Beleidsplan Omgevingsvergunningen 2017-2020 Het college van burgemeester en wethouders heeft in zijn vergadering van 24 januari 2017 op grond van het bepaalde in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht het beleidsplan omgevingsvergunningen 2017 – 2020 vastgesteld. Het beleidsplan heeft betrekking op alle soorten omgevingsvergunningen en bevat ook het uitvoeringsprogramma omgevingsvergunningen 2017 –
(2020)zal over de gevolgen hiervan meer duidelijkheid zijn ontstaan. Procedures Onder de Wabo worden voor vergunningverlening twee verschillende procedures toegepast: de reguliere procedure en de uitgebreide procedure. De reguliere procedure is, zoals de naam al doet vermoeden, de meest gangbare procedure. Binnen deze procedure dient een besluit op een aanvraag binnen maximaal acht weken genomen te worden. Er kan van gemeentewege besloten worden deze beslistermijn eenmalig te verlengen met zes weken. Als niet binnen de beslistermijn een besluit genomen is op de aanvraag dan is deze van rechtswege verleend. Dit betekent dat de gemeente geen besluit meer hoeft te nemen en ook geen voorschriften kan verbinden aan de omgevingsvergunning (tenzij dit zeer zware gevolgen zou hebben voor de omgeving). Wel dient een van rechtswege verleende omgevingsverguning gepubliceerd te worden en staat hiertegen bezwaar open gedurende zes weken na publicatie. Voor de omgevingsvergunning beperkte milieutoets geldt dat deze niet van rechtswege verleend kan worden. Dit vanwege de mogelijke milieubelastende gevolgen die dit zou kunnen hebben. De tweede procedure is de uitgebreide procedure. Binnen deze procedure dient een besluit binnen 26 weken genomen te worden. Er kan van gemeentewege besloten worden deze termijn met maximaal acht weken te verlengen. Dit besluit dient binnen acht weken na aanvraag genomen te worden. Een vergunning waarbij de uitgebreide procedure moet worden toegepast kan nooit van rechtswege verleend worden. De uitgebreide procedure geldt voor: projectbesluiten (zware afwijkingen bestemmingsplan); omgevingsvergunningen brandveilig gebruik; omgevingsvergunningen voor het wijzigen van rijksmonumenten waarbij de RCE een adviesrol heeft; omgevingsvergunningen waarbij in het kader van de Natuurbeschermingswet of de Flora en Faunawetgeving een verklaring van geen bezwaar noodzakelijk is; omgevingsvergunningen voor de activiteit milieu (niet zijnde een omgevingsvergunning beperkte milieutoets). Verlengen beslistermijn Wij proberen omgevingsvergunningen te verlenen binnen de daarvoor gestelde beslistermijn. Het kan echter voorkomen dat dit niet mogelijk blijkt. In die gevallen zijn er twee mogelijkheden: 1) de beslistermijn kan met 6 weken verlengd worden en 2) de beslistermijn kan met instemming van de aanvrager opgeschort worden. Ad 1) Van een verlenging wordt gebruik gemaakt als óf de Welstandscommissie óf de VRU negatief geadviseerd heeft over een bouwplan. Als het advies van de Welstandscommisie of de VRU (nog) negatief is, dan moet de vergunning namelijk eigenlijk geweigerd worden. Wij kiezen er dan voor om de beslistermijn te verlengen om op die manier de aanvrager de mogelijkheid te geven binnen de lopende procedure de stukken aan te passen aan deze adviezen. Vervolgens kan dan mogelijk wel een positief besluit genomen worden op de aanvraag. Dit voorkomt dat de aanvraag eerst ingetrokken moet worden om vervolgens weer opnieuw ingediend te worden. Het verlengen van de beslistermijn kan ook plaatsvinden bij de inhoudelijk complexere vergunningaanvragen omdat binnen de beslistermijn nog geen besluit is genomen over de wenselijkheid van de ontwikkeling. Ad 2) Van het op vrijwillige basis opschorten van de beslistermijn wordt soms gebruik gemaakt omdat bijvoorbeeld een omgevingsvergunning voor de bouw van een woning al is aangevraagd maar het bestemmingsplan nog niet in werking is getreden (en het vooruitzicht ook niet is dat het bestemmingsplan in werking treedt binnen de beslistermijn). De beslistermijn wordt dan met instemming van de aanvrager opgeschort tot het moment dat het nieuwe bestemmingsplan in werking is getreden. Ondertussen wordt de aanvraag wel inhoudelijk behandeld en kan dan kort na inwerkingtreding van het bestemmingsplan vergund worden. Er kunnen zich ook andere omstandigheden voordoen waarbij een vrijwillige opschorting van de beslistermijn wenselijk is. Een voorbeeld is dat na het aanvragen van de omgevingsvergunning tussen buren onenigheid ontstaat over de kadastrale perceelsgrens. Voor het laten inmeten van de kadastrale gegevens door het Kadaster en het eventueel aankopen van grond is tijd nodig en door de strakke beslistermijn van 8 weken met een eventuele verlenging van zes weken kan dit niet binnen de beslistermijn plaatsvinden. Omdat op voorhand niet duidelijk is wanneer de gegevens van de inmeting ter beschikking komen en wanneer duidelijkheid komt over de aankoop van de grond, wordt dan gekozen voor een vrijwillige opschorting van de beslistermijn tot het moment dat hierover duidelijkheid is gekomen. Door de aanvrager wordt dit als klantvriendelijker ervaren dan het eerst intrekken van de aanvraag en deze daarna opnieuw moeten indienen. Bezwaar- en beroepsprocedures Er wordt niet vaak bezwaar en / of beroep aangetekend tegen besluiten op vergunningaanvragen in de gemeente Rhenen. Gemiddeld wordt er ongeveer twee maal per jaar bezwaar ingediend. Sporadisch leidt dit vervolgens tot een beroepszaak bij de rechtbank. Als bezwaar en/of beroep aan wordt getekend dan kan hiervoor wel relatief veel ambtelijke inzet nodig zijn, dit is afhankelijk van de complexiteit van de zaak. Verlengen beslistermijn Wij proberen omgevingsvergunningen te verlenen binnen de daarvoor gestelde beslistermijn. Het kan echter voorkomen dat dit niet mogelijk blijkt. In die gevallen zijn er twee mogelijkheden: 1) de beslistermijn kan met 6 weken verlengd worden en 2) de beslistermijn kan met instemming van de aanvrager opgeschort worden. Ad 1) Van een verlenging wordt gebruik gemaakt als óf de Welstandscommissie óf de VRU negatief geadviseerd heeft over een bouwplan. Als het advies van de Welstandscommisie of de VRU (nog) negatief is, dan moet de vergunning namelijk eigenlijk geweigerd worden. Wij kiezen er dan voor om de beslistermijn te verlengen om op die manier de aanvrager de mogelijkheid te geven binnen de lopende procedure de stukken aan te passen aan deze adviezen. Vervolgens kan dan mogelijk wel een positief besluit genomen worden op de aanvraag. Dit voorkomt dat de aanvraag eerst ingetrokken moet worden om vervolgens weer opnieuw ingediend te worden. Het verlengen van de beslistermijn kan ook plaatsvinden bij de inhoudelijk complexere vergunningaanvragen omdat binnen de beslistermijn nog geen besluit is genomen over de wenselijkheid van de ontwikkeling. Ad 2) Van het op vrijwillige basis opschorten van de beslistermijn wordt soms gebruik gemaakt omdat bijvoorbeeld een omgevingsvergunning voor de bouw van een woning al is aangevraagd maar het bestemmingsplan nog niet in werking is getreden (en het vooruitzicht ook niet is dat het bestemmingsplan in werking treedt binnen de beslistermijn). De beslistermijn wordt dan met instemming van de aanvrager opgeschort tot het moment dat het nieuwe bestemmingsplan in werking is getreden. Ondertussen wordt de aanvraag wel inhoudelijk behandeld en kan dan kort na inwerkingtreding van het bestemmingsplan vergund worden. Er kunnen zich ook andere omstandigheden voordoen waarbij een vrijwillige opschorting van de beslistermijn wenselijk is. Een voorbeeld is dat na het aanvragen van de omgevingsvergunning tussen buren onenigheid ontstaat over de kadastrale perceelsgrens. Voor het laten inmeten van de kadastrale gegevens door het Kadaster en het eventueel aankopen van grond is tijd nodig en door de strakke beslistermijn van 8 weken met een eventuele verlenging van zes weken kan dit niet binnen de beslistermijn plaatsvinden. Omdat op voorhand niet duidelijk is wanneer de gegevens van de inmeting ter beschikking komen en wanneer duidelijkheid komt over de aankoop van de grond, wordt dan gekozen voor een vrijwillige opschorting van de beslistermijn tot het moment dat hierover duidelijkheid is gekomen. Door de aanvrager wordt dit als klantvriendelijker ervaren dan het eerst intrekken van de aanvraag en deze daarna opnieuw moeten indienen. Bezwaar- en beroepsprocedures Bezwaar- en beroepsprocedures Er wordt niet vaak bezwaar en / of beroep aangetekend tegen besluiten op vergunningaanvragen in de gemeente Rhenen. Gemiddeld wordt er ongeveer twee maal per jaar bezwaar ingediend. Sporadisch leidt dit vervolgens tot een beroepszaak bij de rechtbank. Als bezwaar en/of beroep aan wordt getekend dan kan hiervoor wel relatief veel ambtelijke inzet nodig zijn, dit is afhankelijk van de complexiteit van de zaak. Vervolg en evaluatie Aan de hand van de in dit document genoemde doelen stelt het college een uitvoeringsprogramma vergunningverlening op. Dit uitvoeringsprogramma vindt u in de bijlage. Jaarlijks zal een jaarverslag gemaakt worden van de vergunningverlening waarin geëvalueerd wordt in hoeverre het uitvoeringsprogramma daadwerkelijk is uitgevoerd. Elke vier jaar worden de uitgangspunten van het Beleidsplan Omgevingsvergunningen geëvalueerd en ter kennisname aan de gemeenteraad voorgelegd. De gevolgde koers wordt tegen het licht gehouden en ook de uitgangspunten worden waar nodig geactualiseerd. UITVOERINGSPROGRAMMA 2017 - 2018 Op 14 april 2016 is de Wabo gewijzigd. Het vervolgens naar aanleiding hiervan tevens gewijzigde Besluit Omgevingsrecht (Bor) schrijft voor dat het uitvoeringsbeleid uitgewerkt dient te worden in een uitvoeringsprogramma. Artikel7.3BOR De bestuursorganen, bedoeld in artikel 7.2, eerste en tweede lid, werken jaarlijks het uitvoerings- en handhavingsbeleid uit in een uitvoeringsprogramma voor de desbetreffende rechtspersoon waarin wordt aangegeven welke van de vastgestelde activiteiten zij het komende jaar zullen uitvoeren. Daarbij houden ze rekening met de krachtens die leden gestelde doelen en de krachtens artikel 7.2, zesde lid, onder a, gestelde prioriteiten. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rhenen stelt het uitvoeringsprogramma tweejaarlijks vast. Hiervoor is gekozen omdat niet te verwachten valt dat binnen één jaar grote veranderingen zullen plaatsvinden. Indien er toch ontwikkelingen plaatsvinden die het noodzakelijk maken dat het uitvoeringsprogramma aangepast wordt binnen deze twee jaar dan zal het uitvoeringsprogramma hierop aangepast worden. Gezien de onduidelijkheid die lang bestond over de inwerkingtreding van deze wijziging en de vervolgens vrij plotselinge inwerkingtreding in april 2016 is er voor gekozen het eerste uitvoeringsprogramma op te stellen voor de jaren 2017-
- In het eerste gedeelte van dit uitvoeringsprogramma beschrijven we welke ontwikkelingen te verwachten zijn in 2017 en 2018 en hoe we daarop in gaan spelen. In het tweede hoofdstuk is beschreven op welke wijze de toetsing van aanvragen om omgevingsvergunningen plaatsvindt. Als laatste wordt aangegeven welke doelen wij de komende twee jaren willen bereiken. Ontwikkelingen Hieronder staan enkele ontwikkelingen beschreven die gevolgen kunnen hebben voor de vergunningverlening in de komende jaren. Wet kwaliteitsborging De Wet Kwaliteitsborging wordt op het moment van schrijven (december 2016) behandeld in de Tweede Kamer. Deze wet zal gevolgen hebben voor het uitvoeringsprogramma vergunningverlening van de gemeente Rhenen. Door deze wet zal namelijk mogelijk de technische toetsing niet meer voor alle plannen bij de gemeente liggen. Hoe een en ander echter in de praktijk zal gaan werken, voor welke soort bouwplannen dat zal gelden en of/wanneer deze wet in werking treedt is nu nog niet duidelijk. Het uitvoeringsprogramma is hier dan ook nog niet op aangepast. Verordening VTH en Kwaliteitscriteria 2.
- In de verordening VTH die de gemeenteraad op 14 juni 2016 heeft vastgesteld is opgenomen dat de vergunningverlening dient te voldoen aan de kwaliteitscriteria 2.
- Door middel van het Beleidsplan Omgvingsvergunningen en dit uitvoeringsprogramma wordt al deels voldaan aan de procescriteria en de inhoudelijke criteria/prioriteiten. In de kwaliteitscriteria zijn echter ook criteria opgenomen voor de kritieke massa. Hierbij wordt gekeken naar opleiding, werkervaring en vlieguren (hoeveel uur per week besteedt iemand aan een activiteit) van het personeel dat zich bezighoudt met vergunningverlening. Dit betekent dat een personeelsinventarisatie dient plaats te vinden: in hoeverre wordt voldaan aan deze criteria. Op het moment van schrijven is deze inventarisatie nog niet opgestart. Verwacht wordt dat de inventarisatie in 2017 afgerond zal worden. Samenwerking Veenendaal en Renswoude De verordening VTH die door de gemeenteraad is vastgesteld is in samenwerking met de gemeenten Veenendaal en Renswoude opgesteld. De bedoeling is in 2017 een mogelijke verdere ambtelijke samenwerking te onderzoeken op het gebied van VTH. Aanleiding daarvoor zijn de hierboven genoemde Kwaliteitscriteria 2.
- Het is voor een kleine gemeente als Rhenen onmogelijk om met alleen eigen personeel te voldoen aan deze criteria. Het zou betekenen dat gemeente Rhenen veel extra personeel aan zou moeten nemen met bovendien specifieke opleidingen en voldoende ervaring. Op elk taakveld/functie met betrekking tot omgevingsvergunningen dient namelijk achtervang aanwezig te zijn. Dit betekent in de praktijk dat voor elke functie eigenlijk twee personen werkzaam moeten zijn. Aangezien de werkvoorrraad op het gebied van vergunningverlening in een kleinere gemeente hiervoor geen ruimte biedt, is het idee ontstaan om samenwerking aan te gaan met omliggende gemeenten. Wellicht kunnen meerdere gemeenten samen namelijk wel voldoen aan de Kwaliteitscriteria op het gebied van vergunningverlening. Op welke wijze deze samenwerking verder uitgewerkt wordt (of kan worden) is op het moment van schrijven nog niet duidelijk. Omgevingswet Vanuit de landelijke overheid wordt druk gewerkt aan de nieuwe Omgevingswet. Deze wet zal gevolgen hebben voor het beleidsplan omgevingsvergunningen en voor toekomstige uitvoeringsprogramma’s. De Omgevingswet zal namelijk de procedures wijzigen en ook de wetgeving waaraan getoetst moet worden. De verwachting op dit moment is dat de Omgevingswet in 2019 in werking zal treden. Gebruik registratiesysteem Open Wave Team vergunningen maakt gebruik van het open source systeem Open Wave voor het verlenen en registreren van omgevingsvergunningen. In dit systeem wordt de stand van zaken van alle lopende omgevingsvergunningen bijgehouden. Uit dit systeem kunnen bovendien rapportages gedraaid worden waaruit onder meer blijkt hoeveel vergunningen voor welke soort activiteit zijn aangevraagd en hoeveel omgevingsvergunningen zijn verleend. Op dit moment wordt gesproken over het gaan gebruiken van Mozard. In de gehele organisatie wordt immers het programma Mozard uitgerold dat zoveel mogelijk bestaande programma’s moet vervangen. Het is mogelijk dat ook de registratie van omgevingsvergunningen in de toekomst in dit systeem opgenomen gaat worden. Het ligt voor de hand om een dergelijke omzetting in samenhang te zien met nieuwe wetgeving zoals de Omgevingswet die ingrijpende gevolgen zal hebben voor vergunningverlening. Tegelijkertijd kan dan een slag gemaakt worden in de digitalisering van de vergunningverlening. Wet Natuurbescherming De Wet Natuurbescherming treedt op 1 januari 2017 in werking. De Wet natuurbescherming is de opvolger van de Flora- en faunawet, de Natuurbeschermingswet en de Boswet. De uitvoering van deze wetgeving, die ook linkt aan omgevingsvergunningen, wordt belegd bij de provincies. Toetsing aanvragen omgevingsvergunning Hieronder wordt beschreven op welke manier wij aanvragen om omgevingsvergunningen toetsen. Ontvankelijkheidstoets algemeen Een aanvraag is ontvankelijk als er voldoende informatie is ingediend om een goede beoordeling te kunnen maken. Dit gebeurt bij de activiteit bouwen aan de hand van een checklist gebaseerd op de ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor) waarin de indieningsvereisten zijn opgenomen. Bij de overige aanvragen om omgevingsvergunning wordt dit gecontroleerd op basis van de Mor waarin de indieningsvereisten zijn opgenomen. Daarbij wordt wel gekeken welke stukken echt nodig zijn om de aanvraag te beoordelen. Stukken die niet noodzakelijk zijn, worden niet opgevraagd. Tenzij hieronder anders vermeld, wordt de ontvankelijkheidstoets uitgevoerd door team Vergunningen en Handhaving. Inhoudelijke toets bouwen Bestemmingsplan Alle aanvragen voor de activiteit bouwen worden aan het bestemmingsplan getoetst. Hierbij vindt altijd collegiale toetsing plaats. Er worden formats gebruikt voor de toetsing aan het bestemmingsplan waarin alle mogelijke beoordelingspunten zijn opgenomen. Mocht een bouwplan in strijd zijn met het bestemmingsplan dan wordt de aanvraag van rechtswege aangemerkt als een verzoek van het bestemmingsplan af te wijken. De aanvrager wordt hiervan, en van de kosten voor het voeren van de afwijkingsprocedure, op de hoogte gebracht door de coördinator omgevingsvergunningen. Welstand Een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen wordt altijd getoetst aan de Welstandsnota. Indien het plan getoetst kan worden aan de in de Welstandsnota opgenomen sneltoetscriteria dan wordt deze toets door een medewerker van team Vergunningen en Handhaving gedaan. Overige aanvragen worden één keer per twee weken voorgelegd aan de rayonarchitect in het mandaatoverleg van de welstandscommisie (de zogenaamde kleine commissie). De rayonarchitect beoordeelt of een aanvraag aan de grote commissie wordt voorgelegd. Als dat het geval is dan volgt binnen twee weken na behandeling in de grote commissie een schriftelijk advies. Bouwbesluit/bouwverordening De toetsen aan het Bouwbesluit en de Bouwverordening gebeuren aan de hand van de checklisten die zijn opgenomen als bijlagen bij dit uitvoeringsprogramma. Naast de toets aan het Bouwbesluit en de Bouwverordening worden complexere bouwaanvragen ten aanzien van brandveiligheid voorgelegd aan de VRU. Voor een beoordeling van de riolering, parkeren en bodem worden de complexere bouwaanvragen aan de teams Openbare Werken en Economie en Ruimte voorgelegd. Inhoudelijke toets uitvoeren werkzaamheden De inhoudelijke toets van een voormalige aanlegvergunning voert team Economie en Ruimte uit in combinatie met de OdrU. De OdrU wordt ingeschakeld omdat dit soort vergunningen vaak aangevraagd moet worden vanwege het aspect archeologie. Beoordeling van een archeologisch rapport is maatwerk dat door de specialisten van de OdrU wordt uitgevoerd. De inhoudelijke toets voor een aanvraag in het geval van een onderliggende gasleiding wordt uitgevoerd door de Gasunie. Inhoudelijke toets afwijking bestemmingsplan In complexere gevallen wordt de ontvankelijkheid van de aanvraag door team Economie en Ruimte beoordeeld. De inhoudelijke toets van het afwijken van het bestemmingsplan wordt ook uitgevoerd door dit team als een bouwplan niet voldoet aan het beleid. In een dergelijk geval dient het college van burgemeester en wethouders namelijk een besluit te nemen over medewerking. Afwijkingen binnen het beleid worden afgehandeld door team Vergunningen en Handhaving. Het beleid met betrekking tot afwijkingen van het bestemmingsplan is opgenomen in de bijlagen bij dit beleidsplan. Afwijkingen die niet voldoen aan het beleid betreffen maatwerk. Hiervoor zijn dan ook geen protocollen opgesteld. Wel worden bouwaanvragen indien nodig door team Economie en Ruimte ter beoordeling voorgelegd aan meerdere teams binnen gemeente Rhenen en eventuele externe partijen. Met de input van de diverse teams wordt een advies opgesteld richting het college van burgemeester en wethouders. Inhoudelijke toets brandveilig gebruik Omgevingsvergunningen brandveilig gebruik worden getoetst door de VRU. De VRU toetst deze soort aanvragen ook op ontvankelijkheid door middel van een checklist. De aanvraag wordt inhoudelijk door de VRU getoetst aan het Bouwbesluit. Inhoudelijke toets milieu De aangevraagde omgevingsvergunningen voor de activiteit milieu worden op ontvankelijkheid getoetst en inhoudelijk beoordeeld door de OdrU. De OdrU gebruikt formats voor de advisering met betrekking tot vergunningen zodat ieder onderwerp uit de milieuwetgeving in ieder geval aan bod komt in de advisering. Inhoudelijke toets wijzigen rijksmonument De aangevraagde omgevingsvergunningen voor de activiteit wijzigen rijksmonument worden op ontvankelijkheid getoetst door team vergunningen of de RCE (deze laatste als het een ingrijpende wijziging betreft, bij twijfel hierover wordt de RCE geraadpleegd). Inhoudelijk wordt de aanvraag getoetst door de Monumentencommissie (en daarnaast wordt advies uitgebracht door de RCE als het een ingrijpende wijziging betreft). De monumentencommissie bestaat uit deskundigen. Zij beoordelen of de wijziging aanvaardbaar is. De beoordeling van deze aanvragen is maatwerk en daarom niet vervat in toetsingsprotocollen. Inhoudelijke toets vergunning slopen De aangevraagde omgevingsvergunningen voor de activiteit slopen worden voorgelegd aan de Monumentencommissie als het bouwwerk in het beschermd stadsgezicht staat. Als het een sloopverbod in een bestemmingsplan betreft wordt de aanvraag bovendien inhoudelijk beoordeeld door team Economie en Ruimte. Inhoudelijke toets wijzigen gemeentelijk monument Aanvragen voor het wijzigen van gemeentelijke monumenten worden aan de Monumentencommissie ter advisering voorgelegd. De monumentencommissie bestaat uit deskundigen. Zij beoordelen of de wijziging aanvaardbaar is. De beoordeling van deze aanvragen is maatwerk en daarom niet vervat in toetsingsprotocollen. Inhoudelijke toets het aanleggen van een weg Sinds de invoering van de Wabo in 2010 is nog geen enkele omgevingsvergunning (terecht) aangevraagd voor deze activiteit. Als een aanvraag voor het aanleggen van een weg wordt ingediend dan zal deze inhoudelijk beoordeeld worden door team Openbare Werken. Inhoudelijke toets een uitweg maken of wijzigen Een aanvraag omgevingsvergunning voor het maken of wijzigen van een uitweg wordt op ontvankelijkheid en inhoudelijk beoordeeld door team Openbare Werken. Een omgevingsvergunning voor het maken en veranderen van een uitweg kan conform de APV worden geweigerd in het belang van: De bruikbaarheid van de weg; Het veilig en doelmatig gebruiken van de weg; De bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving; De bescherming van groenvoorzieningen in de gemeente; De openbare orde; De openbare veiligheid; De volksgezondheid; De bescherming van het milieu. Als uitwerking van deze weigeringscriteria geldt binnen de gemeente Rhenen de gedragslijn dat per woning/bedrijf maximaal één uitrit van maximaal 3,00 meter breed aanwezig mag zijn. Hierop zijn uitzonderingen mogelijk. Zo kan een uitweg breder aangelegd worden omdat de weg waaraan deze ligt te smal is om goed in te kunnen draaien. Ook komt het bij (met name agrarische) bedrijven voor dat twee inritten worden toegestaan: een zogenaamde schone en vuile inrit. Tevens kunnen bedrijfsinritten breder worden aangelegd als deze gebruikt worden door grote voertuigen. Inhoudelijke toets het hebben van een alarminstallatie met opvallend geluid of lichtsignaal Een omgevingsvergunning voor het hebben van een alarminstallatie met opvallend geluid of lichtsignaal is in de gemeente Rhenen sinds de inwerkingtreding van de Wabo in 2010 nog nooit aangevraagd. In onze APV is wel een verbod opgenomen om een dergelijke installatie zonder vergunning te hebben. Dit verbod zal in de APV 2017 waarschijnlijk geschrapt worden. Inhoudelijke toets het vellen van een houtopstand Een omgevingsvergunning voor het kappen van bomen is nodig als bomen gekapt worden die een diameter hebben van 30 centimeter of meer op 1,30 meter hoogte. De volgende weigeringscriteria zijn opgenomen in de APV: De vergunning kan in ieder geval worden geweigerd op grond van: De natuurwaarde van de houtopstand; De landschappelijke waarde van de houtopstand; De waarden van de houtopstand voor stads- en dorspsschoon; De beeldbepalende waarde van de houtopstand; De cultuurhistorische waarde van de houtopstand; De waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand Bij het verlenen van de vergunning kan een herplantplicht opgelegd worden. Op het moment van schrijven wordt gewerkt aan een zogenaamde waardevolle bomenlijst. Hiervoor worden alle bomen in de bebouwde kom volgens de Wet Natuurbescherming in de gemeente Rhenen geïnventariseerd en wordt dus op voorhand gekeken welke bomen we willen beschermen in plaats van dit pas te doen naar aanleiding van een aanvraag omgevingsvergunning. Dit betekent dat bomen binnen de bebouwde kom volgens de Wet Natuurbescherming die niet op die lijst staan vergunningvrij gekapt kunnen worden. Als iemand toch een boom wil kappen die op deze lijst staat dan zal er alsnog een maatwerkafweging plaats vinden. De monumentale lijst zal eenmaal per nog nader te bepalen aantal jaar geüpdatetworden omdat bomen natuurlijk groeien, de omgeving kan wijzigen en ook bijvoorbeeld de gezondheid van bomen kan verslechteren. Op het moment van schrijven is niet duidelijk wanneer deze waardevolle bomenlijst in werking zal treden. Inhoudelijke toets het plaatsen van handelsreclame op of aan een onroerende zaak/als eigenaar toe te staan dat handelsreclame wordt gemaakt Een omgevingsvergunning is in sommige gevallen nodig voor het plaatsen van reclame op of aan een onroerende zaak of om toe te staan dat een ander handelsreclame maakt op een onroerende zaak waarvan de reclamemaker geen eigenaar is. In de gemeente Rhenen is Gevelreclame- en uitstallingenbeleid vastgesteld voor het centrum van Rhenen stad. Buiten het centrum is het plaatsen van reclame dan ook niet vergunningplichtig. Het Gevelreclame- en uitstallingenbeleid is opgenomen in de welstandsnota. De beoordeling van omgevingsvergunningen voor deze activiteit worden dan ook beoordeeld door de Stichting Mooisticht. Inhoudelijke toets het opslaan van roerende zaken/als eigenaar toe te staan dat onroerende zaken worden opgeslagen Het opslaan van goederen is in aangewezen gedeelten van de gemeente vergunningplichtig. In gemeente Rhenen zijn alleen de gronden buiten de bebouwde kom hiervoor aangewezen. Een dergelijke omgevingsvergunning is echter sinds het inwerkingtreden van de Wabo in 2010 niet aangevraagd. Meldingen Voor sommige activiteiten zijn niet langer vergunningen nodig maar kan volstaan worden met het melden van een activiteit. Dit is een gevolg van deregulerende wetgeving vanuit het Rijk. Voor het afhandelen van meldingen mogen geen leges in rekening gebracht worden. Hieronder vindt u de drie soorten meldingen die wij afhandelen. Inhoudelijke toets milieumeldingen Bedrijven die niet vergunningplichtig zijn in het kader van de Wet Milieubeheer maar wel meldingsplichtig zijn conform het Activiteitenbesluit, dienen bij oprichting of wijziging van hun bedrijf een melding in te dienen via www.aimonline.nl. Vanaf 2016 worden de ingediende milieumeldingen door www.aimonline.nl direct doorgestuurd naar de OdrU en door de OdrU afgehandeld. De OdrU is gemandateerd deze meldingen af te handelen. De OdrU heeft op alle milieugebieden specialisten in huis die gekwalificeerd zijn om dit werk te doen waardoor de kwaliteit gewaarborgd wordt. Inhoudelijke toets sloopmeldingen Sinds de inwerkingtreding van het Bouwbesluit 2012 volstaat meestal een sloopmelding als asbest verwijderd wordt of een bouwwerk gesloopt wordt. Het doel van een sloopmelding is het verzekeren van de veiligheid bij het slopen en met name het verwijderen van asbest. Als een sloopmelding wordt ingediend dan moet, als het de sloop van een gebouw gebouwd vóór 1994 betreft, altijd een asbestinventarisatierapport ingediend worden. Dit rapport wordt door team Economie en Ruimte beoordeeld en bij de acceptatiebrief van de melding worden voorwaarden gesteld aan de sloop en het verwijderen van asbest om de veiligheid te waarborgen. Inhoudelijke toets meldingen brandveilig gebruik Voor het ingebruiknemen van gebouwen waarin meer dan 50 personen aanwezig zullen zijn, dient een gebruiksmelding gedaan te worden. Doel van een dergelijke melding is het beoordelen of het gebouw brandveilig gebruikt wordt. De meldingen worden ter beoordeling voorgelegd aan de VRU en afgehandeld door team Vergunningen en Handhaving. De VRU beoordeelt de ontvankelijkheid en toetst inhoudelijk. De VRU is ook de organisatie die naar aanleiding van de ingediende melding ter plaatse een controle uitvoert om te beoordelen of het gebouw ook in de praktijk daadwerkelijk voldoet aan de gestelde voorschriften in het Bouwbesluit. Doelstellingen 2017 Dienstverlening Wij streven ernaar in 2017 geen vergunningen van rechtswege te verlenen. Gedurende het jaar zal de stand van zaken hiervan bijgehouden worden. Wij streven ernaar omgevingsvergunningen die de reguliere procedure volgen en compleet zijn ingediend binnen vier weken te verlenen. Voorwaarde daarbij is wel dat (indien van toepassing) de welstandscommissie en de VRU al bij de eerste beoordeling positief adviseren. Gedurende het jaar zal de stand van zaken hiervan bijgehouden worden. Wij zullen het houden van vooroverleg stimuleren. Wij willen door middel van communicatie via de website, de krant, en social media de aandacht vestigen op de mogelijkheid die bestaat om op voorhand bouwplannen met onze deskundigen te bespreken. Ook willen wij de principeverzoeken aantrekkelijker maken door de kosten hiervan (deels) te verrekenen met de leges voor de uiteindelijke vergunning. Dit wordt meegenomen in de Legesverordening
- Door (bouw)plannen al in een voortraject besproken te hebben willen wij ervoor zorgen dat bouwplannen volledig worden ingediend én zodanig worden ingediend dat snel op de aanvraag besloten kan worden. Het doel is een snellere doorlooptijd van het omgevingsvergunningtraject. Uitvoeringskwaliteit Naar verwachting wordt in 2017 de inventarisatie met betrekking tot het voldoen aan de kwaliteitscriteria aangaande de kritieke massa afgerond. Hieruit zal blijken in hoeverre gemeente Rhenen voldoet aan deze criteria. Afhankelijk van de uitkomst zal een vervolgtraject gestart worden. Daarbij kan gedacht worden aan het aangaan van een samenwerkingsverband met omliggende gemeenten om tezamen wel aan de criteria te kunnen voldoen, opleidingstrajecten voor medewerkers en het uitbesteden van bepaalde werkzaamheden. Bij de kwaliteitscriteria geldt het credo ‘comply or explain’. Dit betekent dat er ook door een gemeente gekozen kan worden voor het niet voldoen aan de kwaliteitscriteria op bepaalde punten. Dit dient dan echter wel goed gemotiveerd te gebeuren. Financiering Wij streven ernaar voor de activiteiten waarbij leges geheven mogen worden, kostendekkend te werken. Gezien aanstaande wetswijzigingen (met name de Wet Kwaliteitsborging, de wijziging van de Wabo (specifiek de wetgeving rondom de kwaliteitscriteria) en de Omgevingswet) ligt het in de verwachting dat de berekening van de leges en de onderbouwing daarvan zullen gaan wijzigen. De werkzaamheden die gemeentelijke ambtenaren zullen uitvoeren met betrekking tot omgevingsvergunningen zullen door deze wetswijziging gaan veranderen en mogelijk verminderen. Binnen de gemeente Rhenen is er de afgelopen jaren voor gekozen het tijdschrijven op basis van soorten werkzaamheden af te schaffen. Dit betekent dat de gegevens om een inschatting te maken hoeveel uren worden besteed aan omgevingsvergunningen ontbreken. De komende jaren zullen deze gegevens weer opgebouwd moeten worden om hierover adequate informatie te kunnen verschaffen. De doelstelling voor de jaren 2017 en 2018 is dan ook: De medewerkers die werkzaamheden uitvoeren in het omgevingsvergunningstraject houden de uren die zij besteden aan dit proces per soort aangevraagde activiteit en soort toets (ontvankelijkheid of inhoudelijk) bij in het tijdschrijfsysteem. Prioritering De grootste prioriteit ligt bij het tijdig en snel verlenen van omgevingsvergunningen van goede kwaliteit. Aangezien de werkzaamheden van de medewerkers waarschijnlijk zullen gaan wijzigen vanwege aankomende wetswijzigingen en de mate waarin de gemeente Rhenen voldoet aan de kwaliteitscriteria nog moet worden onderzocht, is het niet opportuun op dit moment meetbare doelstellingen aan de doelen uitvoeringskwaliteit en financiering te hangen. Op dit moment wordt daarom alleen als doelstelling opgenomen dat gegevens met betrekking tot de besteding van ambtelijke uren voor omgevingsvergunningen verzameld worden. Vastgesteld in de collegevergadering van 24 januari 2017 De secretaris, De burgemeester, P. Bonthuis drs. J.A. van der Pas