Beleidsregels Schuldhulpverlening 2016Burgemeester en wethouders van de gemeente Reusel-De Mierden; gelet op artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening; gezien het advies van het college d.d. 31 mei 2016; overwegende, dat het Beleidsplan schuldhulpverlening 2016-2019 ten behoeve van een eenduidige uitvoering van schuldhulpverlening een nadere uitwerking vraagt; besluit vast te stellen: Beleidsregels Schuldhulpverlening 2016 Artikel1.Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente; inwoner: ingezetene die op grond van de Wet basisregistratie personen bij een gemeente is ingeschreven; schuldhulpverlening: het ondersteunen bij het vinden van een adequate oplossing gericht op voorkomen, beheersbaar maken of aflossen van schulden indien redelijkerwijs is te voorzien dat een natuurlijke persoon het risico loopt dat hij niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn financiële verplichtingen of indien hij in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen, alsmede de nazorg; verzoeker: persoon die zich tot het college heeft gewend voor schuldhulpverlening; kredietbank: de externe organisatie waarmee het college een overeenkomst heeft gesloten voor de levering van schuldregelingen en bancaire producten op het gebied van schuldhulpverlening. Artikel2.Doelgroep gemeentelijke schuldhulpverlening 1.Alle inwoners van de Kempengemeenten van 18 jaar en ouder kunnen zich tot het college van hun eigen gemeente wenden voor schuldhulpverlening. 2.Wanneer de inwoner een zelfstandige is, kan hij slechts een verzoek indienen voor schuldhulpverlening, wanneer er geen hulp mogelijk is vanuit het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz), dan wel wanneer flankerende hulp naast het Bbz wordt gevraagd. Artikel3.Aanbod schuldhulpverlening 1.Het college verleent aan verzoeker schuldhulpverlening indien het college schuldhulpverlening noodzakelijk acht. Indien de noodzaak niet aanwezig wordt geacht door het college, kan een aanvraag worden geweigerd. 2.De vorm waarin de gemeente schuldhulpverlening aanbiedt, is van meerdere factoren afhankelijk en kan dus per situatie verschillen. De factoren die een rol kunnen spelen zijn bijvoorbeeld: zwaarte en/of omvang van de schulden; psycho-sociale situatie; houding en gedrag van verzoeker (motivatie); een eventueel eerder gebruik van schuldhulpverlening. 3.Wanneer het college een product wil aanbieden dat geleverd wordt door de kredietbank, zijn zowel college als verzoeker ten aanzien van dit product gehouden aan het beleid van de kredietbank en de gedragscodes van de brancheorganisatie NVKK waaraan de kredietbank zich conformeert. 4.Tijdens de uitvoering van een schuldregeling (door de kredietbank of door ISD de Kempen) wordt de financiële draagkrachtruimte voor de vaststelling van het recht op bijzondere bijstand op nihil gesteld, mits de verzoeker zich houdt aan de bepalingen uit artikel 4 en er geen andere belemmeringen zijn. Artikel4.Verplichtingen Verzoeker doet aan het college op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op schuldhulpverlening, zowel bij de aanvraag als gedurende de looptijd van het schuldhulpverleningstraject. Verzoeker is verplicht om alle medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is gedurende de aanvraagperiode en tijdens het schuldhulpverleningstraject. De medewerking bestaat onder andere uit: het nakomen van afspraken en het overleggen van benodigde gegevens; geen nieuwe schulden aangaan; het zich houden aan de bepalingen van de schuldregelingsovereenkomst; alles te doen wat binnen de mogelijkheden van verzoeker ligt om zijn situatie te versterken. Artikel5.Weigeren en beëindigen 1.Indien verzoeker niet of in onvoldoende mate zijn verplichtingen nakomt zoals neergelegd in artikel 4, leden 1 en 2, kan het college besluiten om schuldhulpverlening te weigeren dan wel te beëindigen. 2.Alvorens ingevolge lid 1 te besluiten tot weigering dan wel beëindiging, wordt verzoeker de mogelijkheid geboden om alsnog, binnen de gestelde termijn, de gevraagde informatie te verstrekken en/of medewerking te verlenen. Artikel6.Beëindigingsgronden Onverminderd de overige bepalingen in deze beleidsregels, kan het college besluiten tot beëindiging van de schuldhulpverlening indien: het schuldhulpverleningstraject succesvol is afgerond; de schuldenaar zijn beschikbare aflossingscapaciteit niet wil gebruiken voor de aflossing van schulden; op grond van – zo later is gebleken – onjuiste gegevens schuldhulpverlening aan betrokkene is toegekend, terwijl indien dit ten tijde van de besluitvorming bekend was geweest bij het college, een andere beslissing zou zijn genomen; belanghebbende zich ten opzichte van de medewerkers, belast met werkzaamheden die voortkomen uit het schuldhulpverleningstraject, misdraagt; de schuldenaar in staat is om zijn schulden zelf te regelen dan wel in staat is de schulden zelfstandig te beheren; de schuldenaar niet in staat is zijn eigen financiën te beheren en passende hulp door hem wordt geweigerd; de geboden hulpverlening, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de schuldenaar, niet (langer) passend is; de schuldhulpverlening door het college niet langer noodzakelijk wordt geacht; de schuldenaar de verplichtingen als bedoeld in artikel 4 lid 1 en 2 niet of onvoldoende nakomt. Artikel7.Recidive – hernieuwde aanvraag Indien minder dan 2 jaar voorafgaande aan de dag waarop het verzoek is ingediend, door verzoeker een traject schuldregeling succesvol is doorlopen (minnelijk en/of wettelijk), kan een aanvraag schuldhulpverlening worden geweigerd met uitzondering van het geven van informatie, advies en/of een doorverwijzing. Indien minder dan 1 jaar voorafgaand aan de dag waarop het verzoek is ingediend: een traject schuldregeling tussentijds door toedoen van de verzoeker is beëindigd (minnelijk en/of wettelijk); ingevolge artikel 5 een traject schuldhulpverlening is geweigerd of beëindigd; schuldhulpverlening is beëindigd op grond van artikel 6 sub c, d, e of f; kan een aanvraag schuldhulpverlening worden geweigerd met uitzondering van het geven van informatie, advies en/of een doorverwijzing. Artikel8.Intrekking eerdere beleidsregels en inwerkingtreding 1.De Beleidsregels Schuldhulpverlening 2013, vastgesteld bij collegebesluit van 02-04-2013, nummer 13-123 worden ingetrokken. 2.De Beleidsregels Schuldhulpverlening 2016 treden in werking op de dag na die van de bekendmaking. Artikel9.Citeertitel Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als “Beleidsregels Schuldhulpverlening 2016”. Aldus besloten in de vergadering van 31 mei 2016.Burgemeester en wethouders van Reusel-De Mierden, de secretaris (wnd), de burgemeester (wnd), drs. J.H.J. Sanders drs. H.W.S.M. NuijtenToelichting op Beleidsregels Schuldhulpverlening 2016 Inleiding algemeen In het Beleidsplan Schuldhulpverlening is de visie van de gemeente neergelegd op het terrein van schuldhulpverlening. Onderhavige regeling is gebaseerd op het beleidsplan te weten, het opstellen van regels met betrekking tot toelating en recidive en het stellen van voorwaarden. Achterliggende gedachte is dat er behoefte is aan heldere spelregels. Daardoor weet de burger wat de voorwaarden zijn voor toelating tot de schuldhulpverlening en waaraan hij zich dient te houden. Daarnaast weet de gemeente hierdoor op haar beurt welke verplichtingen zij aan de burger mag opleggen en wanneer zij de toegang tot de schuldhulpverlening kan weigeren of beëindigen. De gemeentelijke schuldhulpverleningspraktijk valt sinds het moment dat de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening in werking is getreden (op 1 juli 2012) onder het regime van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Het is daardoor van belang om regels met betrekking tot toelating tot de schuldhulpverlening, het opleggen van verplichtingen en het weigeren van hulp in een juridisch vat te gieten. Artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.