Beleidskader huisvesting arbeidsmigranten 2015Inleiding In veel Brabantse gemeenten wordt een deel van de werkgelegenheid ingevuld door buitenlandse werknemers, zogenaamde arbeidsmigranten. Ook de gemeente Deurne heeft te maken met deze arbeidskrachten die tijdelijke of langdurige arbeid kunnen verrichten. Het is van belang om de huisvesting van arbeidsmigranten op een goede en verantwoorde wijze te regelen. Hiervoor is ook in regionaal verband steeds meer aandacht. In de ‘Tweede Regionale Verklaring arbeidsmigranten in Zuidoost-Brabant’ en de ‘Uniforme Huisvestingsnorm – Normenset’ worden eisen gesteld aan de huisvestingsvoorzieningen voor arbeidsmigranten. De gemeente Deurne staat achter de uitgangspunten van deze regionale verklaring. Ook hebben de Peelgemeenten besloten om samen te werken bij de aanpak van misstanden bij het huisvesten van arbeidsmigranten en/of de arbeidsomstandigheden. Het ‘Project Integrale aanpak omstandigheden arbeidsmigranten Peelland 2015-2016’ is daarvan het uitvloeisel. De huisvesting van arbeidsmigranten en omstandigheden waaronder arbeidsmigranten hun werk verrichten, zijn daarmee zowel gemeentelijk als in (sub)regionaal verband onder de aandacht via: de toets vooraf: aan welke eisen moeten onder meer huisvestingsvoorzieningen voldoen; de toets achteraf: optreden als sprake is van misstanden. Dit beleidskader gaat over de toets vooraf. Vastgelegd is aan welke eisen de huisvesting van arbeidsmigranten minimaal moet voldoen. Naast deze eisen moet voor de huisvesting van arbeidsmigranten moet ook voldaan worden aan afdeling 16 van hoofdstuk 2 van de ‘Algemene Plaatselijke Verordening’ van de gemeente Deurne (onder andere de exploitatievergunning). 2.Wanneer wordt het beleidskader toegepast? Het beleidskader wordt toegepast als: het gaat om huisvesting van personen die tijdelijk in Nederland verblijven om hier betaalde werkzaamheden te verrichten (arbeidsmigranten), en de gevraagde huisvesting in strijd is met de regels van het geldende bestemmingsplan of beheersverordening. Er is geen sprake van strijd met het bestemmingsplan of de beheersverordening als voldaanwordt aan de volgende voorwaarden: de huisvesting van arbeidsmigranten vindt plaats in een bestaande woning op een perceel waar een woon(doeleinden)bestemming van toepassing is, en er wordt voldaan aan de definitie van “huishouden” uit het geldende bestemmingsplan of beheersverordening. Daarnaast is dit beleidskader een (aanvullend) toetsingskader voor de ‘Algemene Plaatselijke Verordening’. 3.Het beleidskader Het beleidskader is als volgt opgebouwd. Hieronder worden eerst de eisen voor de huisvesting aangegeven, onderverdeeld in: Algemene eisen waaraan elke vorm van huisvesting moet voldoen Aanvullende eisen voor structurele huisvesting Aanvullende eisen voor tijdelijke huisvesting Vervolgens wordt in paragraaf 3.4 ingegaan op de overige bepalingen zoals afwijkingsbevoegheid college. In hoofdstuk 4 staan de slotbepalingen, zoals inwerkingtreding en overgangsbepalingen. Het is aan het oordeel van het college van B&W om te bepalen of de woonvoorzieningen voldoen aan de eisen. 3.1 Algemene eisen waaraan elke vorm van huisvesting voor arbeidsmigranten moet voldoen Alle vormen van huisvesting en inzet van arbeidsmigranten moeten voldoen aan de volgende voorwaarden: De huisvesting moet bestemd zijn voor: arbeidsmigranten die zijn ingeschreven bij een ABU (Algemene Branchevereniging voor Uitzendondernemingen) of VIA (Vereniging van Internationale Arbeidsbemiddelaars) gecertificeerd uitzend- en/of detacheringsbureau; arbeidsmigranten die noodzakelijk zijn voor een particulier in de gemeente Deurne gevestigd bedrijf. Het bedrijf moet aantonen dat de arbeidsmigranten gedurende de gevraagde periode noodzakelijk zijn voor een goede bedrijfsvoering. Hiervoor moet in ieder geval een onderbouwing met de werkzaamheden worden ingediend, waaruit de arbeidsbehoefte over de gevraagde periode naar voren komt; er mogen maximaal 40 arbeidsmigranten per locatie gehuisvest worden; per 6 arbeidsmigranten moet er minimaal 1 toilet, douche of bad en wastafel aanwezig zijn; er mogen geen zelfstandige woonfuncties of wooneenheden gecreëerd worden. Van zelfstandige woonfuncties of eenheden is sprake als een wooneenheid een eigen (zelfstandige) keuken, douche of bad en toilet heeft; er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de in het geding zijnde belangen (niet zijnde concurrentiebelangen), waaronder die van omwonenden en omliggende bedrijven; parkeren moet worden opgelost op eigen terrein. Als parkeren op eigen terrein niet mogelijk is, moet in overleg met de gemeente worden bekeken of er een andere oplossing kan worden gevonden voor parkeren. Daarover kunnen aanvullende afspraken worden gemaakt; de huisvesting moet voldoen aan de eisen uit het Bouwbesluit (onder meer brandveilig gebruik); het verlenen van medewerking mag niet leiden tot strijd met landelijke of provinciale regelgeving, of met ander gemeentelijk beleid. Voor het realiseren van huisvesting mag het uitzend- en/of detacheringsbureau of het particulier bedrijf zelf een locatie binnen de bebouwde kom ombouwen en beheren, of hierover afspraken maken met een professionele organisatie, zoals een woningbouwvereniging. Voor een particulier bedrijf buiten de bebouwde kom geldt daarnaast, dat zij huisvesting op de eigen bedrijfslocatie (perceel) mogen realiseren. Dit alles binnen de mogelijkheden op grond van de geldende wet- en regelgeving, inclusief deze beleidsregel. Huisvesting van arbeidsmigranten mag in ieder geval niet plaatsvinden in de volgende(woon)voorzieningen: tenten; op een recreatiepark of (mini)camping. 3.2 Aanvullende eisen voor structurele huisvesting Van structurele huisvesting is sprake, als er 6 maanden of langer per kalenderjaar sprake is van huisvesting van arbeidsmigranten. Dit kan de huisvesting van wisselende arbeidsmigranten betreffen. Het gaat erom, dat de woonvoorzieningen gedurende minimaal 6 maanden per kalenderjaar in gebruik zijn voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Naast de algemene eisen die hierboven (3.1) benoemd zijn, moeten de structurele huisvestingsvoorzieningen (binnen en buiten de bebouwde kom) in ieder geval voldoen aan de volgende voorwaarden: arbeidsmigranten mogen alleen worden gehuisvest in een permanent/vast gebouw; iedere arbeidsmigrant moet een ruimte hebben van minimaal 10 m2, met volledige privacy; Structurele huisvesting vindt plaats binnen de bebouwde kom (in het stedelijk gebied) van de gemeente Deurne. Hierbij wordt de als bijlage I bij dit beleidskader gevoegde spreidingstabel gehanteerd, om teveel concentratie in 1 gebied te voorkomen. Als de structurele huisvesting wordt gevraagd door een particulier bedrijf, dan is huisvesting op de eigen bedrijfslocatie (perceel) mogelijk. Als het gaat om een bedrijf dat is gevestigd buiten de bebouwde kom, dan vindt deze huisvesting plaats: in bestaande woonruimte, of in VAB-gebouwen (Vrijkomende Agrarische Bebouwing); in een noodwoning waarvoor het persoonsgebonden overgangsrecht is vervallen, als het gebouw legaal (met vergunning) is opgericht; als huisvesting buiten de bebouwde kom niet plaats kan vinden in een bestaand gebouw zoals onder
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.