Maatregelenverordening wet werk en bijstand 2013De raad van de gemeente Oldenzaal; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 22 januari 2013, nr. 4/5, reg.nr. INTB-13-00563; gelet op artikel 8, eerste lid onder b en i van de Wet werk en bijstand; b e s l u i t : vast te stellen de Maatregelenverordening wet werk en bijstand 2013 Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsbepaling 1.Alle begrippen die in deze verordening gebruikt worden en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand (WWB) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). 2.Deze verordening verstaat onder: de wet: de Wet werk en bijstand; bijstand: de bijstandsnorm bedoeld in hoofdstuk 3, paragraaf 2 en 3, van de wet; het college: het college van burgemeester en wethouders; werk-/trajectplan: een individueel plan, gericht op het vergroten van de mogelijkheden tot inschakeling in het arbeidsproces; plan van aanpak: het plan, zoals bedoeld in artikel 44a van de wet; rechthebbende: degene die bijstand ontvangt of heeft ontvangen; recidiveboete: bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 18a, vijfde lid, van de wet. 3.De verlaging van de bijstand zoals bedoeld in deze verordening wordt toegepast op de algemene bijstand en de eventuele, op grond van hoofdstuk 4 van de wet, te verstrekken (periodieke) bij-zondere bijstand. Hoofdstuk2Geen of onvoldoende medewerking verlenen aan het verkrijgen of behouden van algemeen geaccepteerde arbeid (arbeidsverplichtingen) Artikel21e categorie Bij de volgende gedragingen wordt de bijstand verlaagd met 5% van de bijstand gedurende een maand: het zich niet tijdig laten registreren als werkzoekende bij het UWV WERKbedrijf, dan wel de inschrijving niet of niet tijdig verlengen; het niet binnen de gestelde termijn retourneren van het sollicitatieformulier. Artikel32e categorie Bij de volgende gedragingen wordt de bijstand verlaagd met 10% van de bijstand gedurende een maand: het later terugkeren van vakantie dan ingevolge artikel 13, eerste lid, onder d, van de wet is toegestaan; het niet binnen de gestelde termijn ondertekenen of aan het college retourneren van een exemplaar van het werk-/trajectplan. Artikel43e categorie Bij de volgende gedragingen wordt de bijstand verlaagd met 20% van de bijstand gedurende een maand: het niet dan wel niet tijdig voldoen aan een oproep om, in verband met de arbeidsinschakeling, op een aangegeven plaats en tijd verschijnen; het niet dan wel in onvoldoende mate meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling, dan wel aan een onderzoek naar de geschiktheid voor scholing of opleiding; gedragingen die de inschakeling in de algemeen geaccepteerde arbeid belemmeren; het later terugkeren van vakantie dan ingevolge artikel 13, eerste lid, onder d, van de wet is toegestaan en waarbij het reïntegratie- en integratietraject wordt geschaad; het niet naar vermogen trachten algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen; het weigeren het sollicitatieformulier in te leveren; het niet meewerken aan het opstellen, uitvoeren of evalueren van een plan van aanpak door een uitkeringsgerechtigde jonger dan 27 jaar; het niet voldoen aan de aan de ontheffing verbonden re-integratieverplichtingen die een alleen-staande ouder heeft als hem op grond van artikel 9a van de wet een ontheffing van de arbeidsplicht is verleend; het niet voldoen aan de verplichting tot het leveren van een tegenprestatie naar vermogen. Artikel54e categorie Bij het in onvoldoende mate nakomen van de verplichting gebruik te maken van de geboden voorzieningen gericht op reïntegratie en integratie van de belanghebbende, wordt de bijstand verlaagdmet 50% van de bijstand gedurende een maand. Artikel65e categorie Bij de volgende gedragingen wordt de bijstand verlaagd met 100% van de bijstand gedurende een maand: het niet aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid; het door eigen toedoen niet behouden van algemeen geaccepteerde arbeid; het weigeren gebruik te maken van de aangeboden voorzieningen tot arbeidsintegratie of de aan-geboden ondersteuning gericht op arbeidsintegratie. Artikel7Medische behandeling Wanneer de rechthebbende niet of niet tijdig meewerkt aan de verplichting verbonden aan een zorgtra-ject als bedoeld in artikel 55 van de wet, stemt het college de bijstand hierop af. Het percentage en de duur van de verlaging zullen, al naar gelang de ernst van de gedraging, overeenkomstig de verla-gingen, bedoeld in de artikelen 3, 4, 5 en 6 plaatsvinden. Hoofdstuk3Maatregelen in verband met andere gedragingen dan de schending van de inlichtingen- dan wel arbeidsverplichtingen Artikel8Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid 1.Indien de rechthebbende anderszins blijk heeft gegeven van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de wet, wordt een verlaging opgelegd die wordt afgestemd op de hoogte van het benadelingsbedrag. 2.De verlaging wordt op de volgende wijze vastgesteld: bij een benadelingsbedrag tot € 1.000,00: 10% van de bijstandsnorm gedurende een maand; bij een benadelingsbedrag van € 1.000,00 tot € 2.000,00: 20% van de bijstandsnorm gedurende een maand; bij een benadelingsbedrag van € 2.000,00 tot € 4.000,00: 40% van de bijstandsnorm gedurende een maand; bij een benadelingsbedrag van € 4.000,00 of meer: 100% van de bijstandsnorm gedurende minimaal een maand. Artikel9Maatregel bij verlies van een passende en toereikende voorliggende voorziening door toepassing van bestuurlijke boete 1.In afwijking van het bepaalde in artikel 8 wordt, indien belanghebbende(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.