← Nederland

Lokale arbeidsvoorwaarden- en rechtspositieregeling (Milieudienst IJmond)

Lokale arbeidsvoorwaarden- en rechtspositieregeling Lokale arbeidsvoorwaarden- en rechtspositieregeling Inhoudsopgave

  1. Begripsbepalingen Artikel 1 Begripsbepalingen
  2. Salaris Artikel 2 Salaris bij bevordering naar een hogere schaal Artikel 3 Uitloopschaal
  3. Beloning Artikel 4 Beloning uitstekend functioneren en/of bijzondere prestaties
  4. Overige bepalingen Artikel 5 Onvoorziene gevallen Artikel 6 Inwerkingtreding
  5. BegripsbepalingenArtikel 1 BegripsbepalingenVoor de gebruikte begrippen in deze regeling wordt aangesloten bij de begripsbepalingen in de CAR (Collectieve arbeidvoorwaardenregeling voor de sector gemeenten) en UWO (Uitwerkingsovereenkomst). In aanvulling daarop wordt verstaan onder directeur: de directeur van Omgevingsdienst IJmond.
  6. SalarisArtikel 2 Salaris bij bevordering naar een hogere schaalWanneer de ambtenaar wordt bevorderd naar een salarisschaal met een hoger maximumsalaris, wordt het salaris in de nieuwe schaal vastgesteld op het eersthogere bedrag in die schaal, waarmee gerealiseerd wordt dat het verschil tussen het nieuwe salaris en het oude salaris van de ambtenaar tenminste 75% bedraagt van het verschil tussen het bedrag dat de ambtenaar laatstelijk genoot en het naasthogere bedrag in die oude schaal, dan wel het naastlagere bedrag in die oude schaal, indien het salaris in de oude schaal reeds overeenkwam met het hoogste bedrag uit die schaal. Artikel 3 UitloopschaalBij iedere functie behoren drie salarisschalen: de aanloop-, de functie- en de uitloopschaal. De ambtenaar kan worden bevorderd naar de uitloopschaal als bedoeld in artikel 3:7 van de CAR/UWO. De ambtenaar komt in aanmerking voor het doorgroeien naar de uitloopschaal indien: De ambtenaar beschikt over alle functievereisten en beheerst de uitvoering van alle functie-onderdelen; De ambtenaar vraagt tijdig hulp in de uitvoering van de aan hem / haar opgedragen taken die als gevolg van het ontbreken van kennis of als gevolg van tijdsdruk niet door hem / haarzelf kunnen worden uitgevoerd; De ambtenaar biedt tijdig hulp in de uitvoering van taakonderdelen van collega's wanneer blijkt dat deze zijn taken als gevolg van het ontbreken van kennis of als gevolg van tijdsdruk niet door henzelf kunnen worden uitgevoerd; De ambtenaar is in staat collega's of externen aan te sturen bij de uit te voeren complexe activiteiten.
  7. BeloningArtikel 4 Beloning uitstekend functioneren en/of bijzondere prestatiesDe beloning bedoeld in artikel 3:20 van de CAR/UWO kan worden uitgekeerd in verschillende vormen (cadeaubon, etentje, geldbedrag) en bedraagt maximaal € 1.000,- netto. De uitgangspunten om in aanmerking te komen voor de toekenning van de beloning bedoeld in artikel 3:20 van de CAR/UWO zijn: De beloning van de inzet van medewerkers die in een eindschaal en eindperiodiek zitten, waarbij gewenst is hen te stimuleren of te behouden; De beloning na sterkte-/zwakte-analyses van vaardigheden en competenties en het nakomen van de afspraken hieromtrent, waarbij gewenst is te stimuleren de positieve ontwikkeling voort te zetten; De beloning na het verrichten van een teamprestatie welke verband houdt met de team- en/of organisatieontwikkeling; De beloning na het verrichten van een bijzondere prestatie.
  8. Overige bepalingenArtikel 5 Onvoorziene gevallenVoor gevallen waarin de CAR/UWO of deze regeling niet voorziet, kan de directeur nadere regels stellen. Artikel 6 InwerkingtredingDeze regeling treedt in werking op de dag na publicatie ervan en werkt terug tot 1 januari 2016.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.