Verordening van de raad van de gemeente Reimerswaal houdende regels omtrent afvalstoffenheffing, Verordening afvalstoffenheffing 2017HOOFDSTUKIINLEIDENDE BEPALINGEN Artikel1Inleidende bepaling Krachtens deze verordening wordt een afvalstoffenheffing geheven. Artikel2Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan onder: perceel: een gebouwde onroerende zaak - of een gedeelte ervan - dat blijkens indeling en inrichting bestemd is om als afzonderlijk geheel door een particuliere huishouding te worden gebruikt en ook als zodanig wordt gebruikt. Met perceel wordt gelijk gesteld: een stacaravan, een woonboot en een demontabel zomer- of vakantiehuisje, indien gebruikt door een particuliere huishouding bedrijfspand: een gebouwde onroerende zaak - of een gedeelte ervan -niet in gebruik zijnde als perceel. HOOFDSTUKIIAFVALSTOFFENHEFFING Artikel3Aard van de belasting en belastbaar feit 1.Onder de naam "afvalstoffenheffing" wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer (Stb. 1994, 80); 2.De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel4Belastingplicht 1.De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. 2.Voor de toepassing van het eerste lid wordt als gebruiker aangemerkt: degene die naar de omstandigheden beoordeelt al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van het perceel; ingeval een gedeelte van een perceel in gebruik is afgestaan: degene die dat gedeelte ten gebruike heeft afgestaan. Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief 1.1 De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar € 344,76; 1.1.1 De belasting als bedoeld in onderdeel 1.1 wordt vermeerderd voor het op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht, in bruikleen hebben van een extra container, met € 198,00; 2 Indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht wordt gebruikt door één persoon wordt de belasting als bedoeld onder 1.1 verminderd met € 116,40; 3 Indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht wordt gebruikt door twee personen wordt de belasting als bedoeld onder 1.1 verminderd met € 37,80; Indien het perceel op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht wordt gebruikt door drie of meer personen is de belasting gelijk aan het tarief genoemd onder 1.1 5 Onverminderd het bepaalde onder 1.1, 1.1.1, 1.2, 1.3 en 1.4 bedraagt de belasting voor de op aanvraag verwijderen van grove huishoudelijke afvalstoffen tot een maximum van 2 m³, € 14,00 per m³. 6 Indien er in de gemeentelijke basisadministratie geen personen op het in lid 1.1 genoemde perceel staan ingeschreven is het onder lid 1.2 genoemde tarief van toepassing. Artikel 6 Tijdstip van ontstaan van de belastingschuld en wijze van heffen De belasting voor zover bedoeld in artikel 5, lid 1.1 tot en met 1.4 en 1.6, ontstaat bij de aanvang van het belastingjaar of, indien het gebruik van een perceel in de loop van het belastingjaar aanvangt bij de aanvang van dat gebruik; De belasting voor zover bedoeld in artikel 5, lid 1.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.