Beleidsregels resultaatgericht financieren WmoWijziging Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning De Ronde Venen 2016 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente De Ronde Venen, overwegende dat het wenselijk is om voor de pilot resultaat gericht werken beleidsregels op te stellen voor de toewijzing van huishoudelijke hulp en thuisbegeleiding en hiertoe de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning De Ronde Venen 2016 te wijzigen Gelet op de Verordening maatschappelijke ondersteuning De Ronde Venen 2015 en artikel 4:81 van de Awb; BESLUIT: vast te stellen de navolgende wijziging van de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning De Ronde Venen 2016 (Beleidsregels resultaatgericht financieren Wmo) ArtikelIBegripsbepalingen: In deze beleidsregels worden de volgende begrippen gehanteerd: Ondersteuningsplan: het plan waarin de afspraken tussen inwoner en zorgaanbieder zijn vastgelegd. De resultaten van deze afspraken staan in het zorgprofiel. Zorgprofiel: de beschreven resultaatgebieden waarmee de inwoner ondersteund wordt in zijn hulpvraag. Resultaatfinanciering: in de oude situatie werd beschikt via het toekennen van uren huishoudelijke ondersteuning en/of begeleiding licht. In de nieuwe situatie wordt beschikt in resultaten. Per resultaatgebied krijgt de zorgaanbieder een vast budget per vier weken. (Zorg)leefplan: het zorgdossier van de inwoner. In dit plan staan alle leefgebieden vermeld en de afspraken per leefgebied die de inwoner ondersteunen in het zo lang mogelijk zelfstandig thuis blijven wonen. Hoofdstuk3.1Hulp bij het huishouden Het kunnen voeren van een huishouden maakt langer zelfstandig wonen in de eigen leefomgeving mogelijk. Adequaat een huishouden voeren is een zeer subjectief begrip waarop eenieder eigen normen en waarden hanteert. Om dit te objectiveren en zo beter de noodzaak voor een maatwerkvoorziening vast te stellen zijn alle werkzaamheden vastgelegd in resultaten en is vastgelegd welke werkzaamheden nodig zijn om deze te behalen. 3.1.1 Omschrijving resultaatgebieden Het college verstrekt een maatwerkvoorziening voor ondersteuning en regie bij het huishouden aan inwoners en die beperkingen ondervinden bij het zelfstandig leven in de eigen leefomgeving. De maatwerkvoorziening wordt uitgedrukt in resultaten. Of deze resultaten ook echt behaald worden, wordt getoetst door een klantervaringsonderzoek dat jaarlijks door de gemeente wordt uitgevoerd. Tevens kan de evaluatie van het ondersteuningsplan aanleiding zijn om de beschikking te herzien. (zie bijlage) Resultaten zijn: Een schoon en leefbaar huis: het gaat hierbij om het schoonhouden van de ruimten die voor dagelijks gebruik noodzakelijk zijn en daadwerkelijk gebruikt worden: Een woonkamer; De in gebruik zijnde slaapkamers; De keuken en de sanitaire ruimten; Verkeersruimten (gangen en overloop); Schone kleding en linnengoed (bij uitzondering, niet standaard indiceren) Regie op het huishouden (Middels organisatie, advies en/of instructie van het huishouden. Hieronder wordt in ieder geval verstaan: Plannen en organiseren van huishoudelijke activiteiten: opstellen planning werkzaamheden, beheer van de levensmiddelenvoorraad, houdbaarheid in koelkast; Maaltijden bereiden: smeren boterhammen, klaarzetten drinken en opwarmen van warme maaltijden; Aandacht voor hygiëne in huis in algemene zin. Zelfredzaamheid binnen het huishouden (middels begeleiden bij het laten doen van het huishouden: het aanleren van activiteiten in het huishouden ten behoeve het zelfstandig blijven wonen en sociaal/persoonlijk functioneren. Deze ondersteuning moet leiden tot beter zelfstandig wonen, is tijdelijk van aard en ter voorkoming van meer ondersteuning. Ondersteuning bij uitvoeren of overnemen van eenvoudige of complexe taken/activiteiten, of bij oplossen van praktische problemen die buiten de dagelijkse routine vallen; Ondersteuning bij het beheren van (huishoud)geld; Ondersteuning bij de administratie (alleen in de zin van oefenen); Ondersteuning bij gebruik openbaar vervoer (alleen in de zin van oefenen); Ondersteuning Niet-lijfgebonden persoonlijke verzorging binnen de Wmo; Ondersteuning bij of overnemen van post openmaken; Voorlezen en ondersteuning bij het regelen afhandeling praktische zaken; Ondersteuning bij het plannen en stimuleren van contacten in persoonsgebonden sociale omgeving; Ondersteuning bij communicatie in de persoonsgebonden omgeving; Ondersteuning bij of begeleiding naar beweging richting collectieve voorzieningen, Onderzoeken van inzet mantelzorgers en/of vrijwilligers en het bieden van advies en ondersteuning aan de leefomgeving van de inwoner. 3.1.2 Omvang ondersteuning De mate en omvang waarin huishoudelijke ondersteuning wordt toegekend is afhankelijk van het zorgprofiel.. Er zijn 5 profielen te onderscheiden. Aan elk profiel hangt een geldbedrag per 4 weken en globaal de activiteiten conform de periode die het CAK hanteert voor berekening van de eigen bijdrage. Op basis van een gesprek en onderzoek wordt bepaald welk zorgprofiel passend is Het onderzoek bestaat uit een gesprek met de inwoner door de gemeente. Daarna wordt onderzocht welke ondersteuning het meest passend is bij de situatie van de inwoner. Daarna krijgt de inwoner via een indicatie die leidt tot indeling in een zorgprofiel. Daarna volgt een beschikking waar het zorgprofiel en de werkzaamheden wordt opgenomen. Met de beschikking gaat de inwoner naar de zorgaanbieder. De zorgaanbieder maakt vervolgens met de inwoner de afspraken over de exacte invulling in de periode van 4 weken. Deze afspraken worden vastgelegd in het ondersteuningsplan. Dit ondersteuningsplan wordt opgenomen in het zorgleefplan van de inwoner. Een schriftelijke kopie wordt naar de gemeente gestuurd en bewaard bij de beschikking. Eén keer per jaar vindt er een evaluatie plaats tussen de zorgaanbieder en de inwoner. De gemeente ontvangt een schriftelijke kopie van deze evaluatie en stuurt bij indien nodig. De Servicepunten De Ronde Venen krijgen een belangrijk rol bij het uitzoeken van mogelijkheden in de algemene voorzieningen. Ook krijgen zij op termijn een belangrijke rol in het herkennen van nieuwe signalen uit de samenleving. 3.1.3 Afwegingskader De gemeente weegt het volgende mee om het profiel te bepalen: de samenstelling van het huishouden: gaat het om één persoon of meer personen? Zijn er nog meer gezinsleden die verzorgd moeten worden of die juist kunnen meehelpen? Is er sprake van gebruikelijke zorg? werkzaamheden die gedaan moeten worden en waar ondersteuning bij nodig is: als alleen het zware schoonmaakwerk gedaan hoeft te worden kan een lager profiel ingezet worden dan als er daarnaast ook lichte taken gedaan moeten worden. het type hulp (alleen schoonmaken, helpen met organiseren, omgaan met complex gedrag), mogelijkheden om tot andere oplossingen te komen (als er mogelijkheden zijn om tot een andere oplossing te komen kan iemand lager worden ingeschaald); – beperkingen van de inwoner. het persoonlijk plan van de inwoner. Het te behalen resultaat met het bijbehorende profiel wordt in het ondersteuningsplan opgenomen. De aanbieder bespreekt het te behalen resultaat met de klant en spreekt af wat de hulp doet en wat de klant zelf doet. De aanbieder kan ervoor kiezen om eens per 2 weken bij de inwoner langs te komen. Dit kan alleen met instemming van de inwoner. 3.1.4 Basisnorm van een schoon huis Uitgangspunt bij resultaatfinanciering in ondersteuning en regie bij het voeren van een huishouden, is ‘een schoon en leefbaar huis’. Het gaat om de ruimten die nodig zijn voor het normale gebruik van de woning. Deze ruimten dienen met enige regelmaat schoongemaakt te worden. Dit wil niet zeggen dat alle vertrekken wekelijks of meer wekelijks schoongemaakt moeten worden. Het betekent dat het huis niet vervuilt en periodiek schoon wordt gemaakt om zo een algemeen aanvaard basisniveau van ‘schoon’ te realiseren. De taken en frequenties bij het begrip schoon en leefbaar huis moeten per geval duidelijk worden omschreven. Hierdoor is het duidelijk wat er verwacht wordt in dit arrangement. Normering schoon huis Taken Frequentie (max.) Licht huishoudelijk werk Stof afnemen, ragen (hoog/laag) Wekelijks Kamers opruimen Wekelijks Zwaar huishoudelijk werk Schrobben/dweilen/soppen (toilet, badkamer, keuken, verkeersruimten) Wekelijks Bedden verschonen 1 maal per 2 weken Opruimen huishoudelijk afval Wekelijks Stofzuigen Wekelijks Ramen lappen aan binnenzijde 1 maal per kwartaal Wasverzorging Kleding en linnengoed sorteren en wassen in wasmachine Alleen bij uitzondering, max. drie maanden Ophangen en afhalen Alleen bij uitzondering, max. drie maanden Vouwen en opbergen Alleen bij uitzondering, max. drie maanden De frequentie geeft aan hoe vaak de ruimten voor dagelijks gebruik schoongemaakt moeten worden. De frequentie geeft aan wat als een maximaal algemeen aanvaard basisniveau wordt beschouwd. De frequentie om de bovenstaande taken uit te voeren is afgeleid van het CIZ protocol Indicatieadvisering voor Hulp bij het Huishouden. Bij het opstellen van de profielen is uitgegaan van deze basisnorm van wat onder een schoon huis wordt verstaan. 3.1.4 Zorgprofielen In het gesprek met de gemeente, om te inventariseren wat er echt nodig is om de inwoner een voorziening te verstrekken welke een passende bijdrage levert inzake de wet Wmo (zie art. 2.3.5 Wmo 2015), is het ook belangrijk om een overzicht van de leefsituatie en omgeving te krijgen. Hiermee worden alle levensgebieden bedoeld. Voorliggende/algemene voorzieningen. Bij een acuut psychisch probleem kan het zijn dat er eerst behandeling nodig is. Dit is dan voorliggend. Daarnaast kan er gekeken worden of de vraag mede opgelost kan worden in de algemene voorzieningen. Zo nee, is dat een signaal dat er wat ontwikkeld moet gaan worden of gaan we richting maatwerkvoorziening. Zorgprofielen A t/m C zijn bedoeld om ondersteuningsvragen van inwoners op te lossen in de algemene voorzieningen. Er wordt dan geen maatwerkondersteuning aangeboden. Het Servicepunt kan hierin ook een belangrijke schakel gaan worden in het meedenken in ontwikkelen van nieuwe algemene voorzieningen. Zorgprofiel Taken Resultaat Kosten/eigen bijdrage A Geen maximum inzet vastgesteld door gemeente. In overleg wat kan met vrijwilligers/netwerk/familie. Boodschappen doen, koffie drinken, wassen van kleding, drogen van kleding, strijken van kleding. Overig textiel Eigen kracht is maximaal benut. Algemene voorzieningen zijn ingezet Welzijn op recept (via verwijzers. Per september 2016 beschikbaar) -Gratis -Kleine eigen bijdrage (bijv ergens koffie gaan drinken na het boodschappen doen is voor rekening van de inwoner) B Geen maximum inzet vastgesteld door gemeente. Klussen in huis of tuin ondersteunen mantelzorger door inzet respijtzorg (oppas) Meegaan naar doktersbezoek op reguliere basis. Eigen kracht is maximaal benut. Algemene voorzieningen zijn ingezet met aanvullende diensten -Onkostenvergoeding bijv. auto € 0,30 per km (via Automaatje). -Klussen in tuin of huis, (uurprijs vast te stellen door Welzijn) Verwijzing via Welzijn. C Geen maximum inzet vastgesteld door gemeente. Maatwerkvoorziening door gemeente Combinatie van A, B of 1 Maatwerk met algemene voorzieningen in combinatie met beschikking is behaald. -Van gratis tot kleine bijdrage, vast te stellen door Welzijn -Tot onkostenvergoeding zoals vastgesteld door welzijn Zorgprofielen 1 t/m 5 zijn bedoeld om ondersteuningsvragen van inwoners op te lossen in maatwerkvoorzieningen. De algemene voorzieningen alleen zijn niet (meer) voldoende om de inwoner op een passende manier te ondersteunen. Het basisprofiel is zorgprofiel 2 (voormalig HH1). Er kan ook een combinatie gemaakt worden van A t/m C en/of 1 t/m 5 voor zover de ondersteuning (deels) ook binnen een algemene voorziening gevonden kan worden. In de zorgprofielen 1 t/m 5 zijn werkzaamheden opgenomen die mogelijk bij de maatwerkvoorziening ingezet worden om een passende bijdrage te realiseren comform art. 2.3.5 Wmo
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.