorging en (Kortdurend-) Verblijf Product Professioneel tarief Netwerk tarief Persoonlijke Verzorging 75% ZIN 50% ZIN tot maximaal 20 euro per uur Begeleiding Individueel 75% ZIN 50% ZIN tot maximaal 20 euro per uur Begeleiding Groep 75% ZIN Niet mogelijk Kortdurend Verblijf 75% ZIN 50% ZIN tot maximaal 30 euro per etmaal AWBZ intramuraal 75% ZIN Niet mogelijk Jeugd GGZ* Product Professioneel tarief Netwerk tarief Basis generalistische GGZ 75% ZIN Niet mogelijk Specialistische GGZ 75% ZIN Niet mogelijk Dyslexie 75% ZIN Niet mogelijk Jeugd & Opvoedhulp* Product Professioneel tarief Netwerk tarief Residentieel 75% ZIN Niet mogelijk Pleegzorg 75% ZIN Niet mogelijk Dagbehandeling 75% ZIN Niet mogelijk Ambulant 75% ZIN Niet mogelijk *Op basis van het producten- en dienstencatalogus jeugdhulp 2016 kan de categorie indeling nog nader worden toegespitst.