← Nederland

Lokale IKB-regeling (Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant)

Lokale IKB-regelingLokale IKB-regeling Lokale IKB-regeling 2017 Inhoudsopgave Paragraaf 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Begripsomschrijving Paragraaf 2 Lokale doelen Artikel 2 Lokale doelen Artikel 3 Fiets, fietsaccessoires en -verzekering Artikel 4 Vakbondscontributie Artikel 5 ABP ExtraPensioen Artikel 6 Levensloopsparen Artikel 7 Fiscale uitruil voor een onbelaste vergoeding voor woon-werkverkeer Artikel 8 Gevolgen keuzes Paragraaf 3 Slotbepalingen Artikel 9 Onvoorziene gevallen Artikel 10 Citeertitel en looptijd Paragraaf 1 Algemene bepalingen Artikel 1 Begripsomschrijving Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: Medewerker De ambtenaar in de zin van artikel 1:1, onder a van de CAR-UWO. Fiscale ruimte Het verschil tussen het bedrag dat fiscaal onbelast mag worden vergoed aan een medewerker en het bedrag dat daadwerkelijk door de werkgever wordt vergoed. Individueel KeuzeBudget (IKB) In geldwaarde uitgedrukte aanspraken resulterend in een saldo dat de medewerker kan aanwenden voor de landelijke in de CAR-UWO neergelegde en lokaal aangewezen doelen. Vakbond Organisatie, zoals bedoeld in artikel 12:1, lid 1, sub c en artikel 12:1, lid 3 van de CAR-UWO; Vakbondscontributie Het geldbedrag dat moet worden betaald voor het lidmaatschap van een vakbond Paragraaf 2 Lokale doelenArtikel 2 Lokale doelenNaast de in artikel 3:29 van de CAR-UWO vermelde landelijke doelen (kopen van vakantie-uren, extra inkomen door uitbetaling en financieren van een opleiding, indien en voor zover deze niet door de werkgever wordt vergoed en de geldende fiscale regelgeving) gelden de volgende lokale doelen: fiets, fietsaccessoires en -verzekering; vakbondscontributie; storting in het ABP ExtraPensioen; levensloop; onbelaste vergoeding voor woon-werkverkeer. Artikel 3 Fiets, fietsaccessoires en -verzekeringLid 1De medewerker kan 24 maanden na de datum van indiensttreding voor het eerst het IKB gebruiken voor de aanschaf van een fiets, fietsaccessoires en een fietsverzekering. Lid 2De medewerker kan eenmaal in de 36 maanden de keuze maken om het IKB te gebruiken voor de aanschaf van één fiets. Lid 3Door deze keuze te maken, verklaart de medewerker de fiets voor meer dan de helft van het voor hem of haar van toepassing zijnde aantal werkdagen voor het woon-werkverkeer te gebruiken. Lid 4De keuze van het type fiets is in die zin beperkt, dat de medewerker geen kinderfietsen mag kiezen. Fietsen met elektrische trapondersteuning, ook wel e-bikes genoemd, zijn toegestaan. Lid 5Het maximale bedrag dat hiervoor kan worden aangewend is € 995,00 bruto per 36 maanden. Lid 6Het bedrag als bedoeld onder lid 5 wordt in hetzelfde kalenderjaar als waarin het IKB voor de fiets wordt ingezet, afgelost. Lid 7De medewerker kan de keuze alleen maken indien hij of zij voldoende IKB heeft opgebouwd. Lid 8De medewerker dient bij de keuze de factuur en het betaalbewijs van de aanschaf van de fiets te overleggen. Dit kan door de op naam gestelde documenten in te scannen en aan de werkgever toe te zenden. Lid 9De werkgever is niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door verlies, diefstal of beschadiging van de fiets, voor enige schade die het gevolg is van het gebruik van de fiets of voor eventuele andere gevolgen die deelname aan deze regeling voor de medewerker met zich meebrengt. Artikel 4 VakbondscontributieLid 1Indien de medewerker lid is van een vakbond die de belangen van medewerkers in de gemeentelijke sector behartigt, kan hij of zij één keer per jaar het IKB aanwenden voor het doel vakbondscontributie. Lid 2De medewerker dient bij de keuze de jaaropgave van de vakbond te overleggen. Dit dient de medewerker te doen door de door de vakbond verstrekte ‘jaaropgave contributie’ in te scannen en aan de werkgever toe te zenden. Lid 3De medewerker kan de keuze alleen maken indien hij of zij voldoende IKB heeft opgebouwd. Artikel 5 ABP ExtraPensioenLid 1De medewerker kan - indien er fiscale pensioenruimte is - zijn of haar IKB aanwenden om jaarlijks een extra storting te doen in het ABP ExtraPensioen. Lid 2Deze stortingen kunnen plaatsvinden totdat de fiscale pensioenruimte die de medewerker hiertoe heeft, is bereikt. Lid 3De medewerker dient bij de keuze de aanmelding voor ABP ExtraPensioen en de fiscale pensioenruimte bepaling van het ABP te overleggen. Lid 4Indien de medewerker de maandelijkse stortingen wil beëindigen dan dient de medewerker dit in de IKB-module aan te geven. Het initiatief hiertoe rust uitdrukkelijk bij medewerker. Lid 5De medewerker kan de keuze alleen maken indien hij of zij voldoende IKB heeft opgebouwd. Artikel 6 Levensloopsparen Lid 1De medewerker die op 31 december 2016 gebruik maakte van de overgangsregeling levensloopregeling, kan zijn of haar IKB aanwenden om maandelijks, dan wel incidenteel te sparen op de levensloopregeling. Lid 2De overgangsregeling levensloopregeling loopt op 31 december 2021 af. Lid 3Het spaarbedrag wordt door de werkgever overgemaakt aan de instelling waar de medewerker de levensloopregeling heeft ondergebracht. Lid 4De medewerker kan de keuze alleen maken indien hij of zij voldoende IKB heeft opgebouwd. Artikel 7 Fiscale uitruil voor een onbelaste vergoeding voor woon-werkverkeerLid 1De medewerker kan - indien er fiscale ruimte is – maandelijks het IKB inzetten voor een onbelaste vergoeding voor woon-werkverkeer. Lid 2De fiscale ruimte voor een onbelaste vergoeding voor woon-werkverkeer, wordt berekend conform de fiscale geldende regelgeving. Hierbij wordt onder andere rekening gehouden met het aantal werkdagen per week en de afstand tussen de woonplaats en standplaats (op basis van de optimale route). Een eventuele betaalde reiskostenvergoeding (bijvoorbeeld vanuit een Sociaal Plan) wordt in mindering gebracht op de fiscale ruimte voor een onbelaste vergoeding voor woon-werkverkeer. Lid 3Indien de medewerker structureel wekelijks een wisselend aantal werkdagen kent, wordt het gemiddeld aantal werkdagen vastgesteld. Voor de medewerker in 24 uursdienst wordt het gemiddelde aantal werkdagen per week op 2 vastgesteld. Lid 4De medewerker kan via het e-HRM-systeem aangeven gebruik te willen van de fiscale uitruil voor een onbelaste vergoeding voor woon-werkverkeer. Lid 5De medewerker kan de keuze alleen maken indien hij of zij voldoende IKB heeft opgebouwd. Lid 6In geval van verhuizing dient de medewerker dit direct aan de werkgever door te geven. Lid 7Bij een aanpassing van de standplaats of het aantal dagen waarop de medewerker werkt, wordt dienovereenkomstig het uit te ruilen bedrag aangepast. Lid 8In geval van afwezigheid of ziekte van de medewerker van meer dan zes weken wordt de uitruil stopgezet. Lid 9Indien de medewerker de maandelijkse uitruil wil stoppen dan dient de medewerker dit in de IKB-module aan te geven. Het initiatief hiertoe rust uitdrukkelijk bij medewerker. Artikel 8 Gevolgen keuzesHet bepaalde in artikel 3:33 van de CAR-UWO is van toepassing op deze regeling. Paragraaf 3 SlotbepalingenArtikel 9 Onvoorziene gevallenIn gevallen waarin deze regeling niet of niet in redelijkheid voorziet, kan de werkgever een bijzondere voorziening treffen. Artikel 10 Citeertitel en looptijdDeze regeling kan worden aangehaald als de “Lokale IKB-regeling 2017 Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant” en treedt in werking met ingang van 1 januari 2017. Vanaf de datum van inwerkingtreding van deze regeling vervalt artikel 4a:0:0:1, ‘Regeling keuzemodel arbeidsvoorwaardenregeling’.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.