Interne Klachtenregeling 2015Het college van de gemeente Woensdrecht gelezen het advies van de ondernemingsraad d.d. 15 juni 2016; gelet op artikel 147 juncto artikel 108 van de Gemeentewet en hoofdstuk 9, artikel 9:2, van de Algemene wet bestuursrecht; BESLUIT: vast te stellen de navolgende Interne Klachtenregeling 2015. Hoofdstuk1Begrippen Artikel1Begripsomschrijvingen Klaagschrift: een schriftelijke uiting van ongenoegen over de wijze waarop een bestuursorgaan of een persoon werkend onder de verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan, zich in een bepaalde aangelegenheid tegenover die persoon of een ander heeft gedragen; Bestuursorgaan: het verantwoordelijke bestuursorgaan van de gemeente Woensdrecht; Klachtenbehandelaar: door het college van burgemeester en wethouders voor het afhandelen van klaagschriften aangewezen persoon; Ombudsman: de Nationale Ombudsman; Klager: degene die een klaagschrift indient; Beklaagde: degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft. Hoofdstuk2Doelstellingen De doelstelling van de Interne Klachtenregeling 2015 is het vastleggen van een procedure om klachten van burgers binnen de wettelijke termijn op een constructieve wijze af te handelen. Hoofdstuk3Interne klachtenbehandeling Artikel2Recht indienen klacht 1Eenieder heeft het recht om over de wijze waarop een bestuursorgaan van de gemeente Woensdrecht zich in een bepaalde aangelegenheid jegens hem of een ander heeft gedragen, een klacht in te dienen bij dat bestuursorgaan. 2Deze klachtenregeling voorziet niet in klachten over personen werkend bij de Belastingdienst West Brabant of de Intergemeentelijke Sociale Dienst Brabantse Wal. 3Een gedraging van een persoon, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan, wordt aangemerkt als een gedraging van dat bestuursorgaan. 4Een klacht kan mondeling, schriftelijk en langs elektronische weg worden ingediend. Artikel3Klaagschrift 1Een klacht wordt aanhangig gemaakt door het indienen van een klaagschrift bij het bestuursorgaan waarover wordt geklaagd; 2Een klaagschrift kan slechts worden ingediend door of vanwege degene jegens wie de gedraging heeft plaatsgevonden; 3Een klaagschrift dient ondertekend te zijn en ten minste te bevatten: a. naam en adres van de indiener; b. de dagtekening; c. een omschrijving van de gedraging waartegen de klacht is gericht. 4Artikel 6:5, derde lid van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing; 5Indien het klaagschrift niet voldoet aan de eisen zoals gesteld in de leden 1 tot en met 4 van dit artikel wordt aan de klager een termijn van twee weken gegeven ten behoeve van het herstel van de tekortkomingen, gedurende welke termijn de behandeling van het klaagschrift wordt opgeschort. Artikel4Mondeling ingediende klacht 1Bij een mondelinge klacht volstaat de algemene zorgplicht om klachten behoorlijk af te doen. Zo moet verzekerd zijn dat er voldoende gelegenheid is om klachten in te dienen, ook telefonisch; 2Een schriftelijke reactie op een mondelinge klacht is niet verplicht. Als de klager echter uitdrukkelijk om een schriftelijke reactie vraagt, dan ligt het in de rede om hieraan tegemoet te komen, omdat daarmee de gang naar de externe klachtenvoorziening wordt vergemakkelijkt. Artikel5Ontvangstbevestiging klaagschrift Het bestuursorgaan bevestigt de ontvangst van het klaagschrift schriftelijk binnen een week na ontvangst, en vermeldt daarbij wie over de klacht zal adviseren. Artikel6Wie adviseert over een klaagschrift 1De behandeling van en advisering over het klaagschrift geschiedt door een, door het college van burgemeester en wethouders aangewezen persoon, de zgn. klachtenbehandelaar, die niet bij een gedraging waarop het klaagschrift betrekking heeft, betrokken is geweest; 2De behandeling van en advisering over het klaagschrift geschiedt door: a. De klachtenbehandelaar indien het een gedraging van een medewerker of teamleider betreft; b. De gemeentesecretaris, namens het college van burgemeester en wethouders, indien het een gedraging van een hoofd van een afdeling of een staffunctionaris betreft; c. De burgemeester indien het een gedraging van de gemeentesecretaris betreft; d. De burgemeester indien het een gedraging van een lid van het college van burgemeester en wethouders betreft; e. De loco burgemeester indien het een gedraging van de burgemeester betreft; 3De in lid 2 sub b tot en met e genoemde personen worden hierbij ondersteund door de klachtenbehandelaar; 4Het college van burgemeester en wethouders wijst tenminste één plaatsvervanger aan voor de persoon als bedoeld in lid 1 van dit artikel; 5De klachtenbehandelaar is verantwoordelijk voor het bewaken van de termijn van de afdoening van een klaagschrift. Artikel7Wanneer geen verplichting bestaat tot behandeling van een klaagschrift 1Het bestuursorgaan is niet verplicht een klaagschrift te behandelen indien zij een gedraging betreft: a. die reeds eerder is behandeld; b. die langer dan een jaar voor indiening van de klacht heeft plaatsgevonden; c. waartegen door de klager bezwaar gemaakt had kunnen worden, of d. waartegen door de klager beroep kan of kon worden ingesteld; e. die door het instellen van een procedure aan het oordeel van een andere rechterlijke instantie dan een administratieve rechter onderworpen is, dan wel onderworpen is geweest of; f. zolang ter zake daarvan een opsporingsonderzoek op bevel van de officier van justitie of een vervolging gaande is, dan wel indien de gedraging deel uitmaakt van de opsporing of vervolging van een strafbaar feit en ter zake van dat feit een opsporingsonderzoek op bevel van de officier van justitie of een vervolging gaande is. 2Het bestuursorgaan is niet verplicht het klaagschrift te behandelen indien het belang van de klager dan wel het gewicht van de gedraging kennelijk onvoldoende is; 3Het bestuursorgaan is niet verplicht het klaagschrift in behandeling te nemen indien de klager niet voldoet aan het gestelde in artikel 3 van deze regeling; 4Van het niet in behandeling nemen van een klaagschrift wordt de klager zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen vier weken na ontvangst van het klaagschrift in kennis gesteld, zulks - voor zover van toepassing - onder verwijzing naar mogelijk voor de klager nog openstaande vervolgstappen zoals het indienen van een verzoekschrift. Artikel8Afschrift klaagschrift toezenden 1Aan degene op wiens gedraging het klaagschrift betrekking heeft, alsmede aan de gemeentesecretaris wordt een afschrift van het klaagschrift, alsmede van de daarbij meegezonden stukken, toegezonden; 2Aan het afdelingshoofd wordt een afschrift van het klaagschrift, alsmede van de daarbij meegezonden stukken, toegezonden als beklaagde medewerker van zijn afdeling is, of aan de burgemeester als beklaagde de gemeentesecretaris is; 3Als beklaagde een (lid van een) bestuursorgaan, een afdelingshoofd of een staffunctionaris is, volstaat toezending van een afschrift van het klaagschrift, alsmede van de daarbij meegezonden stukken, aan de burgemeester zoals bepaald in het tweede lid. Artikel9Mediation 1Alvorens de formele klaagschriftprocedure wordt gestart, wordt bezien of mediation zinvol is. Als zulks het geval is wordt contact opgenomen met de klager en beklaagde door klachtenbehandelaar om te bezien of het klaagschrift via mediation op adequate wijze kan worden afgewikkeld, zonder dat de formele klachtenprocedure moet worden doorlopen; 2Voor de mediation procedure is maximaal twee weken beschikbaar, te rekenen vanaf het moment van indiening van het klaagschrift; 3Wanneer mediation succesvol is gebleken, wordt dit schriftelijk bevestigd aan de klager en de beklaagde, en wordt de ingediende klacht als afgedaan beschouwd. Artikel10Horen klager en beklaagde 1De klager en de beklaagde, worden in de gelegenheid gesteld te worden gehoord; 2Het horen geschiedt door de klachtenbehandelaar:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.