Regeling ter bevordering van maatschappelijke participatie door schoolgaande kinderen 2016Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen op Zoom; overwegende dat maatschappelijke participatie door schoolgaande kinderen zoveel mogelijk dient te worden bevorderd; gelet op de Algemene subsidieverordening Bergen op Zoom 2015; BESLUIT: de Regelingter bevordering van maatschappelijke participatie door schoolgaande kinderen2016 vast te stellen. Artikel1.Begripsomschrijvingen In deze regeling wordt verstaan onder: Brabantse Wal gemeenten: gemeenten Bergen op Zoom, Steenbergen en Woensdrecht; het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen op Zoom; Leergeld: Stichting Leergeld Bergen op Zoom; subsidie: subsidie op grond van de Algemene subsidieverordening Bergen op Zoom 2015; 1º alleenstaande ouder: een alleenstaande ouder als bedoeld in artikel 4, lid 1, sub b, van de Participatiewet, woonachtig in de gemeente Bergen op Zoom als zodanig ingeschreven in de Basisregistratie personen; 2º gehuwden: gehuwden en daarmee gelijkgestelden als bedoeld in artikel 3 van de Participatiewet, woonachtig in de gemeente Bergen op Zoom als zodanig ingeschreven in de Basisregistratie personen; 3º kind: een ten laste van de ouder(s) als bedoeld onder 1º en 2º komend kind, in de leeftijd van 4 jaar tot en met 17 jaar, woonachtig in de gemeente Bergen op Zoom en als zodanig ingeschreven in de Basisregistratie personen, dat onderwijs of een beroepsopleiding volgt; bijstandsnorm: de van toepassing zijnde bijstandsnorm op grond van de artikelen 20, 21, 22 en 23 van de Participatiewet na brutering voor de fiscus; inkomen: het inkomen als bedoeld in artikel 32 van de Participatiewet waarbij een eventuele bijstandsuitkering, in afwijking van artikel 32 van de Participatiewet, voor de beoordeling van het recht op een voorziening als inkomen wordt gezien; maatschappelijke participatie: het deelnemen aan activiteiten op het gebied van onderwijs, cultuur, sport en welzijn; voorziening: een vorm van ondersteuning in natura gericht op de maatschappelijke participatie van kinderen. Artikel2.Doel en strekking Degenen die tot de doelgroep behoren alsmede aan de voorwaarden voldoen, hebben ter bevordering van deelneming aan de samenleving door ten laste komende schoolgaande kinderen recht op subsidie in de vorm van een voorziening. Artikel3.Doelgroep 1.Tot de doelgroep behoren de alleenstaande ouder of de gehuwden met een of meerdere kinderen die gedurende een periode van 6 maanden is/zijn aangewezen op een inkomen wat gemiddeld per maand niet uitkomt boven 120 % van de geldende bijstandsnorm. 2.Als periode in het vorige lid wordt in aanmerking genomen het tijdvak van 6 kalendermaanden onmiddellijk voorafgaande aan de maand waarin de aanvraag is ingediend. 3.Het kind waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, dient op de aanvraagdatum aan het leeftijdscriterium als bedoeld in artikel 1, sub e, onder 3º, van de regeling te voldoen. Artikel4.Voorziening Per kind bestaat recht op subsidie in de vorm van één voorziening naar eigen keuze per kalenderjaar. Artikel5.Invulling voorziening 1.Een voorziening als bedoeld in artikel 1, sub i, van deze regeling kan bestaan uit de navolgende mogelijkheden: het lidmaatschap van een jeugd-, sport- of ontspanningsvereniging; het binnen de Brabantse Wal gemeenten kunnen volgen van een cursus of workshop op het gebied van muziek, dans, theater of beeldend, uitsluitend in groepsverband; het binnen de Brabantse Wal gemeenten wekelijks gedurende een half uur kunnen volgen van regulier zwemonderwijs voor de diploma’s A en B tegen het laagst mogelijke tarief van het desbetreffende instituut met een maximum bedrag van € 7,50 voor 30 minuten; een abonnement voor zwembad De Melanen, De Meermin, Aquadintel of De Plantage; het kunnen deelnemen aan een schoolreisje of schoolkamp tijdens het basisonderwijs, vakexcursies in het voortgezet onderwijs, het spaarsysteem in lagere klassen van het voortgezet onderwijs ter financiering van een meerdaagse buitenlandse schoolreis later als leerling van een van de hoogste klassen, alsmede andere activiteiten die in een schooljaar door de school worden georganiseerd; een (tweedehands) standaard fiets voor normaal dagelijks gebruik bij de overgang van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs; één keer in een periode van 5 jaar een eenvoudige voor het voortgezet onderwijs benodigde (tweedehands) laptop of tablet. 2.Een voorziening voor schoolactiviteiten kan zich uitstrekken tot alle in een schooljaar georganiseerde activiteiten. 3.Bij fitness mogen de kosten van het lidmaatschap een bedrag van € 20,00 per maand niet overschrijden. 4.Geen voorziening in natura is mogelijk voor exclusieve en extreme sporten. 5.Geen voorziening in natura is mogelijk voor een meerdaagse buitenlandse schoolreis anders dan middels deelname aan het spaarsysteem als bedoeld in lid
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.