Verordening Bedrijveninvesteringszone Malden 2017-2021De raad van de gemeente Heumen in openbare vergadering bijeen; gezien het voorstel van het college van 29 november 2016; gelet op de artikelen 216, 217 van de Gemeentewet en de Wet op de bedrijveninvesteringszones; gelet op de tussen de gemeente Heumen en de Stichting BIZ Winkelcentrum Malden gesloten gewijzigde Uitvoeringsovereenkomst b e s l u i t: vast te stellen de gewijzigde “Verordening Bedrijveninvesteringszone Malden 2017-2021” Verordening Bedrijveninvesteringszone Malden 2017-2021 Artikel1Definities Voor de toepassing van deze verordening wordt, voor zover niet anders is bepaald, verstaan onder: BIZ: het bij deze verordening aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven, aangegeven op de bijbehorende kaart. BIZ-bijdrage: hetgeen daaronder in de wet wordt verstaan wet: Wet op de bedrijveninvesteringszones. college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heumen; uitvoeringsovereenkomst: tussen de gemeente en Stichting BIZ Winkelcentrum Malden op 28 september 2016 gesloten en op 29 november 2016 gewijzigde overeenkomst als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet; belastingobject: de onroerende zaak bedoeld in artikel 16 van de Wet waardering onroerende zaken, voor zover die op grond van artikel 220a van de Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dient, en voor zover die op grond van artikel 2 van deze verordening niet uitdrukkelijk is uitgezonderd. Artikel2Gebiedsomschrijving De verordening is van toepassing op het gebied van het Winkelcentrum Malden en de Hema, welk gebied met de gele markering specifiek is aangegeven op de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende kaart, zulks met uitzondering van parkeervoorzieningen en objecten met betrekking tot nutsvoorzieningen. HoofdstukIIBelastingbepalingen Artikel3Aard van de belasting Onder de naam BIZ-bijdrage wordt een directe belasting geheven ter bestrijding van de kosten die zijn verbonden aan activiteiten in de openbare ruimte en op internet, die zijn gericht op het bevorderen van de leefbaarheid of de veiligheid in de bedrijveninvesteringszone of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de bedrijveninvesteringszone. Artikel4Belastbaar feit en belastingplicht 1.De BIZ-bijdrage wordt - gedurende de periode van 2017 tot en met 2021 - jaarlijks bij wege van aanslag geheven ter zake van binnen de BI-zone als bedoeld in artikel 2 gelegen onroerende zaken die op grond van artikel 220 van de Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dienen. 2.De BIZ-bijdrage wordt geheven van de gebruiker, zijnde degene die bij het begin van het kalenderjaar al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht een in de BI-zone gelegen belastingobject gebruikt; dat op grond van artikel 220 Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dient. 3.Voor de toepassing van het tweede lid wordt: gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven; het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die die onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie die zaak ter beschikking is gesteld. Artikel5Tarief BIZ-bijdrage 1.De BIZ-bijdrage wordt, gedurende de periode 2017 tot en met 2021, geheven naar de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor het belastingobject vastgestelde waarde voor het kalenderjaar
- De BIZ-bijdrage bedraagt 0,15% van de waarde als bedoeld in het eerste lid, met dien verstande dat per belastingobject een bedrag zal worden geheven van ten minste € 150 ,- en ten hoogste € 700,-. 2.Indien met betrekking tot het belastingobject geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van dat belastingobject bepaald met toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken. Artikel6Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de tweede maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later. 2.De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. 3.In afwijking van het bepaalde in het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de belastingschuldige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in 12 gelijke termijnen, waarvan de eerste termijn vervalt tussen de 24e en het einde van de maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later (eveneens tussen de 24e en het einde van de maand). 4.Indien de verschuldigde bedragen als genoemd in het derde lid tweemaal achtereen niet kunnen worden geïncasseerd, vervalt voor het betreffende aanslagbiljet de mogelijkheid tot automatische betalingsincasso en gelden de betaaltermijnen zoals genoemd in het eerste lid. Artikel7Looptijd van de belastingheffing De BIZ-bijdrage wordt ingesteld voor een periode van 5 jaar. Artikel8Kwijtschelding Bij de invordering van de BIZ-bijdrage wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel9Nadere regels door college Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de heffing en de invordering van de BIZ-bijdrage. HoofdstukIIISubsidiebepalingen Artikel10Algemene subsidieverordening Op de hieronder genoemde subsidie is de Algemene Subsidieverordening Heumen van toepassing. Artikel11Aanwijzing Stichting DeStichting BIZ Winkelcentrum Malden (hierna: de Stichting) wordt aangewezen als de stichting bedoeld in artikel 7 van de wet, waarmee een overeenkomst als bedoeld in artikel 4:36 van de Algemene wet bestuursrecht is gesloten, waarin is bepaald dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt verplicht moeten worden verricht. Artikel12Subsidievaststelling 1.De subsidie voor de uitvoering van de activiteiten die zijn opgenomen in de Uitvoeringsovereenkomst en de daarbij behorende bijlagen, wordt jaarlijks verstrekt aan de stichting. 2.Naast de in artikel 4:37 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde verplichtingen kunnen aan de stichting ook andere doel gebonden verplichtingen worden opgelegd. Deze verplichtingen zijn opgenomen in de met de stichting gesloten Uitvoeringsovereenkomst en de daarbij behorende bijlagen. Artikel13Melding van relevante wijzigingen 1.De stichting stelt het college zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte van meer dan ondergeschikte veranderingen in haar financiële situatie; 2.De stichting stelt het college zo spoedig mogelijk schriftelijk op de hoogte van een wijziging van de statuten, dan wel verandering of beëindiging van activiteiten. Artikel14Hoogte BIZ-subsidie 1.Het College verstrekt de stichting jaarlijks een BIZ-subsidie. Deze subsidie is gelijk aan het bedrag van de jaarlijks door de gemeente te ontvangen BIZ-bijdragen. De gemeente Heumen zal derhalve geen perceptiekosten op de uit te keren subsidie in mindering brengen. 2.De subsidie wordt overgemaakt op de bankrekening van de stichting. 3.De stichting is gehouden de activiteiten te verrichten waarvoor de BIZ-subsidie wordt verstrekt. 4.Op de subsidieverlening is naast de Verordening bedrijveninvesteringszone Malden en de Wet op de bedrijveninvesteringszones, de Algemene Wet Bestuursrecht van toepassing. 5.Indien de Verordening bedrijveninvesteringszone BIZ Malden in de loop van 2017 in werking treedt, zal voor de belastingheffing, de subsidiehoogte per 1 januari 2017 als grondslag aangehouden worden. Artikel15Bevoorschotting BIZ-subsidie De Gemeente maakt uiterlijk op 1 maart van het subsidiejaar een voorschot over ter hoogte van 100% van de begrote BIZ-subsidie. In afwijking daarvan zal het college voor 2017 een voorschot overmaken binnen 8 weken na ontvangst van een door de stichting gedane subsidieaanvraag, mits het college op dat moment heeft vastgesteld dat wordt voldaan aan artikel 5 van de Wet. Artikel16Jaarverslag, verantwoording na afloop subsidiejaar 1.De stichting brengt het College uiterlijk op 1 mei van het jaar volgende op het subsidiejaar een financieel en inhoudelijk verslag uit van de door haar gerealiseerde activiteiten. Het financieel deel van het jaarverslag omvat een vastgestelde jaarrekening. Het inhoudelijk deel van het jaarverslag bevat een verantwoording van de uitvoering van het activiteitenplan. 2.Het College kan, indien het daar aanleiding toe ziet, verlangen dat dit verslag vergezeld gaat van een goedkeurende verklaring van een accountant. Artikel17Vaststelling BIZ-subsidie en eindafrekening 1.Binnen dertien weken na ontvangst van het jaarverslag stelt het College de hoogte van de BIZ-subsidie over het voorgaande subsidiejaar definitief vast. 2.Indien een deel van de voor een bepaald subsidiejaar verstrekte BIZ-subsidie niet door de stichting is besteed, kan dit worden aangewend in het volgende subsidiejaar. 3.De resterende middelen na afloop van de BIZ periode, zijnde 31 december 2021, dienen aangewend te worden conform de doelstelling als benoemd in artikel
- HoofdstukIVSlotbepaling Artikel18Inwerkingtreding en citeertitel Deze verordening treedt op 31 december 2016 in werking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
- Deze verordening is geldig tot 1 januari
- Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening Bedrijveninvesteringszone Malden 2017-2021". RJ Malden, 1 december 2016 DE RAAD VOORNOEMD;De raadsgriffierJ.VisserDe burgemeesterP.MengdeKaart BIZ Malden: Winkelcentrum Malden en Hema