Winkeltijdenverordening Zwolle 2016 Artikel1Begripsbepaling a.de wet: de Winkeltijdenwet; b.de winkel: hetgeen in artikel 1 van de wet daaronder verstaan wordt; c.college: het college van burgemeester en wethouders van Zwolle; d.de raad: de gemeenteraad van Zwolle; e.feestdagen: Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag, eerste Kerstdag en tweede Kerstdag f.19-uursdagen: op Goede Vrijdag, 4 mei en 24 december dienen winkels op grond van artikel 2, eerste lid onder b, van de winkeltijdenwet gesloten te zijn vanaf 19:00 uur. Deze dagen vallen niet onder het begrip feestdagen; g.werkdagen: maandag tot en met zaterdag, voor zover dit geen feestdag is. Artikel2Beslistermijn 1.Het college beslist op een aanvraag om een ontheffing binnen 8 weken. 2.Het college kan de beslissing voor ten hoogste 6 weken verdagen. 3.De aanvrager wordt schriftelijk van de verdaging op de hoogte gesteld voor afloop van de in het eerste lid bedoelde termijn. Artikel3Overdracht van de ontheffing 1.Ontheffingen op grond van deze verordening zijn overdraagbaar na verkregen toestemming van het college. 2.In geval van een voorgenomen overdracht van de in het eerste lid bedoelde ontheffing doet de houder van de ontheffing hiervan onmiddellijk schriftelijk mededeling aan het college onder vermelding van de naam en het adres van de voorgestelde rechtverkrijgende. Artikel4Intrekken of wijzigen van de ontheffing Het college kan een ontheffing intrekken of wijzigen indien: ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt; veranderende omstandigheden of gewijzigde inzichten dit noodzakelijk maken in verband met het belang of de belangen ter bescherming waarvan de ontheffing is vereist; het gebruik van de winkel of de uitoefening van een bedrijf anders dan in een winkel gevaar oplevert voor de openbare orde, de veiligheid of het woon- en leefklimaat ter plaatse; de aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen; van de ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn of, bij gebreke van een dergelijke termijn, binnen 6 maanden na afgifte van de ontheffing; van de ontheffing langer dan 6 maanden geen gebruik wordt gemaakt; de houder of zijn rechtverkrijgende dit verzoekt. Artikel 5 Zon- en feestdagenregeling (koopzondagen) De verboden genoemd in artikel 2, eerste lid, aanhef en onder a en b van de wet, gelden niet op ten hoogste 12, door het college aan te wijzen zondagen of feestdagen per kalenderjaar. Het college kan bij de aanwijzing onderscheidt maken in branches en gebieden waarvoor de vrijstelling geldt. De bevoegdheid zoals genoemd in het eerste lid geldt voor iedere branche of gebied afzonderlijk Artikel6Procedure vaststelling koopzondagen 1.Belanghebbenden worden uiterlijk 15 juni van elk jaar verzocht voor 1 september schriftelijk voorstellen voor koopzondagen in het daarop volgende jaar te doen. Belanghebbenden zijn: Plaatselijke winkeliers- en ondernemersverenigingen Individuele ondernemingen 2.Het college laat voorstellen, die na 1 september worden gedaan, buiten behandeling. 3.Het college inventariseert de wensen en neemt een principebesluit dat gedurende 6 weken ter inzage wordt gelegd. 4.Het college stelt, mede op basis van de ingekomen zienswijzen, uiteindelijk de koopzondagen vast. 5.Publicatie van het besluit vindt zo spoedig mogelijk daarna plaats, evenals de beantwoording van de schriftelijk ingediende voorstellen. 6.Indien niet voor het volledig aantal dagen per branche of gebied vrijstelling wordt verleend door het college zoals bedoeld in artikel 5, lid 1, behoudt het college de mogelijkheid om op aanvraag daartoe gedurende het kalenderjaar vrijstelling te verlenen. Artikel7Openstelling van levensmiddelenwinkels op de avonden van zon- en feestdagen 1.Het college kan op aanvraag ontheffing verlenen van de in artikel 2, eerste lid, aanhef en onder a en b van de wet genoemde verboden ten behoeve van winkels waar uitsluitend of in hoofdzaak eet- en drinkwaren plegen te worden verkocht met uitzondering van sterke drank als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Drank en Horecawet. 2.Het college kan aan ten hoogste 8 winkels de ontheffing verlenen. 3.De ontheffing wordt voor maximaal 1 jaar verleend. 4.Aan de ontheffing wordt in elk geval het volgende voorschrift verbonden: a. de winkel dient op alle zon- en feestdagen vóór 16:00 uur en na 22.00 uur gesloten te zijn; 5.Het college kan nadere voorschriften verbinden aan het verlenen van de ontheffing. 6.Het college kan regels opstellen over de wijze van aanvragen en toewijzing van de ontheffing. 7.De ontheffing kan worden geweigerd indien de woonsituatie of de leefsituatie, de veiligheid of de openbare orde in de omgeving van de winkel op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de openstelling van de winkel. Artikel8Ontheffing voor bijzondere situaties ·Het college kan ontheffing verlenen van de in artikel 2 van de wet vervatte verboden ten behoeve van bijzondere gevallen van tijdelijke aard. Artikel9Openstelling winkels op werkdagen voor 6 uur en na 22 uur (nachtwinkels) ·Het college kan op aanvraag ontheffing verlenen van de in artikel 2, eerste lid, onder c van de wet vervatte verbod. ·De ontheffing kan worden geweigerd indien de woon- en leefsituatie of de openbare orde in de omgeving van de winkel op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de openstelling van de winkel. ·Het college kan nadere voorschriften verbinden aan het verlenen van de ontheffing. Artikel9aVrijstelling bepaalde winkels De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van: musea; winkels, waar uitsluitend maaltijden, voor directe consumptie geschikte eetwaren, alcoholvrije dranken en, door middel van een automaat, tabak en tabaksproducten, middelen ter voorkoming van zwangerschap en damesverband plegen te worden verkocht; winkels waar de bedrijfsactiviteit hoofdzakelijk bestaat uit het verhuren van voorbespeelde videobanden en andere voorbespeelde beelddragers, mits in die winkel geen andere goederen worden te koop aangeboden of verkocht dan videobanden en andere beelddragers, alsmede tijdschriften en catalogi, die betrekking hebben op het te huur aangeboden assortiment. Artikel9bVrijstelling openstelling anders dan voor verkoop 1.De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van: winkels, waarin zich een restaurant of lunchroom bevindt, voor zover het laten betreden van de winkel noodzakelijk is voor het bezoeken van het restaurant of de lunchroom; winkels waar uitsluitend of hoofdzakelijk fietsen en bromfietsen plegen te worden verkocht, voor zover het laten betreden van de winkel noodzakelijk is voor het huren van fietsen en bromfietsen. 2.De in het eerste lid vervatte vrijstellingen gelden niet ten aanzien van het verkopen van goederen. Artikel9cVrijstelling straatverkoop van bepaalde goederen De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van het te koop aanbieden en verkopen van voor directe consumptie geschikte eetwaren en alcoholvrije dranken. Artikel9dVrijstelling begraafplaatsen 1.De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van winkels, waar uitsluitend of hoofdzakelijk bloemen en planten plegen te worden verkocht en die zijn gelegen op een afstand van ten hoogste 100 meter van de publieksingang van een begraafplaats, gedurende de openingstijden van die begraafplaats. 2.De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van het te koop aanbieden en verkopen van bloemen en planten op een begraafplaats dan wel op een afstand van ten hoogste 100 meter van de publieksingang daarvan, gedurende de openingstijden van die begraafplaats. Artikel9eVrijstelling culturele evenementen 1.De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van gebouwen, waar voorstellingen, uitvoeringen of evenementen van culturele aard plaatsvinden, en waar uitsluitend of hoofdzakelijk goederen die rechtstreeks verband houden met aldaar te houden voorstellingen, uitvoeringen en evenementen plegen te worden verkocht, vanaf een uur voor de aanvang van de voorstelling, de uitvoering of het evenement tot een uur na afloop daarvan. 2.De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van het ter gelegenheid van voorstellingen, uitvoeringen of evenementen van culturele aard te koop aanbieden en verkopen van goederen, die rechtstreeks verband houden met die voorstellingen, uitvoeringen of evenementen, vanaf een uur voor de aanvang van de voorstelling, de uitvoering of het evenement tot een uur na afloop daarvan. Artikel9fVrijstelling sportcomplexen 1.De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van winkels in of op het terrein van sportcomplexen, waar uitsluitend of hoofdzakelijk goederen worden verkocht, die rechtstreeks verband houden met de aldaar beoefende sporten, gedurende de openstellingsuren van die sportcomplexen. 2.De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van het in of op het terrein van sportcomplexen te koop aanbieden en verkopen van goederen, die rechtstreeks verband houden met de aldaar beoefende sporten, gedurende de openstellingsuren van die sportcomplexen. Artikel9gVrijstelling bejaardenoorden 1.De in artikel 2, eerste lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden niet ten aanzien van winkels in of op het terrein van bejaardenoorden, waar uitsluitend of hoofdzakelijk eet- en drinkwaren, prentbriefkaarten, nieuwsbladen en tijdschriften alsmede bloemen en planten plegen te worden verkocht. 2..De in artikel 2, tweede lid, van de wet vervatte verboden, voor zover deze betrekking hebben op de zondag en de feestdagen, gelden in of op het terrein van bejaardenoorden niet ten aanzien van het te koop aanbieden en verkopen van eet- en drinkwaren, prentbriefkaarten, nieuwsbladen en tijdschriften alsmede bloemen en planten. Artikel10Toezicht Met het toezicht en de handhaving op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de door het college aangewezen personen. Artikel11Intrekking voorgaande regeling en overgangsrecht a. De Verordening winkeltijden gemeente Zwolle 2015, vastgesteld op 15 december 2014, wordt ingetrokken; b. Een krachtens de Verordening winkeltijden gemeente Zwolle 2015 verleende ontheffing of vrijstelling geldt als ontheffing of vrijstelling verleend krachtens deze verordening. Het college kan deze ambtshalve vervangen door een ontheffing of vrijstelling krachtens deze verordening. Ambtshalve vervanging kan gepaard gaan met een wijziging van beperkingen en voorschriften; c. Aanvragen om ontheffing die zijn ingediend onder de Verordening winkeltijden gemeente Zwolle 2015 maar waarop nog niet is beschikt bij het in werking treden van deze verordening, worden afgehandeld overeenkomstig deze verordening. Artikel12Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.