Verordening rekenkamercommissie gemeente Westerveld 2017Paragraaf1 BEGRIPSBEPALINGEN Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: A.Doelmatigheid of efficiency: het realiseren van bepaalde prestaties met een zo beperktmogelijke inzet van middelen. B.Doeltreffendheid of effectiviteit: de mate waarin met de geleverde prestaties de gesteldedoelen of maatschappelijke effecten worden behaald. C.Rechtmatigheid: het handelen in overeenstemming met geldende wet- en regelgeving,waaronder gemeentelijke verordeningen. Commissie: de rekenkamercommissie gemeente Westerveld Gemeentebestuur: gemeenteraad en/of het college van burgemeester en wethouders en/of deBurgemeester Paragraaf 2 TAAK, SAMENSTELLING EN LIDMAATSCHAP VAN DE COMMISSIE Artikel2.1.Taak De commissie onderzoekt de doelmatigheid, de doeltreffendheid en de rechtmatigheid van hetdoor het gemeentebestuur gevoerde bestuur. Een door de commissie ingesteld onderzoek naar de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur bevat geen controle van dejaarrekening als bedoeld in artikel 213, tweede lid, van de Gemeentewet. Artikel2.2.Samenstelling De commissie bestaat uit drie leden. De leden worden door en op voordracht van de raad benoemd. De leden mogen geen lid van de gemeenteraad of het college van burgemeester en wethouders zijn en moeten onafhankelijk zijn ten opzichte van de gemeente en het gemeentebestuur van gemeente Westerveld De leden worden benoemd voor een periode van vier jaar en kunnen één keer wordenherbenoemd voor een periode van vier jaar. 5.De leden leggen alvorens zij hun functie uitoefenen in de vergadering van de raad in dehanden van de voorzitter van de raad de eed (verklaring of belofte) af: “Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de rekenkamercommissie benoemd te worden,rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of voorwendsel ook, enige gunst heb gegevenof beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks nochmiddellijk enig geschenk of belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen endat ik mijn plichten als lid van de rekenkamercommissie naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig! (Dat verklaar en beloof ik!)”. De commissie benoemt uit haar leden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter. De voorzitter draagt zorg voor het bijeenroepen van de vergaderingen, het leiden van devergaderingen, het bewaken van de uitvoering van het onderzoek, de werkwijze en hetbevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. Hij/zij voert hiertoe regelmatig overleg methet secretariaat. 8.Voorafgaand aan de (her)benoeming van de voorzitter en de overige leden van derekenkamercommissie pleegt de raad overleg met de rekenkamercommissie. Artikel2.2a.Personele unie Voor de uitvoering van zijn werkzaamheden werkt de commissie in een personele unie samen metde gemeenten Meppel en Steenwijkerland. Artikel2.3Einde van het lidmaatschap Het lidmaatschap eindigt: op eigen verzoek; bij aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het lidmaatschap; wanneer hij/zij bij onherroepelijk geworden rechtelijke uitspraak wegens misdrijf isveroordeeld, dan wel dat bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd dievrijheidsbeneming tot gevolg heeft; d.indien hij/zij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak onder curatele is gesteld,in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegensschulden is gegijzeld. Een lid kan door de raad worden ontslagen of tijdelijk op non-actief gesteld worden. wanneer hij/zij door ziekte, gebreken of ongeschiktheid niet in staat is zijn/haar functienaar behoren te vervullen; b.indien hij/zij naar het oordeel van de raad ernstig nadeel toebrengt aan het in hem/haargestelde vertrouwen. Artikel2.4Verboden betrekkingen en verboden handelingen 1.Een lid van de commissie kan niet tevens een betrekking vervullen als bedoeld in artikel 81f,lid 1, van de Gemeentewet. 2.Het is een lid van de commissie verboden de handelingen te verrichten als bedoeld in artikel15 van de Gemeentewet. De raad kan, gehoord de commissie, een lid dat heeft gehandeld in strijd met dit verbod uit zijn functie ontslaan. 3.De leden overleggen aan de raad bij aanvaarding van hun functie een lijst met daarinopgenomen de (neven)functies die zij op dat moment vervullen. Gedurende dezittingsperiode optredende wijzigingen in vervulde (neven)functies worden ter kennisgebracht van de raad. Artikel2.5Vergoedingen 1.De leden van de commissie ontvangen voor hun reguliere werkzaamheden van de drie gemeenten gezamenlijk een vast bedrag per maand gebaseerd op een tijdsinspanning van twee vergaderingen. Deze reguliere werkzaamheden betreffen: het voorbereiden en bijwonen van de vergaderingen van de commissie het verzorgen van het jaarverslag, het opstellen van het jaarplan en het begeleiden van onderzoek . De daarbij behorende vergoeding bedraagt € 250 per vergadering voor de voorzitter en € 175 per vergadering voor de leden. 2.Andere dan in lid 1 genoemde werkzaamheden worden vergoed tegen een uurtarief van € 65,-Dit gebeurt op basis van een expliciet besluit van de commissie. 3.De leden ontvangen een vergoeding voor de door hen noodzakelijk gemaakte kosten vanreizen en verblijf conform de vigerende reis- en verblijfskostenregeling van de gemeente. 4.De kosten worden voorzover mogelijk toegerekend aan de gemeente voor welke dewerkzaamheden worden verricht. Niet direct aan een gemeente toe te rekenen kosten, worden over alle gemeenten verdeeld op basis van het aantal per gemeente te verrichten onderzoekenper jaar. Indexering van de in de leden 1 en 2 genoemde vergoedingen geschiedt op basis van het percentage zoals genoemd in de jaarlijkse circulaire van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties met betrekking tot de indexatie van de vergoedingen voor raads- en commissieleden. De vergoedingen komen ten laste van het budget van de commissie. Paragraaf 3 DE WERKWIJZE VAN DE COMMISSIE Artikel3.1Reglement van orde 1.De commissie stelt een reglement van orde voor haar vergaderingen en anderewerkzaamheden vast. Daarin wordt ook de vervanging van de voorzitter en de secretaris geregeld.De commissie zendt het reglement na de vaststelling ter kennisneming naar de gemeenteraad. 2.De commissie doet jaarlijks voor 1 april aan de gemeenteraad verslag van haarwerkzaamheden en dient voor 1 december haar onderzoeksplan voor het volgendejaar in. Artikel3.2Onderwerpen voor en beslissing tot uitvoeren van onderzoek Op verzoek van de raad kan de commissie een onderzoek instellen. De commissie kiest zelfstandig de onderwerpen voor haar onderzoek, formuleert deprobleemstelling en de onderzoeksvragen en stelt de onderzoeksopzet vast. Deonderzoeksopzet wordt ter kennisneming gezonden aan de gemeenteraad. 3.Als de commissie het verzoek van de raad als bedoeld in het eerste lid niet inwilligt, motiveertzij haar afwijzing. 4.Ook kan de rekenkamercommissie op eigen initiatief of op verzoek van derden tot dekeuze voor een onderwerp van onderzoek komen Artikel3.3Bevoegdheden van de commissie bij het uitvoeren van onderzoek 1.De commissie is bevoegd, indien en voor zover de gemeente uit anderen hoofde overdeze bevoegdheid beschikt of daartoe toestemming heeft van de betrokken instellingen,ten aanzien van de volgende instellingen en over de daarbij genoemde periode, op de wijze als in de vorige leden van dit artikel bepaald onderzoek te doen bij: a.openbare lichamen en gemeenschappelijke organen ingesteld krachtens de Wetgemeenschappelijk regelingen waaraan de gemeente deelneemt, over de jaren dat degemeente deelneemt in de regeling; b.naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheidwaarvan de gemeente meer dan 50% van het geplaatste aandelenkapitaal houdt, over dejaren dat de gemeente meer dan 50% van het geplaatste aandelenkapitaal houdt; c.andere privaatrechtelijke rechtspersonen waaraan de gemeente of een derde voor rekening en risico van de gemeente rechtstreeks of middellijk een subsidie, lening over garantieheeft verstrekt ten bedrage van tenminste 50% van de baten van deze instelling, over dejaren waarop deze subsidie, lening of garantie betrekking heeft. 2.De commissie is bevoegd collegeleden, raadsleden, ambtenaren, externe deskundigen enbestuurders en medewerkers van instellingen als bedoeld in lid 1 uit te nodigen tot het gevenvan toelichtingen of het anderszins bijwonen van een vergadering. Artikel3.4Uitvoering van het onderzoek en rapportage De commissie is belast met en verantwoordelijk voor de uitvoering van het onderzoek volgens een door haar vastgestelde onderzoeksopzet. Het feitelijke onderzoek wordt door de commissie bij voorkeur uitbesteed aan onderzoekers of externe deskundigen, tenzij aard en omvang van het onderzoek dat niet nodig maakt. De rekenkamercommissie is de opdrachtgever van de onderzoeken, geeft aanwijzingen tijdens het onderzoek en behoudt na het onderzoek alle zeggenschap over het onderzoeksmateriaal en de resultaten van het onderzoek. De commissie beoordeelt of het wenselijk is de raad tussentijds te informeren. De commissiekan ook tussentijds of na afronding van het onderzoek openbare informatieve vergaderingenbeleggen. 4.De commissie is bevoegd van de leden van het gemeentebestuur en van de ambtenarenmondelinge en schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig heeft voor de uitvoering van het onderzoek. De leden van het gemeentebestuur en de ambtenaren zijn verplicht de gevraagde inlichtingen binnen de door de commissie gestelde termijn te verstrekken. 5.De commissie stelt via de gemeentesecretaris de betrokken ambtenaren in de gelegenheid ombinnen een door haar te stellen termijn, die tenminste twee weken bedraagt, opmerkingen over de correctheid van het feitenonderzoek aan de commissie kenbaar te maken. Betrokken zijn degenen wier taakuitvoering (mede) voorwerp van onderzoek is of is geweest. De commissie bepaalt wie verder als betrokkenen worden aangemerkt. 6.Na de ambtelijke hoor en wederhoor ten aanzien van de feiten legt de commissie haarbevindingen en haar oordeel vast in een concept-rapport. De commissie formuleert daarbijhaar conclusies en aanbevelingen. 7.De commissie stelt het college in de gelegenheid om binnen een door haar te stellen termijn,die tenminste twee weken bedraagt, zijn zienswijze op het onderzoek en het rapport aan decommissie kenbaar te maken. De commissie voegt een eventuele zienswijze toe aan het rapport. 8.De commissie vergadert in beslotenheid. De rapporten en verslagen van de commissie zijnopenbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet Openbaarheid vanBestuur kan de commissie rapporten of gedeelten daarvan als geheim aanmerken. De leden van de commissie en degenen die ten behoeve van de commissie werkzaam zijn, zijn verplichttot geheimhouding van al hetgeen hen daarover ter kennis is gekomen. 9.Na vaststelling door de commissie worden het onderzoeksrapport met de conclusies enaanbevelingen zo spoedig mogelijk aan de gemeenteraad aangeboden. 10.De gemeenteraad bespreekt het onderzoeksrapport en bepaalt een standpunt over deconclusies en aanbevelingen. Paragraaf 4 DE ONDERSTEUNING VAN DE COMMISSIE Artikel4.1Ambtelijk secretaris 1.De commissie voorziet in overleg met het gemeentebestuur in de aanwijzing/aanstelling vaneen ambtelijk secretaris van de commissie. De secretaris staat de commissie bij de uitvoering van haar taak terzijde. De secretaris legt over de wijze waarop de ondersteunende taken worden verricht rechtstreeksverantwoording af aan de commissie. 4.De commissie wijst een waarnemend secretaris aan als de secretaris zelf onderwerp is van eenonderzoek. Indien de ambtelijk secretaris niet in staat is zijn/haar werkzaamheden te verrichten dan vindt vervanging plaats in overleg met het gemeentebestuur. Artikel4.2Onderzoeksmedewerkers
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.