Verordening parkeerbelasting Bodegraven-Reeuwijk 2016De raad van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 mei 2016; gelet op artikel 225 van de Gemeentewet en de Parkeerverordening Bodegraven-Reeuwijk 2013; besluit: vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelasting 2016 (Verordening parkeerbelasting Bodegraven-Reeuwijk 2016) Artikel1Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: jaar: een kalenderjaar; motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; parkeren: het gedurende een aangesloten periode doen of laten staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden; vergunning: een door het college verleende vergunning, krachtens welke het is toegestaan een motorvoertuig te parkeren of een aanhangwagen te plaatsen op daartoe aangewezen belanghebbendenplaatsen. Artikel2Belastbaar feit Onder de naam 'parkeerbelasting' wordt de volgende belasting geheven: een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende vergunning voor het parkeren van een motorvoertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze. Artikel3Belastingplicht De belasting bedoeld in artikel 2 wordt geheven van degene die de vergunning heeft aangevraagd. Artikel4Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende tarieventabel. Artikel5Wijze van heffing De belasting bedoeld in artikel 2 wordt geheven door voldoening op aangifte. Artikel6Ontstaan van de belastingschuld De belasting bedoeld in artikel 2 is verschuldigd op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend. Artikel7Termijnen van betaling De belasting bedoeld in artikel 2 moet overeenkomstig de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend. Artikel8Bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen De aanwijzing van de plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen betaling van de belasting bedoeld in artikel 2 mag worden geparkeerd, geschiedt in alle gevallen door het college bij openbaar te maken besluit, overeenkomstig het bepaalde in de Parkeerverordening Bodegraven-Reeuwijk
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.