Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân houdende regels omtrent subsidie voor het kansenfonds Subsidieregeling Kansenfonds Fryslân Regeling van 5 juli, met kenmerk 1327187, betreffende de vaststelling van de Subsidieregeling Kansenfonds Fryslân. Gedeputeerde Staten van Fryslân, gelet op artikel 1.3, vierde lid, van de Algemene subsidieverordening provincie Fryslân 2013; overwegende dat het wenselijk is op provinciale schaal kansen voor participatie te stimuleren voor burgers die als gevolg van financiële, persoonlijke en maatschappelijke omstandigheden niet optimaal participeren in de Friese samenleving; besluiten de Subsidieregeling Kansenfonds Fryslân vast te stellen als volgt: Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: kansarmen: burgers uit de provincie Fryslân, die als gevolg van financiële, persoonlijke en maatschappelijke omstandigheden niet optimaal participeren in de Friese samenleving; netwerk: het geheel van organisaties die in Fryslân werken en samenwerken om de kansen van kansarmen te vergroten. Artikel 2 Doel De subsidie heeft tot doel mensen die in de provincie Fryslân kansarm zijn optimaal mogelijk deel te laten nemen aan de Friese samenleving, door het op de langere termijn versterken en bevorderen van de Friese sociale infrastructuur. Artikel 3 Subsidiabele activiteiten Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan het in artikel 2 genoemde doel. Artikel 4 Doelgroep 1 Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan rechtspersonen, die onderdeel uitmaken van het netwerk en die op Friese schaal aantoonbaar samenwerken met relevante partners. 2 Subsidie wordt niet verstrekt aan gemeenten. Artikel 5 Aanvraagperiode Een aanvraag voor subsidie kan worden ingediend binnen een door Gedeputeerde Staten vastgesteld tijdvak. Artikel 6 Aanvraag Een aanvraag voor subsidie wordt ingediend door middel van een door Gedeputeerde Staten vastgesteld aanvraagformulier. Artikel 7 Weigeringsgronden Een subsidie wordt geweigerd indien: de activiteit naar het oordeel van Gedeputeerde Staten onvoldoende bijdrage levert aan de doelstelling van deze regeling; een aanvraag voor subsidie voor dezelfde activiteiten, door een bestuursorgaan van een gemeente om inhoudelijke redenen is afgewezen; de activiteit gelijk aan of vergelijkbaar is met bestaande activiteiten in Fryslân; de activiteit gefinancierd kan worden vanuit andere wettelijke regelingen, zoals de Zorgverzekeringswet, de Participatiewet of de Wet Langdurige Zorg; onvoldoende aannemelijk is dat binnen zes maanden na het besluit tot subsidieverlening kan worden begonnen met het uitvoeren van de activiteit; de activiteit gelijk aan of vergelijkbaar is met activiteiten waarvoor Gedeputeerde Staten ook op grond van een andere subsidieregeling subsidie zouden kunnen verstrekken of reeds hebben verstrekt; de activiteit betrekking heeft op de financiële ondersteuning van individuele personen of onderzoeksprojecten; aan de aanvraag bij de rangschikking als bedoeld in artikel 11, derde lid, minder dan 16 punten zijn toegekend; aan de aanvraag bij de beoordeling als bedoeld in artikel 12, derde lid, minder dan 16 punten zijn toegekend. Artikel 8 Toetsingscriteria Gedeputeerde Staten rangschikken de voor subsidieverlening in aanmerking komende aanvragen zodanig, dat een aanvraag hoger gerangschikt wordt naarmate die naar hun oordeel meer voldoet aan de volgende criteria: de mate waarin de hoogte van de gevraagde subsidie in verhouding staat tot de beoogde en verwachte effecten van de activiteit; de mate van financiële borging van de activiteit op langere termijn; het geografisch bereik van de activiteit; de mate waarin de activiteit de Friese sociale infrastructuur versterkt, door optimalisering van de samenwerking tussen professionals, maatschappelijke organisaties en vrijwilligersorganisaties die zich inzetten voor participatie van kansarmen; de mate waarin de activiteit leidt tot participatie van kansarmen; de mate waarin de activiteit aanvullend is op het beleid van rijk en gemeenten; de mate waarin er aantoonbaar financieel draagvlak voor de activiteit is bij de gemeentebesturen van de gemeenten waarbinnen de activiteit wordt uitgevoerd. Artikel 9 Subsidiabele kosten 1 Kosten die verband houden met de reguliere werkzaamheden van de aanvrager komen niet in voor subsidie in aanmerking. 2 Voor het bepalen van de subsidiabele kosten worden vrijwilligersuren gewaardeerd op maximaal € 9,78 per uur per vrijwilliger. Artikel 10 Subsidiehoogte 1 Indien de subsidiabele activiteit economisch van aard is, bedraagt de hoogte van de subsidie 75% van de subsidiabele kosten, tot een maximum van € 200.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.