Regeling voor de afhandeling van klachten door GGD IJsselland 2017 (Klachtenregeling GGD IJsselland 2017)Het dagelijks bestuur van GGD IJsselland, Overwegende dat: de klachtenregeling dient te voldoen aan de eisen van de Algemene wet bestuursrecht (Awb); de klachtenregeling dient te voldoen aan de eisen van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz); GGD IJsselland één integrale klachtenregeling nastreeft Besluit: de Regeling voor de afhandeling van klachten door GGD IJsselland 2017 (Klachtenregeling GGD IJsselland 2017) als volgt vast te stellen Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: aangeklaagde: de medewerker dan wel het bestuursorgaan van GGD IJsselland op wiens gedraging, nalaten of beslissing de klacht betrekking heeft; bestuursorgaan: het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, de voorzitter en de commissies als bedoeld in artikel 23 van de Regeling GGD IJsselland; cliënt: natuurlijk persoon die onder andere zorg vraagt dan wel aan wie GGD IJssel-land zorg verleent of heeft verleend; dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van GGD IJsselland; geschillencommissie: de geschillencommissie Publieke Gezondheid, zijnde een geschillencommissie als bedoeld in artikel 18 van de Wkkgz; hij: in deze klachtenregeling wordt de “hij”-vorm gebruikt. Waar “hij” staat kan ook “zij” worden gelezen; klacht: uiting van onvrede over een handeling, of het nalaten daarvan, alsmede over het nemen van een beslissing, die gevolgen heeft voor een cliënt, door GGD IJssel-land of door een persoon die voor deze GGD werkzaam is; klachtbehandelaar: degene die binnen GGD IJsselland namens het dagelijks bestuur belast is met de behandeling en betrokken is bij de beoordeling van een klacht op grond van deze regeling; klachtenformulier: een formulier waarmee een mondelinge klacht schriftelijk kan worden vastgelegd of een schriftelijke klacht kan worden ingediend. Voor het pere-mail indienen van een klacht kan een digitaal klachtenformulier worden gebruikt; klachtenfunctionaris: degene die binnen GGD IJsselland belast is met de opvang van klachten zoals bedoeld in artikel 15, eerste lid, Wkkgz; klager: degene die een klacht indient; medewerker: een ieder die krachtens een ambtelijke aanstelling, arbeidsovereenkomst of op basis van detachering werkzaam is bij GGD IJsselland, hieronder mede ge-rekend stagiaires, vrijwilligers en uitzendkrachten; Stichting de Overijsselse Ombudsman: de ombudsman of ombudscommissie in de zin van artikel 9:17, sub b, Awb en artikel 2, derde lid, van de Regeling GGD IJsselland; zorgaanbieder: GGD IJsselland. Hoofdstuk 2 Mondelinge klachten Artikel 2 Werkwijze 1.De medewerker tegen wie een mondelinge klacht wordt geuit, wijst klager op de klachten-regeling en de klachtenfunctionaris. 2.De medewerker tegen wie een mondelinge klacht wordt geuit, vraagt klager of hij monde-linge of schriftelijke afhandeling van zijn klacht wil. 3.Als de klager schriftelijke afhandeling wil, vult hij een klachtenformulier en ondertekent hij het formulier. De klacht wordt dan als schriftelijke klacht in behandeling genomen. 4.Een medewerker tegen wie een mondelinge klacht is geuit, bespreekt de klacht met zijn leidinggevende. Artikel 3 Procedure 1.Klager kan zijn mondelinge klacht bespreken met: de medewerker; diens leidinggevende; de klachtenfunctionaris. 2.Degene met wie de mondelinge klacht is besproken, probeert de klacht zo spoedig mogelijk tot tevredenheid van de klager op te lossen. 3.Indien de klager ontevreden is met het resultaat, wijst degene met wie de mondelinge klacht is besproken hem op de mogelijkheid om alsnog een schriftelijke klacht in te dienen. Hoofdstuk 3 Schriftelijke klachten Artikel 4 Indiening 1.Een klacht kan schriftelijk of per e-mail worden ingediend bij het dagelijks bestuur of de klachtenfunctionaris. 2.Een klacht kan door een ieder worden ingediend conform artikel 9.1 Awb. 3.Een schriftelijke klacht bevat ten minste de naam en het adres van klager, de dagtekening en een omschrijving van de gedraging waartegen de klacht is gericht, de beslissing waartegen de klacht gericht is of het nalaten van een handeling. Verder bevat deze zo mogelijk de datum, tijd en plaats van de gedraging, de beslissing, het nalaten, de omstandigheden, de namen van de betrokkenen en eventuele getuigen, alsmede het doel van de klacht en de stappen die klager reeds heeft ondernomen. 4.De klager wordt in de gelegenheid gesteld om zijn klacht aan te vullen indien deze niet of in niet voldoende mate voldoet aan: het bepaalde in het derde lid van dit artikel, of het bepaalde in artikel 9:4 van de Awb. 5.Indien de klager niet aan het verzoek om aanvulling voldoet, behoeft zijn klacht niet in behandeling te worden genomen. Dit met inachtneming van artikel 6, eerste lid, sub b.0 Artikel 5 Bemiddeling 1.De verantwoordelijk leidinggevende benadert de klager zo spoedig mogelijk maar uiterlijk binnen vijf werkdagen na ontvangst van de klacht om de klacht via bemiddeling tot een oplossing te brengen. 2.Gedurende de bemiddeling wordt de behandeltermijn van de klacht opgeschort. 3.Na afronding van de bemiddeling stuurt de leidinggevende de klager een afdoeningsbericht waarin het resultaat van de bemiddeling wordt bevestigd. 4.Indien de klager niet tevreden is met het resultaat van de bemiddeling, stuurt de leidinggevende de klacht ter behandeling door naar het dagelijks bestuur. Artikel 6 De klachtenfunctionaris 1.De klachtenfunctionaris heeft tenminste de volgende taken: hij informeert cliënten, medewerkers en derden over de klachtenregeling; hij adviseert degenen die overwegen een klacht in te dienen en helpt hen desgevraagd bij het formuleren daarvan; hij helpt degenen die een klacht hebben met het beoordelen van de voorgestelde oplossing daarvan. 2.De klachtenfunctionaris richt zich bij het verrichten van zijn werkzaamheden op het bereiken van een duurzame oplossing van de klacht en op herstel van de relatie tussen degene die een beroep op hem doet, de klager en degene op wie diens onvrede betrekking heeft, de aangeklaagde. 3.De klachtenfunctionaris verricht zijn werkzaamheden overeenkomstig de Awb en de Wkkgz, de voor hem geldende beroepsnormen en functiebeschrijving. GGD IJsselland onthoudt zich van inmenging in de wijze waarop de klachtenfunctionaris zijn werkzaamheden in een concreet geval verricht. 4.Bij een klacht over het functioneren van de klachtenfunctionaris, hetzij in de functie van klachtenfunctionaris, hetzij in een andere functie, verwijst de klachtenfunctionaris naar de plaatsvervangend klachtenfunctionaris. 5.De klachtenfunctionaris kan zich rechtstreeks tot het dagelijks bestuur wenden indien hij van mening is dat hij belemmerd wordt in de vervulling van zijn werkzaamheden overeenkomstig dit artikel of wegens de vervulling van zijn werkzaamheden benadeeld wordt. Het dagelijks bestuur onderzoekt en neemt zo nodig passende maatregelen om te waarborgen dat de klachtenfunctionaris zijn werkzaamheden overeenkomstig dit artikel kan verrichten en niet benadeeld wordt wegens de uitvoering van die werkzaamheden. Hoofdstuk 4 De behandeling Artikel 7 Bevoegdheid 1.Het dagelijks bestuur beoordeelt of het bevoegd is om een klacht in behandeling te nemen. Indien dit niet het geval is, deelt het dagelijks bestuur dit gemotiveerd schriftelijk of per e-mail mee aan de klager. 2.De klager kan binnen twee weken na dagtekening van het besluit van het dagelijks bestuur, zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel, schriftelijk of per e-mail een verzoek tot her-ziening van het besluit indienen. 3.Een verzoek, zoals bedoeld in het tweede lid van dit artikel, wordt beoordeeld door de voorzitter van het dagelijks bestuur. Zijn beslissing over het verzoek voorzien van een motivering deelt hij binnen twee weken schriftelijk of per e-mail aan de klager mee. 4.Indien het dagelijks bestuur een klacht niet in behandeling neemt omdat deze betrekking heeft op een andere organisatie stuurt het dagelijks bestuur de klacht door naar de organisatie op wie de klacht betrekking heeft, tenzij de klager desgevraagd bezwaar heeft tegen doorzending van zijn klacht. Artikel 8 Ontvankelijkheid 1.Het dagelijks bestuur kan, overeenkomstig artikel 9:8 van de Awb, een klacht niet-ontvankelijk verklaren. 2.Indien het dagelijks bestuur een klacht niet-ontvankelijk verklaart, deelt het bestuur dit gemotiveerd schriftelijk of per e-mail mee aan de klager. 3.De klager kan binnen twee weken na dagtekening van het besluit van het dagelijks bestuur, zoals bedoeld in het tweede lid van dit artikel, schriftelijk of per e-mail een verzoek tot herziening indienen van het besluit. 4.Het verzoek zoals bedoeld in het derde lid van dit artikel wordt beoordeeld door de voorzitter van het dagelijks bestuur. Zijn beslissing over het verzoek voorzien van een motivering deelt hij binnen twee weken schriftelijk of per e-mail aan klager mee. Artikel 9 Behandeling 1.Het dagelijks bestuur wijst een klachtbehandelaar aan die namens het dagelijks bestuur de klacht behandelt. 2.De klachtbehandelaar neemt binnen vijf werkdagen na ontvangst van de klacht contact op met de klager om te bespreken hoe de klacht behandeld zal worden. Op basis van dit gesprek bepaalt de klachtbehandelaar de te volgen procedure. 3.Bij de behandeling van een klacht neemt de klachtbehandelaar het volgende in acht: een klacht wordt niet beoordeeld dan nadat degene op wie de klacht betrekking heeft gelegenheid heeft gekregen om op de klacht te reageren; er vindt een onderzoek plaats naar de gang van zaken waarop de klacht betrekking heeft; de uitkomst van het onderzoek naar de gang van zaken waarop de klacht betrekking heeft, wordt medegedeeld aan de klager en aan degene op wie de klacht betrekking heeft. Zij krijgen gelegenheid om op het onderzoek te reageren en worden in kennis gesteld van elkaars reactie; klager wordt gehoord met inachtneming van artikel 9:10 Awb. Artikel 10 Beoordeling 1.Het dagelijks bestuur beoordeelt een klacht zo spoedig mogelijk maar in ieder geval binnen zes weken na ontvangst van de klacht. 2.Indien de klachtbehandelaar voorziet dat voor de beoordeling van de klacht meer dan zes weken nodig zijn, deelt hij dit, voor het verstrijken van deze termijn, schriftelijk of per e-mail mee aan de klager en aan aangeklaagde. De klachtbehandelaar meldt tevens binnen welke termijn het oordeel alsnog gegeven zal worden. Deze termijn is niet langer dan tien weken, te rekenen vanaf de dag van ontvangst van de klacht. 3.Indien de klachtbehandelaar concludeert dat de klacht ook binnen de verlengde termijn niet beoordeeld kan worden, deelt hij dit gemotiveerd mee aan het dagelijks bestuur. Het dage-lijks bestuur informeert schriftelijk of per e-mail de klager en de aangeklaagde hierover. Het dagelijks bestuur geeft op grond van de motivering van de klachtbehandelaar aan waarom de klacht niet binnen de termijn beoordeeld kan worden en binnen welke termijn alsnog een oordeel zal volgen. Het dagelijks bestuur verzoekt de klager om het bestuur binnen twee weken te laten weten of hij het oordeel wil afwachten en de klacht niet voorlegt aan de geschillencommissie of de Stichting de Overijsselse Ombudsman. Indien de klager hiertoe niet bereid is en de voorkeur geeft aan indiening van de klacht bij de geschillencommissie of de Stichting de Overijsselse Ombudsman, is het dagelijks bestuur bevoegd om de klachten-procedure te beëindigen. 4.De klachtbehandelaar zendt zijn conceptoordeel over de klacht aan het dagelijks bestuur. 5.Het dagelijks bestuur zendt zijn oordeel over de klacht aan de klager en aangeklaagde schriftelijk of per e-mail. Het dagelijks bestuur geeft in zijn oordeel weer hoe de klacht is behandeld, motiveert zijn oordeel en geeft aan of de klacht aanleiding geeft om maatregelen te nemen en zo ja, welke dit zijn en binnen welke termijn deze zullen zijn gerealiseerd. 6.Het dagelijks bestuur vermeldt dat de klager, indien hij niet tevreden is over de uitkomst van de klachtenprocedure, de mogelijkheid heeft om de klacht ter beoordeling aan de geschillen-commissie of aan de Stichting de Overijsselse Ombudsman voor te leggen. De keuze is afhankelijk van de wettelijke basis waarop de doorlopen klachtenprocedure gebaseerd is. Het dagelijks bestuur maakt deze keuze. Artikel 11 Stichting de Overijsselse Ombudsman Indien klager niet tevreden is met de afdoening van zijn klacht en zijn klacht valt onder de werking van de Awb, kan hij zich ter zake tot de Stichting de Overijsselse Nationale Ombudsman wenden. Een geschil moet binnen een jaar na dagtekening van het oordeel over zijn klacht worden ingediend bij de Stichting de Overijsselse Ombudsman. Artikel 12 Geschillencommissie Indien klager niet tevreden is met de afdoening van zijn klacht en zijn klacht valt onder de werking van de Wkkgz, kan hij zich ter zake tot de geschillencommissie wenden. Een geschil moet binnen een jaar na dagtekening van het oordeel over zijn klacht worden ingediend bij de geschillencommissie. Hoofdstuk 5 Overige bepalingen Artikel 13 Geheimhouding Een ieder die betrokken is bij de behandeling van klachten en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden is verplicht tot geheimhouding daarvan, behoudens voor zover een wettelijk voorschrift tot bekendmaking verplicht of uit zijn taak bij de uitvoering van de klachtenregeling de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit. Artikel 14 Archivering en bewaartermijn klachtendossier 1.Het dagelijks bestuur bewaart alle bescheiden met betrekking tot een klacht in een apart dossier. Het dossier wordt maximaal twee jaar bewaard. Het dagelijks bestuur is bevoegd de bewaartermijn van een dossier te verlengen. 2.Documenten met betrekking tot een klacht worden niet in het dossier van een cliënt bewaard. Artikel 15 Jaarverslag Het dagelijks bestuur brengt jaarlijks voor 1 april van het kalenderjaar volgend op het verslagjaar een geanonimiseerd verslag uit van de ingediende klachten. Daarin beschrijft het dagelijks bestuur het aantal en de aard van de behandelde klachten en de strekking van de besluiten. Artikel 16 Kosten 1.Voor de behandeling van een klacht worden geen kosten in rekening gebracht aan de klager of de aangeklaagde. 2.De kosten voor het inroepen van een gemachtigde, een getuige of een deskundige door klager als mede de overige kosten die door klager worden gemaakt, zijn voor rekening van klager. 3.De kosten voor het inroepen van een getuige of een deskundige door het dagelijks bestuur alsmede de overige kosten die door het dagelijks bestuur worden gemaakt zijn voor rekening van het dagelijks bestuur. Artikel 17 Openbaarmaking Het dagelijks bestuur brengt deze regeling onder de aandacht van cliënten door hun desgevraagd een exemplaar van de regeling te verstrekken en door de regeling op de website te plaatsen. Artikel 18 Evaluatie Het dagelijks bestuur evalueert deze klachtenregeling binnen een jaar na inwerkingtreding en vervolgens zo vaak als het dagelijks bestuur dit wenselijk acht. Artikel 19 Onvoorziene omstandigheden In situaties waarin deze regeling niet voorziet, beslist het dagelijks bestuur. Artikel 20 Vaststellen en wijzigen 1.Deze regeling wordt vastgesteld en kan worden gewijzigd door het dagelijks bestuur. 2.Voorgenomen besluiten tot vaststelling of wijziging van deze regeling legt het dagelijks bestuur ter instemming voor aan de ondernemingsraad. Artikel21Inwerkingtreding en citeertitel 1.Deze regeling kan worden aangehaald als: Klachtenregeling GGD IJsselland
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.