Bomen en vereenvoudiging regelgeving: beleidsregel voor h outopstanden Burgemeester en wethouders van Roosendaal; Besluiten: Vast te stellen de volgende beleidsregel: Bomen en vereenvoudiging regelgeving: beleidsregel voor houtopstanden Algemeen Deze notitie doet dienst als beleidsregel voor het omgaan met houtopstanden in de Gemeente Roosendaal en is een nadere uitwerking van het hoofdstuk ‘Groene Monumenten’ in de Monumentennota (bijlage). De notitie is tot stand gekomen in het kader van het project Vereenvoudiging Regelgeving. Als gevolg van Vereenvoudiging Regelgeving komt de Bomenverordening te vervallen en in plaats daarvoor is gekozen voor een uitwerking van bepalingen met betrekking tot het bewaren van houtopstanden in de APV, gebaseerd op het VNG-model met een aantal lokale aanvullingen. De bomenverordening schreef voor dat er kapvergunning moest worden aangevraagd voor het kappen van bomen met een stamomtrek groter dan 50 centimeter op 1,30 meter hoogte (uitzondering voor hakhout en bosbouwkundig beheer). In de nieuwe situatie zal dit enkel nog nodig zijn voor specifiek aangewezen waardevolle bomen en houtopstanden die zijn vermeld op de zogenaamde “bomenlijst”. De bomenlijst bevat zowel particuliere als gemeentelijke houtopstanden. Opbouw van de bomenlijst De bomenlijst zal worden gebaseerd op: de inventarisatie van monumentale bomen van de Gemeente Roosendaal, de bij de Bomenstichting geregistreerde bomen, de inventarisatie van monumentale bomen van de provincie, het historisch groen van de Cultuurhistorische Waardenkaart van de provincie, overige waardevolle landschapselementen, een nog uit te voeren aanvullende inventarisatie. Aanvullende inventarisatie De aanvullende inventarisatie voor de bomenlijst zal worden uitgevoerd in overleg met bewoners en relevante organisaties. Criteria voor de aanvullende inventarisatie kunnen onder meer worden ontleend aan onderstaand overzicht van de aangevraagde kapvergunningen in de afgelopen jaren. Geweigerde aanvragen wijzen immers richting waardevolle houtopstanden. De volgende weigeringgronden van kapvergunningen waren relevant: monumentale of historisch waardevolle status van de bomen; bomen bij herontwikkelingslocaties waar uiteindelijk inpassen mogelijk bleek; noodzaak tot kap niet aangetoond door vroegtijdige aanvraag ten behoeve van bouwrijp maken terrein terwijl bouwplan nog niet uitgewerkt is; aanvrager geen beschikkingsrecht (geen eigenaar); overige kwaliteit van de bomen als genoemd in de weigeringgronden in de huidige bomenverordening (zoals oude bomen in ruime tuinen, erfbeplantingen bij boerderijen, kavelgrensbeplantingen, voormalige gemeentebomen in particuliere tuinen, bomen in kloostertuinen, begraafplaatsen, scholen of zorgcentra). 2004 2005 2006 2007 Aantal aanvragen 270 253 202 199 Waarvan gemeentelijk 63 54 31 28 Aantal aanvragen door derden 207 199 171 171 Aantal verleend 262 244 199 191 Aantal geweigerd 8 9 3 8 Aantal deels geweigerd of verleend na aanpassing 2 1 4 2 Weigering wegens monumentale status 1 1 2 0 Weigering of aanpassing wegens beeldbepalende status of landschappelijke waarde 4 4 3 5 Weigering omdat aanvrager niet de eigenaar is 1 2 0 3 Weigering omdat bouwplan nog niet concreet is 2 0 1 3 Herplantplicht opgelegd 17 18 14 13 Bezwaren ingekomen 8 7 5 1 Tabel: Overzicht aangevraagde kapvergunningen en verloop procedure Criteria voor de aanvullende inventarisatie Mede op basis van de weigeringgronden van vroegere kapaanvragen zal de aanvullende inventarisatie vooral worden gericht op: houtopstanden die door hun grootte en standplaats het beeld voor de omgeving bepalen, houtopstanden die door grootte en standplaats in het landelijk gebied een grote landschappelijke waarde vertegenwoordigen, houtopstanden die een hoge natuur -, ecologische - of milieuwaarde vertegenwoordigen door het bieden van een leefgebied voor kwetsbare flora en fauna, bomen van een voor deze omgeving zeldzame of bijzondere soort bomen die onderdeel zijn van structuurbepalende elementen, zoals parken, lanen, singels, houtwallen. Actueel houden van de bomenlijst Ongeacht het hanteren van een bomenlijst blijven bomen sterfelijke organismen. Een betrouwbare bomenlijst moet worden bijgewerkt als gevolg van uitval van bomen enerzijds en het zich ontwikkelen van de waarde van houtopstanden anderzijds. Daarom is het noodzakelijk de lijst geregeld te actualiseren. Voorgesteld wordt om de lijst na eerste inventarisatie en vaststelling elke 5 jaar geheel na te lopen. Daarnaast moet een incidentele tussentijdse correctie naar aanleiding van ontwikkelingen mogelijk blijven. Kapvergunning voor houtopstanden op de bomenlijst Voor houtopstanden op de bomenlijst zal alleen bij zeer grote uitzondering een kapvergunning worden verleend. Verlenen van kapvergunningen is een bevoegdheid voor het college, welke niet meer wordt gemandateerd. Voorgesteld wordt om bij aanvragen tot het kappen of verplanten van houtopstanden op de bomenlijst het zogenaamde ADC-criterium te hanteren: zijn er Alternatieven, bijvoorbeeld kan het project ook op een andere manier of op een andere locatie worden uitgevoerd? D. zijn er met het project Dwingende redenen van groot openbaar belang gemoeid? Is de Compensatie van de aantasting afdoende geregeld? Dit betekent dus dat er allereerst moet worden gezocht naar alternatieve oplossingen om de kap van de boom te voorkomen (inpassen van de boom in een ontwikkelingsplan bijvoorbeeld). Alleen als die er niet zijn én er dwingende redenen van groot openbaar belang in het spel zijn kan er een verplant/kapvergunning worden verleend en dan is er per definitie compensatie vereist. Compensatie kan plaatsvinden in de vorm van: deskundig verplanten in de directe omgeving met overlevingsgarantie (herplantplicht bij niet overleven van de boom of bomen). herplantplicht ter waarde van de te kappen boom (voorkeur voor herplant van grote bomen). storten van de waarde van de boom, bepaald volgens het Rekenmodel Boomwaarde NVTB, in een door de Gemeente Roosendaal te beheren bomenfonds. Deze reeks wordt toegepast in toenemende volgorde van afkeur om niet bij voorbaat afkoopgedrag te stimuleren. De bomenlijst bevat zowel gemeentelijke als particuliere houtopstanden. Gelijke monniken gelijke kappen ten aanzien van de spelregels. Besteding van het bomenfonds Het bomenfonds, gevoed door financiële compensaties als uiterste variant van het ADC-criterium, zal worden ingezet voor daadwerkelijke compensatie elders en voor het subsidiëren van: Niet reguliere instandhoudingmaatregelen voor groene monumenten en lijstbomen; Kosten van onderzoek ter advisering van boomeigenaren bij gebreken aan die bomen; Kosten van opstellen van een Bomen Effect Analyse bij ontwikkelingen binnen de invloedssfeer van particuliere houtopstanden van de bomenlijst, Kosten van onderzoek ter onderbouwing van een kapweigering. Bijdragen voor kosten die niet zijn te rekenen onder het normale boomonderhoud blijven beperkt tot maatregelen die het voortbestaan van waardevolle bomen verlengen, zoals inlopen van achterstallig onderhoud, boombeschermende maatregelen, verbeteren groeiomstandigheden bij teruglopende vitaliteit, onderzoek en rapportage. Het bomenfonds wordt beheerd door de gemeente Roosendaal. Aanvragen voor bijdragen worden getoetst op reden (wens of noodzaak), kwaliteit van uitvoering en omvang van het resultaat. Dit bepaalt ook de prioriteitstelling van uitkeringen uit het bomenfonds, mocht de som van de aanvragen de omvang van het bomenfonds te boven gaan. Niet op de bomenlijst geplaatste houtopstanden Houtopstanden die niet op de bomenlijst voorkomen mogen zonder kapvergunning worden gekapt (bepalingen in overige wet- en regelgeving daargelaten, zoals de Boswet, de Flora- en faunawet en de Natuurbeschermingswet 1998). Deze logische consequentie van het nieuwe stelsel betekent overigens niet dat voor gemeentelijke houtopstanden het gezegde “u klaagt en wij zagen” van toepassing zal worden verklaard. Voor de afweging of gemeentelijke klaagbomen ook daadwerkelijk zaagbomen zullen worden, zal het “Toetsingskader Overlastbomen” worden toegepast. Als dit toetsingskader leidt tot de conclusie “onevenredig grote overlast”, zal indien nodig aan de omwonenden een reactie worden gevraagd. Andere redenen voor het kappen van gemeentelijke houtopstanden die niet op de bomenlijst voorkomen kunnen zijn: conditie- of stabiliteitsproblemen, normale onderhoudsmaatregelen als dunnen van een houtopstand; reconstructie van het openbaar gebied (voorafgaand aan planvorming altijd een groeninventarisatie uitvoeren, waarna in overleg met de omwonenden wordt bepaald of de houtopstanden worden behouden of vervangen), stedenbouwkundige ontwikkelingen (voorafgaand aan planvorming altijd een groeninventarisatie uitvoeren, waarna in overleg met de teams Ruimte, Projecten en Beheer wordt bepaald of houtopstanden binnen het plan kunnen worden ingepast). Alvorens gemeentelijke bomen en houtopstanden worden gekapt, zal hiervan kennis worden gegeven middels een publicatie in Stadserf
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.