Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Kapelle 2017De raad der gemeente Kapelle; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 30 november 2016, nummer 2016/69; gelet op de artikelen 95, eerste en tweede lid, 96, eerste en tweede lid, en 97, 99 en 147 van de Gemeentewet, de artikelen 22, eerste lid, 23, eerste lid, 27a, vijfde lid, van het Rechtspositiebesluit wethouders en de artikelen 7a, vierde lid, 13, tweede lid, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden; b e s l u i t : vast te stellen de navolgende: Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissileden gemeente Kapelle 2017 Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: commissie: commissie ingesteld op grond van de artikelen 82, 83 of 84 van de Gemeentewet; commissielid: lid van een commissie, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. Hoofdstuk2Voorzieningen voor raads- en commissieleden Artikel2Vergoeding voor het bijwonen van commissievergaderingen 1.Aan commissieleden wordt een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van een commissie en haar subcommissies toegekend die gelijk is aan het voor de van toepassing zijnde inwonersklasse vastgestelde bedrag in tabel IV van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. 2.In afwijking van het eerste lid ontvangt geen vergoeding degene die zitting heeft in een commissie uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd. 3.In afwijking van het bepaalde in het eerste lid ontvangen de leden van de Commissie bezwaarschriften en de Klachtencommissie, gezien hun deskundigheid alsmede de zwaarte van hun taak, een vergoeding die maximaal 250% bedraagt van het bepaalde in het eerste lid. Voor de voorzitters van de genoemde commissies bedraagt dit percentage 300%. Het college stelt jaarlijks de feitelijke vergoeding vast. Artikel3Vergoeding voor de leden van de rekenkamer 1.Aan de leden van de rekenkamer wordt een vergoeding toegekend van € 250,-- per vergadering naast een tegemoetkoming in de reiskosten. 2.Indien de rekenkamer een onderzoek in eigen beheer uitvoert, zal er in de vergadering van de rekenkamer een budget, gekoppeld aan het aantal onderzoekuren, worden vastgesteld. De vergoeding voor de gemaakte uren zal worden afgeleid van de vergadervergoeding, waarbij uit gegaan wordt van een minimum van drie onderzoekuren. 3.Het beheer van het onderzoekbudget zal plaatsvinden door de voorzitter en/of de niet onderzoekende rekenkamerleden. Indien er een budgetoverschrijding plaats vindt, zullen de onderzoekende rekenkamerleden dit verantwoorden in de vergadering van de rekenkamer. 4.De in dit artikel bedoelde vergoedingen en tegemoetkomingen komen ten laste van het budget van de rekenkamer. Artikel4Reis- en verblijfkosten De vergoeding voor reis- en verblijfkosten als bedoeld in de artikelen 96, eerste lid, en 97 van de Gemeentewet is: voor wat betreft de reiskosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, onderdeel a en b, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde; voor wat betreft de verblijfkosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, onderdeel c, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde. Artikel5Scholing 1.Raads- of commissieleden die willen deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van de functie van raads- of commissielid, dienen daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier. 2.Deze aanvraag gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. 3.De maximale vergoeding van de scholing bedraagt € 400,-- per jaar per persoon. Indien een raadslid voor scholing een hogere vergoeding nodig heeft, dient men hiervoor een gemotiveerd verzoek in bij het Presidium. 4.De griffier beslist op de aanvraag op basis van bewijsstukken, overeenkomstig het tweede lid. 5.In voorkomende gevallen beslist het Presidium. Artikel6Computer en internetverbinding 1.Raads- en commissieleden aan wie op aanvraag een computer, bijbehorende apparatuur en software in bruikleen ter beschikking wordt gesteld, ondertekenen hiervoor een bruikleenovereenkomst met de gemeente. 2.Aan raads- en commissieleden aan wie geen computer, bijbehorende apparatuur en software ter beschikking is gesteld wordt door het college van burgemeester en wethouders op aanvraag voor de uitoefening van het raads- of commissielidmaatschap een tegemoetkoming verleend voor de aanschaf of het gebruik van een eigen computer, bijbehorende apparatuur en software. Deze bedraagt voor de duur van het raads- of commissielidmaatschap maandelijks 1/36e van de aanschafwaarde. Als de werkelijke aanschafwaarde hoger is dan de aanschafwaarde van de computer, bijbehorende apparatuur en software welke aan raads- en commissieleden in bruikleen ter beschikking wordt gesteld, wordt uitgegaan van de laatstbedoelde aanschafwaarde. 3.Op aanvraag ontvangen raads- en commissieleden voor de duur van hun raads- of commissielidmaatschap maximaal € 10,-- per maand ter vergoeding van de aanleg- en abonnementskosten voor de internetverbinding voor de in dit artikel bedoelde computerapparatuur voor zover deze nodig is voor het uitoefenen van het raads- of commissielidmaatschap. 4.Een aanvraag om een vergoeding oftegemoetkoming als bedoeld in dit artikel wordt gedaan bij de griffier. De griffier beslist over de aanvraag op basis van bewijsstukken. Artikel7Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel 1.Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 13a van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. 2.Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in paragraaf 2 van deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.