Verordening Cliëntenparticipatie Participatiewet Utrecht 2015Verordening van Utrecht 2014, nr. 30 (raadsbesluit 4 december 2014) gelet op: artikel 47 van de Participatiewet; artikel 149 van de Gemeentewet; overwegende dat: de Participatiewet gemeenten verplicht om regels te stellen met betrekking tot de wijze waarop personen bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de wet bij de uitvoering van de wet worden betrokken; stelt vast de: Verordening Cliëntenparticipatie Participatiewet Utrecht 2015 Artikel1Algemene bepalingen 1.De personen bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Participatiewet worden bij de uitvoering van deze wet betrokken door een cliëntenraad, die een onafhankelijke positie bekleedt. De leden van de cliëntenraad worden, op voordracht van de cliëntenraad, benoemd door het college voor een periode van vier jaar. Deze zittingsduur kan stilzwijgend verlengd worden met periodes van twee jaar, maar de totale zittingsduur is nooit langer dan acht jaar. De cliëntenraad en organisaties die de belangen van deze personen behartigen, kunnen kandidaten voordragen. 2.De cliëntenraad is, voor zover redelijkerwijs mogelijk, zodanig samengesteld dat deze een afspiegeling is van de bij de uitvoering van de Participatiewet betrokken personen. 3.De cliëntenraad bestaat uit ten minste zeven en ten hoogste elf personen. 4.De cliëntenraad benoemt uit zijn midden een voorzitter voor een termijn van twee jaar met de mogelijkheid van herbenoeming. Artikel2.Taken van gemeentebestuur 1.Het gemeentebestuur vraagt over beleidsvoornemens van het college en de gemeenteraad met betrekking tot de uitvoering van de Participatiewet advies aan de cliëntenraad op een dusdanig tijdstip dat de cliëntenraad voldoende gelegenheid heeft voor een advies. 2.Het reglement van orde, bedoeld in artikel 4, tweede lid, bepaalt wat een redelijke termijn is om advies, bedoeld in het eerste lid, te vragen aan de cliëntenraad. Artikel3.Ondersteuning cliëntenraad Het college zorgt voor adequate ondersteuning van de cliëntenraad door: het bieden van faciliteiten voor het voeren van het secretariaat, waaronder begrepen ondersteuning bij het opstellen van agenda’s, het verzenden van uitnodigingen voor vergaderingen, en het verspreiden van stukken onder de leden; het faciliteren van vergaderruimte; het verschaffen van toegang tot kantoormiddelen zoals een kopieermachine en een printer; te bewerkstelligen, met inachtneming van artikel 2, tweede lid, dat adviesaanvragen en conceptbeleid de cliëntenraad tijdig bereiken; ambtenaren van de gemeente in de gelegenheid te stellen een vergadering bij te wonen voor het geven van toelichting of uitleg, als daarom door de cliëntenraad is verzocht; de cliëntenraad op verzoek en tijdig de nodige informatie te verschaffen voor zover de cliëntenraad dat nodig acht om naar behoren haar taak uit te kunnen oefenen; erop toe te zien dat de cliëntenraad wordt geïnformeerd over de redenen van afwijking van het door de cliëntenraad gevraagd of ongevraagd gegeven advies. Artikel4.Taken en bevoegdheden van de cliëntenraad 1.De cliëntenraad brengt gevraagd en ongevraagd advies uit in verband met door het college of de gemeenteraad voorgenomen beleid alsmede in verband met de uitvoering van het beleid, waaronder begrepen dienstverlening in meer algemene zin. 2.De cliëntenraad stelt, na overleg met de afdeling Werk en Inkomen van de gemeente, een reglement van orde op. Dit reglement bepaalt in ieder geval de frequentie van vergaderen van de cliëntenraad en de termijnen die binnen de cliëntenraad en in de samenwerking tussen gemeente en cliëntenraad, gehanteerd worden om goed te functioneren. 3.Het reglement van orde, bedoeld in het tweede lid, bepaalt wat een redelijke termijn is om advies, bedoeld in het eerste lid, uit te brengen aan het college of de gemeenteraad. 4.De cliëntenraad heeft geen bevoegdheden in zaken betreffende individuele klachten, bezwaarschriften en andere zaken met betrekking tot een individuele persoon. Dit laat onverlet de mogelijkheid van de cliëntenraad een meldpunt in te richten om signalen van individuen te ontvangen, ten einde het college of de gemeenteraad te kunnen adviseren. Artikel5.Geheimhouding De leden van de cliëntenraad zijn verplicht tot geheimhouding als bedoeld in artikel 2:5 van de Algemene wet bestuursrecht. De cliëntenraad zal informatie en gegevensdragers met een vertrouwelijk karakter slechts na voorafgaande toestemming van het gemeentebestuur aan derden kenbaar maken. Artikel6.Budget cliëntenraad 1.Ten behoeve van de cliëntenraad wordt jaarlijks een budget beschikbaar gesteld. 2.Ten laste hiervan kunnen, ter beoordeling van het college, onder meer kosten worden gebracht die verband houden met deskundigheidsbevordering, het inwinnen van advies en achterbanraadpleging. 3.Jaarlijks voor 1 april brengt de cliëntenraad aan het college verslag uit van de activiteiten en bevindingen over het voorgaande jaar. Daarbij wordt in een financieel verslag tevens verantwoording afgelegd over de besteding van een eventueel beschikbaar gesteld budget. 4.Jaarlijks voor 1 september dient de cliëntenraad een begroting in ter goedkeuring van de uitgaven voor het komende jaar. Artikel7.Vergoeding aan de leden De leden van de cliëntenraad ontvangen per jaar een bedrag als onkostenvergoeding en vergoeding voor deelname aan de vergaderingen. Door of namens het college worden nadere afspraken gemaakt over de hoogte van deze bedragen. Artikel8.Evaluatie Jaarlijks wordt tussen de cliëntenraad en het hoofd van de afdeling Werk en Inkomen geëvalueerd of de gekozen opzet van de cliëntenparticipatie voldoet. De cliëntenraad brengt verslag uit van deze evaluatie aan het college. Artikel9.Intrekken oude verordening De Verordening cliëntenparticipatie WWB en de Verordening cliëntenparticipatie Wsw worden ingetrokken. Artikel10.Inwerkingtreding en citeertitel 1.Deze verordening treedt in werking op 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.