‘Verordening op de vertrouwenscommissie, die de aanbeveling tot benoeming van de burgemeester voorbereidt, op de raadscommissies, die functioneringsgesprekken met de burgemeester houden en op de vertrouwenscommissie, die de aanbeveling tot herbenoeming van de burgemeester voorbereidt’ (elk hierna: de commissie).De raad van de gemeente Renswoude; Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 5 februari 2016; Gelet op de artikelen 61, 61a, 61c, 84, 86, 147 en 149 van de Gemeentewet, de artikelen 15 en 31 van de Archiefwet 1995 en artikel 9 van het Archiefbesluit 1995; Gelet op de circulaire Benoeming, functioneringsgesprekken en herbenoeming burgemeester van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; BESLUIT: Vast te stellen de ‘Verordening op de vertrouwenscommissie, die de aanbeveling tot benoeming van de burgemeester voorbereidt, op de raadscommissies, die functioneringsgesprekken met de burgemeester houden en op de vertrouwenscommissie, die de aanbeveling tot herbenoeming van de burgemeester voorbereidt’ (elk hierna: de commissie). Artikel1.Taak De commissie heeft tot taak: de aanbeveling tot benoeming of herbenoeming van de burgemeester voor te bereiden of een functioneringsgesprek te houden met de burgemeester. Artikel2.Samenstelling commissie 1.De commissie bestaat ter zake van benoeming of herbenoeming van een burgemeester uit alle fractievoorzitters en ter zake van functioneringsgesprekken met de burgemeester uit een nader te bepalen aantal leden, te benoemen door en uit de gemeenteraad. 2.Indien de gemeenteraad niet heeft bepaald wie voorzitter en plaatsvervangend voorzitter van de commissie is, kiest de commissie deze uit haar midden. 3.De commissie kent geen plaatsvervangende leden. Artikel3.Ambtelijke ondersteuning 1.De raadsgriffier is secretaris van de commissie. 2.De gemeentesecretaris kan bij vervulling van de in artikel 1 onder a genoemde taken als plaatsvervangend secretaris aan de commissie worden toegevoegd. 3.De (plaatsvervangend) secretaris geeft ambtelijke ondersteuning aan de commissie. 4.De (plaatsvervangend) secretaris is geen lid van, en heeft geen stemrecht in, de commissie. Artikel4.Adviseur 1.De gemeenteraad kan een of meer wethouders aan de commissie toevoegen als adviseur in verband met de vervulling van de in artikel 1 onder a genoemde taken. 2.De adviseur wordt uitgenodigd voor de vergaderingen van de commissie. 3.Een adviseur is geen lid van, en heeft geen stemrecht in, de commissie. Artikel5.Geheimhouding 1.De vergaderingen van de commissie zijn besloten. Alle stukken van de commissie zijn geheim. Dit wordt op de stukken vermeld. 2.De (fungerend) voorzitter van de commissie wijst bij de benoemingsprocedure in elke vergadering op de geheimhoudingsplicht, die rechtstreeks voortvloeit uit artikel 61c van de Gemeentewet. 3.De commissie legt bij de herbenoemingsprocedure en bij functioneringsgesprekken in elke vergadering en elk gesprek, met toepassing van artikel 86 van de Gemeentewet, geheimhouding op over de inhoud van de stukken en het behandelde tijdens de vergadering of het gesprek. De (fungerend) voorzitter van de commissie ziet erop toe dat hieraan wordt voldaan. 4.De geheimhoudingsplicht brengt onder meer mee dat aan raadsleden, die geen zitting (meer) hebben in de commissie, en aan anderen, behoudens het bepaalde in de artikelen 9, vierde lid, 10, tweede lid, en 11 van deze verordening, geen inzage in, of informatie omtrent de inhoud van de stukken of het behandelde ter vergadering of in het gesprek wordt verstrekt. 5.De commissie treft, met inachtneming van de artikelen 7, 8, tweede lid, en 14 van deze verordening, een voorziening met betrekking tot de wijze waarop de geheimhouding blijft gewaarborgd bij het beheer van bescheiden, het voeren van correspondentie en bij de bepaling van plaats en tijdstip van de gesprekken. 6.De commissie en de gemeenteraad kunnen de geheimhouding waartoe de Gemeentewet, respectievelijk zullen de geheimhouding waartoe het derde lid van deze verordening verplicht, niet opheffen. 7.De geheimhoudingsplicht blijft na ontbinding van de commissie van kracht. 8.Het in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing op de (plaatsvervangend) secretaris en, indien van toepassing, de adviseur. Artikel6.Vergaderingen 1.De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of tenminste twee leden dit noodzakelijk achten. 2.De voorzitter bepaalt dag, uur en plaats van de vergadering. De voorzitter doet van elke vergadering tenminste vierentwintig uur tevoren aankondiging aan de leden van de commissie, indien een adviseur aan de commissie is toegevoegd, de adviseur en, indien het gesprek met hem plaatsvindt, de burgemeester. 3.De commissie vergadert niet als niet tenminste de helft plus één van het aantal leden aanwezig is. 4.De commissie besluit bij de voorbereiding van een aanbeveling bij meerderheid van uitgebrachte stemmen, waarbij elk lid één stem heeft. Bij het staken van de stemmen over de uit te brengen bevindingen, wordt het nemen van een beslissing uitgesteld tot de volgende vergadering. Is uitstel van de beslissing niet mogelijk of staken de stemmen ook in die volgende vergadering, dan worden geen bevindingen van de commissie, maar de verschillende meningen in het verslag opgenomen. De commissie streeft naar unanimiteit. Het gevoelen van de minderheid wordt desgewenst in het verslag tot uitdrukking gebracht. Artikel7.Contactpersoon bij de benoemings- en herbenoemingsprocedure 1.De voorzitter van de commissie treedt op als contactpersoon. 2.Alle stukken bestemd voor de commissie worden onder vermelding van ‘persoonlijk en vertrouwelijk’ op de envelop en boven de ingesloten stukken gericht aan de voorzitter en gezonden aan het privé-adres van de secretaris en aldaar bewaard tot het moment van archivering. 3.Alle stukken die van de commissie uitgaan worden onder vermelding van ‘persoonlijk en vertrouwelijk’ op de envelop en boven de ingesloten stukken door de voorzitter en de secretaris ondertekend en vanaf het privé-adres van de secretaris verzonden. Artikel8.Bijzondere bepalingen over de benoemingsprocedure 1.De Gemeentewet bepaalt in artikel 61 lid 4 dat de commissie zich slechts door tussenkomst van de commissaris van de Koning(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.