Bezwarenregeling Veiligheidsregio Limburg-Noord Artikel 1 Begripsbepalingen 1. In deze regeling wordt verstaan onder: Awb: Algemene wet bestuursrecht; Commissie: De ingevolge artikel 7:13 Algemene wet bestuursrecht (Awb) ingestelde onafhankelijke bezwarencommissie, die in het kader van deze regeling belast is met de behandeling van bezwaren; DB: door of namens het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio Limburg-Noord, dit is het bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen; GO: De commissie voor Georganiseerd Overleg, zoals bedoeld in artikel 12:1 van de CAR-UWO, die is samengesteld uit een vertegenwoordiging van het DB en een vertegenwoordiging van de toegelaten organisaties; Voorzitter: De voorzitter van de bezwarencommissie; VRLN: Veiligheidsregio Limburg-Noord. Artikel 2Inleidende bepalingen Begripsbepalingen 1. Er is een commissie ter voorbereiding van de door het DB te nemen beslissing op bezwaren tegen besluiten van de VRLN. Artikel 3 Samenstelling van de commissie 1. De commissie bestaat uit tenminste drie leden. 2. De leden van de commissie zijn onafhankelijk en zij kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van de VRLN. 3. De leden van de commissie worden benoemd, geschorst en ontslagen door het DB, conform het bepaalde in lid 5 van dit artikel. De leden, als bedoeld in lid 1 van dit artikel, worden op de volgende wijze geselecteerd: een lid: aan te wijzen door de werkgever; een lid: aan te wijzen door de werknemersdelegatie in de commissie voor Georganiseerd Overleg; de voorzitter: aan te wijzen door de werkgever en de werknemersdelegatie in de commissie voor het Georganiseerd Overleg gezamenlijk; Het DB benoemt tevens een plaatsvervanger voor ieder lid van de commissie, de plaatsvervangers worden op identieke wijze voorgedragen als de leden van de commissie. Artikel 4 Ambtelijk secretaris De ambtelijk secretaris ondersteunt de voorzitter en de leden van de commissie bij de uitoefening van hun taak en dient de commissie desgevraagd van advies. De ambtelijk secretaris van de commissie is een door het DB aangewezen ambtenaar. De ambtelijk secretaris is in de uitoefening van zijn functie uitsluitend verantwoording schuldig aan de commissie. Het DB wijst (mede ter borging van de continuïteit) één of meer plaatsvervangers van de ambtelijk secretaris aan. Artikel 5 Zittingsduur De voorzitter en de leden van de commissie worden benoemd voor een periode van maximaal vier jaar en kunnen één keer herbenoemd worden. De voorzitter en leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Het DB kan tussentijds tot schorsing en ontslag van de voorzitter of een lid overgaan indien daartoe zwaarwegende redenen zijn. Alvorens wordt overgegaan tot een dergelijke maatregel vindt overleg plaats tussen werkgever en de werknemersdelegatie in de commissie voor Georganiseerd Overleg. Het DB zal ook tot ontslag overgaan als de voorzitter of een lid een ambt of functie heeft aanvaard die krachtens artikel 3, lid 2, van deze regeling onverenigbaar is met het lidmaatschap van de commissie. De aftredende voorzitter en de aftredende leden van de commissie blijven hun functie vervullen tot in hun opvolging is voorzien. Het gestelde in lid 5 van dit artikel geldt niet voor de voorzitter en/of leden die op grond van het bepaalde in lid 3 of lid 4 van dit artikel uit hun functie zijn ontheven. Het DB stelt een rooster van aftreden op zodat de continuïteit van de commissie wordt gewaarborgd. De samenstelling van de commissie blijft zoals genoemd in artikel 3 lid 4 van deze regeling. Artikel 6 Ingediend bezwaarschrift Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend. Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld. Bij het bericht van ontvangst als bedoeld in artikel 6:14 van de Awb wordt vermeld dat de commissie over het bezwaar zal adviseren. Artikel 7 Uitoefening bevoegdheden Voor de toepassing van deze regeling oefent de voorzitter van de commissie de volgende bevoegdheden uit: Het verlangen van een machtiging als bedoeld in artikel 2:1, tweede lid, van de Awb. Het bieden van de gelegenheid tot het herstellen van een verzuim als bedoeld in dat artikel 6:6 van de Awb. Het toezenden van stukken als bedoeld in artikel 6:17 van de Awb aan een gemachtigde tijdens de behandeling door de commissie. Het afzien van het horen als bedoeld in artikel 7:3 van de Awb. Het ter inzage leggen van stukken als bedoeld in artikel 7:4, tweede lid, van de Awb. Artikel 8 Vooronderzoek De commissie is in verband met de voorbereiding van de behandeling van het bezwaarschrift bevoegd met in kennisstelling van betrokkene alle relevante inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is voorafgaand overleg met de algemeen directeur (over de redelijkheid van de kosten) aangewezen. Artikel 9 Hoorzitting De voorzitter van de commissie bepaalt het tijdstip en de plaats van de hoorzitting waar de belanghebbende(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.