← Nederland

Verordening Ombudscommissie Eindhoven (Eindhoven)

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Eindhoven maakt bekend, dat de raad in zijn vergadering van 9 augustus 2016 heeft besloten: I. de Verordening Ombudscommissie 2014 te wijzigen en als volgt vast te stellen: Verordening Ombudscommissie Eindhoven Artikel1Instelling Ombudscommissie Er is een Ombudscommissie Eindhoven (hierna: Ombudscommissie). De Ombudscommissie behandelt verzoeken, als bedoeld in titel 9.2 van de Algemene wet bestuursrecht, van de gemeente Eindhoven en van andere bestuursorganen, in de zin van artikel 1:1 van de Algemene wet bestuursrecht, waarvoor de raad de Ombudscommissie heeft aangewezen voor het behandelen van verzoeken in tweede instantie. Artikel2Samenstelling Ombudscommissie 1.De Ombudscommissie bestaat uit een voorzitter en drie leden waaronder een plaatsvervangend voorzitter, die op voorstel van burgemeester en wethouders worden benoemd door de raad. De raad benoemt uit de leden de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter van de Ombudscommissie. Een verzoek wordt behandeld door een voorzitter en twee leden. Voor de behandeling van de verzoeken worden de leden zo mogelijk even vaak ingezet. 2.De Ombudscommissie wordt bijgestaan door een secretaris die op voordracht van de Ombudscommissie wordt benoemd door burgemeester en wethouders. Artikel3Zittingsduur 1.De voorzitter en de leden van de Ombudscommissie kunnen eenmaal worden herbenoemd voor een periode van zes jaar. 2.De voorzitter en de leden van de Ombudscommissie kunnen op elk moment ontslag nemen. De aftredende voorzitter en de aftredende leden van de Ombudscommissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien. Artikel4Financiële middelen 1.De raad verschaft de Ombudscommissie voldoende financiële middelen voor een goede uitoefening van haar werkzaamheden. 2.De voorzitter en de leden van de Ombudscommissie ontvangen een vergoeding per bijeenkomst waar één of meerdere verzoeken zijn behandeld overeenkomstig artikel 23a van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden 2006 gebaseerd op artikel 96 van de Gemeentewet 3.De secretaris van de Ombudscommissie ontvangt voor de werkzaamheden een vast bedrag per maand. 4.De Ombudscommissie draagt er zorg voor dat de behandeling van de verzoeken binnen de kaders van het beschikbaar gestelde budget blijft. Artikel5Tussentijdse evaluatie en Jaarverslag 1.Eens per half jaar, of eerder op verzoek van de Ombudscommissie of van de raad, bespreekt de Ombudscommissie de voortgang van de behandeling van de verzoeken met de raad danwel de raadscommissie en geeft waar mogelijk een lijn of tendens aan waar de organisatie, met het oog op het voorkomen van verzoeken, rekening mee kan houden. 2.De Ombudscommissie biedt jaarlijks voor 1 mei aan de gemeenteraad het jaarverslag aan met daarin alle verzoeken die in het voorafgaande jaar zijn ingediend en de resultaten van de behandeling. Het jaarverslag, het functioneren van de Ombudscommissie en de besteding van het beschikbaar gestelde budget worden besproken met de raad. Artikel6Werkzaamheden De Ombudscommissie neemt alvorens tot formele behandeling over te gaan contact op met de verzoeker teneinde te bekijken of een informele wijze van behandeling mogelijk is. Waar mogelijk worden meerdere verzoeken per bijeenkomst behandeld. De Ombudscommissie maakt een werkinstructie voor haar werkzaamheden, waarin wordt opgenomen op welke wijze de voorzitter c.q. leden van de Ombudscommissie inhoudelijk bijdragen aan de totstandkoming van rapportages aangaande de klachtafhandeling. De Ombudscommissie maakt een werkinstructie voor de secretaris, waarin wordt opgenomen op welke wijze de secretaris de Ombudscommissie ondersteunt. De Ombudscommissie en de secretaris voeren hun werkzaamheden uit met inachtneming van de geldende wet- en regelgeving, in het bijzonder de Wet bescherming persoonsgegevens. Artikel7Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking de dag na bekendmaking. Artikel8Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening Ombudscommissie Eindhoven. II.De Verordening tot wijziging van Verordening rechtspositie raads –en commissieleden 2006 als volgt te wijzigen en vast te stellen: A.artikel 23a Ombudscommissie. In afwijking van artikel 17 ontvangen de leden van de Ombudscommissie als bedoeld in de Verordening Ombudscommissie Eindhoven een vergoeding per bijeenkomst waar één of meerdere verzoeken worden behandeld die gelijk is aan de vergoeding die de leden van de commissie voor de bezwaarschriften ingevolge artikel 21 van deze verordening ontvangen De voorzitter van de Ombudscommissie ontvangt het bedrag als genoemd in het eerste lid, verhoogd met 20 %. Het college kan de in het eerste en tweede lid genoemde bedrag wijzigen indien het bedoelde bedrag als opgenomen in het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren wijzigt. De voorzitter en de leden ontvangen tevens een reiskostenvergoeding op basis van declaratie van kilometers of openbaar vervoer. De Verordening tot wijziging van de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden 2006 treedt in werking een dag na bekendmaking. III.De Ombudscommissie Eindhoven aan te wijzen als 2e instantie om verzoekschriften in het kader van titel 9.2 van de Algemene wet bestuursrecht van de Stichting Cultuur Eindhoven te behandelen. Eindhoven, 9 augustus 2016 Het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven, , burgemeester. , secretaris. Uitgegeven, 11 oktober 2016 Mij bekend, de gemeentesecretaris van Eindhoven, M.L. Wilke

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.