UITVOERINGSPROGRAMMA HANDHAVING 20171.Inleiding Wabo artikel 5.1. Dit uitvoeringsprogramma beschrijft hoe wij als gemeente Steenbergen in het jaar 2017 uitvoering gaan geven aan de diverse handhavingsactiviteiten binnen onze gemeente en welke activiteiten het komende jaar worden uitgevoerd. De doorlooptijd van dit uitvoeringsprogramma is tot 1 februari 2018, aangezien voor die datum het uitvoeringsprogramma 2018 moet zijn vastgesteld. Een groot deel van de uitvoering van de handhavingsactiviteiten valt onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Daarnaast bouwt dit uitvoeringsprogramma voort op het reeds ingezette beleid. Door het college is handhavingsbeleid voor de periode 2017 – 2020 vastgesteld waarin gemotiveerd wordt aangegeven welke doelen en prioriteiten het zichzelf stelt bij de handhaving en welke activiteiten het daartoe zal uitvoeren. In dit uitvoeringsprogramma is reeds rekening gehouden met een (tijdelijke) uitbreiding van de capaciteit van de toezichthouder Wabo van 0,5 fte naar 1 fte en van de toezichthouder Handhaving van 0,5 fte naar 1 fte. Handhavingsbeleid 2017 - 2020 Op 28 maart 2017 is het Integraal Handhavingsbeleid 2017-2020 vastgesteld, waarna het op 4 april 2017 in werking is getreden. Het handhavingsbeleid is gebaseerd op: Wet- en regelgeving. Het handhavingsdomein kent een breed scala aan wet- en regelgeving. Naast de Wabo, Bor (Besluit omgevingsrecht) en Mor (Ministeriele regeling omgevingsrecht), kan gedacht worden aan de DHW (Drank- en Horecawet), Apv (Algemene plaatselijke verordening), wet BRP (Basisregistratie Personen), wet Bibob. Documenten/ beleid. Het integraal veiligheidsbeleid 2016-2020 en het Damoclesbeleid (artikel 13b Opiumwet). Op onderdelen heeft het veiligheidsbeleid ook raakvlakken met handhaving, aangezien het team Handhaving voor een deel de uitvoering op zich neemt van het beleidsveld veiligheid. Voorbeelden zijn onder andere de jaarwisseling, de signalering van (georganiseerde) criminaliteit, controles bij risicovolle objecten (bijvoorbeeld kinderdagverblijven en horeca) en het toezicht tijdens evenementen. Het Damoclesbeleid wordt voorbereid en uitgevoerd door het team Handhaving. Tot slot is de landelijke handhavingsstrategie ingebed in het vastgestelde beleid. De provinciale handhavingsstrategie: ‘zó handhaven we in Brabant’ is daarmee vervallen. Ontwikkelingen: in het handhavingsbeleid is ook stilgestaan bij een aantal (landelijke) ontwikkelingen, zoals de invoering van de VTH (Vergunningen-, Toezicht- en Handhavings-) criteria, de privatisering van het bouw- en woningtoezicht en de omgevingswet. De scoop van het handhavingsbeleid is veel breder dan dat van de afgelopen jaren. Er is sprake van veel verschillende soorten handhavingstaken binnen verschillende beleidsterreinen. Om deze reden worden de handhavingstaken onderverdeeld in vier handhavingsvelden: Wabo: omgevingsrecht (bouwen, slopen, gebruik en milieu) leefbaarheid (kleine ergernissen en overlast) bijzondere onderwerpen (aanpak ondermijnende criminaliteit, horeca en kinderopvang) sociaal-maatschappelijke voorzieningen en Brp (participatiewet, Brp, leerplicht en Wmo) Beleid- afdeling- en begrotingscyclus Concernbreed wordt er jaarlijks per afdeling een afdelingsplan opgesteld. Het team Handhaving maakt onderdeel uit van de afdeling Beleid. Het afdelingsplan 2017 omvat de visie en missie van de afdeling en geeft inzicht in de activiteiten die in 2017 door de afdeling worden opgepakt. Dit uitvoerings-programma maakt onderdeel uit van het afdelingsplan. Daarnaast kent de gemeente een jaarlijkse beleid- en begrotingscyclus, waarvoor het college-programma en de afdelingsplannen leidend zijn. Jaarlijks wordt aan de raad, ten behoeve van de begrotingsbehandeling, een voorstel gebracht, gebaseerd op het collegeprogramma en de afdelingsplannen. Met het vaststellen van de begroting worden de middelen voor de uitvoering van de activiteiten en taken die vermeld staan in dit uitvoeringsprogramma gewaarborgd. Gedurende het jaar wordt de raad gerapporteerd over de voortgang van de uitvoering van de doelen en daarmee gepaard gaande middelen. Bijsturing gedurende het jaar wordt zo geborgd. Tot slot rapporteert het college jaarlijks, middels het evaluatieverslag, over de in het handhavings-beleid en uitvoeringsprogramma gestelde doelen. Ook het uitvoeringsprogramma wordt openbaar gemaakt (via publicatie op de gemeentelijke website en de openbare besluitenlijst van het college). Alle handhavingsdocumenten worden ter kennisname aangeboden aan de gemeenteraad en de Provincie. Wet revitalisering generiek toezicht Op grond van de Wet revitalisering generiek toezicht heeft het Team IBT Omgevingsrecht van de provincie Noord-Brabant in 2016 getoetst in hoeverre onze gemeente haar taken uitvoert op het gebied van het omgevingsrecht (systematisch toezicht). Er is niet alleen getoetst of het handhavingbeleidsplan actueel is en het uitvoeringsprogramma en jaarverslag tijdig zijn vastgesteld en ter kennis zijn gebracht aan de gemeenteraad, maar ook of deze voldoen aan de eisen die het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor) aan de inhoud van deze documenten stelt. Het eindoordeel luidt dat de gemeente Steenbergen gedeeltelijk voldoet. De handhavingsdocumenten sluiten goed op elkaar aan. Om de cyclus rond te krijgen raden ze aan de verbeterpunten toe te passen en de koppelingen te maken. Tevens dient het toezenden van de vaststellingsbesluiten plaats te vinden voor alle handhavingsdocumenten. Voor het uitvoeringsprogramma 2017 betekent dit het volgende: er dient rekening gehouden te worden met de in het beleidsplan gestelde doelen en de gestelde prioriteiten. De methodiek en beschreven instrumenten dienen gekoppeld te worden aan de doelstellingen; er dient inzichtelijk gemaakt te worden welke verbeterpunten mee zijn genomen van het vorige evaluatieverslag in het uitvoeringsprogramma. Afspraken Brabantse Wal gemeenten en Tholen In de basisteamdriehoek is in 2016 besloten dat de vier gemeenten (Bergen op Zoom, Steenbergen, Tholen en Woensdrecht) voortaan gelijktijdig de handhavingsdocumenten dienen aan te bieden aan de basisteamdriehoek. Tevens moeten deze documenten worden voorzien van eenzelfde voorlegger zodat eenvoudiger een vergelijking kan worden gemaakt. Deze voorlegger is aan het uitvoeringsprogramma toegevoegd. Tevens is getracht om het uitvoeringsprogramma zoveel als mogelijk aan te laten sluiten bij het uitvoeringsprogramma van Bergen op Zoom. 2.Doelen, prioriteiten en activiteiten Bor artikel 7.3, lid 1 en 2 en voor milieu-inrichtingen Mor artikel 10.4 In dit hoofdstuk volgt er een overzicht van de toezicht- en handhavingsactiviteiten per handhavingsveld die in 2017 uitgevoerd zullen worden door of namens de gemeente Steenbergen. Voor het bepalen van de activiteiten voor 2017 is rekening gehouden met de resultaten van de evaluatie over het jaar 2015, de globale evaluatie over het jaar 2016 (het evaluatieverslag 2016 volgt voor 1 mei 2017) en het handhavingsbeleid. Jaarlijks wordt de benodigde en beschikbare capaciteit opgenomen in het uitvoeringsprogramma. Voor de Wabo-taken is dit verplicht; voor de overige handhavingstaken is de benodigde en beschikbare capaciteit voor zover mogelijk ook aangegeven. De benodigde capaciteit is terug te vinden in 2.1 (Voorgenomen activiteiten 2017) en de beschikbare capaciteit in 3.1 (adequate en behoorlijke uitvoering). Doelen handhaving De primaire doelstelling van handhaving is: het bevorderen van naleving van wet- en regelgeving. Door naleving van wet- en regelgeving worden: onveilige en ongezonde situaties; aantasting van landschappelijke-, cultureelhistorische-, natuurwaarden/ milieukwaliteit; aantasting van de kwaliteit van woon- en leefomgeving, verstoringen van de openbare orde; onrechtmatig gebruik van sociale- en maatschappelijke voorzieningen en inschrijvingen Brp; voorkomen dan wel beëindigd. De secundaire doelstellingen zijn: verdere professionalisering van de handhavingsorganisatie; bevorderen van samenwerking met interne- en externe handhavingspartners. Bovenstaande secundaire doelen zijn in het handhavingsbeleid verder uitgewerkt. Prioriteiten In het Handhavingsbeleidsplan 2017-2020 zijn voor de gemeentelijke handhavingstaken de belangrijkste prioriteiten benoemd. Deze prioritering is tot stand gekomen na het uitvoeren van een probleemanalyse, waarbij per overtreding is gekeken naar de vraag in hoeverre de overtreding gevolgen (negatieve effecten) heeft op het terrein van onder andere veiligheid, leefbaarheid en gezondheid alsmede de kans dat de overtreding zich in de gemeente voordoet. Voor dit uitvoeringsprogramma wordt dan ook uitgegaan van de prioritering zoals aangegeven in het handhavingbeleidsplan 2017-2020. De prioriteiten zien er als volgt uit, gekoppeld aan de handhavingsvelden zoals we die hanteren in het handhavingsbeleid. In tabel 1 zijn de prioriteiten voor het handhavingsveld Wabo schematisch weergegeven. Onderwerp Prioriteit milieu inrichting activiteitenbesluit type IPPC/BRZO hoog/heel hoog inrichting activiteitenbesluit type C Laag/gemiddeld inrichting zonder vergunning/melding Laag inrichting activiteitenbesluit type A en B Laag geluid/lucht en geur/bodem/water Laag trillingen Laag flora & fauna Laag bouwen bouwen/slopen/gebruik met gevaar voor veiligheid en/of gezondheid (art. 1a Woningwet) heel hoog illegaal (ver)bouwen woning/bijbehorend bouwwerk Gemiddeld bouwbesluit constructief en overig Gemiddeld bouwfase omgevingsvergunning woning/bijbehorend bouwwerk/publiek toegankelijk gebouw/monument/overige bouwwerken Laag Verstoren archeologisch gebied laag Illegaal verbouwen publiek toegankelijk gebouw/monument/overige bouwwerken laag slopen slopen asbest heel hoog slopen overig Laag/gemiddeld Slopen monument Laag gebruik brandveilig gebruik BRZO+ hoog/heel hoog brandveilig gebruik omgevingsvergunning kwetsbare groepen Hoog Melding brandveilig gebruik kamergewijze verhuur Gemiddeld gebruik in strijd met bestemmingsplan bedrijfsmatig Laag/gemiddeld Melding brandveilig gebruik > 50 personen Laag brandveilig gebruik omgevingsvergunning niet-kwetsbare groepen Laag brandveilig gebruik overig (kleine feiten zoals brandblusser over keuringsdatum etc.) Laag gebruik in strijd met bestemmingsplan buitengebied met gevaar of overlast Laag gebruik in strijd met bestemmingsplan onrechtmatige bewoning/ overig/ buitengebied overig Laag Tabel 1 Prioriteiten Wabo In tabel 2 zijn de prioriteiten voor het handhavingsveld leefbaarheid schematisch weergegeven. Naast de in de tabel genoemde prioriteiten kan de driehoek, afhankelijk van actuele ontwikkelingen, leefbaarheidsproblemen vaststellen waaraan een hoge prioriteit wordt toegekend. Onderwerp Prioriteit afval drugs chemisch/ hennepgerelateerd heel hoog afval asbest/ afval illegaal dumpen in buitengebied Heel hoog Hondenpoep/aanlijnen gemiddeld Bijplaatsingen afval/verkeerd scheidingsgedrag afval/zwerfafval gemiddeld gebruik vuurwerk gemiddeld Overlast jeugd/ woonoverlast (met uitzondering van onrechtmatige bewoning)/ overlast gebruik/handel drugs in openbare ruimte gemiddeld (hotspots hoog) autowrakken laag (rond jaarwisseling hoog) vuur stoken laag (vreugdevuren hoog) parkeren caravans/aanhangwagens/grote voertuigen/fietsen en overig Laag Agressieve honden/verboden locaties voor honden/dieren overig laag reclame uitingen/uitstallingen/plakken/bekladden/illegaal plaatsen object in openbare ruimte laag Illegale afvalinzamelingen (bijvoorbeeld textiel)/afval wijze van aanbieden laag evenementen vergunningsplichtig/meldingsplichtig Laag standplaatsen/venten laag nachtregister campings/ illegaal kamperen Laag illegaal kamperen Laag verkeer natuurgebied (ruiters, mountainbikers, crossers etc.) laag APV overig laag Tabel 2 Prioriteiten leefbaarheid In tabel 3 zijn de prioriteiten voor BRP en de Participatiewet schematisch weergegeven. Onderwerp Prioriteit BRP: Inschrijving BRP komt niet overeen met feitelijke situatie Laag BRP: briefadressen Laag BRP: identiteit Laag Participatiewet: leefvorm samenwoning toezicht n.a.v. signalen/projectmatig hoog/heel hoog Participatiewet: vermogen actief en/of risico gestuurd zoeken o.a. bestandsvergelijkingen/n.a.v. signalen hoog/heel hoog Participatiewet: leefvorm overige adresfraude toezicht projectmatig o.b.v. risico's/n.a.v. signalen/bestandsvergelijkingen gemiddeld Participatiewet: inkomsten grijs/zwart n.a.v. signalen en/of projectmatig gemiddeld Participatiewet: leefvorm kostendelersnorm toezicht d.m.v. bestandvergelijkingen laag Participatiewet: inkomsten wit toezicht d.m.v. bestandvergelijkingen laag Tabel 3 Prioriteiten BRP en Participatiewet Bijzondere onderwerpen Naast voornoemde handhavingstaken heeft de gemeente ook eenhandhavingstaak ten aanzien van een aantal bijzondere onderwerpen. De gemeente heeft een verantwoordelijkheid bij de aanpak van ondermijnende criminaliteit en ten aanzien van toezicht en handhaving van een aantal bijzondere wetten. Zo vergt de aanpak van georganiseerde criminaliteit een georganiseerde overheid. In deze paragraaf wordt vanuit het oogpunt van handhaving beschreven op welke wijze wordt bijgedragen aan de integrale aanpak van deze problematiek. Daarnaast komt toezicht en handhaving van horeca en kinderopvang aan de orde. Omdat het handhavingsonderwerpen betreft waarbij per onderwerp sprake kan zijn van uiteenlopende overtredingen, variërend van eenvoudig tot ernstig, wordt aan al deze onderwerpen in beginsel een gemiddelde prioriteit toegekend, maar wordt vervolgens verwezen naar een aantal afzonderlijk vastgestelde beleidsdocumenten waarin, afhankelijk van de aard en ernst van de overtreding, per overtreding is vastgelegd op welke wijze wordt opgetreden. Bestuurlijke aanpak ondermijnende criminaliteit Ondermijnende criminaliteit zorgt voor een sluipende ontwrichting van de samenleving, waarbij vermenging van boven- en onderwereld ontstaat, de overheid ongewild criminelen faciliteert en waarbij burgers worden geconfronteerd met overlast en criminaliteit in hun directe woon- en leefomgeving. Om effectief te kunnen zijn in de aanpak van ondermijnende criminaliteit dient de aanpak van de overheid gericht te zijn op het verslechteren van het criminele ondernemersklimaat. Om dit te realiseren is een georganiseerde overheid nodig waarbij alle preventieve en repressieve mogelijkheden die de overheid heeft geïntegreerd worden ingezet. De bestuurlijke aanpak van georganiseerde criminaliteit maakt onderdeel uit van deze geïntegreerde overheidsaanpak en heeft tot doel de ondermijnende invloed op de samenleving zo veel mogelijk weg te nemen en de veiligheid te vergroten. Door middel van bestuursrechtelijke handhaving kunnen barrières worden opgeworpen, welke bijdragen aan het verslechteren van het criminele ondernemersklimaat in onze gemeente. De bestuurlijke handhaving van ondermijnende criminaliteit richt zich daarbij op de volgende onderwerpen: drugshandel: op grond van artikel 13b van de Opiumwet, ook wel de wet Damocles genoemd, is de burgemeester bevoegd tot het opleggen van een last onder bestuursdwang indien in of vanuit woningen of lokalen in drugs wordt gehandeld. Het is een juridisch instrument om bestuurlijk op te treden tegen illegale drugsverkooppunten en een bevoegdheid van de burgemeester. Ook het kweken van hennep wordt als drugshandel aangemerkt. Aan de productie van chemische drugs wordt vanwege de gevaarzetting een hoge prioriteit toegekend. In het Damoclesbeleid is beschreven hoe de burgemeester feitelijk invulling geeft aan deze bevoegdheid en hoe concreet wordt opgetreden als de politie drugshandel heeft geconstateerd in of vanuit een pand in de gemeente. In het tweede kwartaal van 2015 heeft herijking van het Damoclesbeleid plaatsgevonden. Dit Damoclesbeleid is opgesteld en in werking getreden in alle gemeenten binnen het Basisteam Bergen op Zoom. De boa’s sluiten structureel aan bij de hennepruimingen van de politie en de gemeente ontvangt van elke ontruimde hennepkwekerij van de politie een hennep informatie -bericht. Op basis van het hennep informatie bericht wordt vervolgens bestuursrechtelijk opgetreden. per 1 maart 2015 is artikel 11a van de Opiumwet in werking getreden. Met dit artikel worden handelingen ter voorbereiding of vergemakkelijking van illegale hennepteelt strafbaar gesteld. Handhaving van dit nieuwe artikel ligt primair bij de politie en het OM. In de Opiumwet is aan de burgemeester dan ook geen bestuursdwangbevoegdheid toegekend bij overtreding van dit artikel. Indien echter sprake is van overtredingen van artikel 11a van de Opiumwet in voor het publiek openstaande inrichtingen én er tevens een gerechtvaardigde vrees bestaat dat het geopend blijven van de inrichting gevaar oplevert of op kan leveren voor de openbare orde, kan de burgemeester wel op grond van artikel 2:30 van de APV bevelen dat het pand tijdelijk wordt gesloten. Indien sprake is van een gevaar voor de veiligheid heeft de burgemeester ook op grond van artikel 174 van de Gemeentewet een bevoegdheid om een sluitingsbevel te geven vanuit de toezichtrol op voor het publiek openstaande gebouwen. Om deze sluitingsbevoegdheid te kunnen toepassen, zal veelal sprake moeten zijn van herhaling van overtredingen, goede dossieropbouw en maatwerk in casussen. Enkel overtredingen van artikel 11a van de Opiumwet geven geen mogelijkheid tot bestuursrechtelijk handhaven. In dergelijke casussen zal dan ook worden geïnvesteerd in goede dossieropbouw. mensenhandel: ° mensenhandel betreft het verwerven, vervoeren, overbrengen, opnemen of huisvesten van een persoon, met gebruik van dwang (in brede zin) met het doel om die persoon uit te buiten. Bekende vormen van uitbuiting zijn arbeidsuitbuiting en seksuele uitbuiting. Het spreekt voor zich dat mensenhandel een ernstig misdrijf is dat een integrale overheidsaanpak vergt. De gemeente speelt samen met de ketenpartners een actieve rol in de aanpak van mensenhandel. Er wordt actief gezocht naar signalen van mensenhandel. Informatie over mogelijke mensenhandel wordt gedeeld met de relevante ketenpartners. Om barrières op te werpen tegen mensenhandel zullen waar mogelijk ook bestuurlijke handhavingsinstrumenten worden ingezet. Mensenhandel kent verschillende verschijningsvormen waardoor de aanpak zich ook richt op verschillende handhavingstaken, waaronder het toezicht op onrechtmatige bewoning, het toezicht op illegale prostitutie en het toezicht op de BRP. De aanpak van mensenhandel vraagt specifieke expertise vanuit verschillende disciplines. Outlaw Motorcycle Gangs (OMG’s): ° de OMG’s zijn geen gewone motorclubs. Het zijn motorclubs die zich niet houden aan geldende wet- en regelgeving, waarin veel personen met een strafblad actief zijn en waarvan het vermoeden bestaat dat het dekmantels zijn voor het al dan niet gezamenlijk plegen van misdrijven. Om deze reden voert de overheid sinds 2012 een zero-tolerance beleid tegen OMG’s. In lijn met het landelijk beleid zal, voor zover mogelijk, tegen elke overtreding begaan door OMG’s/OMG-leden handhavend worden opgetreden. heling: ° de aanpak van heling maakt integraal onderdeel uit van de aanpak van woninginbraken, overvallen en straatroven. Zolang daders gestolen goederen kunnen slijten aan derden blijft het plegen van deze misdrijven lucratief. Een effectieve aanpak van heling is daarom van belang. De bevoegdheid tot het opsporen van heling ligt primair bij de politie. De boa’s zijn op grond van de APV echter bevoegd tot controle en handhaving van het verkoopregister van gebruikte goederen (de burgemeester bepaalt welk register er gebruikt moet worden). In het kader van de helingaanpak kunnen de boa’s daarom aansluiten bij de integrale controles die door de politie worden georganiseerd bij opkopers van gebruikte goederen. Indien sprake is van heling in of vanuit een voor het publiek openstaand pand ontvangt de gemeente een rapportage van de politie om vervolgens op grond van de APV bestuursrechtelijk op te kunnen treden. Ook met betrekking tot deze casussen wordt geïnvesteerd in een goede dossieropbouw. BIBOB: Sinds 2003 bestaat de Wet Bevordering Integriteitbeoordelingen door het Openbaar Bestuur (BIBOB). Deze wet dient primair ter bescherming van het integriteitsrisico van overheidsorganen. De toepassing van dit instrument is beperkt tot de gevallen die zijn opgenomen in de Wet BIBOB en het Besluit BIBOB. De BIBOB kan worden ingezet als instrument om vergunningen te toetsen en zo te voorkomen dat de integriteit van overheidsorganen wordt aangetast. De integriteit wordt aangetast als bij een verleende of te verlenen beschikking (horeca/evenementen vergunning, subsidie), overheidsopdracht of vastgoedtransactie, sprake is van het door betrokkene aanwenden van financieel voordeel uit (reeds gepleegde) criminele activiteiten dan wel het plegen van strafbare feiten. In het district De Markiezaten bestaat al langere tijd de wens om de BIBOB toetsing breed in te zetten. Dit heeft in Steenbergen geleid tot het vaststellen van “Beleidsregels Bibob 2016” voor het inzetten van de BIBOB toets. Elke gemeente krijgt ook een BIBOB coördinator die ervoor verantwoordelijk is dat BIBOB toetsingen worden uitgevoerd en dat er nauw wordt samengewerkt met het landelijk BIBOB bureau en het RIEC (Regionaal Informatie en Expertise Centrum). De BIBOB toetsing wordt onder meer ingezet op de terreinen horeca, Wabo en vastgoed. Horeca Op 1 januari 2013 en vervolgens op 1 januari 2014 is de Drank- en Horecawet gewijzigd. Doelen van de gewijzigde Drank- en Horecawet zijn het verminderen van alcoholgebruik onder jongeren en het voorkomen van alcoholgerelateerde verstoringen van de openbare orde. De burgemeester is sinds deze wetswijziging het bevoegde bestuursorgaan in het kader van de uitvoering van de Drank- en Horecawet geworden. Naast vergunningverlening is de burgemeester dus ook verantwoordelijk voor toezicht en handhaving. In het Alcohol- en Horecasanctiebeleid Brabantse Wal is beschreven hoe de burgemeester invulling geeft aan deze bevoegdheid. Er is beschreven op welke wijze toezicht wordt gehouden op naleving en welke sanctie wordt opgelegd bij overtredingen. Dit beleid is gebaseerd op het Brabants Alcohol- en Horecasanctiebeleid dat door het Bestuurlijk Provinciaal Handhavingsoverleg is vastgesteld en wat een zo veel mogelijk uniforme aanpak op provinciaal niveau beoogt. De uitvoering van de handhaving van de Drank- en Horecawet vindt plaats in samenwerking met de gemeenten Bergen op Zoom, Woensdrecht en Tholen door middel van een boa-pool. De uitvoering van de handhaving wordt gecoördineerd door de gemeente Bergen op Zoom. Voorts kunnen horeca -inrichtingen ook breed/integraal worden gecontroleerd waarbij bijvoorbeeld wordt gekeken naar de eisen waaraan inrichtingen ingevolge artikel 10 van de Drank- en Horecawet moeten voldoen (Besluit eisen inrichtingen Drank- en Horecawet) en waarbij, naast de bepalingen in de Drank- en Horecawet, ook wordt gekeken naar de naleving van diverse wet- en regelgeving (brandveiligheid/bouwregelgeving, bestemmingsplan, illegaal gokken etc.). In de gewijzigde DHW van 1 januari 2014 is opgenomen dat de gemeenteraad iedere vier jaar een preventie- en handhavingsplan alcohol vaststelt (artikel 43a DHW). Hiermee wil de wetgever stimuleren dat gemeenten actief nadenken over en uitvoering geven aan het verbinden van de beleidsterreinen Volksgezondheid (voorlichting en bewustwording) en Openbare Orde en Veiligheid (beleid en handhaving) als het gaat om alcoholpreventie. Onderzoek heeft meerdere malen laten zien dat beide beleidsterreinen van belang zijn voor effectieve alcoholpreventie bij jongeren. Het preventie- en handhavingsplan bevat de hoofdzaken van het beleid dat zich richt op de preventie van alcoholgebruik -met name onder jongeren- en de handhaving van de wet. Het plan kan tussentijds worden gewijzigd. Het Preventie- en handhavingsplan alcohol Brabantse Wal gemeenten 2014-2016 wordt elke vier jaar gelijktijdig met de vaststelling van de lokale nota volksgezondheid vastgesteld. Het voorliggende plan wijkt eenmalig af van de periode van vier jaar en beslaat de periode 2014-2016 om aan te kunnen sluiten op de nota’s volksgezondheid die in 2016 aflopen. Kinderopvang en peuterspeelzalen De verantwoordelijkheid voor toezicht en handhaving op de naleving van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen berust bij het college. Het toezicht wordt, op grond van de wet, uitgevoerd door de GGD Midden- en West-Brabant onder de verantwoordelijkheid van het college. De gemeente ontvangt van de GGD een inspectierapport met de bevindingen van het uitgevoerde toezicht. Bij door de GGD geconstateerde overtredingen wordt vanuit de afdeling Beleid een bestuursrechtelijke handhavingsprocedure opgestart aan de hand van specifiek hiervoor opgesteld handhavingsbeleid, de Beleidsregels handhaving Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen. In deze beleidsregels is aangegeven wanneer en met welke maatregel wordt opgetreden tegen overtredingen in kinderopvang en peuterspeelzalen. Per overtreding is daarbij vermeld welke prioriteit de overtreding heeft en hoeveel tijd de overtreder krijgt om de overtreding te beëindigen. Indien handhaving in de vorm van een bestuurlijke boete of dwangsom noodzakelijk is zal dit door Handhaving opgepakt en uitgevoerd worden. Op basis van de onderwerpen uit het prioriteitenschema is een matrix (bijlage 3) gemaakt, welke gebruikt wordt bij de monitoring. Deze matrix is leidend voor de uitwerking van de activiteiten die in dit uitvoeringsprogramma worden beschreven. 2.1. Voorgenomen activiteiten2017 Hieronder volgt een overzicht van de activiteiten, conform de hierboven beschreven matrix. Getracht is om de activiteiten zo ‘SMART’ mogelijk te formuleren. Bij de output is rekening gehouden met de definitieve evaluatiegegevens over het jaar 2015 en de voorlopige gegevens over het jaar 2016. WABO Milieu Bedrijven zijn ingedeeld in milieuklasse A t/m D2. De milieuklasse houdt direct verband met de zwaarte van het bedrijf voor wat betreft de milieubelasting. De lichte meldingsplichtige inrichtingen zijn ingedeeld in klasse B, zoals de riool- en poldergemalen en gasdistributiestations. A B B1 B2 C1 C2 D1 D2 niet meldingplichtig Melding plichtig BARIM niet Basis pakket meldingsplichtig BARIM niet basistaken pakket meldingsplichtig BARIM wel basistaken pakket Vergunningsplichtig (niet zijnde C2, D1, D2) RIS inrichtingen. Deze kunnen zowel vergunning plichtig als meldingsplichtig zijn. IPPC vergunning plichtig: Dit betreft zowel veehouderijen als overige IPPC bedrijven BRZO(+) vergunningsplichtig (inclusief BRZO inspectie en onaangekondigde inspectie en afstemming met handhavingpartners) Bedrijvenbestand Samen met de OMWB is het bedrijvenbestand in 2016 tegen het licht gehouden. Geconcludeerd is dat het huidige bedrijvenbestand actueel is. Inrichtingen die geen melding doen of vergunning aanvragen zijn echter niet bekend. Ook gegevens van bedrijven bij de Kamer van Koophandel geven de indruk dat er wellicht meer inrichtingen aanwezig zijn, dan tot nu bekend. Omdat de prioriteit voor deze inrichtingen laag is, zal hier niet actief op worden gecontroleerd. In overleg met de OMWB wordt wel gekeken of korte bedrijfscontroles door bijvoorbeeld stagiairs tot de mogelijkheden behoren om deze inrichtingen in beeld te krijgen. Integraal toezicht gepland per prioriteit. Binnen elke prioriteit komen eerst de bedrijven voor toezicht in aanmerking die het langst niet zijn gecontroleerd, terugwerkend naar planning in 2017. Het kan ook zijn dat ambtelijk is voorgesteld om prioriteit of controlepercentage aan te passen. Dit heeft dan te maken met de ambtelijke overwegingen dat een taak mogelijk te licht of te zwaar is geprioriteerd. Het kan ook zijn dat op grond van de beschikbare capaciteit wordt voorgesteld de prioriteit aan te passen. De uiteindelijke beslissing wordt altijd genomen door het College van B&W. Toezicht inrichtingen Categorie D2 We kennen binnen de gemeente Steenbergen 2 BRZO+ bedrijven. Gelet op de hoge prioriteit is besloten deze inrichtingen jaarlijks te controleren, in plaats van 2 keer per 3 jaar. De OMWB zet hier aparte toezichthouders voor in, die gespecialiseerd zijn in het controleren van dit soort bedrijven. Indien inrichtingen echter jaren achtereen voldoen aan de voorschriften, kan op advies van de toezichthouder besloten worden om bijvoorbeeld alleen een korte onaangekondigde controle te houden, of om een jaar over te slaan. Toezicht inrichtingen C2 en D1 Deze inrichtingen scoren ook hoog qua prioriteit. De huidige controlefrequentie van 2 keer per 3 jaar wordt echter voldoende geacht. Toezicht inrichtingen Categorie C1 Dit betreft een prioriteit laag, waar deze in het vorige handhavingbeleidsplan nog hoog scoorde met een controlefrequentie van 1 keer per 2 jaar. De controlefrequentie wordt dan ook aangepast naar 1 keer per 3 jaar. Toezicht inrichtingen Categorie B1 en B2 Dit betreft een prioriteit laag. De controlefrequentie van 1 keer per 7 jaar kan gehandhaafd worden. Toezicht inrichtingen Categorie A en B Dit betreft een prioriteit laag met een controlefrequentie van 1 keer per 10 jaar. Aantallen uit te voeren milieutoezicht: Conform budget 2017 Conform controlefrequentie Categorie A 0 4 Categorie B 0 7 Categorie B1 0 66 Categorie B2 59 69 Categorie C1 8 8 Categorie C2 4 4 Categorie D1 4 4 Categorie D2 0 2 Afhankelijk van het college- en raadsbesluit om meer middelen beschikbaar te stellen om de komende jaren de “kosten milieu betreffende controle en handhaving door de OMWB” op een adequaat niveau uit te kunnen voeren, zal het werkprogramma conform budget 2017 of conform de controlefrequentie uitgevoerd worden. Controle overige milieutaken De overige onderwerpen geluid, lucht, geur, bodem, water, trillingen en flora en fauna scoren prioriteit laag. Deze onderwerpen worden dan ook niet actief gehandhaafd en bij klachten zal er een lage prioriteit aan gegeven worden. De milieuklachten worden door de OMWB behandeld en bij 3 klachten in een uur wordt de klacht ter plaatse beoordeeld. Deze frequentie kan aangehouden worden. Op basis van de klachten in 2016, worden voor 2017 de volgende klachten verwacht op milieugebied: Auto-wrak/banden 3 klachten illegale lozing, olie, vaten, xtc 1 stank 7 milieu verbranding afval 1 water/bodemverontreiniging 4 overig milieu 33 WABO, bouwen, slopen en gebruik WABO (bouwen, slopen en gebruik) Omschrijving 1.Constructieve veiligheid bouwbesluit 2012 2.Vermoeden dat er gebouwd wordt zonder vergunning 3.Toezicht houden en handhaven op (illegale) sloop, inclusief asbest sloop 4.Gebruik in strijd met bestemmingsplan 5.Brandveiligheid in panden/ toezicht brandveilig gebruik (zie voor een overzicht van te controleren panden in 2017 bijlage 2) 6.Onrechtmatige bewoning 7.Toezicht bouwfase/ omgevingsvergunning 8.Toezicht op overige omgevingsvergunningen, vergunningsvrij bouwen en sloopmeldingen Doel (SMART) 1.Zorgdragen voor de constructieve veiligheid van gebouwen en panden. 2.Bevorderen van de naleving van de bouwregels, zodat de (brand)veiligheid niet in het geding komt. 3.Behoud en voorkomen van schade van/ aan monumenten, voorkomen van gevaar voor de veiligheid en gezondheid en het beperken van de overlast. 4.Naleving op de Wet ruimtelijke ordening en voorkomen van overlast. 5.Voorkomen van brand onveilige situaties in panden en het controleren op de brandveiligheid in zorginstellingen. 6.Voorkomen dat arbeidsmigranten worden uitgebuit en worden gehuisvest in niet voor woning bestemde plaatsen. 7.Het houden van toezicht tijdens de bouwfase, zodat tijdig ingegrepen kan worden wanneer er in afwijking van de omgevingsvergunning wordt gebouwd en het naleven van de bouwregelgeving wordt bevorderd. 8.Het houden van toezicht tijdens de uitvoering, zodat tijdig ingegrepen kan worden wanneer er in afwijking van de omgevingsvergunning of sloopmelding wordt gehandeld of de veiligheid bij vergunningsvrij bouwen in gevaar komt en het bevorderen van de naleving van het omgevingsrecht. Activiteiten De activiteiten met betrekking tot WABO: bouwen, (asbest) slopen en gebruik, bestaan met name uit het uitvoeren van dossieronderzoek en onderzoek ter plaatse. Hierbij wordt actief gekeken naar onrechtmatigheden bij brandveilig gebruik en bouwen of slopen met gevaar voor de veiligheid en gezondheid (o.a. (sloop)asbest). Bij signalen op het gebied van deze onderwerpen wordt direct geacteerd. Op 1 januari 2016 is een wijziging van het Bouwbesluit in werking getreden, waarin een voorschrift is opgenomen om onderzoek te doen naar de staat van galerijflats met vrij uitkragende galerij- of balkonvloeren die monoliet zijn verbonden aan de achterliggende betonnen verdiepingsvloeren. Op grond van dit voorschrift moet worden geïnventariseerd of er bij dergelijke flats, die vooral zijn gebouwd in de periode 1950-1970, risico op instorting van de galerij- of balkonvloeren bestaat. Ten tijde van het schrijven van dit programma heeft de gemeente een globaal beeld om welke flats het zou kunnen gaan. De onderzoeksplicht geldt voor eigenaren van galerijflats. Dit onderzoek moet voor 1 juli 2017 zijn uitgevoerd. Als uit het onderzoek blijkt dat de constructie onvoldoende is, dan zal de eigenaar van de flat maatregelen moeten nemen om alsnog te voldoen aan de constructieve veiligheidseisen van het Bouwbesluit 2012. Gemeenten kunnen het onderzoeksrapport opvragen en handhavend optreden als niet wordt voldaan aan deze onderzoeksplicht. In 2017 wordt geïnventariseerd om welke locaties het gaat en zullen de eigenaren een schrijven ontvangen waarin zij worden geattendeerd op de nieuwe regelgeving en hun verantwoordelijkheid hierin. Andere meldingen worden planmatig danwel steekproefsgewijs opgepakt, onder meer tijdens de controles in het kader van de toeristenbelasting, waarbij er gekeken wordt naar onrechtmatige bewoning, strijdigheden met bestemmingsplan, bouwkundige staat en brandveiligheid. Ook de belastingdienst participeert soms, in het kader van integrale samenwerking, tijdens deze controles. De politie gaat mee als er signalen zijn dat de veiligheid ten aanzien van de toezichthouders in het geding is en zonodig wanneer er zonder toestemming wordt binnengetreden. Output 2017 (hoeveel uit te voeren werk) 1.In totaal wordt uitgegaan van 25 controles specifiek gericht op de constructieve veiligheid. 2.Er wordt uitgegaan van 40 controles waarbij het vermoeden bestaat dat er zonder vergunning wordt gebouwd. O.b.v. cijfers uit 2016 worden 10 meldingen verwacht. De overige controles betreffen actief toezicht. 3.Voor 2017 wordt uitgegaan van 23 controles waarbij toezicht gehouden moet worden op (illegale) sloop. Hierbij is er specifiek aandacht voor asbest. De OMWB houdt vanaf 2015 toezicht op de sloop bij bedrijven. Sloop bij particulieren wordt niet meegenomen. In Steenbergen zal hier specifiek aandacht voor zijn door de domein II -Boa’s, waarbij zij acteren op signalen in verband met asbest sloop bij particulieren. O.b.v. cijfers uit 2016 worden 3 meldingen verwacht. 4.Gebruik in strijd met bestemmingsplan: we gaan uit van 50 controles in 2017, op basis van cijfers uit 2016 en actief toezicht. 5.Zie bijlage 2 met een overzicht van alle te controleren panden van zorginstellingen in 2017. Daarnaast zullen rondom de jaarwisseling en Carnaval preventieve controles plaatsvinden in de cafés. De controles richten zich op de brandveiligheid, inclusief de vluchtwegen in de cafés. Naar verwachting worden er 10 cafés gecontroleerd op vluchtwegen. Verder worden o.b.v. cijfers uit 2016 5 meldingen verwacht. 6.Er wordt uitgegaan van 180 controles onrechtmatige bewoning op het Park aan het Veer (Sunclass). Daarnaast zullen in het kader van de toeristenbelasting een aantal controles plaatsvinden bij de ons bekende locaties waar arbeidsmigranten worden gehuisvest. Deze controles worden uitbesteed aan een externe partij. 7.Er is 0,5 fte voor buitentoezicht. De verwachting is circa 250 bouwcontroles. De controles worden uitgevoerd op constructieve veiligheid en brandveiligheid. De laatste controle is de gereedmelding. 8.indien tot uitbreiding van de toezichthouder Wabo van 0,5 naar 1 fte besloten wordt, zal deze 0,5 fte ingezet worden om toezicht te houden op de overige omgevingsvergunningen, op vergunningsvrij bouwen en de sloopmeldingen. Het gaat om 31 overige omgevingsvergunningen, 100 controles op vergunningsvrij bouwen en 79 sloopmeldingen (excl. hercontroles) Input (benodigde uren) 1 constructieve veiligheid: 100 uur; 2 illegale bouw: 100 uur; 3 illegale sloop: 100 uur, met name door OMWB; 4 strijdig gebruik bestemmingsplan: 200 uur; 5 brandveiligheid: 1200 uur; 6 onrechtmatige bewoning: uitbesteed aan externe partij; 7 bouwcontroles: 700 uur. 8.overige omgevingsvergunningen, vergunningsvrij bouwen en sloopmeldingen 700 uur Prioriteit Zie tabel 1 Prioriteiten Wabo. Behoud cultuurhistorische panden in Steenbergen In 2015 is onderzoek gedaan naar mogelijke maatregelen om cultuurhistorische panden binnen de gemeente Steenbergen te behouden. Uit dit onderzoek komt naar voren dat met periodiek toezicht op de 394 cultuurhistorische panden het in verval raken van de panden wordt voorkomen. Er is berekend dat met een jaarlijkse controle van 131 panden (panden worden 1 keer per 3 jaar bezocht) en een controletijd van 35 minuten per controle (inclusief reistijd) er 77 uur per jaar toezicht nodig is om periodiek toezicht op deze panden uit te oefenen. LEEFBAARHEID (overlast en kleine ergernissen) Omschrijving 1.Afval (toezicht en handhaven op het aanbieden van huis- en bedrijfsafval)/ illegale storting 2.Aanplakken/ kladden/ graffiti/ reclamebord 3.Evenementen 4.Overlast honden/ overige dieren (hondenpoep/ loslopende en gevaarlijke honden) 5.Parkeren (o.a. caravans/ aanhangers/ fietsen) (toezicht op en handhaving van geparkeerde voertuigen in de blauwe zone is in Steenbergen ondergebracht bij het parkeerbeheer Bergen op Zoom) 6.Overlast op of van campings en recreatieterreinen 7.Overlast (drugshandel of drugsgebruik in Openbare Ruimte/ jeugd/ dak- en thuislozen/ woonoverlast/ overig --> vuurstoken en objecten in de openbare ruimte). 8.Overlast in of schade aan natuur 9.Vuurwerk Doel (SMART) 1.Bevorderen van het juist scheiden van afval en het voorkomen van illegale storting van afval. 2.Voorkomen van overlast en beschadiging aan panden, met name beeldbepalende gebouwen/monumenten. 3. Voorkomen van onveilige situaties, het beschermen van de openbare orde en veiligheid en het beperken van de overlast voor de omgeving. 4.Voorkomen van overlast door loslopende honden en hondenpoep. En voorkomen dat agressieve honden mensen of andere honden bijten. 5.Voorkomen van (verkeers-)onveilige situaties doordat de doorgang wordt belemmerd en het voorkomen van hinder, overlast en aantasting van de openbare ruimte. 6.Voorkomen dat er illegale bewoning plaatsvindt op de campings en recreatie terreinen en dat op leegstaande campings zich dak- en thuislozen gaan verzamelen die de grond gaan gebruiken voor bewoning. 7.Voorkomen van verstoring of bedreiging van de openbare orde en het woon- en leefklimaat. 8.Voorkomen van schade aan flora en fauna en het voorkomen van gevaar voor mens en dier door het aanpakken van crossen in het buitengebied door controles uit te voeren op de verschillende verkeersstromen in de natuur (wandelpaden/ ruiterpaden etc.). 9.Voorkomen van overlast van vuurwerk dat buiten de toegestane tijdsperiode wordt afgestoken. En het controleren van de vuurwerkverkoop locaties. Activiteiten Om de overlast en de kleine ergernissen aan te pakken in de gemeente Steenbergen vinden er diverse activiteiten plaats. Het gaat om het uitvoeren van (integrale) controles, het acteren op signalen en klachten en door deelname aan diverse projecten, zoals het project Samen Sterk in het Buitengebied. Hierbij wordt actief integraal samengewerkt met het MASS (Maatschappelijk Steunsysteem), het ZVh (Zorg- en Veiligheidshuis) en binnen de afdeling Beleid met Sociaal domein en de veiligheidsfunctionaris. Output 2017 (hoeveel uit te voeren werk) 1.Naar verwachting zijn er in 2017 900 meldingen over afval, die door de afdeling Beheer worden afgehandeld. Op basis van cijfers uit 2016 verwachten we 6 meldingen over illegale dump/zwerfafval. Ongeveer 3 meldingen zullen leiden tot een PV, naar aanleiding van adresgegevens die gevonden zijn in afvalzaken en/ of afvaldumpingen. In de loop van 2017 vindt de transitie naar Omgekeerd Inzamelen plaats. Op ongeveer 100 locaties zullen ondergrondse restafvalcontainers te vinden zijn waarbij het risico voor bijplaatsingen toe zal nemen. Intensieve controle en toezicht hierop is van belang. Gerelateerd hieraan het toezicht op een juist scheidingsgedrag bij de minicontainers aan huis om de vervuiling van de grondstoffen, en afkeur van deze fracties tot een minimum te beperken. Er is een budget van € 40.000,- beschikbaar in 2017 om het toezicht uit te laten voeren. 2.Er wordt uitgegaan van 3 meldingen aangaande graffiti/aanplakbiljetten of reclameborden in 2017. 3.De verwachting is dat er 50 evenementen gecontroleerd moeten worden in 2017. De vergunningplichtige evenementen zullen zoveel mogelijk integraal gecontroleerd worden. 4.De verwachting is dat er 30 meldingen binnenkomen van hondenpoep, of overlast dieren, inclusief agressieve dieren in 2017. 5.Naar verwachting zullen er 60 meldingen behandeld worden over foutief parkeren (bijvoorbeeld aanhangers en campers). Het aantal PV’s door Parkeerbeheer Bergen op Zoom in verband met overtredingen in de blauwe zone zal naar verwachting zo’n 1000 zijn, op basis van cijfers uit 2015. 6.Vanwege het beperkte aantal campings en recreatieterreinen en het beperkt aantal klachten hierover, zal hierop niet veel inzet gepleegd worden. 7.De controles zullen vooral plaatsvinden op de zogenaamde hotspots. De hotspots worden benoemd tijdens het boa-overleg van de boa-pool, waar ook een verslag van wordt gemaakt. We verwachten 3 hotpots aan te pakken in 2017. Het aantal overlastmeldingen zijn er naar verwachting voor 2017: 3. 8.In totaal zullen er 30 controles in het buitengebied plaatsvinden in 2017 (in samenwerking met de OMWB: project Samen Sterk in het Buitengebied). 9.De controles op vuurwerkoverlast, illegaal vuurwerk en vuurwerkverkoop zullen in 2017 dagelijks plaatsvinden in de laatste twee weken van december, samen met politie, bureau Halt, buurtpreventieteams, de Boa’s van parkeerbeheer en het jongerenwerk. Bovendien kan hier vermeld worden dat nu ook de boa’s domein II voor gemeente Steenbergen door de hoofdofficier van justitie van het functioneel parket zijn aangewezen voor het verwijzen naar HALT in de vuurwerkperiode. O.b.v. cijfers uit 2016 worden 15 leefbaarheidsmeldingen verwacht. Input (benodigde uren) 1450 uur (1 fte) wordt van de boa-pool afgenomen. Daarnaast besteedt de toezichthouder Handhaving 650 uur voor toezicht en handhaving in de openbare ruimte. Prioriteit Zie tabel 2 Prioriteiten leefbaarheid. BIJZONDERE ONDERWERPEN (aanpak georganiseerde criminaliteit) Omschrijving 1.Vermoeden van drugshandel of hennep kweek (in/ vanuit panden) en drugsproductie / Vermoeden illegale verkooppunten en smartshops 2.Verkoopregistratie gebruikte goederen 3.(Illegale) prostitutie 4 Motorbendes (outlaw motorcycle gangs (OMG’
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.