NevenwerkzaamhedenArtikel1Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: werkgever: Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant; medewerker: De ambtenaar in dienst van werkgever in de zin van de CAR/UWO, dan wel degene met wie werkgever een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht heeft gesloten; leidinggevende: De directe leidinggevende van de medewerker. nevenwerkzaamheden: Nevenwerkzaamheden zijn alle werkzaamheden of activiteiten van een min of meer structurele aard, die de medewerker naast de functie bij de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant, verricht voor en/of bij derden. Of voor deze werkzaamheid een beloning wordt ontvangen, maakt in dit kader geen verschil. registratie: De registratie van nevenwerkzaamheden zoals bedoeld in artikel 15:1e lid 2 CAR-UWO. Artikel2Melden van nevenwerkzaamheden Lid 1Nevenwerkzaamheden die de medewerker voornemens is te verrichten dienen vooraf bij de leidinggevende te worden gemeld, indien: er een relatie is, financieel of anderszins, tussen de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant of de functie van de medewerker en de organisatie waarvoor de nevenwerkzaamheden worden verricht en/of er een risico is dat de nevenwerkzaamheden een goede functievervulling in de weg staan. Indien zich wijzigingen voordoen met betrekking tot de aard en/of de omvang van de nevenwerkzaamheden, dient de betrokkene dit zo spoedig mogelijk te melden bij de leidinggevende. Lid 2De voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit aangevangen nevenwerkzaamheden als bedoeld in het eerste lid, dienen alsnog door de medewerker bij de leidinggevende te worden gemeld. Lid 3De voornoemde nevenwerkzaamheden dienen te worden gemeld met gebruik van het daartoe vastgestelde en als bijlage aan deze regeling bijgevoegde formulier. Artikel3Toestemming nevenwerkzaamheden Lid 1Toestemming tot het verrichten van nevenwerkzaamheden wordt schriftelijk verleend door de Directeur Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant of Regionaal commandant. Lid 2 Meer specifiek worden de nevenwerkzaamheden of wijzigingen op reeds toegelaten nevenwerkzaamheden getoetst op de volgende afwegingscriteria: Belangenverstrengeling Ongewenste binding aan derden Fraude en corruptie Schade aan het aanzien van het ambt Schade aan de belangen van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant Onduidelijkheid over de hoedanigheid van de medewerker in zijn/haar optreden naar derden. Onvoldoende beschikbaarheid voor de ambtelijke functie Lid 3De medewerker vangt niet eerder aan met de nevenwerkzaamheden dan het moment waarop de toestemming expliciet en schriftelijk is verkregen. Lid 4Directeur Veiligheidsregio/ Regionaal Commandant kan besluiten aan het uitoefenen van de nevenwerkzaamheden of de wijzigingen op reeds toegestane nevenwerkzaamheden bepaalde voorwaarden en/of afspraken te verbinden. Lid 5Directeur Veiligheidsregio/ Regionaal Commandant beoordeelt naar aanleiding van de melding binnen een termijn van 4 weken of er sprake is van een situatie als bedoeld in het eerste lid. Indien dit het geval is, wordt aan de betrokkene schriftelijk en gemotiveerd meegedeeld dat het hem verboden is deze nevenwerkzaamheden te verrichten. Lid 6Een verbod, zoals in de voorgaande leden bedoeld, wordt in ieder geval opgelegd indien er sprake is van één van de criteria zoals vermeld in lid
- Lid 7 Indien de verboden verklaarde nevenwerkzaamheden reeds voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit zijn aangevangen, wordt door leidinggevende in overleg met de medewerker een termijn vastgesteld waarbinnen de nevenwerkzaamheden moeten worden beëindigd. Lid 8De medewerker kan bezwaar maken tegen het verbod op het uitoefenen van nevenwerkzaamheden alsmede tegen de voorwaarden die aan hem worden opgelegd. Uitzondering hierop zijn de voorwaarden zoals omschreven in artikel 4 van deze regeling. Lid 9Aan het personeelsdossier worden toegevoegd: Het formulier waarop de nevenwerkzaamheden of wijzigingen op reeds toegestane nevenwerkzaamheden gemeld worden; en Een afschrift van het gemotiveerde verbod op het uitoefenen van de nevenwerkzaamheden of wijzigingen op reeds toegestane nevenwerkzaamheden; of Een afschrift van de verleende toestemming voor de nevenwerkzaamheden of wijzigingen op reeds toegestane nevenwerkzaamheden; en/of De gestelde voorwaarden ten aanzien van de nevenwerkzaamheden of wijzigingen op reeds toegestane nevenwerkzaamheden; Artikel4Voorwaarden Voor de medewerker aan wie toestemming is verleend om nevenwerkzaamheden te verrichten, gelden in ieder geval de volgende algemene voorwaarden. Als algemene voorwaarde geldt dat, behoudens toestemming van Directeur Veiligheidsregio/ Regionaal Commandant, geen nevenwerkzaamheden mogen worden verricht tijdens arbeidsongeschiktheid voor de ambtelijke functie. Indien de nevenwerkzaamheden betrekking hebben op het voeren van een eigen bedrijf, moet de medewerker zijn risico’s zodanig verzekeren, dat wordt voorkomen dat de Veiligheidsregio Midden- en West Brabant op enigerlei wijze schade zal lijden ten gevolge van de uitoefening van de nevenwerkzaamheden. Contacten met opdrachtgevers en/of klanten dienen te worden gemeld, indien er sprake zou kunnen zijn van enige belangenverstrengeling. De medewerker is verplicht in geval van nevenwerkzaamheden waarbij sprake is van een arbeidsverhouding (een betaalde baan) de regels van de Arbeidstijdenwet en daaruit voortvloeiende besluiten en voorschriften in acht te nemen. Het is de medewerker niet toegestaan om voor nevenwerkzaamheden gebruik te maken van faciliteiten als materialen en middelen van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. Het is de medewerker niet toegestaan om gebruik te maken van (voor)kennis of gegevens waarover hij/zij uit hoofde van zijn/haar functie of zijn/haar werknemer schap bij de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant beschikt of kan beschikken. De nevenwerkzaamheden worden geacht buiten de voor de medewerker geldende werktijden te worden verricht. Artikel5Openbaarmaking Lid 1De nevenwerkzaamheden van medewerkers met de volgende functies worden openbaar gemaakt: Algemeen directeur Veiligheidsregio Regionaal Commandant Plaatsvervangend Regionaal Commandant De directeur Veiligheidsregio Midden– en West Brabant kan bij separaat besluit bepalen dat de nevenwerkzaamheden van andere ambtenaren die integriteitgevoelige functies vervullen eveneens openbaar te maken. Lid 2Openbaarmaking vindt plaats door het publiceren van een lijst op de internetpagina van de Veiligheidsregio Midden-en West Brabant. Op deze lijst worden de volgende gegevens weergegeven: de hoofdfunctie van de betreffende medewerker; de nevenwerkzaamheden en de organisatie waarbinnen deze verricht worden; de datum van ingang van de nevenwerkzaamheden; de eventueel aan het uitoefenen van de nevenwerkzaamheden gestelde beperkingen of voorwaarden. Lid 3De volgende gegevens worden in ieder geval niet openbaar gemaakt: De persoonsnaam van de medewerker. Artikel6Wijze van registreren De afdeling personeel en organisatie (P&O) houdt een actueel overzicht bij van de nevenwerkzaamheden. Dit overzicht wordt alleen intern beschikbaar gesteld. In deze registratie wordt naast de gegevens zoals genoemd in artikel 5, lid 2 de persoonsnaam van de medewerker wel vermeld. Artikel7Voortzetten van verboden nevenwerkzaamheden Het voortzetten van verboden nevenwerkzaamheden wordt gezien als plichtsverzuim. Artikel8Onvoorziene gevallen In die gevallen waarin (de toepassing van) deze regeling voor de medewerker onbedoeld tot een onbillijke of onredelijke situatie leidt, kan de werkgever van deze regeling afwijken. Artikel9Inwerkingtreding Deze regeling kan worden aangehaald als "Regeling Nevenwerkzaamheden" en treedt met terugwerkende kracht in werking op 1 februari
- Bijlage Formulier in kennisstelling nevenwerkzaamheden Regeling nevenwerkzaamheden Inhoudsopgave Artikel 1 Begripsbepalingen Artikel 2 Melden van nevenwerkzaamheden Artikel 3 Toestemming nevenwerkzaamheden Artikel 4 Voorwaarden Artikel 5 Openbaarmaking Artikel 6 Wijze van registreren Artikel 7 Voortzetten van verboden nevenwerkzaamheden Artikel 8 Onvoorziene gevallen Artikel 9 Inwerkingtreding Bijlage